500cc-klasse
In Monza kreeg Alberto Pagani net als in de 350cc-klasse een MV Agusta ter beschikking. Giacomo Agostini nam zoals verwacht de leiding vóór Pagani, maar ook in deze klasse viel hij uit met motorpech. Voor de MV Agusta 500 3C was dat de eerste keer, terwijl hij met de MV Agusta 350 3C nu drie keer was uitgevallen. Pagani nam de leiding over en won de race. Bruno Spaggiari en Phil Read reden de nieuwe Ducati 500cc racer, maar Spaggiari viel uit en Read werd er vierde mee. De tweede plaats was voor Giampero Zubani (Kawasaki) en de derde voor Dave Simmonds. Doordat Keith Turner zesde werd en Rob Bron nog herstellende was van een hersenschudding, stonden deze twee coureurs nu in punten gelijk in de stand om de tweede plaats van het WK.
Top tien tussenstand 500cc-klasse
(Punten (tussen haakjes) zijn inclusief streepresultaten)
350cc-klasse
In Monza kwamen twee MV Agusta 350's aan de start, want ook Alberto Pagani had er een gekregen. Samen met Giacomo Agostini ging hij enige tijd aan kop, tot Agostini uitviel door een defecte versnellingsbak en daarna Pagani door een losgelopen voortandwiel. Daardoor kon Jarno Saarinen de winst pakken. Silvio Grassetti bedreigde hem nog een tijdje, samen met Barry Randle (Yamaha), die uiteindelijk in die volgorde finishten.
|
|
Top tien tussenstand 350cc-klasse
|
250cc-klasse
In Monza verscheen de nieuwe Derbi 250 cc racer, in handen van Barry Sheene. Die kon er een tijdje mee in de kopgroep rijden, maar viel later uit. Gyula Marsovszky won de race vóór John Dodds en Silvio Grassetti. Rodney Gould werd vierde en Phil Read zesde, waardoor de strijd om de wereldtitel nog steeds niet beslist was.
|
|
Top tien tussenstand 250cc-klasse
(Punten (tussen haakjes) zijn inclusief streepresultaten)
|
125cc-klasse
In tegenstelling tot de 50cc-klasse, was Gilberto Parlotti in de 125cc-klasse geen teamgenoot van Ángel Nieto. Die laatste nam in Monza de leiding na de start, maar kon zich niet losrijden van Parlotti met zijn Morbidelli en Barry Sheene met zijn Suzuki. Uiteindelijk moest Sheene toch een beetje lossen toen de strijd tussen Parlotti en Nieto oplaaide. Parlotti won met 0,7 seconden voorsprong op Nieto, terwijl Sheene 2,1 seconden later finishte. Sheene en Nieto konden beiden nog wereldkampioen worden.
|
|
Top tien tussenstand 125cc-klasse
(Punten (tussen haakjes) zijn inclusief streepresultaten)
|
50cc-klasse
De spanning was in de 50cc-klasse groot, nu Ángel Nieto en Jan de Vries in de totaalstand gelijk stonden. Nieto had een nieuwe Derbi die veel leek op de nieuwe Van Veen-Kreidlers, inclusief de uitsparingen in de tank en de liggende cilinder. Nieto werd gesteund door Gilberto Parlotti, terwijl de Vries hulp kreeg van Jos Schurgers en Jarno Saarinen, die voor de gelegenheid een Kreidler had gekregen. De strijd ging echter tussen Jan de Vries en Ángel Nieto, waarbij de Vries meestal aan de leiding reed en Nieto slipstreamde en herhaaldelijk geslaagde pogingen deed om juist op het finishgedeelte voorop te komen. In de laatste ronde lukte dat echter niet en de Vries won met een voorsprong van slechts 0,5 seconde. Parlotti was derde en het Jamathi-team, dat juist een reorganisatie had aangekondigd, kon weer geen potten breken: Herman Meijer en Leo Commu werden slechts zevende en achtste. Nieto kon nu alleen nog wereldkampioen worden door zijn thuisrace te winnen.
|
|
Top tien tussenstand 50cc-klasse
(Punten (tussen haakjes) zijn inclusief streepresultaten)
|
Bronnen, noten en/of referenties
- Luigi & Gianna Rivola: De geschiedenis van de motorsport, oorsprong en ontwikkeling, 1993 Uitgeverij Uniepers b.v., Abcoude ISBN 90 6825 131 7
- Motor Magazine