Raymond Roche

Raymond Roche
Raymond Roche op weg naar de tweede plaats in de 500cc-TT van Assen in 1984
Raymond Roche op weg naar de tweede plaats in de 500cc-TT van Assen in 1984
Geboren Ollioules, 21 februari 1957
Nationaliteit Vlag van Frankrijk Frankrijk
Team Sonauto-Yamaha, Katayama-Rothmans-Honda, Cagiva Corse, Ducati Corse
Kampioenschappen Wereldkampioen Endurance 1981, samen met Jean Lafond (Kawasaki), wereldkampioen Superbike 1990 (Ducati)
Overwinningen 23 (manches in het WK Superbike)

Raymond Roche (Ollioules, 21 februari 1957) is een voormalig Frans motorcoureur. Zijn bijnaam was "Raymond le rapide". Zijn beste resultaat was de wereldtitel in het wereldkampioenschap superbike van 1990.

Carrière

1976

Raymond Roche debuteerde in het wereldkampioenschap wegrace in de 250cc-race van de Franse Grand Prix van 1976. Daar kwam hij in de eerste ronde als tweede door, maar hij kwam ten val en moest de race staken. In de rest van het seizoen verscheen hij niet meer in WK-races.

1977

In het seizoen 1977 startte hij in twee 350cc-Grands Prix, maar beide keren viel hij uit.

1978

In het seizoen 1978 reed hij een tamelijk volledig seizoen, zowel in de 250- als de 350cc-klasse. Als hij de finish haalde scoorde hij altijd punten. Hij sloot het seizoen af als 11e in de 250cc-klasse en als 22e in de 350cc-klasse.

1979

Het seizoen 1979 verliep teleurstellend. Roche reed alleen in de 250cc-klasse, maar haalde slechts één keer de eindstreep: een puntloze 11e plaats.

1980

Voor het seizoen 1980 kocht hij een 500cc-Yamaha TZ 500. In de GP des Nations viel hij uit door motorpech. Vanaf de Franse Grand Prix werd hij opgenomen in het team van de Franse Yamaha-importeur Sonauto, als vervanger van de geblesseerde Christian Sarron. Dat bood hem wat meer financiële ruimte, maar geen betere motorfiets. Roche scoorde alleen een punt in de Finse Grand Prix en sloot het seizoen als 27e af.

1981, eerste wereldtitel (WK Endurance)

Ook het WK-seizoen 1981, dit keer met een Suzuki RG 500 Gamma, verliep teleurstellend en hij reed slechts drie GP's, maar Roche werd voor Kawasaki France samen met Jean Lafond met een Kawasaki KR 1000 wereldkampioen Endurance.

1982

Ook in het seizoen 1982 scoorde hij slechts één punt, tijdens de in twee manches verreden TT van Assen.

1983

Voor het seizoen 1983 aasde 250cc-wereldkampioen Jean-Louis Tournadre op een Honda RS 500 R-productieracer van de Franse importeur. Die gaf de machine echter aan Raymond Roche. Het gaf Roche de kans om een volledig seizoen te rijden en ook naar verre GP's te gaan zonder zorgen over de reiskosten. Hij scoorde meteen punten met een zevende plaats in de GP van Zuid-Afrika. Tijdens de Franse Grand Prix passeerde hij zelfs Kenny Roberts, maar viel uit met motorpech. Hij werd zesde in de GP des Nations. Hij werd vijfde in de GP van Duitsland nadat hij rondenlang Honda-fabrieksrijder Takazumi Katayama op de hielen had gezeten. Er volgden enkele DNF's door technische problemen en tijdens de GP van Joegoslavië kreeg hij van de wedstrijdarts een startverbod nadat hij in de trainingen geblesseerd was geraakt. Hij werd negende in de TT van Assen en raakte geblesseerd tijdens de trainingen van de Belgische Grand Prix. Hij sloeg de Britse Grand Prix over om deel te nemen aan de 8 uur van Suzuka. In de Zweedse Grand Prix werd hij achtste. Hij was al het hele seizoen de beste privérijder en handhaafde zich ook in de top tien van het klassement. Dat bracht Honda Racing Corporation ertoe hem tijdens de GP van San Marino de fabrieks-Honda NS 500 van de geblesseerde Katyama te geven. Roche werd er zevende mee en sloot het seizoen als tiende af.

1984

Het seizoen 1984 zou zijn beste in het wereldkampioenschap wegrace worden. Hij startte weer met zijn Honda RS 500 R-productieracer, maar toen Freddie Spencer tijdens de trainingen van de Zuid-Afrikaanse Grand Prix geblesseerd raakte, kreeg Roche van HRC een Honda NS 500-fabrieksblok, omdat ook Takazumi Katayama geblesseerd was. Hij reed de tweede trainingstijd en werd in de race ook tweede. In de GP des Nations reed hij weer met zijn eigen RS 500 R-blok, maar hij werd desondanks derde. Voor de Spaanse Grand Prix kreeg hij opnieuw een fabrieksblok, waarmee hij als derde finishte. In de GP van Oostenrijk werd hij met zijn eigen motorblok zesde. Hij was met zijn tweede plaats in de tussenstand nog steeds veruit de beste Honda-rijder. Nog steeds met het RS 500 R-blok werd hij vijfde in de Duitse Grand Prix. In de training van de Franse Grand Prix reed hij de derde trainingstijd, maar viel in de race uit door motorproblemen. In de tussenstand zakte hij naar de derde plaats. In de GP van Joegoslavië werd hij derde, maar omdat Randy Mamola tweede werd zakte Roche weer een plaats in de tussenstand. Roche werd tweede in de TT van Assen. Omdat Katayama naar Japan afreisde omdat hij nog veel last had van een blessure, kreeg Raymond Roche voor de Grand Prix van België diens fabrieks-Honda NS 500. Hij mocht tijdens de warm-up training zelfs een ronde met Freddie Spencer's viercilinder Honda NSR 500 rijden, maar startte met de NS 500. Hij finishte als derde. Tijdens de trainingen voor de Britse Grand Prix reed Roche met zijn privé-Honda RS 500 R al een snelle tijd, maar hij trainde ook met de fabrieks-Honda NS 500-driecilinder en de Honda NSR 500-viercilinder. Hij kwam op poleposition met de NS 500, ondanks het feit dat hij tijdens de 8 uur van Suzuka een rib gebroken had. In de race viel hij uit door een gebroken kettingtandwiel. Hoewel Takazumi Katayama tijdens de GP van Zweden weer fit was, behield Raymond Roche zijn Honda NS 500. Dat was ook niet vreemd, want hij stond nog steeds op de vierde plaats in het WK. Hij reed de tweede trainingstijd en werd ook tweede in de race. Hij stond nu op een gedeelde derde plaats in het WK, samen met Freddie Spencer. In de afsluitende GP van San Marino werd hij tweede. Omdat Spencer (geblesseerd) niet deelnam sloot Roche het seizoen als derde af.

1985

Voor het seizoen 1985 hoopte Roche op een fabriekscontract met Honda. Dat was ook logisch, want hij was in 1984 als tweede Honda-rijder geëindigd. Dat gebeurde echter niet, maar Giacomo Agostini greep zijn kans en contracteerde Roche en Eddie Lawson voor zijn Yamaha-fabrieksteam. Tijdens de GP van Zuid-Afrika bezweek Roche onder de druk van Randy Mamola (Honda) en viel. In de Spaanse Grand Prix werd hij vijfde maar in de Duitse Grand Prix slechts dertiende en in de GP des Nations zevende. In de GP van Oostenrijk werd hij tiende en in de GP van Joegoslavië zesde. Halverwege het seizoen stond hij met 16 punten op de achtste plaats in de tussenstand, maar teamgenoot Lawson had 74 punten en was tweede. Dat verschil was feitelijk te groot, temeer omdat Christian Sarron met dezelfde motorfiets op de derde plaats stond. Roche viel met motorpech uit in de TT van Assen en werd vijfde in de GP van België. In zijn thuisrace, de Franse Grand Prix, scoorde hij met de tweede plaats zijn eerste podiumplek. In de Britse GP werd hij zesde, in de Zweedse GP achtste en in de GP van San Marino vierde. Hij sloot het seizoen af als zevende, teamgenoot Lawson als tweede.

1986

Zijn contract met Agostini werd in het seizoen 1986 niet verlengd, maar hij vond een plaats in het nieuwe team van Takazumi Katayama, die hem voorzag van een Honda RS 500 R-driecilinder. Katayama had een volledig Frans team, want voor de 250cc-klasse contracteerde hij Jean-François Baldé. Met zijn zesde plaats in de GP van Spanje was Roche de snelste coureur die niet over een viercilinder beschikte. Toen Freddie Spencer niet verscheen tijdens de GP des Nations probeerde Katayama diens Honda NSR 500 voor Roche los te praten, tevergeefs. Roche kwam met zijn driecilinder ten val. In de Duitse Grand Prix werd hij zevende. In de GP van Oostenrijk viel hij uit door een vastloper. In de Joegoslavische Grand Prix finishte Roche als zevende en in de TT van Assen als zesde. Daar raakte Shungi Yatsushiro geblesseerd. Voor Raymond Roche was dat een geluk bij een ongeluk, want Yatsushiro reed voor het team van Mamoru Moriwaki met de viercilinder Honda NSR 500 van Freddie Spencer. Die machine ging vanaf dat moment naar Katayama en daarmee naar Roche. In de GP van België kwam hij met die machine ten val. In de Franse Grand Prix kwam hij eveneens ten val toen hij de leidende Eddie Lawson probeerde te volgen. Daar meldde Spencer aan Honda dat hij waarschijnlijk het hele seizoen niet meer kon racen en daarmee zou Roche op de NSR 500 blijven rijden. Tijdens de Britse Grand Prix kwam er meer goed nieuws; Shungi Yatsushiro was weer fit maar had van HRC zijn eigen viercilinder gekregen. Roche had echter nog steeds moeite met de bokkige NSR 500 en werd slechts zesde. In de Zweedse GP werd hij vijfde. Hij reed de Grand Prix van San Marino weer met zijn RS 500 R, mogelijk omdat hij met die machine beter overweg kon. In de race werd hij vijfde. Daarmee was hij toch de tweede Honda-rijder, achter Wayne Gardner, die tweede werd. Roche sloot het seizoen af als achtste.

1987

Cagiva C 10

In het seizoen 1987 kwam Raymond Roche in dienst van Cagiva Corse, dat Didier de Radiguès als eerste rijder had. Cagiva probeerde al jaren (sinds 1979) een 500cc-racer te ontwikkelen, maar wist niet door te breken tot de top, zelfs niet met rijders als Joan Garriga, Marco Lucchinelli en Virginio Ferrari. In 1987 werd de belg Francis Batta teammanager en kwam de nieuwe Cagiva C 587 uit. Zoals bijna altijd was er slechts één machine gereed en die ging naar de Radiguès. Roche startte het seizoen met de oude Cagiva C 10. In de GP van Japan werd hij tiende. In de GP van Spanje viel hij uit met motorpech en in de GP van Duitsland met een defecte versnellingsbak. Tijdens de GP des Nations was ook voor Raymond Roche de nieuwe Cagiva C 587 klaar. Hij finishte als negende. In de GP van Oostenrijk gaf Raymond Roche om onbekende redenen op, maar dat deden Kenny Irons, Marco Gentile en Bruno Kneubühler ook. In de GP van Joegoslavië reed hij een goed resultaat met de vijfde plaats. Tijdens de TT van Assen kwam Roche ten val. In de Franse Grand Prix viel hij uit. Hij werd al onderweg naar de Britse Grand Prix uitgeschakeld door een auto-ongeluk. Hij werd naar het ziekenhuis in Derby gebracht met een gebroken hand en snijwonden in het gezicht. Tijdens de Zweedse Grand Prix was hij thuis in Frankrijk aan het herstellen. Tijdens de Tsjecho-Slowaakse Grand Prix was hij weer fit, maar hij viel uit door carburatieproblemen. In de GP van San Marino viel hij uit door een defecte koppeling. Ook in de GP van Portugal viel hij uit door een slecht lopende motor. In de Braziliaanse Grand Prix vocht hij net als teamgenoot de Radiguès in de kopgroep, maar hij moest de race opgeven. De Radiguès scoorde het beste resultaat voor Cagiva: hij werd vierde. In de afsluitende GP van Argentinië werd Roche vijfde. Hij sloot het seizoen af als dertiende in de eindstand.

1988

In het seizoen 1988 bleef Roche bij Cagiva, nu met Randy Mamola als teamgenoot. Cagiva ging echter ook in zee met bandenleverancier Pirelli en dat zorgde voor problemen. Pirelli had geen enkele ervaring met racebanden. Tijdens de GP van Japan ging het al mis: nadat zowel Raymond Roche als Randy Mamola hun "onrijdbare" Cagiva's in de pit hadden geparkeerd, gingen de beschuldigingen over en weer. Cagiva weet het aan de banden van Pirelli, dat op zijn beurt de schuld bij Cagiva legde omdat de machines tijdens de bandentest ontstekingsproblemen hadden gehad. De Cagiva's waren echter niet nieuw: het waren nog de C 587's van het vorige jaar. De problemen herhaalden zich tijdens de trainingen voor dde GP van de USA. Randy Mamola kwam ten val (officieel door een gebroken kettingspanner), was even bewusteloos en besloot van verdere deelname af te zien. In de Cagiva-pit gingen de verwijten heen en weer tussen het team, de veringspecialisten en de mensen van Pirelli, vooral omdat ook Raymond Roche steen en been klaagde over de wegligging. In de race ging Roche de pit in omdat zijn Pirelli's te weinig grip boden. Tijdens de GP van Spanje werd Roche 12e achter gelegenheids-teamgenoot Massimo Broccoli, die Randy Mamola verving. In de GP van Portugal viel Roche uit, maar in de GP des Nations werd hij 9e. Na de finish kreeg hij echter alsnog een ongeval met Tadahiko Taira. Roche brak een enkel en Taira een hand. Die blessure weerhield Roche om in de GP van Duitsland, de GP van Oostenrijk, TT van Assen en de Belgische Grand Prix te starten. Hij startte in de Joegoslavische Grand Prix, maar gaf op omdat hij toch nog te veel last had. Hij startte ook niet in de Franse Grand Prix. In de Britse Grand Prix startte hij wel, maar viel uit. Pas in de Zweedse Grand Prix scoorde hij met zijn vijftiende plaats eindelijk weer eens een punt. In de GP van Tsjecho-Slowakije gaf hij op.

Raymond Roche's werkgever Cagiva was in 1985 eigenaar geworden van Ducati. Dat nam deel aan het WK superbike. Op 4 september startte Roche met een Ducati 851 in de Superbike-race van Le Mans, waar hij uitviel in de enige gereden manche. In de Superbike-race van Estoril viel hij in beide manches uit, maar hij reed in de tweede manche de snelste ronde. Dat was op 11 september.

Op 18 september sloeg Roche Braziliaanse Grand Prix over om zijn enkel te laten opereren. Hij sloot het WK-seizoen af als 20e, teamgenoot Mamola als 12e.

1989

In 1989 concentreerde Raymond Roche zich bijna volledig op het WK superbike. Hij viel uit in beide manches van de race in Donington. In Boedapest werd hij in de eerste manche tweede, in de tweede manche viel hij uit. Hetzelfde gebeurde in Mosport (Canada). Hij won beide manches in Brainerd (Verenigde Staten). In Spielberg (Oostenrijk) werd hij in de eerste manche tweede, in de tweede manche tiende. In zijn thuisrace, Paul Ricard, werd hij in de eerste manche derde, in de tweede manche tweede. In Sugo (Japan) was zijn resultaat teleurstellend, hij werd in de eerste manche dertiende, in de tweede manche slechts achttiende. In Hockenheim ging het beter; hij won beide manches. In Pergusa (Italië) viel hij in de eerste manche uit, maar hij won de tweede. In Oran Park (Australië) werd hij in de eerste manche vierde, in de tweede manche tweede. In de laatste race in Manfeild (Nieuw-Zeeland) viel hij in beide manches uit. Hij sloot het seizoen af als derde in de eindstand met 222 punten. Daarmee was hij veruit de beste Ducati-rijder. Tweede man Baldassarre Monti werd met 99 punten slechts achtste. Bovendien grossierde Roche in snelste ronden en polepositions.

1990, tweede wereldtitel (WK Superbike)

Ducati 851 uit 1990

In het superbike seizoen 1990 begon Roche al sterk door beide manches van de race in Jerez te winnen. In Donington werd hij in beide manches tweede. In Boedapest werd hij tweede in de eerste manche, hij won de tweede manche. In Hockenheim viel hij uit in de eerste manche, hij werd tweede in de tweede manche. Fred Merkel nam de leiding in de WK-stand van hem over, maar in Mosport won Roche weer beide manches terwijl Merkel slechts vijfde en tiende werd. In Brainerd werd hij in de eerste manche tweede, in de tweede manche vierde. In Spielberg werd hij in de eerste manche achtste, in de tweede manche tweede. In Sugo won hij de eerste manche, in de tweede manche werd hij zesde. Dat was goed voor dertig punten, terwijl zijn grootste concurrent Stéphane Mertens (Honda) scoorde slechts dertien punten, waardoor Roche een flinke voorsprong in het WK kreeg: 253 tegen 208 punten. Roche won vervolgens beide races in Le Mans waarin Mertens twee keer derde werd. Roche had nu al 55 punten voorsprong. In Monza werd Roche derde in de eerste Manche en zesde in de tweede. Mertens werd in de eerste manche tweede, maar viel in de tweede manche uit. In Shah Alam (Maleisië) werd Roche de eerste manche vierde en in de tweede derde. Mertens deed het omgekeerd en scoorde evenveel punten, maar de tweede plaats in het WK werd nu overgenomen door Fabrizio Pirovano (Yamaha). Op Phillip Island werd Roche in de eerste manche vijfde, Pirovano tweede. Toen Roche in de tweede manche achtste werd en Pirovano vijfde, was Roche zeker van zijn wereldtitel. In de afsluitende race in Manfeild werd Roche in de eerste manche tweede, in de tweede manche viel hij uit. Hij sloot het seizoen af als wereldkampioen met 382 punten.

1991

In het Superbike-seizoen 1991 kreeg Roche een nieuwe concurrent: de jonge Amerikaan Doug Polen. Polen had voor Yoshimura-Suzuki in het All Japan Road Race Championship gereden en in 1989 de kans gekregen om een wedstrijd in het WK-superbike te rijden. In Sugo won hij de eerste manche en in de tweede manche werd hij vierde. Nu werd hij gecontracteerd door het "Fast by Ferraci Ducati Corse USA"-team van Eraldo Ferracci. Polen won de eerste manche in Donington, waarin Roche uitviel. In de tweede manche werd Roche tweede, Polen viel uit. In Jarama viel Roche in de eerste manche uit, in de tweede werd hij derde. De races in Mosport werden door alle toprijders geboycot omdat het circuit niet veilig was. Roche startte ook niet in Brainerd, waar Polen beide manches won. In Spielberg werd Roche in beide manches derde. In Misano werd Roche vierde in de eerste manche en tweede in de tweede manche. Polen won beide manches. In Anderstorp viel Roche in de eerste manche uit en in de tweede manche werd hij derde. Polen won opnieuw beide manches. Na zeven van de dertien races stond Polen met 217 punten ruim aan de leiding van het WK. Raymond Roche stond met 107 punten op de vijfde plaats. In Sugo won Polen weer beide manches, maar Roche werd zesde en tweede en klom naar de derde plaats in de WK-stand. Door beide manches in Shah Alam te winnen verstevigde Roche zijn derde plaats, maar Polen kon zich een vierde en een vijfde plaats wel veroorloven. Rob Phillis stond tussen beide op de tweede plaats. In Hockenheim deelden Polen en Roche de punten: ze werden allebei een keer eerste en een keer tweede. Phillis had nog slechts vier punten voorsprong op Roche. In Magny-Course won Polen beide manches en hij was daardoor al zeker van de wereldtitel. Roche werd in beide manches tweede en nam de tweede plaats in het WK over. In Mugello werden Polen en Roche opnieuw allebei eerste en tweede. Phillis startte hier niet, waardoor Roche nu zeker was van de tweede plaats.

1992

Ducati 888 uit 1992

Het Superbike-seizoen 1992 verliep vergelijkbaar met het vorige, hoewel de start voor Roche wel beter was. In Albacete won hij de tweede manche en in Donington werd hij eerste en tweede. Daardoor stond hij aan de leiding van het WK, maar in Hockenheim kwam Doug Polen langszij door beide manches te winnen. In Spa scoorde Roche alleen met een vierde plaats in de tweede manche. Enkele races lang vielen de resultaten tegen, na Spielberg had Roche 33 punten achterstand op Polen. In Mugello won Roche beide manches en in Johor (Maleisië) werd hij eerste en tweede. Daardoor was zijn achterstand tot 5 punten geslonken. Door beide manches in Sugo te winnen nam Polen weer een flinke voorsprong, temeer daar Roche slechts 19 punten scoorde. Roche werd in Assen twee keer derde, Polen won de eerste manche maar viel in de tweede uit. In Monza scoorde Roche 17 punten, net als Polen. Op Phillip Island liep Polen weer tien punten uit, maar Roche bleef nog steeds binnen bereik van de wereldtitel, maar toen Polen de eerste manche in Manfeild won was hij opnieuw wereldkampioen. Roche sloot ook dit seizoen als tweede af.

Einde carrière

Na dit seizoen sloot Roche zijn carrière af. Hij begon zijn eigen helmenmerk, AirBorn - Master Helmet.

Wereldkampioenschap wegrace resultaten

Puntentelling 1969-1987

 1e   2e   3e   4e   5e   6e   7e   8e   9e   10e 
Punten: 15 12 10 8 6 5 4 3 2 1

Puntentelling 1988-1991

 1e   2e   3e   4e   5e   6e   7e   8e   9e   10e   11e   12e   13e   14e   15e 
Punten: 20 17 15 13 11 10 9 8 7 6 5 4 3 2 1

(Races in vet zijn polepositions; races in cursief geven de snelste ronde aan)

Jaar Klasse Team Motorfiets 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 Ptn Pos Wereldkampioen
1976 250 cc Privé-
Yamaha
TZ 250 C FRA
DNF[1]
NAT
-
JOE
-
IOM
-
NED
-
BEL
-
ZWE
-
FIN
-
TSL
-
DUI
-
SPA
-
0 - Vlag van Italië Walter Villa, Harley-Davidson RR 250
1977. 350 cc TZ 350 D VEN
-
OOS
-
DUI
-
NAT
DNF
SPA
-
FRA
DNF
JOE
-
NED
-
ZWE
-
FIN
-
TSL
-
GBR
-
0 - Vlag van Japan Takazumi Katayama, Yamaha 350 driecilinder
1978 250 cc TZ 250 E VEN
-
SPA
-
FRA
6e
NAT
8e
NED
-
BEL
DNF
ZWE
-
FIN
DNF
GBR
-
DUI
8e
TSL
6e
JOE
-
26 11e Vlag van Zuid-Afrika (1928-1982) Kork Ballington, Kawasaki KR 250
350 cc TZ 350 E VEN
-
OOS
-
FRA
9e
NAT
-
NED
-
ZWE
-
FIN
-
GBR
3e
DUI
DNF
TSL
10e
JOE
-
3 22e Vlag van Zuid-Afrika (1928-1982) Kork Ballington, Kawasaki KR 350
1979 250 cc TZ 250 F VEN
-
DUI
DNF
NAT
DNQ
SPA
-
JOE
-
NED
-
BEL
DNS[2]
ZWE
-
FIN
-
GBR
-
TSL
DNF
FRA
11e
0 - Vlag van Zuid-Afrika (1928-1982) / Vlag van Verenigd Koninkrijk[3] Kork Ballington, Kawasaki KR 250
1980 500 cc TZ 500 NAT
DNF[4]
SPA
-
1 27e Vlag van Verenigde Staten Kenny Roberts, Yamaha YZR 500
Sonauto-Yamaha FRA
11e
NED
DNQ
BEL
12e
FIN
10e
GBR
14e
DUI
-
1981 Privé-
Suzuki
RG 500 Gamma OOS
-
DUI
15e
NAT
15e
FRA
DNF
SPA
-
JOE
-
NED
-
BEL
-
SMR
-
GBR
-
FIN
-
ZWE
-
0 - Vlag van Italië Marco Lucchinelli, Suzuki RG 500 Gamma
1982 ARG
-
OOS
-
FRA
DNF
SPA
-
NAT
11e
NED
10e
BEL
-
JOE
-
GBR
DNS
ZWE
-
DUI
-
1 28e Vlag van Italië Franco Uncini, Gallina-Suzuki RG 500 Gamma
1983 Privé-
Honda
RS 500 R ZAF
7e
FRA
DNF[5]
NAT
6e
DUI
5e
SPA
DNF[6]
OOS
DNF[7]
JOE
DNS[8]
NED
9e
BEL
DNS[8]
GBR
DNS[9]
ZWE
8e
22 10e Vlag van Verenigde Staten Freddie Spencer, HRC-Honda NS 500
HRC-Honda NS 500 SMR
7e
1984 Privé-
Honda
RS 500 R NAT
3e
OOS
6e
DUI
5e
FRA
DNF[10]
JOE
3e
NED
2e
99 3e Vlag van Verenigde Staten Eddie Lawson, Marlboro-Yamaha YZR 500
HRC-Honda NS 500 ZAF
2e
SPA
3e
BEL
3e
GBR
DNF[11]
ZWE
2e
SMR
2e
1985 Agostini-Marlboro-Yamaha YZR 500 ZAF
DNF[1]
SPA
5e
DUI
13e
NAT
7e
OOS
10e
JOE
6e
NED
DNF[12]
BEL
5e
FRA
2e
GBR
6e
ZWE
8e
SMR
4e
50 7e Vlag van Verenigde Staten Freddie Spencer, HRC-Rothmans-Honda NSR 500
1986 Katayama-Rothmans-Honda RS 500 R SPA
6e
NAT
DNF[1]
DUI
7e
OOS
DNF[1]
JOE
7e
NED
6e
SMR
5e
35 8e Vlag van Verenigde Staten Eddie Lawson, Agostini-Marlboro-Yamaha YZR 500
HRC-NSR 500 BEL
DNF[1]
FRA
DNF[13]
GBR
6e
ZWE
5e
1987 Bastos-Cagiva Corse C 10 JAP
10e
SPA
DNF[12]
DUI
DNF[6]
15 13e Vlag van Australië Wayne Gardner, HRC-Rothmans-Honda NSR 500
C 587 NAT
9e
OOS
DNF
JOE
5e
NED
DNF[1]
FRA
DNF
GBR
DNS[8]
ZWE
DNS[8]
TSL
DNF[14]
SMR
DNF[15]
POR
DNF[16]
BRA
DNF[17]
ARG
5e
1988 Cagiva Corse JAP
DNF[17]
VST
DNF[17]
13 20e Vlag van Verenigde Staten Eddie Lawson, Agostini-Marlboro-Yamaha YZR 500
C 588 SPA
12e
POR
DNF
NAT
9e
DUI
DNS[8]
OOS
DNS[8]
NED
DNS[8]
BEL
DNS[8]
JOE
DNF[17]
FRA
DNS[8]
GBR
DNF
ZWE
15e
TSL
DNF[17]
BRA
DNS[8]
1989 C 589 JAP
-
AUS
-
VST
-
SPA
-
NAT
DNS[2]
DUI
-
OOS
-
JOE
-
NED
-
BEL
-
FRA
DNF
GBR
-
ZWE
-
TSL
-
BRA
-
0 - Vlag van Verenigde Staten Eddie Lawson, Kanemoto Racing-HRC-Rothmans-Honda NSR 500

Wereldkampioenschap superbike resultaten

Puntentelling WK superbike per manche 1988-1994

 1e   2e   3e   4e   5e   6e   7e   8e   9e   10e   11e   12e   13e   14e   15e 
Punten: 20 17 15 13 11 10 9 8 7 6 5 4 3 2 1

(Races in vet zijn polepositions; races in cursief geven de snelste ronde aan)

Jaar Team Motor DON
Vlag van Verenigd Koninkrijk
BOE
Vlag van Hongarije
HOC
Vlag van West-Duitsland
SPI
Vlag van Oostenrijk
SUG
Vlag van Japan
LEM
Vlag van Frankrijk
EST
Vlag van Portugal
ORA
Vlag van Australië
MAN
Vlag van Nieuw-Zeeland
Ptn Pos Wereldkampioen
R1 R2 R1 R2 R1 R2 R1 R2 R1 R2 R1 R2 R1 R2 R1 R2 R1 R2
1988 Ducati Corse Ducati 851 DNF C[18] DNF DNF 0 - Vlag van Verenigde Staten Fred Merkel, Honda RC 30
DON
Vlag van Verenigd Koninkrijk
BOE
Vlag van Hongarije
MOS
Vlag van Canada
BRA
Vlag van Verenigde Staten
SPI
Vlag van Oostenrijk
PRI
Vlag van Frankrijk
SUG
Vlag van Japan
HOC
Vlag van West-Duitsland
PER
Vlag van Italië
ORA
Vlag van Australië
MAN
Vlag van Nieuw-Zeeland
R1 R2 R1 R2 R1 R2 R1 R2 R1 R2 R1 R2 R1 R2 R1 R2 R1 R2 R1 R2 R1 R2
1989 Ducati Corse Ducati 851 DNF DNF 2 DNF 2 DNF 1 1 2 10 3 2 13 18 1 1 DNF 1 4 2 DNF DNF 222 3e Vlag van Verenigde Staten Fred Merkel, Honda RC 30
JER
Vlag van Spanje
DON
Vlag van Verenigd Koninkrijk
BOE
Vlag van Hongarije
HOC
Vlag van West-Duitsland
MOS
Vlag van Canada
BRA
Vlag van Verenigde Staten
SPI
Vlag van Oostenrijk
SUG
Vlag van Japan
LEM
Vlag van Frankrijk
MON
Vlag van Italië
SHA
Vlag van Maleisië
PHI
Vlag van Australië
MAN
Vlag van Nieuw-Zeeland
R1 R2 R1 R2 R1 R2 R1 R2 R1 R2 R1 R2 R1 R2 R1 R2 R1 R2 R1 R2 R1 R2 R1 R2 R1 R2
1990 Ducati Corse Ducati 851 1 1 2 2 2 1 DNF 2 1 1 2 4 8 2 1 6 1 1 3 6 4 3 5 8 2 DNF 382 1e Vlag van Frankrijk Raymond Roche, Ducati 851
DON
Vlag van Verenigd Koninkrijk
JAR
Vlag van Spanje
MOS
Vlag van Canada
BRA
Vlag van Verenigde Staten
SPI
Vlag van Oostenrijk
MIS
Vlag van San Marino
AND
Vlag van Zweden
SUG
Vlag van Japan
SHA
Vlag van Maleisië
HOC
Vlag van Duitsland
MAG
Vlag van Frankrijk
MUG
Vlag van Italië
PHI
Vlag van Australië
R1 R2 R1 R2 R1 R2 R1 R2 R1 R2 R1 R2 R1 R2 R1 R2 R1 R2 R1 R2 R1 R2 R1 R2 R1 R2
1991 Ducati Corse Ducati 888 DNF 2 DNF 3 Boycot DNS DNS 3 3 4 2 DNF 3 6 2 1 1 2 1 2 2 2 1 282 2e Vlag van Verenigde Staten Doug Polen, Ferracci-Ducati 888
ALB
Vlag van Spanje
DON
Vlag van Verenigd Koninkrijk
HOC
Vlag van Duitsland
SPA
Vlag van België
JAR
Vlag van Andorra
SPI
Vlag van Oostenrijk
MUG
Vlag van San Marino
JOH
Vlag van Maleisië
SUG
Vlag van Japan
ASS
Vlag van Nederland
MON
Vlag van Italië
PHI
Vlag van Australië
MAN
Vlag van Nieuw-Zeeland
R1 R2 R1 R2 R1 R2 R1 R2 R1 R2 R1 R2 R1 R2 R1 R2 R1 R2 R1 R2 R1 R2 R1 R2 R1 R2
1992 Ducati Corse Ducati 888 7 1 1 2 5 4 DNF 4 2 6 28 3 1 1 1 2 5 8 3 3 DNF 2 DNF 1 3 4 336 2e Vlag van Verenigde Staten Doug Polen, Ducati 888
  • (en) Raymond Roche op de officiële website van het wereldkampioenschap wegrace
  • (en) Raymond Roche op de officiële website van het wereldkampioenschap Superbike en Supersport