Israëlische nederzetting


Een Israëlische nederzetting is een kolonie van Joodse Israëliërs in de Palestijnse gebieden, die sinds de Zesdaagse Oorlog van 1967 door Israël werden en worden bezet. De bewoners van deze nederzettingen worden aangeduid als kolonisten. De nederzettingen bevinden zich in de door Israël bezette gebieden, waaronder de Westelijke Jordaanoever, inclusief het door Israël geannexeerde Oost-Jeruzalem[1] (in weerwil van Resolutie 478 Veiligheidsraad Verenigde Naties) en op de op Syrië veroverde Golanhoogvlakte.[2] Deze nederzettingen zijn volgens internationaal recht illegaal.
Na 1967, vooral na het afsluiten van de Oslo-akkoorden in 1993-1995, werd in toenemende mate het aantal nederzettingen uitgebreid. Tot 1979 waren er ook nederzettingen op het Egyptische schiereiland Sinaï, en tot 2005 in de Palestijnse Gazastrook.
Outposts zijn kleine clusters van provisorische woningen buiten de officiële nederzettingen, met de intentie uit te groeien tot buitenwijk van nabijgelegen bestaande nederzettingen of tot zelfstandige nieuwe nederzetting.
De overgrote meerderheid van de internationale gemeenschap, inclusief de Europese Unie, beschouwt alle nederzettingen als illegaal volgens internationaal recht. Het Internationaal Gerechtshof heeft in 2024 in een opinie bevestigd dat dit inderdaad het geval is.[3]
Het door een bezettingsmacht intentioneel overbrengen van haar burgers in bezet gebied geldt als een oorlogsmisdaad.[4] Israëls politiek van vestiging van nederzettingen in bezet Palestijnse gebied bevat de elementen van een oorlogsmisdaad volgens het Statuut van Rome inzake het Internationaal Strafhof, en wel het wettelijke element, het materiele element en het mentale element. Dit leidt tot de conclusie dat het voor de aanklager van het Internationaal Strafhof niet moeilijk zal zijn om de strafrechtelijke verantwoordelijkheid te leggen bij de Israëlische (politieke, bestuurlijke en militaire) leiders die het nederzettingenbeleid georganiseerd en geïmplementeerd hebben.[5]
Israëls nederzettingenpolitiek
Na de onverwachte snelle verovering van de Westoever, Gaza, de Egyptische Sinaï en de Syrische Golan tijdens de Zesdaagse Oorlog in 1967, ontstond er in eerste instantie verdeeldheid binnen de Israëlische regering over de vraag of de gebieden teruggegeven moesten worden in ruil voor vrede met de buurlanden, of worden geannexeerd voor de realisering van Groot-Israël. Sommige ministers waren voor teruggave van de hele Westoever, enkelen dachten aan verdeling van het gebied langs demografische grenzen, met de Jordaanvallei onder Israëlische controle en teruggave van het bergachtige gebied aan Jordanië. Weer anderen wilden het gebied overdragen aan lokale "Arabieren" als een soort van twee-staten-oplossing. Menachem Begin was de enige die het hele gebied wilde annexeren.[6]
Al spoeding werd een nederzettingen-politiek op de Westoever vormgegeven op basis van het Allon-plan van juli 1967. Dit plan ging uit van een gedeeltelijke annexatie van de Westoever, zoveel mogelijk land met zo weinig mogelijk Palestijnen. De Jordaanvallei en de zuidelijke Hebronregio zouden in het eerste ontwerp worden geannexeerd, terwijl het bevolkingsrijke noorden ofwel zou worden teruggegeven aan Jordanië, ofwel overgedragen aan de Palestijnen. Allon stelde als enige voor ook nederzettingen te bouwen. Men was unaniem van oordeel dat zowel Jeruzalem als Gaza moest worden geannexeerd. De Gazanen zouden ofwel Israëlisch burgerschap krijgen, ofwel worden verplaatst naar de Westoever of een Arabisch land.[6]
Meerdere feiten wezen direct na de oorlog in de richting van expansionisme. Talrijke functionarissen spraken uit dat Israël nimmer meer zou teruggaan tot oorspronkelijke grenzen van 1967. Oost-Jeruzalem werd al op 27 juni geannexeerd. Honderdduizenden verdreven Palestijnen mochten niet meer terugkeren naar hun huizen. Eind augustus besloot de regering tot de kolonisering van de Golan.[7] Een topadviseur van het ministerie van Buitenlandse Zaken, Theodor Meron waarschuwde in een memo evenwel al in september 1967, dat de plannen voor joodse nederzettingen op de Westoever en de Golan in strijd zouden zijn met de Vierde Geneefse Conventie. Dit is in tegenspraak met de officiële opvatting van de Israëlische regering, dat de Conventie niet van toepassing zou op het van Jordanië veroverde gebied. De bouw van nederzettingen op Palestijnse privé-grond is volgens het memo bovendien in strijd met de Haagse Conventie van 1907. Dit juridisch advies werd door de regering van Levi Eshkol genegeerd en geheim gehouden.[8]
Israël begon in 1967 op strategische plekken met de bouw van paramilitaire buitenposten (outposts), met het formele argument dat deze militair noodzakelijk waren voor de verdediging. Dit is een vereiste die is vastgelegd in het internationaal recht dat de militaire bezetting van buitenlands grondgebied regelt. Vervolgens werden ze door Joods-Israëlische kolonisten bevolkt die er nederzettingen op vestigden, waarna ze langzamerhand werden uitgebreid op Palestijns grondgebied.[9] Hoewel Kfar Etzion, een van de eerste nederzettingen, formeel een (toen legale) militaire outpost was, was het in feite al een civiele nederzetting.[8]
Doorgaande kolonisatie en de facto annexatie

Sinds 1967 heeft Israël de militair bezette Westelijke Jordaanoever, inclusief Oost-Jeruzalem, de Gazastrook, de Golanhoogvlakte en de voorheen bezette Sinaï gekoloniseerd.[10][11]
In augustus 1973 presenteerde Moshe Dayan voor het verkiezingsprogramma van Labor een ontwikkelingsplan voor de nederzettingen in de bezette gebieden, getiteld "The Dayan document – The policy in the Territories for the next five years".[12] In opdracht van premier Golda Meïr werd Dayan's plan verwerkt in een vierjaren-plan, dat werd voorgelegd aan de partij. Naast plannen voor verbetering van de omstandigheden voor de Palestijnen en "versterking van de banden tussen de inwoners van de Westoever met Jordanië" werd een flinke uitbreiding van de kolonisering voorzien. Nieuwe nederzettingen en industrieparken zouden verrijzen bij Rafah, in de Jordaanvallei en op de Golan, het netwerk van outposts versterkt, het aantal kolonisten verhoogd, meer land verworven in de bezette gebieden en de gemeentegrenzen van Jeruzalem naar het zuiden en oosten uitgebreid. De Israel Lands Authority (ILA) zou op alle mogellijke manieren land gaan verwerven, inclusief land dat al door Joden was gekocht.[13] Dayan zag het als een kans om te beslissen over de toekomstige grenzen van Israël. Hij zei "Er was nimmer een filosofie van verdeling van Palestina." Over het voorgestelde VN-verdelingsplan zei hij dat het Ben-Gurion was die daarover zei "het zou slechts een instrument zijn en een springplank om het werkelijke Eretz Israel te realiseren".[13]
Na de ontruiming in 2005 van de Israëlische nederzettingen in de Gazastrook werden er een viertal nederzettingen op de Westelijke Jordaanoever gebouwd. Tevens werden de grotere nederzettingen daar uitgebreid en werd verder gebouwd aan de Israëlische Westoeverbarrière op de Westelijke Jordaanoever (door Israël 'veiligheidsmuur' genoemd, maar door critici van 'Apartheidsmuur'). De omstreden Westoeverbarrière is grotendeels buiten de Groene Lijn opgetrokken op de Westelijke Jordaanoever zelf. Deze barrière betrekt de Israëlische nederzettingen bij elkaar.

De meeste nederzettingen bevinden zich op de Westoever en zijn voornamelijk gevestigd in het C-gebied van de in 1993 gesloten Oslo-akkoorden. Er zijn ook nederzettingen midden in de Palestijnse stad Hebron[14] en in bezet Oost-Jeruzalem. De nederzettingen liggen per definitie op de Westoever en wel buiten de Groene Lijn, de bestandslijn van 1949, die de feitelijke grens vormt tussen Israël en de Westelijke Jordaanoever. De regering van Israël had eind 1967 (enkele maanden na de Zesdaagse Oorlog) besloten deze Groene Lijn niet op de officiële Israëlische kaarten aan te geven: Moshe Dayan "Een kaart is niet een politiek programma".[15]
De Israëlische nederzettingenorganisatie Amana bleek voor de bouw van nederzettingen politiek nauwe banden te hebben met de Likoed-parij en veel financiële invloed. De organisatie werd daarbij ook beschuldigd van falsificatie van documenten bij de onteigening van woningen van Palestijnen ten bate van kolonisten.[16][17]
Israël blijft de kolonisatie van de Westelijke Jordaanoever nog altijd verder uitbreiden, ondanks toenemende druk van de internationale gemeenschap om hiermee te stoppen.[18]
In 2019 waren er op de Westelijke Jordaanoever ongeveer 130 nederzettingen variërend van dorpen met 100 inwoners tot een stad als Ariël met 70.000 kolonisten. In totaal leven hier meer dan 400.000 Joodse Israëli's en in Oost-Jeruzalem nog eens zo'n 200.000.[19] In de Golan leven ongeveer 22.000 kolonisten. Israël beschouwt Israëlische inwoners in de geannexeerde Golan en Oost-Jeruzalem niet als kolonisten.[20]
In 2020 was Israël van plan om, in aanvulling op Oost-Jeruzalem, in eerste instantie nog eens 30 procent van de Westelijke Jordaanoever te annexeren om een 'Groter Israël' te bewerkstelligen.[21]
Uitbreidingspolitiek
1976-1993
In 1976 verklaarde de toenmalige Israëlische minister-president, Yitzhak Rabin, dat voortzetting van vestiging van nederzettingen tot Apartheid zou kunnen leiden. Hij duidde de joods fundamentalistische organisatie voor nederzettingen Gush Emunim aan als "een kanker in het maatschappelijk en democratisch weefsel van de staat Israël".[22] Binnen Gush Emunim werd in 1976 een kleinere kolonistenorganisatie opgericht: Amana, die in de jaren daarna uitgroeide tot een grote organisatie met vertegenwoordigers in de VS en Europa.
In 1977 won de Likoedpartij de verkiezingen van de Arbeidspartij van Rabin. De zionistisch georiënteerde Likoed had reeds voor de verkiezingen verklaard dat de gehele Westelijke Jordaanoever (door hen 'district Judea en Samaria' genoemd) aan het Joodse volk toebehoort. De nieuwe premier Menachem Begin betuigde zijn steun voor uitbreiding van de nederzettingen, ondanks het feit dat dit internationaal als illegaal wordt aangemerkt en er privaat Palestijns land voor wordt geconfisqueerd. De samenwerkende 'Governement-World Zionist Organisation Settlement Affairs Committee' besloot de, tot dan toe gedoogde Goesj Emunim nederzettingen Ma'ale Adumim, Ofra (dat bijna geheel op privaat Palestijns land is gebouwd)[23] en Elon Moreh (ten noordoosten van Nablus) een officiële status te geven.
In september van dat jaar kondigde de nieuwe minister van Landbouw en hoofd van de Israëlische Land Administratie, Ariel Sharon, zijn plan aan om binnen 20 jaar meer dan een miljoen Joden op de Westelijke Jordaanoever te huisvesten. Het plan omvatte infrastructuur, woningen, en landverwerving vanuit Jeruzalem en de Jordaanvallei en richting de hoger gelegen gebieden. Het kwam overeen met het ‘Master Plan voor Judea en Samaria’ van het Land Settlement Department van de Jewish Agency for Israel.[24]
In augustus 1984 waren er reeds 113 nederzettingen gesticht, verspreid over de Westelijke Jordaanoever. Er woonden op dat moment - de uitbreidingen van Oost-Jeruzalem niet meegerekend - reeds 46.000 Joodse kolonisten. Volgens plan zouden er per jaar 15.000 woningen voor kolonisten bijgebouwd worden.
De Oslo-akkoorden
De kolonisering van de Bezette Palestijnse gebieden is sinds de afsluiting van de Oslo-akkoorden in 1993-1995 gestadig toegenomen. Dit gebeurt niet alleen door uitbreiding van bestaande nederzettingen, maar ook door het stichten van nieuwe illegale zogenoemde 'outposts' (buitenposten). Daartoe wordt steeds meer Palestijns grondgebied in beslag genomen. In 1970 had Israël honderden dunam tot 'staatsgrond' verklaard en de zich hierop bevindende Palestijnse woningen verwoest om er de nederzetting Ofra op te bouwen.[25]
In het rapport van augustus 2014 van het Bureau voor de Coördinatie van Humanitaire Zaken (OCHA) van de V.N. wordt vermeld dat er 341.000 Israëlische kolonisten wonen in 135 nederzettingen en ongeveer 100 'buitenposten' in gebied C (zie: Oslo-akkoorden) van de bezette Westelijke Jordaanoever, die zich daarmee een grondgebied toe-eigenen dat 9× groter is dan het door hen zelf officieus begrensde en militair beschermde gebied.[26][27]
Onder internationale druk wordt soms een buitenpost door Israël zelf bedreigd met ontmanteling, maar wordt deze na verloop van tijd toch gelegaliseerd, ondanks uitspraken van het Hooggerechtshof. Die worden soms jaren vooruitgeschoven of slechts ten dele of helemaal niet uitgevoerd, en vervolgens op dezelfde plek weer opgebouwd.[28][29][30]
Vanaf 2009
Van 2009 tot 2021 werd het nederzettingenbeleid vormgegeven door drie regeringen onder premier Benjamin Netanyahu (de eerste regering onder zijn leiding was van 1996 tot 1999). Onder leiding van Netanyahu, is het aantal nederzettingen rond en in de Palestijnse steden op de Westelijke Jordaanoever sterk uitgebreid, en is de verwoesting van Palestijnse huizen (ook in Israël zelf), de deportatie van Bedoeïenen in Israël en in Palestina, grondonteigening en annexatie van grondgebied in versneld tempo toegenomen.[31]
In 1995, vlak na de Akkoorden van Oslo, woonden er in totaal nog 138.000 Joodse kolonisten in de Palestijnse gebieden (afgezien van Oost-Jeruzalem), in 2009 was dat verdubbeld tot 280.000. Het Rode Kruis schat het aantal in 2012 op 350.000. De schattingen voor de totale bevolking van de Westoever lopen uiteen van 2,5 tot 3,5 miljoen inwoners.
Versnelling van de bouw
Op 21 oktober 2015 keurde Netanyahu (tijdens de 34e regering van Israël) met terugwerkende kracht een stedelijk bouwplan voor de nederzetting Itamar bij Nablus goed en op 29 oktober nog eens voor drie nederzettingen, die al jarenlang als illegaal waren beoordeeld.[32]
In september 2016 erkende Israël dat er bij vergissing stukjes particuliere Palestijnse grond van totaal 45 dunam waren onteigend voor de nederzetting Ofra (tussen Jeruzalem en Nablus) en dat deze teruggegeven zouden moeten worden aan de eigenaars.[33]
De illegale buitenpost Amona bij de nederzetting Ofra moest op last van het Israëlische Hooggerechtshof eind december 2016 ontruimd zijn. Deze beslissing was genomen in december 2014, na herhaaldelijk uitstel ervan sinds 2012. De Palestijnse eigenaars van de grond moesten ook schadevergoeding krijgen van de kolonisten.[34] Begin oktober 2016 maakte Netanyahu, gesteund door de rechtse partijen, bekend dat hij van plan was om Amona te legaliseren en een nieuwe nederzetting te bouwen voor de 'bewoners' ervan.[35]
Nadat de Amerikaanse president, Barack Obama, Netanyahu het verwijt had gemaakt dat hij hiermee afspraken met de V.S. had gebroken, verklaarde de Israëlische minister voor Diaspora-aangelegenheden en Onderwijs, Naftali Bennett, op 6 oktober dat 'de Westelijke Jordaanoever nú geannexeerd moest worden'.[36] Burgemeester Nir Barkat van Jeruzalem dreigde in november 2016 met het verwoesten van honderden of duizenden Palestijnse huizen in Oost-Jeruzalem als de buitenpost Amona geëvacueerd werd.[37]
Op 5 december 2016 ging de Israëlische Knesset in principe akkoord met een wetsvoorstel dat Joodse nederzettingen op Palestijnse privégrond legaliseert.[38]
Eind januari 2017 besloot Israël tot de bouw van ongeveer 3000 woningen in de nederzettingen rond Jeruzalem, nadat daarvoor een wet was aangenomen.[39][40] Op 1 februari 2017 is door Israël begonnen met de ontruiming van Amona.[41] Intussen werkte het Kabinet-Netanyahu IV, met de ministers Ayelet Shaked en Naftali Bennett, aan een wetsvoorstel om de buitenpost Amona te legaliseren.[42]
Op 6 februari 2017 werd in de Knesset door Naftali Bennett en Ayelet Shaked de nieuwe wet doorgevoerd, de 'Settlement Regularisation Law', die Israël het recht geeft om Palestijnen hun bezittingen en land af te nemen ten bate van de nederzettingen.[43][44][45]
Obstructie van vredesonderhandelingen
De verdere uitbreiding van joodse nederzettingen was voor de Palestijnse Autoriteit de reden om tussen 2008 en 2010 geen vredesbesprekingen meer te voeren. De onderhandelingen waren na de oorlog in Zuidelijk Libanon in 2008 gestrand.
In mei 2013 legaliseerde de regering een week voor het bezoek van de Amerikaanse diplomaat John Kerry vier buitenposten. Daarmee bleven zij onder internationaal recht weliswaar illegaal, maar werden zij onder Israëlisch recht legaal, waardoor de Israëlische wet er op toepassing werd en zij openlijk door de regering konden worden gefinancierd en uitgebreid. Peace Now-directeur Yariv Oppenheimer noemde het een klap in het gezicht voor de herstart van de vredesbesprekingen en de Palestijnse leider Hanan Ashrawi zei dat hiermee de onderhandelingen tot een schijnvertoning werden gemaakt.[46] Kort daarna werd bekend dat de huizenbouw in het eerste kwartaal was verdrievoudigd.[47] In augustus van datzelfde jaar zegde Israël tijdens vredesbesprekingen staatssteun toe aan 6 nieuwe nederzettingen, waarvan er 3 achteraf werden gelegaliseerd.[48]
Op 31 augustus 2014, tijdens de vredesonderhandelingen over het conflict in de Gazastrook 2014, werd bekend dat Israël van plan was om 400 hectare grond op de Westelijke Jordaanoever te annexeren. Het betrof het land van Palestijnse boeren in de buurt van de nederzettingencluster Goesj Etsion bij Bethlehem. Het omvatte het grondgebied van vijf dorpen in het Gouvernement Bethlehem. Volgens de VS zou dit 'contrapoductief' voor de vredesonderhandelingen werken.[49]
Op 5 oktober 2016 verweet het Witte Huis Netanyahu dat hij met zijn plannen om een nieuwe nederzetting te bouwen voor de buitenpost Amona het streven naar vrede ondermijnde.[50]
Na de VN-resolutie 2334 van 23 december 2016, en de daarop felle reactie van Israël vanwege de stemonthouding van de V.S., hield John Kerry op 28 december 2016 een toespraak, waarin hij zich met kritiek richtte op de Israëlische regering en een aantal principes aandroeg voor een toekomstige afspraak over vrede.[51] Netanyahu had namelijk direct laten weten deze V.N.-resolutie te verwerpen en zich niet aan de voorwaarden te zullen houden.
In weerwil van Resolutie 2334 maakte de Israëlische regering de maand erna twee nieuwe plannen bekend voor de bouw van 2.500 nieuwe woningen in Joodse nederzettingen in Palestijns gebied.[52] Ook nam ze op 7 februari 2017 de 'Settlement Regularisation Law' aan, waarmee Israël zichzelf machtigde om Palestijnen het recht op hun bezittingen te ontnemen ten gunste van de Israëlische nederzettingen.[53] Door de EU en vele landen werd dit veroordeeld. De VS weigerden commentaar.[54]
2023-heden
Tot het aantreden van de zesde regering van Netanyahu eind 2022, waren er 128 door de staat erkende nederzettingen.[55] Met Bezalel Smotrich als verantwoordelijk minister voor de Nederzettingen en Financiën en Itamar Ben Gvir, minister van Veiligheid, die wapens aan kolonisten verstrekte[56][57], werd dat aantal snel uitgebreid, terwijl er steeds meer land van de Palestijnen in beslag werd genomen en huizen gesloopt.[58] Vanaf het begin van de Gaza-oorlog van 2023-2025 namen de koloniserings-activiteiten verder sterk toe.[59]
Mei 2025
Op 28 mei 2025 maakten minister Smotrich en defensieminister Yisrael Katz de goedkeuring van 22 nieuwe nederzettingen in het noorden van de Westoever bekend, het grootste aantal in één keer ooit.[60][61][62] Smotrich en Katz verklaarden gezamenlijk dat de beslissing was bedoeld om een toekomstige Palestijnse staat te voorkomen en ruimte te reserveren voor kolonisering in de komende decennia.[63] Het besluit werd niet gepubliceerd. Sinds de vorming van deze regering werden belangrijke en centrale beslissingen over kolonisering niet meer in de regering genomen, maar in het 'veiligheidskabinet', waarvan de besluiten geheim zijn. Peace Now speculeerde dat de geheimhouding te maken zou kunnen hebben met de lopende zaken bij het ICC.[62]
De beslissing behelsde de legalisering van 11 of 12 bestaande outposts, de afsplitsing van een buitenwijk (feitelijk ook een outpost) als nieuwe nederzetting en de bouw van negen nieuwe nederzettingen. Twee van de nieuwe nederzettingen waren in 2005 ontmanteld, samen met de terugtrekking uit Gaza en werden nu opnieuw gevestigd.[63] Kolonisten waren begin 2023 al stilletjes begonnen met herbouw van een van de twee voormalige nederzettingen door het opzetten van een outpost met caravans, een yeshiva en geplaveide straten.[55] Vier nederzettingen waren gepland langs de grens met Jordanië om "de oostelijke ruggengraat, de nationale veiligheid en de strategische greep op het gebied te versterken."[61] De locatie van een nieuwe nederzetting bij Nablus was speciaal gekozen om een samenhangend Palestijns gebied te blokkeren en de twee-staten-oplossing te ondermijnen.[55] Beide ministers noemden het een beslissing die maar een keer in een generatie wordt genomen (a "once-in-a-generation decision").[55][64] De Likud gebruikte dezelfde term.[61] De aankondiging wordt beschouwd als een poging om de twee-staten-oplossing definitief om zeep te helpen en als een nieuwe stap naar annexatie. Smotrich zei dat de volgende stap soevereiniteit (formele annexatie) zou zijn.[63][61]
De aankondiging kwam na een langdurige militaire campagne op de noordelijke Westoever, waarbij grootschalige vernietiging van de infrastructuur in Palestijns stedelijk woongebied had plaatsgevonden en tienduizenden inwoners uit hun woongebied waren verdreven. Minister Katz had het leger in februari 2025 na de gewelddadige evacuering van vluchtelingenkampen opdracht gegeven zich voor te bereiden op een langdurige aanwezigheid.[63] Met de goedkeuring van mei 2025 erbij had de regering in totaal 50 nieuwe nederzettingen verdeeld over de hele Westoever goedgekeurd, verdeeld over vier ronden, waarmee het totaal op 178 kwam. Een toename van 40% in slechts twee jaar.[55]
Groei aantal kolonisten en nederzettingen
| Jaar | Kolonisten[65][66] | Nederzettingen[65][66] | Nieuwe outposts[67][66] |
|---|---|---|---|
| 1967 | 0 | ||
| 1972 | 1500 | ||
| 1980 | 12.500 | ||
| 1985 | 46.100 | ||
| 1990 | 81.900 | ||
| 1995 | 134.300 | [68] | |
| 2000 | 198.300 | 1 | |
| 2005 | 247.300 | 1 | |
| 2010 | 311.100 | 0 | |
| 2015 | 385.900 | 3 | |
| 2020 | 451.700 | 12 | |
| 2021 | 465.400 | 15 | |
| 2022 | 478.600 | 7 | |
| 2023 | 503.732 | 32 | |
| 2024 | 141 | 61 | |
| 2025 | 68 [69] |
Bestuur
De nederzettingen op de Westelijke Jordaanoever vielen tot 2023 onder het militaire bestuur van de zogenoemde Civil Administration, in het administratieve district Judea en Samaria, waarvan het gebied samenvalt met dat van de Westoever. In 2023 zijn de meeste taken overgeheveld naar de 'minister in het Ministerie van Defensie', een quasi overdracht van militair naar civiel bestuur.[70][71]
De nederzettingen en buitenposten (outposts) zijn ondergebracht in lokale besturen. De kolonisten worden evenwel anders behandeld dan de Palestijnen. Middels militaire verordeningen en ad hoc wetgeving is voor hen voor een groot deel de algemene Israëlische wetgeving van toepassing, terwijl voor de Palestijnen het strengere militaire recht geldt. In militaire orders wordt dan wetgeving van het parlement van toepassing verklaard op de nederzettingen.[72] Kolonisten vallen ook onder de algemene rechtspraak, terwijl Palestijnen worden onderworpen aan militaire rechtbanken. In het geannexeerde Oost-Jeruzalem geldt uitsluitend de algemene wetgeving.
Bouw en confiscatie van grondgebied
De bouw van een Israëlische nederzetting begint in het algemeen met het illegaal plaatsen van enkele primitieve wooncontainers, campers of caravans zonder veel accommodatie, een zogenoemde buitenpost, in het militair bezette gebied. Vaak betreft het ook voormalige militaire posten die op geconfisqueerd grondgebied zijn gesticht, tot 'staatsgrond worden verklaard en nadien als natuurgebied worden bestempeld of worden bebouwd.[73] Er worden dan fabrieken of moderne intensieve landbouwbedrijven op gevestigd, Israëlische bewoners worden er gehuisvest en zo breiden ze zich uit tot goed geoutilleerde satellietsteden van Israël.
Vele nederzettingen op de Westelijke Jordaanoever breiden zich uit door natuurlijke bevolkingsgroei en woningbouw. Met uitzondering van de charedisch-joodse nederzettingen is de migratiestroom negatief. Hierbij wordt vaak de slechte veiligheidssituatie als reden opgegeven.
Sommige nederzettingen zijn samengevoegd tot clusters, zoals Gush Etzion, terwijl andere worden gesitueerd rond Palestijnse dorpen en steden. Vaak worden ze boven op een heuvel gesitueerd omdat vandaar de regio goed in de gaten gehouden kan worden en zij zijn met elkaar verbonden door snelwegen en tunnels. Deze nederzettingen worden vervolgens met elkaar en met het grondgebied van de staat Israël verbonden door een parallel wegenstelsel, 'bypassroads' waar Palestijnen geen toegang toe hebben en waardoor hun dorpen en delen van hun grondgebied van elkaar worden afgesloten.[74]
Outposts
Outposts (buitenposten) zijn kleine zelfstandige clusters van provisorische woningen waar kolonisten zonder aansluiting op het elektriciteits- en waternet wonen. De outposts dienen als groeikern voor nieuwe nederzettingen. Zij kunnen op enkele kilometers van een bestaande nederzetting worden gevestigd, met de bedoeling deze geleidelijk te verbinden met de 'moeder-nederzetting'. Zo is er formeel geen sprake van uitbreiding van het aantal nederzettingen. Outposts die op grotere afstand zijn gebouwd groeien op termijn uit tot nieuwe zelfstandige nederzettingen.
Ter uitbreiding van het grondgebied worden steeds weer nieuwe outposts opgezet. In april 2025 ploegden kolonisten bijvoorbeeld in Khallet al-Qasr, oostelijk van Bethlehem, plotseling onder bescherming van het leger een stuk Palestijnse landbouwgrond om en installeerden daarop mobiele woningen.[75] Experts zeiden dat door middel van outposts sneller grote stukken land konden worden ingenomen dan door middel van nederzettingen.[76]
Outposts worden meestal na verloop van tijd door de regering erkend en groeien daarna uit tot nieuwe nederzettingen of wijken van de bestaande nederzettingen. Formeel zijn outposts zelfs volgens de Israëlische wetgeving illegaal, omdat zij (nog) geen formele toestemming hebben van de regering. Desondanks worden zij doorgaans wel door de overheid aangesloten op gemeentelijke voorzieningen en genieten zij in de meeste gevallen bescherming door het leger. Onder de regeringen van Benjamin Netanyahu zijn heimelijk vele outposts en zelfs nederzettingen gevestigd met steun van de regering, met de bedoeling om deze vervolgens te legaliseren.[77] In 2017 stelde de procureur-generaal voor om de definitie van "aangrenzend land" zodanig te wijzigen, dat outposts nabij nederzettingen door de Civil Administration konden worden gelegaliseerd als 'buitenwijk' van die nederzettingen. Het doel hiervan leek om kritiek van de internationale gemeenschap op de stichting van nieuwe nederzettingen al bij voorbaat van de hand te kunnen wijzen. Ook was er zo geen formele toestemming van de regering nodig.[78] In 2023 en 2024 werd een record aantal nieuwe outposts gevestigd, respectievelijk 30 en 34 tot en met oktober 2024.[77]
In december 2025 werden 17 bestaande outposts formeel erkend als nederzettingen en twee nederzettingen hervestigd. Veel daarvan zijn geconcentreerd in het noordoosten, waar tot dusver nog maar weinig kolonisatie had plaatsgevonden. Ganim en Kadim werden gevestigd op de locaties nabij Jenin, waar in 2005 nederzettingen waren opgeheven tegelijk met de terugtrekking uit Gaza. Andere werden geformaliseerd op plekken waar eerder Palestijnse gemeenschappen waren verdreven of op het punt stonden verdreven te gaan worden. Volgens Peace Now wees dit erop dat de regering kolonistengeweld wilde gebruiken om herdersgemeenschappen te verdrijven.[79] B'Tselem schatte dat in de afgelopen twee jaar, sinds '7 oktober 2023', 44 gemeenschappen op de Westoever werden verdreven. Minister Bezalel Smotrich verklaarde: "We bevorderen de facto soevereiniteit op de grond om iedere mogelijkheid voor de vestiging van een Arabische staat te voorkomen."[80]
Bij de bouw betrokken bedrijven en organisaties
Het Mensenrechtencomité van de Verenigde Naties (OHCHR) publiceerde in een rapport van juni 2023 een gedetailleerde lijst (pag.4-7) van bedrijven die betrokken zijn bij de activiteiten van Israël in de bezette Palestijnse gebieden. Het onderzoek behelsde de implicaties van de Israëlische nederzettingen op de burgerlijke, politieke, economische, sociale en culturele rechten van de Palestijnse bevolking in het gehele bezette Palestijnse gebied, inclusief Oost-Jeruzalem.[81]
Jewish Agency voor Israël en Amana
Reeds voor de stichting van de staat Israël speelde de zionistische organisatie Jewish Agency for Palestine, die na 1948 zijn naam wijzigde in Jewish Agency for Israel (JA) een grote rol bij de immigratie en huisvesting van Joden in het voormalige en huidige Palestina. De Settlement Division van de Jewish Agency is verantwoordelijk voor het ontwikkelen van de plannen en is ook betrokken bij de vestiging van buitenposten (outposts). De Israëlische nederzettingenorganisatie Amana bouwt huizen in Israëlische nederzettingen en buitenposten. Ook locale autoriteiten van nederzettingen werken mee aan de vestiging van buitenposten.[77]
Financiering
Israël en zijn belastingbetalers zijn de belangrijkste financiers van de nederzettingen.[82] Onderzoek door de BBC toonde aan dat de World Zionist Organization (WZO) en Amana, beide met nauwe banden met de Israëlische staat, geld en land hebben geleverd voor de vestiging van nieuwe outposts. In de contracten van de WZO stond dat er niet op mag worden gebouwd en het land alleen mag worden gebruikt als graasland of voor landbouw, maar satellietbeelden lieten zien dat er illegale outposts op werden gebouwd. Amana verstrekte aan een kolonist een lening van 270.000 dollar voor de bouw van kassen voor een outpost.[76]
Private donateurs in de VS
Volgens een onderzoek door de Israëlische krant Haaretz worden de nederzettingen massief financieel en belastingvrij gesteund door private donateurs in de VS via een netwerk van non-profit organisaties. Gedurende de vijf jaren 2009 t/m 2013 werd meer dan $220 miljoen dollar gestort in fondsen ten bate van de nederzettingen op de Westelijke Jordaanoever. Omdat de donaties aftrekbaar zijn van de belasting, ondersteunt de VS zo indirect de kolonistenbeweging. De Amerikaanse donaties worden vooral geïnvesteerd in algemene voorzieningen als parken, speelplaatsen, bibliotheken en yeshiva's (Joodse religieuze studiecentra), maar ook aan zaken als airconditioners en financiële steun aan veroordeelde Joodse terroristen en hun familie die daar wonen.[82]
In tegenstelling tot niet-gouvernementele organisaties (ngo's) en mensenrechtenorganisaties die donaties krijgen van buitenlandse regeringen en instellingen, krijgen Israëlische nederzettingen-groepen geld van buitenlandse private individuen die belastingvrij geld doneren via non-profit-organisaties. Een van de grootste fondsen is het Hebron Fonds.[82][83]
Panama Papers
Veel buitenlandse bedrijven en organisaties, die geregistreerd staan in belastingparadijzen doneren grote kapitalen aan nederzettingen-organisaties of aan premier Netanyahu. Uit onderzoek van de Panama Papers (2016) bleek dat zionistische organisaties uit deze praktijken tientallen miljoenen sjekels ontvangen. Een daarvan is de als ngo aangemerkte nederzettingenorganisatie Amana van Ze'ev Hever, die van verschillende kanten grote sommen kapitaal ontvangt waarmee de huizenbouw en de infrastructuur van de nederzettingen wordt gefinancierd.[84] Een andere organisatie, die binnen acht jaar reeds 122 miljoen sjekels ontving, is Vrienden van Ir David, die met zijn fonds 'Elad'[85] onder meer de Palestijnse wijk Wadi Hilweh (Silwan) in Oost-Jeruzalem in bezit neemt ten bate van Israëlische joodse nationalistische kolonisten, die de stad claimen als 'City van David'.
Status van de nederzettingen
VN-Veiligheidsraad
De Veiligheidsraad van de Verenigde Naties, inclusief landen die in het algemeen Israël steunen heeft de nederzettingen bij herhaling illegaal volgens het internationaal recht verklaard, evenals diverse ngo's. De opeenvolgende internationale rapporten, verdragen en resoluties van de Verenigde Naties waarin Israël wordt gemaand de bouw ervan te stoppen en terug te draaien, worden stelselmatig door Israël genegeerd.
VN-Resoluties
De VN-Veiligheidsraad heeft in tal van resoluties de nederzettingen veroordeeld, zoals in de resoluties 446, 452, 465 en 471.[86] Op 23 december 2016 nam de Veiligheidsraad Resolutie 2334 aan waarin staat dat Israël moet stoppen met de bouw van nederzettingen in Palestijns gebied, aangezien dat een flagrante schending is van internationaal recht.[87][88] In tegenstelling tot eerdere Resoluties onthielden de VS zich van stemming die met alle overige 14 stemmen werd aangenomen.
Internationaal Gerechtshof
In het verleden is vele malen door verschillende internationale autoriteiten, waaronder het Internationaal Gerechtshof (ICJ) en het Hooggerechtshof van Israël zelf, vastgesteld dat Israël wel degelijk bezetter van deze gebieden is. Artikel 49 van de Vierde Geneefse Conventie verbiedt de overbrenging van de eigen bevolking naar bezet gebied in het algemeen: het maakt hierbij geen verschil of dit onder dwang of uit vrije wil gebeurt. Het Internationale Rode Kruis (ICRC) sprak dit expliciet uit in zijn commentaar op de Geneefse Conventies en concludeerde dat de nederzettingen in strijd zijn met het Humanitair Oorlogsrecht.[89]
In juli 2024 verklaarde het ICJ in een juridische opinie alle nederzettingen illegaal en oordeelde dat alle activiteiten dienden te worden gestaakt en alle kolonisten te worden geëvacueerd. De Algemene Vergadering van de Verenigde Naties riep vervolgens met ruime meerderheid op tot beëindiging van de illegale bezetting.
Amnesty International
Amnesty International drong er in april 2015 bij de Israëlische autoriteiten nogmaals op aan om de petitie te behandelen die op 31 juli 2011 bij het Hooggerechtshof juli 2011 was ingediend met betrekking tot bouwplanningsrechten en -organisaties van Palestijnse gemeenschappen in de C-gebieden die 60% van de bezette Westelijke Jordaanoever omvatten. In deze gebieden, die volledig onder Israëlische militaire controle staan wordt "de Vierde Geneefse Conventie geschonden" en vinden er oorlogsmisdaden plaats "onder artikel 8(2)(a)(iv) van het Statuut van Rome van het Internationaal Strafhof." Een onderzoek in 2013, uitgevoerd door het OCHA schatte dat er 297.000 Palestijnen in ongeveer 530 woongebieden woonden. Sinds de petitie van 31 juli 2011 tot april 2015 hadden de Israëlische autoriteiten meer dan 1875 gebouwen verwoest.[90] In januari 2019 beschuldigde Amnesty International toeristische bedrijven ervan te profiteren van en mee te werken aan de uitbreiding van de illegale nederzettingen door kamers en activiteiten aan te beiden in Israëlische nederzettingen in Palestijns gebied inclusief Oost-Jeruzalem. Deze bedrijven duiden de Westelijke Jordaanoever daarbij aan als 'Israël-Westbank'.[91][92]
Nederzettingenpolitiek van Israël
Israël is het enige land in de wereld dat vindt dat zijn nederzettingen volgens internationaal recht geoorloofd zijn. De Verenigde Staten (VS) is als enige land van mening dat deze niet per se illegaal hoeven te zijn. Alle andere landen beschouwen de nederzettingen als een schending van het Internationaal recht.[93]
De Israëlische regering claimt de soevereiniteit over zowel de Westelijke Jordaanoever als de Gazastrook op grond van historische en religieuze binding. Volgens de bijbel zouden er in het gebied al voor de jaartelling Joden hebben gewoond in het koninkrijk Juda en het koninkrijk Israël en er ook na de diaspora in het jaar 70 altijd een Joodse aanwezigheid zijn geweest.
Het officiële standpunt van Israël is dat de Westelijke Jordaanoever niet bezet is, maar betwist territorium is en dat het gebied ten tijde van de verovering in de Zesdaagse Oorlog van 1967 niet legitiem onder de soevereiniteit van enige andere staat was.
Israël beweert dat "het internationale verbod om de eigen bevolking naar bezet gebied over te brengen niet geldt omdat individuen zich er geheel vrijwillig vestigen en dat de nederzettingen niet zijn bedoeld om de Arabische inwoners te verdrijven, en dat dat in de praktijk ook niet zou gebeuren; en dat, om er zeker van te zijn, onder supervisie van het Hooggerechtshof van Israël altijd zorgvuldig zou worden onderzocht dat er niet zou worden gebouwd op privaat Arabisch land."[94]
In oktober 1979 had de nieuwe Likoed-regering na een uitspraak van het Hoog Gerechtshof bepaald dat er geen privaat land meer mocht worden onteigend of in beslag genomen voor de bouw of uitbreiding van nederzettingen. In dezelfde verklaring verkondigde de regering het recht van Joden om zich te vestigen op heel de Westelijke Jordaanoever en in de Gazastrook. Er werden tegelijk nieuwe nederzettingen aangekondigd op tot zogenaamd "staatsland" verklaarde grond.[95]
Desondanks zijn de meeste gedeeltelijk of geheel op in beslag genomen privé-grond gebouwd. Formeel illegale nederzettingen of outposts worden vaak achteraf alsnog gelegaliseerd.
Geheim document, 1969
Een memo uit 1969 van de Gedeputeerde Algemeen Directeur Buitenlandse Zaken, Ben Horin, aan zijn Minister van BZ onthult dat de Israëlische regering zich bewust was van de illegaliteit van het bouwen van nederzettingen op geconfisqueerd land: "We feared that civilian groups, and in particular groups connected to the plan to build the yeshiva on the seized land, would cause unnecessary publicity, since this would contradict the objectives of the seizure as defined in the order.” Onder het mom dat het land voor militaire behoeften nodig zou zijn, zou dit gemakkelijk wettelijk verdedigbaar zijn. In de memo die ook aan premier Golda Meir was gestuurd, was ook geschreven dat de Militaire Censor persberichten over deze land-confiscatie had geblokkeerd.[9]
Kolonisten-geweld
Sinds de stichting van nederzettingen, vanaf 1967, wordt er door kolonisten veel geweld gebruikt tegen de Palestijnse inwoners van omliggende dorpen.[96] In 2010 zijn door Special Coordinator for the Middle East Peace Process Robert Serry van de VN aanvallen gerapporteerd op dorpelingen, voorlichtings-instellingen en scholen, moskeeën en kerken en huizen.[97]
Para-militaire groepen
In de nederzettingen en buitenposten zijn door de kolonisten quasi-militaire troepen gevormd, kitat konenut genoemd, Hebreeuws voor 'rapid response squads' of 'snelle reactietroepen'.[98] Deze zijn samengesteld uit burgers die zijn getraind en bewapend door het Israëlische leger. Zulke squads werden oorspronkelijk in 1971 opgericht. Vóór oktober 2023 leverde de IDF minstens 2.600 wapens aan de kolonisten. Na 7 oktober werden de quasi-militaire troepen gereactiveerd. Het leger leverde aanzienlijke hoeveelheden wapens en munitie, waaronder duizenden pistolen, M-16 semi-automatische geweren en machinegeweren. Daarnaast schaften Regional Councils voor de squads honderden geweren aan, gefinancierd door buitenlandse donateuren.[99]
In oktober 2023 richtte het Ministerie voor Nationale Zekerheid 600 nieuwe 'rapid response squads' op. Van de 100 Israëlische steden met het hoogste percentage wapenvergunningen waren er toen 86 joodse nederzettingen.[100] In juli 2025 richtte minister Itamar Ben-Gvir een eerste quasi-politie-squad op met 105 kolonisten, uitgerust met wapens en taktische uitrusting. Andere milities waren reeds gevestigd in de nederzettingen Efrat, Gush Etzion, Kiryat Arba en Hebron en in de Megilot Regional Council.[101]
De para-militaire groepen kolonisten opereren vanuit een organisatie dat bestaat uit enkele honderden gewapende mannen. Tijdens het oplaaiende conflict in mei 2021 voerden deze milities gecoördineerd en gelijktijdig aanvallen uit op Palestijnse dorpen verspreid over de Westoever. Sinds minister Bezalel Smotrich de verantwoordelijkheid kreeg voor de Civil Administration, lijken de milities nauwer te opereren volgens een bredere strategie om de Israëlische controle over 'Area C' uit te breiden om een toekomstige Palestijnse staat te verhinderen.[102] Een centraal element is het sterk toenemen van buitenposten in de vorm van zogenaamde herdersboerderijen, waarbij grote stukken land worden afgenomen zonder formele goedkeuring en militaire weerstand, en Bedoeïenen en dorpelingen op de Westoever worden verdreven.[102]
Terrorisme

Een groot aantal van deze ultra-nationalistische kolonisten die ook door veel Israëliërs als terroristen worden gezien, is sinds 1967 door immigratie vanuit de VS in deze nederzettingen komen wonen en zijn volgelingen van Meir Kahane.[103] Het bloedbad van Hebron (1994), aangericht door de Amerikaans-Israëlische Baruch Goldstein werd door de toenmalige premier Yitzhak Rabin fel veroordeeld. Hijzelf werd niet lang daarna door een religieuze zionist gedood. Dit terroristische geweld wordt ook als pressiemiddel tegen de regering gebruikt om deze te dwingen af te zien van concessies aangaande de bouw van nederzettingen. De daders, die vaak wel bekend zijn, ontsnappen of worden in de meeste gevallen na arrestatie en verhoor weer vrijgelaten.[104]
Dergelijk terrorisme is voornamelijk gericht tegen Palestijnse inwoners, waarbij ook hun bezittingen vernield worden.[105] Vaak gaat dit gepaard met 'hate-crime' en discriminerende leuzen, die als graffiti op Palestijnse huizen en auto's worden geklad, vaak in het Hebreeuws. Ze zijn bedoeld als wraak en 'price tags' (prijskaartjes) en, zoals in Kafr Malik in 2019:" there will be a war for control over West Bank.".[106] Israëlische militairen grijpen bij acties van de kant van de kolonisten niet of nauwelijks in.[107][108]

Dit terrorisme vindt bijna dagelijks en ongestraft plaats op de gehele Westelijke Jordaanoever, voornamelijk in het C-gebied van de Oslo-akkoorden. De boerendorpjes en hun grondgebied worden door kolonisten belaagd. Hun land, schaapskuddes, huizen en bezittingen worden beklad, gestolen of in brand gestoken, en op Palestijnse begraafplaatsen vindt vandalisme plaats.[109][110]
Vernieling olijfgaarden en geweld tegen boeren

Agressie en terrorisering door religieus zionistische kolonisten uit zich onder meer door het plaatsen van outposts (buitenposten van nederzettingen) op Palestijns grondgebied, het vernielen van Palestijnse olijfboomgaarden, geweld tegen olijfboeren, het stelen van olijven, en brandstichting. Kolonisten kappen massaal olijfbomen om of steken ze in brand, de toegang tot de boomgaarden voor onderhoud wordt vaak belet en ieder jaar rond oktober worden plukkers met bedreiging en geweld gehinderd bij de oogst.[96][97][111][112][112] brandstichting,[113][114] gooien van stenen, molestaties en toenemend gewapend geweld.
Internationale en nationale vrijwilligers en activisten zetten zich in om Palestijnen en hun leefgebied tegen dit geweld te beschermen en voor hun rechten op te komen; vaak met gevaar voor eigen leven. Zo werd op 23 oktober 2015, nadat Benjamin Netanyahu de bouw van de nederzetting Itamar bij Nablus had goedgekeurd, rabbijn Arik Ascherman, voorzitter van de organisatie Rabbis for Human Rights (RHR), door een kolonist met een mes aangevallen terwijl hij ter bescherming Palestijnse boeren bij hun olijfoogst vergezelde.[115] Zo'n zelfde aanval vond plaats bij de dorpen Burin en Huwara bij Nablus door een groep gemaskerde kolonisten van de nabijgelegen nederzetting Yitzhar.[116] Na de vernieling van de olijfgaarden van Burin in 2015 werd in 2018 het dorp weer aangevallen en werden ook weer olijfbomen vernield.[117]
Oxfam Novib stelde op basis van eigen onderzoek vast dat Joodse kolonisten alleen al in 2011 7500 olijfbomen van Palestijnse boeren vernield hadden (pas na vijf jaar begint deze boom vruchten te dragen). Tienduizenden Palestijnse families zijn voor hun inkomen afhankelijk van de opbrengst ervan. Boeren worden echter weerhouden om naar hun landbouwgrond te gaan en oogsten worden door kolonisten vaak geroofd.[112] In de eerste helft van 2020 werden minstens 4.000 olijfbomen en andere bomen door kolonisten vernield. In de tweede helft van juni werden in drie verschillende dorpen honderden olijfbomen in brand gestoken.[118]
Op 11 juni 2021 werden door kolonisten uit een nabijgelegen nederzetting bij het dorp al-Khader (bij Bethlehem) 400 wijnranken met pesticiden bespoten en vernield waarbij twee Palestijnse jongetjes vergiftigd werden.[119] Alleen al in 10 dagen van oktober 2022 werden er door Joodse Israëlische kolonisten 100 misdaden gepleegd. Een inwoner van Huwara verklaarde tegen DAWN, een NGO voor democratie en mensenrechten: "The settlers want to create new facts on the ground. I think they want us Palestinians tot leave the country for good. They want to replace our communities."[120]
Sinds 7 oktober 2023
Na het begin van de Oorlog in Gaza vanaf 2023, nam het aantal aanvallen op de Westelijke Jordaanoever, door kolonisten scherp toe. Het kolonistengeweld verdubbelde ten opzichte van het voorgaande kwartaal en bereikte zijn hoogste piek sinds 2020.[99] Terwijl het aantal aanvallen door kolonisten in 2022 nog 852 was, nam dit in 2023 toe tot 1.291 en in 2024 tot 1.449. Deze vonden met name plaats in de gouvernementen Ramallah & Al-Bireh, Nablus (gouvernement) en Hebron (gouvernement).[121] Bewoners van Palestijnse dorpen worden sindsdien gewelddadig aangevallen en afgetuigd door religieus-zionistische Israëlische kolonisten, onder wie Hilltop Youth. Veelal kijken Israëlische militairen toe en leggen vervolgens beperkingen op aan de Palestijnse bewoners. Door het IDF zijn ook speciale reservegroepen uit de nederzettingen gevormd. Half november 2023 had het OCHA opgetekend dat 1.149 mensen van 15 herdersgemeenschappen waren verdreven door kolonistengeweld en toegangsbeperkingen tot hun land. Volgens de Israëlische organisatie Yesh Din waren er sinds 7 oktober 185 aanvallen geweest door kolonisten tegen Palestijnen in meer dan 84 steden en dorpen verspreid over de Westelijke Jordaanoever.[122]
Kolonisten worden gesteund door met name de extreemrechtse minister Itamar Ben Gvir (Veiligheid) en Bezalel Smotrich (Financiën) van de 37e regering van Israël. Zij wonen zelf in een nederzetting, respectievelijk Kirjat Arba bij Hebron en Kedumim in gouvernement Nablus. Ongeveer een week na 7 oktober versoepelde Ben-Gvir de verlening van wapenvergunningen aan Israeli's aanzienlijk. Half november waren er al zo'n 31.000 vergunningen afgegeven. Ben-Gvir riep op om deze massaal aan te vragen.[123] In oktober liet hij 10.000 stormgeweren uitdelen, die zijn ministerie had aangeschaft voor milities van kolonisten, alsmede helmen en kogelwerende vesten.[124] In januari 2026 verklaarde Ben-Gvir het versoepelde beleid voor wapenvergunningen ook van toepassing op de nederzettingen die in december waren erkend. Inmiddels waren er meer dan 240.000 vergunningen afgegeven op grond van de nieuwe wetgeving.[125]
Het hoofd van Shin Bet had in augustus 2024 Netanyahu en zijn ministers gewaarschuwd dat Joods terrorisme Israëls bestaansrecht in gevaar brengt: "de leiders van Joods terrorisme willen het systeem de controle doen verliezen. De schade aan Israël zal onbeschrijfelijk zijn".[126] De Israëlische krant Haaretz berichtte in oktober 2024 dat uit hun onderzoek bleek dat de regering van Benjamin Netanyahu dit Joodse terrorisme niet alleen toestaat, maar het ook financiert.[127]
In maart/april 2025 was er weer een stormvloed aan extreme aanvallen, waaronder op het Palestijnse stadje Duma waar tientallen kolonisten een razzia hielden, waarbij voertuigen en woningen in brand gestoken werden.[128] Palestijnse dorpen ten oosten en noorden van Ramallah, waaronder Kafr Malik en Taybeh werden door tientallen gewapende kolonisten aangevallen. Voertuigen werden in brand gestoken, en er werd brand gesticht bij een oude kerk en begraafplaats.
Tijdens de olijfoogst werden op 13 oktober 2025 door de kolonisten in de noordelijke Jordaanvallei 150 olijfbomen in het dorp Bardala ontworteld. Ten zuiden van Bethlehem werden Palestijnse boeren aangevallen.[129]
Een gebied met olijfgaarden van het dorpje Sinjil in het gouvernement Ramallah & Al-Bireh werd door het Israëlische leger als 'gesloten militaire zone' bestempeld; verboden voor Palestijnen tot na het weekend. In dat weekend werden er Israëlische soldaten gefilmd die olijven van de Palestijnse bomen plukten.[130]
Geweld tegen kolonisten
.jpg)
Volgens een rapport van Human Right Watch uit 2002 stelden militante Palestijnse groepen, dat kolonisten 'legitieme doelwitten' zijn die hun burgerlijke status hebben verloren door te verblijven in nederzettingen die illigaal zijn volgens internationaal recht. Human Rights Watch verwerpt dit argument en stelt dat personen die wonen in een nederzetting, zelfs als deze illegaal is, hen niet automatisch een legitiem militair doelwit maken. Zolang zij geen wapens opnemen en niet actief deelnemen aan vijandelijkheden, zijn zij geen strijders. Zodra individuele kolonisten echter actief deelnemen aan vijandelijkheden, niet uit zelfverdediging, verliezen zij hun burgerstatus en worden een legitiem militair doelwit tijdens die periode.[131]
Volgens data van ACLED (Armed Conflict Location & Event Data Project) waren er sinds 2016 tot 2025 ongeveer 45 dodelijke slachtoffers onder burgerlijke kolonisten in de Westelijke Jordaanoever.[132]
Twee rechtssystemen
Bij strafvervolging worden kolonisten volgens een ander rechtssysteem behandeld dan Palestijnen in hetzelfde woongebied. Palestijnen worden altijd aangeklaagd bij de Israëlische militaire rechtbank, terwijl kolonisten als Israëliërs door de veel mildere burgerlijke rechtbanken worden behandeld. Daardoor gelden er op de Westoever voor twee volken twee heel verschillende wetten.[133] Tussen 2005 en 2014 werd meer dan 90% van de aanklachten van geweld door kolonisten afgesloten zonder een vervolging in te stellen. Er was maar 2% kans dat daders daadwerkelijk zouden worden geïdentificeerd.[96][134]
Rol van het Israëlische leger
Mensenrechtenorganisaties constateren dat IDF-soldaten vaak bij aanvallen van kolonisten aanwezig zijn en alleen maar toekijken.[135][111] Kolonisten worden door het Israëlische leger beschermd en er worden wegen in Palestijnse plaatsen afgesloten wanneer religieuze kolonisten met gewelddadigheden en leuzen tegen Palestijnen hun rituelen daar willen uitoefenen.[136] Kolonistengeweld vindt gewoonlijk straffeloos plaats. Bij confrontaties van kolonisten met Palestijnen heeft het leger voornamelijk de taak om de kolonisten te beschermen. De Israëlische veiligheidstroepen laten het geweld tegen Palestijnen niet alleen toe, maar helpen de kolonisten zelfs daarbij. En, in plaats van de daders aan te pakken, worden juist de Palestijnse slachtoffers verwijderd of gearresteerd als ze zich tegen de kolonisten verweren.[137]
Verzet tegen de kolonisatie
Palestijnen op de Westelijke Jordaanoever verzetten zich al sinds 1967 tegen de onderdrukking door Israël, vanwege de bouw en uitbreiding van de nederzettingen, de buitenposten (outposts) van kolonisten op hun land, de aanleg van brede -voor Palestijnse voertuigen verboden- verbindingswegen vanuit Israël naar nederzettingen, de bouw en de uitbreiding van de Israëlische muur in en rond de Westelijke Jordaanoever en het gewelddadige optreden en -vaak nachtelijke- razzia's van het Israëlisch defensieleger (IDF) dat, in samenwerking met kolonisten, hen het leven onmogelijk wil maken tot en met de verwoesting van hun huizen en bezittingen.[138] Tijdens de Tweede Intifada, de opstand tegen de onderdrukking die eind 2000 begon en vooral hevig was tussen 2001 en 2003 vonden aanslagen door Palestijnen plaats zoals de aanslag op een bus in Israël in 2001[139] en 2002. Ook in de jaren erna vonden regelmatig aanslagen plaats.
Het oorlogsrecht ('ius ad bellum') erkent en legitimeert gewapend verzet tegen een militaire beztting. Militante Palestijnse groeperingen als Hamas en Islamitische Jihad hanteren de gewapende strijd tegen de militaire bezetting als onderdeel van het Palestijnse recht op zelfbeschikking. In 2010 verklaarde Hamasleider Ezzat al-Rashk dat kolonisten een legitiem doelwit zijn, omdat zij in feite in ieder opzicht een leger zijn met (op dat moment) meer dan 500.000 automatische wapens en samenwerken met het Israëlische leger. Volgens al-Rashk is het aanvallen van kolonisten toegestaan, want "zionistische kolonisten zijn de eerste militaire reservemacht van de bezetting".[140] Alle kolonisten krijgen namelijk een training in het gebruik van wapens en veel kolonisten zijn in actieve militaire dienst of reservist bij de IDF. Zij mogen, in tegenstelling tot Palestijnse burgers, vrijuit wapens dragen. De verklaring van al-Rashk volgde op twee aanslagen die waren bedoeld om vredesonderhandelingen die op dat moment onder Amerikaanse leiding werden gevoerd te dwarsbomen. Volgens hem was dit niet meer dan een mediacircus en volgens een andere leider was de Palestijnse president, Mahmoud Abbas, bereid 99% van de Palestijnse rechten op te geven.[140]
Human Right Watch (HRW) verwijst echter naar de Legal Standards bij een gewapend conflict (uit 2002). HRW stelt dat de kolonisten een burgerbevolking vormen en geen aanvalsdoelen mogen zijn; echter, individuen die oorlogsmisdaden plannen, organiseren, bevelen, assisteren, begaan of pogen te begaan, kunnen daarvoor ten allen tijde vervolgd worden evenals degenen die voor zulke handelingen opdracht hebben gegeven en daar dan verantwoordelijkheid voor dragen. en wanneer individuele kolonisten actief deelnemen aan vijandelijkheden, en het niet gaat om legitieme zelfverdediging, verliezen zij hun burgerlijke bescherming en worden legitiem militaire doelwit gedurende de periode van hun deelname evenals Palestijnse militanten legitiem militaire doelwitten worden in de periode dat zij actief deelnemen aan vijandelijkheden.[141]
Handel met de nederzettingen
EU-handelsbeleid
Etikettering van producten uit nederzettingen
Op 12 november 2019 oordeelde het Europese Hof van Justitie dat de Europese landen bij handel met Israël op de etiketten van de producten duidelijk de herkomst moeten vermelden, zodat consumenten weten of deze van de Israëlische nederzettingen afkomstig zijn. Het Europese Hof onderstreepte dat de nederzettingen concrete uitingen zijn van de politiek van een staat om de eigen bevolking over te brengen naar bezet gebied, wat in strijd is met de regels van algemeen internationaal recht.[142][143]
Op 11 november 2015 had de Europese Commissie (EC) al formeel besloten dat op de etiketten van producten die in de Israëlische nederzettingen in de door Israël bezette gebieden zijn vervaardigd vermeld moest staan dat ze afkomstig waren uit land dat sinds 1967 door Israël is bezet. Tot dan toe stond bij die producten altijd vermeld dat ze 'uit Israël' kwamen, waarbij het voornamelijk ging om fruit, groenten, wijn en cosmetica.[144]
Handelsverbod voor nederzettingen
In december 2015 riepen 40 Europese juristen in een open brief aan de EU op tot het stoppen van de handel met de nederzettingen. Zij stelden dat deze handel impliciet een erkenning van de nederzettingen is en daarom een schending van internationaal recht. Dit is ook in strijd met het officiële nederzettingen-beleid van de individuele staten. Zij hekelden ook het meten met twee maten ten opzichte van andere landen waartegen wel boycots worden ingesteld.[145] Naar aanleiding van Resolutie 2334 van de VN-Veiligheidsraad publiceerde de rechtsdeskundige Tom Moerenhout in 2017 in een online-artikel van het European Journal of International Law uitgebreid de juridische achtergrond van de verplichting tot niet-erkenning van de nederzettingen en over de schending van het internationaal recht daaromtrent door de EU.[146]
Begin 2019 nam Ierland een wet aan die de handel met Israëlische nederzettingen verbiedt. In een Europees burgerinitiatief, op basis van minimaal een miljoen burgers uit minimaal zeven EU-landen, verzocht een burgercomité de Europese Commissie om een soortgelijke wet op de hele EU van toepassing te laten zijn. De tekst van het verzoek luidde: "Stopzetting van de handel met Israëlische nederzettingen in de door Israël bezette gebieden [...] Om schendingen van het internationaal recht en de mensenrechten door Israël niet te erkennen of te ondersteunen is de EU verplicht een einde te maken aan de handel met de Israëlische nederzettingen die de bezette Palestijnse gebieden koloniseren."[147]
De Europese Commissie (EC) weigerde het initiatief in behandeling te nemen, omdat ze geen wettelijke bevoegdheid voor zo'n voorstel zou hebben. Eerst zou volgens de EC het Europees Parlement het buitenlands- en veiligheidsbeleid moeten aanpassen. Het EU-handelsverdrag met Israël[148] zou de bezette gebieden namelijk al uitsluiten.[149] Het afwijzingsbesluit werd geformuleerd in duistere ambtelijke taal.
In juli 2019 dienden zeven EU-burgers opnieuw een burgerinitiatief in bij de EC. Ditmaal luidde het verzoek: "om te zorgen voor conformiteit tussen het gemeenschappelijk handelsbeleid en de EU-verdragen en naleving van het internationaal recht". Het doel was opnieuw een verbod op handel met de nederzettingen in de door Israël bezette Palestijnse gebieden. De EC weigerde wederom het initiatief te registreren, omdat ze daartoe niet bevoegd zou zijn. Ook hier werd in vage taal met verwijzing naar een artikel in een verordeningsartikel (215 VWEU) verwezen.
Ditmaal gingen de initiatiefnemers in beroep bij het Hof van Justitie van de Europese Unie. Zij stelden daarbij dat de in het burgerinitiatief voorgestelde actie "kennelijk binnen de werkingssfeer van het gemeenschappelijk handelsbeleid valt." In mei 2021 werd het besluit van de EC door het Gerecht nietig verklaard, zodat de EC een nieuw besluit moet nemen.[150] De rechter oordeelde dat de Europese Commissie ernstig is tekortgeschoten in zijn plicht om de afwijzingsgronden te geven. De initiatiefnemer Tom Moerenhout stelde dat de EC steeds zijn verantwoordelijkheid is ontweken: Als lidstaten de handel willen stoppen zegt de Commissie dat zij als enige daarvoor verantwoordelijk is en als de Commissie wordt gevraagd de illegale handel te stoppen, zegt zij dat dat de verantwoordelijkheid is van de Europese Raad.[151]
Mensenrechtenraad
In maart 2016 sprak de Mensenrechtenraad van de Verenigde Naties wederom zijn zorgen uit over de mensenrechtensituatie in de door Israël bezette gebieden ten gevolge van Israëls nederzettingenpolitiek. Daarbij brachten ze eerdere verklaringen in herinnering en riepen Israël op zich als bezettingsmacht te houden aan zijn wettelijke verplichtingen zoals die op 9 juli 2004 door het Internationaal Gerechtshof waren geformuleerd en in resoluties waren vastgelegd. Tevens riepen zij alle staten op om zich te houden aan de 'richtlijnen van handel en mensenrechten' (Guiding Principles on Business and Human Rights) van juni 2011,[152] en aan internationale wetten en normen, en om hun ondernemingen erop te wijzen alle daarvoor nodige maatregelen te nemen. En wel, om te vermijden dat ze bijdragen aan de vestiging of in standhouden van Israëlische nederzettingen of de exploitatie van natuurlijke hulpbronnen in bezet Palestijns gebied.[2][153]
Misbruik Palestijnse kinderarbeid
In april 2015 bracht Human Rights Watch het rapport 'Ripe for Abuse' uit over arbeid door Palestijnse kinderen in de agrarische industrie van de Israëlische nederzettingen. Op arbeid in bezet gebied en in de nederzettingen worden de gangbare arbeidswetten en -regels van Israël niet toegepast. Door Israëlische maatregelen en beperkingen om te kunnen werken kunnen Palestijnen vaak niet voldoende inkomsten verwerven. Kinderen moeten dan vaak meehelpen en worden, soms nog maar 11 jaar oud, door kolonisten gebruikt als goedkope arbeidskrachten in de nederzettingen. Ze werken veelal in omstandigheden waarbij ze blootgesteld worden aan pesticiden, onvoldoende bescherming en extreme hitte. Een schoolopleiding schiet er vaak bij in. Volgens internationaal recht is economische exploitatie van kinderen een schending van mensenrechten.[154][155]
Voormalige nederzettingen
In Gaza

Tussen 1970 en 1973 werden in de Gazastrook de eerste vier nederzettingen gebouwd. In 1997 waren het er 19, bewoond door zo'n 5.000 kolonisten op 23.000 dunam land.[156] Tot september 2005 had Israël 21 nederzettingen in Gaza.
De eerste nederzetting was Kfar Darom (Kefar Darom), in 1970,[157] opgezet in centraal-Gaza als een semi-militaire agrarische outpost. Kfar Darom lag midden in Gaza en werd deel van Gush Katif (Gush Qatif), een groot blok van 17 nederzettingen aan de zuidwestkust van Gaza, inclusief de perifere nederzettingen Kfar Darom en Morag. De solitaire grote nederzetting Netzarim lag zuidelijk van Gaza-Stad. Noordelijk van Gaza-Stad, langs de grens met Israël, lag nog een kleiner nederzettingenblok, bestaande uit Nisanit, Dugit en Elei Sinai. De kolonisten maakten naast de Palestijnse bevolking van 1,3 miljoen inwoners slechts 0,6 procent van de bevolking uit, maar controleerden rond 20 procent van het grondgebied van Gaza.[158]
Katif ontstond in 1982. Het Gush Katif-blok werd gebouwd vanaf 1982. Ingesloten tussen Gush Katif en de kust bleef voor de circa 5000 Palestijnen in zuidelijk Gaza slechts een smalle strook over van circa een bij veertien kilometer, al-Mawasi.[159] Onder de Oslo-akkoorden bleef het onder militaire controle, vergelijkbaar met een 'Area B' op de Westoever. De bewegingsvrijheid werd voor de Palestijnen ingeperkt door checkpoints met wisselde onvoorspelbare afsluitingen. B'Tselem telde in 2003 circa 5.300 kolonisten in Gush Katif. In het gebied werden wegen aangelegd voor alleen de Joodse kolonisten en het leger. [160] Het Gush Katif-blok, inclusief Morag en Kfar Darom, had in 2005 rond 6.500-7.800 inwoners, Netzarim ruim 500 en het noordelijke blok bijna 1.600; in totaal circa 8 à 9.000.[161][162] Voor iedere kolonist was in Gaza gemiddeld 400 keer zoveel land beschikbaar als voor een Palestijnse inwoner en 20 keer zoveel water als voor Palestijnse boeren.[163]
In de Sinaï
Vanaf 1967 vestigde Israël ook nederzettingen in de destijds bezette Sinaï. De eerste was Nahal Yam, in de noordelijke regio Mosafek, 80 km oostelijk van het Suez-kanaal.[10] Volgens Moshe Dayan's ontwikkelingsplan voor de nederzettingen in de bezette gebieden moest er aan de kust ten noorden van Rafah, net over de grens met Gaza, versneld de nederzetting Yamit komen. Het plan was dit uit te bouwen tot een grote Israëlische metropool met zeehaven en een nieuw industriegebied. Over de "bijna lege regio tussen Rafah en El Arish" zei hij "dat het zal moeten worden bevolkt door middel van een geconcentreerd Joods koloniseringsprogramma. De Arabieren die daar nu leven zouden moeten worden verplaatst “op een eervolle wijze en met compensatie”."[13] Labor was sterk verdeeld over de keuze tussen verdere kolonisatie van de Sinaï of teruggave in ruil voor een vredesverdrag. De verkiezingen moesten worden uitgesteld door de Jom Kipoer-oorlog in oktober.
In januari 1975 werd begonnen met de bouw van Yamit. In november 1976 bezocht premier Yitzhak Rabin de nederzettingen in de Rafah-regio ter gelegenheid van het eenjarig bestaan van Yamit en zei dat de regio ongetwijfeld deel van Israël zou uitmaken als onderdeel van een vredesverdrag.[164] Yamit zou uiteindelijk uitgroeien tot de grootste nederzetting in de Sinaï, maar met niet meer dan zo'n 2.000 families.[165] In 1977 won Likoed onder aanvoering van Menachem Begin de verkiezingen. Dayan werd partij-onafhankelijk minister van Buitenlandse Zaken in de nieuwe regering. Begin ondertekende in 1978 de Camp David-akkoorden met Egypte, waarin werd beloofd de Sinaï terug te geven, waarna Israël vol inzette op verdere kolonisering van Gaza, de Westoever en de Golan. In 1979 werd het Egyptisch-Israëlische vredesverdrag van 1979 gesloten. Pas in april 1982 werden alle 16 nederzettingen in de Sinaï ontmanteld.[20]
Lijst van nederzettingen

Onderstaand een onvolledige lijst van nederzettingen. Peace Now houdt een uitgebreide lijst bij.[166]
- Alfei Menasheh
- Ma'ale Shomron
- Immanuel
- Kedumim
- Ariel
- Barkan
- Modi'in Illit
- Makkabim
- Givat Ze'ev
- Ramot
- Pisgat Ze'ev
- Atarot
- Ma'ale Adumim
- Gilo
- Har Homa
- Betar Illit
- Efrat
- Gush Etzion
- Otniel
- Maon
- Kirjat Arba
- Beit El
- Ofra
- Shilo
- Itamar
- Elon More
Enkele van de grootste:
- Ariël (Westelijke Jordaanoever)
- Kiryat Arba
- Ma'ale Adumim
- Modi'in Illit
- Gush Etzion (een blok van nederzettingen).
Zie ook
Externe links
- (en) Statistics on Settlements and Settler Population, B'Tselem, update 11 mei 2015
- (en) Peace Now, Nederzettingenkaart 2019 van Israëlische beweging "Vrede Nu"
- (en) mfa.gov.il, standpunt Israëlische regering over nederzettingen
- (en) Ian S.Lustick, 1988 For the Land and the Lord: Jewish Fundamentalism in Israel,
- (en) Report 2015 in the Settlements, Peace Now, 14 februari 2016
- Israëlische bezetting en nederzettingen, Een ander Joods Geluid
- The Settlers (An intimate look at life inside the Jewish settlements in the West Bank), youtube.com, 4 januari 2024
- The Ultra Zionists, documentaire uit 2011 over de kolonisten op de Westelijke Jordaanoever
- The Settlers documentaire uit 2025
- ↑ Jerusalem – the divided city in "Palestine and Israel: Mapping an annexation", Al Jazeera, 26 juni 2020
- 1 2 Recalling relevant resolutions of the Commission on Human Rights, the Human Rights Council, the Security Council and the General Assembly reaffirming, inter alia, the illegality of the Israeli settlements in the occupied territories, including in East Jerusalem un.org, 22 maart 2016. Gearchiveerd op 28 augustus 2022.
- ↑ Internationaal Gerechtshof: "Israëlische nederzettingen in bezette Palestijnse gebieden schenden internationaal recht" vrt.be, 19 juli 2024
- ↑ Amnesty International, DESTINATION: OCCUPATION DIGITAL TOURISM AND ISRAEL’S ILLEGAL SETTLEMENTS IN THE OCCUPIED PALESTINIAN TERRITORIES.. Amnesty International. Gearchiveerd op 22 juni 2021. Geraadpleegd op 18/07/2020.
- ↑ Ghislain Poissonnier & Eric David, Israeli Settlements in the West Bank, a War Crime ?. Revue des droits de l'homme. Gearchiveerd op 3 juni 2023. Geraadpleegd op 18/07/2020.
- 1 2 19th June 1967: Israel's Peace Plan. Yaacov Lozowick's Ruminations, 19 juni 2012
- ↑ Looking Back at the June 1967 Middle East War, noten 95 en 99. Stephen R. Shalom, New Politics Vol. XVI No. 3). Gearchiveerd
- 1 2 Secret memo shows Israel knew Six Day War was illegal. Donald Macintyre, The Independent, 26 mei 2007 (gearchiveerd)
- 1 2 Israeli government knew building settlements on lands allegedly seized for military needs was unlawful, Document Reveals avekot.org.il, 19 juni 1969
- 1 2 Nahal Begins New Settlement on Mediterranean Coast of Sinai Peninsula. JTA, 10 okt 1967. Gearchiveerd op 4 juni 2020.
- ↑ Meeting Security Council, 22 november 1967 (S/PV.1382
Par. 18: "... The westernmost settlement in the Israel-occupied Sinai peninsula lies beside a salt-water lagoon on the Mediterranean coast, less than fifty miles from the Suez Canal. ... It is a paramilitary fishing kibbutz, or communal settlement, established by the Nahal, a branch of the Israel Army that combines fighting and farming. Its members are boys and girls in their late teens who volunteer for the often dangerous job of settling Israel's border areas." - ↑ Dayan plan for Occupied Territories, 22 aug 1973. Diplomatiek telegram van de Amerikaanse ambassade in Tel Aviv, WikiLeaks
- 1 2 3 Dayan plans for West Bank, Golan and Sinai win Golda's approval.
(2,8 MB) The Jewish Week, p. 3, aug-sep 1973 - ↑ Bennett Promotes New Settlement in Hebron’s Wholesale Market. Peace Now, 1 dec 2019. Gearchiveerd op 9 juni 2023.
- ↑ (en) Erasure of the Green Line akevot.org.il
- ↑ Outlaw Amana haaretz, 12 mei 2013
- ↑ Panama dollars funding West Bank settlements - report timesofisrael, 26 juni 2016
- ↑ The Rights Forum, Peace Now: forse toename uitbreiding nederzettingen in 2016. Gearchiveerd op 23 oktober 2021. Geraadpleegd op 19/07/2020.
- ↑ A Brief History of East Jerusalem. Settlement Watch/Peace Now (dec 2019 bezocht). Gearchiveerd op 10 juni 2023.
- 1 2 Everything you need to know about Israeli settlements and the Trump administration’s announcement. JTA, 19 nov 2019. Gearchiveerd op 23 april 2023.
- ↑ (en) Forging Greater Israel: Annexation by Any Other Name. CounterPunch.org (15 juli 2020). Gearchiveerd op 17 juli 2020. Geraadpleegd op 18 juli 2020.
- ↑ Rabin in 1976 Interview: Settlements Are a Cancer Haaretz (Israël), 26 september 2015
- ↑ The Ofra Settlement, an Unauthorized Outpost B'Tselem Report, december 2008
- ↑ For the Land and the Lord: Jewish Fundamentalism in Israel, by Ian S.Lustic, 1988 The evolution of Gush Emunim
- ↑ HCJ to state: Demolish nine structures in the settlement of Ofra .... The state’s problematic argument was that as almost the entire settlement of Ofra had been built on privately-owned Palestinian land, there was no justification to demolish those particular nine structures – although they were new and the petition was filed before they were completed. Therefore, the state argued, the fate of the nine structures would be determined along with the rest of the settlement, through negotiations on a permanent-status agreement with the Palestinians. State representatives referred to Ofra throughout the court sessions as “the largest illegal outpost in the West Bank”. btselem.org, 9 februari 2015
- ↑ Keyfacts Area C[dode link] UN-OCHA, update 2014
- ↑ Kaart: Israeli demolitions of Palestinian property in the Jordan Valley, 2013 un.org
- ↑ Israël ontmantelt uitbreiding outpost Haaretz, 29 juli 2009. Gearchiveerd op 19 mei 2015.
- ↑ Barak says he will not demolish Ofra houses thenational.ae, 24 maart 2009. Gearchiveerd op 20 december 2016.
- ↑ Evacuated Amona Settlers Must Compensate Palestinian Landowners, Says State Haaretz, 20 januari 2015. Gearchiveerd op 28 januari 2015.
- ↑ (B'Tselem (en)
- ↑ Met terugwerkende kracht 'witwassing' van nederzettingen btselem.org
- ↑ Israel Admits It Erred in Using Private Palestinian Land for Settlement Homes Haaretz, 10 augustus 2016. Gearchiveerd op 21 augustus 2016.
- ↑ Evacuated Amona settlers must compensate Palestinian landowners, says state Haaretz, 20 januari 2015. Gearchiveerd op 1 augustus 2017.
- ↑ U.S. Blasts Israel's Plan for New West Bank Settlement, Says Netanyahu Broke His Word Haaretz, 5 oktober 2016. Gearchiveerd op 1 augustus 2017.
- ↑ Bennett: We Must Act Now and 'Give Our Lives' for the Annexation of the West Bank Haaretz, 6 oktober 2016
- ↑ Jerusalem Mayor Threatens to Demolish 'Hundreds' of Palestinian Homes if Illegal Outpost Evacuated Haaretz, 16 november 2016
- ↑ Privégrond Palestijnen niet langer onaantastbaar voor kolonisten, nrc.nl, 6 december 2016. Gearchiveerd op 12 augustus 2022.
- ↑ Israël bouwt 2500 huizen op de Westelijke Jordaanoever nos.nl, 24 januari 2017. Gearchiveerd op 23 april 2023.
- ↑ Israeli Bill to Annex Jerusalem-area Settlement Will Include Controversial E1 Area Haaretz, 19 januari 2017. Gearchiveerd op 16 oktober 2021.
- ↑ Israël ontruimt illegale nederzetting op Westelijke Jordaanoever, nos.nl, 1 februari 2017. Gearchiveerd op 23 april 2023.
- ↑ Amona Live Updates: Netanyahu Moves to Establish Settlement for Illegal Outpost Evacuees Haaretz, 1 februari 2017. Gearchiveerd op 30 mei 2017.
- ↑ Israel: Law for the Regulation of Settlement in Judea and Samaria, 5777-2017 loc.gov, 2017. Gearchiveerd op 15 juni 2021.
- ↑ Legalizing the theft of Palestinian land has been Israeli policy since Day 1 mondoweiss, 7 februari 2017. Gearchiveerd op 18 mei 2023.
- ↑ Voting 'Yes' for Theft Haaretz, 6 februari 2019. Gearchiveerd op 30 november 2021.
- ↑ Israel to approve four unauthorised West Bank settler outposts. Guardian, 16 mei 2013. Gearchiveerd op 29 juli 2023.
- ↑ Settlement housing starts nearly triple in 2013. AP/TOI, 9 juni 2013. Gearchiveerd op 24 april 2023.
- ↑ Israël steunt nieuwe nederzettingen. NOS, 5 aug 2013. Gearchiveerd op 23 april 2023.
- ↑ Israël annexeert 400 hectare grond op de Westelijke Jordaanoever Trouw, 1 september 2014
- ↑ White House: Netanyahu Broke a Commitment, That's Not How You Treat Your Friends Haaretz, 5 oktober 2016
- ↑ Kerry's Peace Principles: Jerusalem Would Be Capital of Two States. "If the choice is one-state, Israel can either be Jewish or democratic, it cannot be both and it won't ever live in peace," he said. Haaretz, 28 december 2016
- ↑ How UN Resolution 2334 Accelerated Israel’s Colonization in the West Bank. Ramzy Baroud, Foreign Policy Journal, 20 dec 2019; Israel approves plans for 2,500 new settlement homes in West Bank. BBC, 24 jan 2017. Gearchiveerd op 23 april 2023.
- ↑ Justifying landgrab, Israel says it is ‘allowed to ignore international law’ anywhere it wants mondoweiss.net, 18 september 2018. Gearchiveerd op 21 april 2023.
- ↑ International condemnations mount over passing of Israeli settlement law www.i24news.tv, 2 juli 2017. Gearchiveerd op 22 april 2023.
- 1 2 3 4 5 Israel's new settlements plan, a response to European push for two-state solution. Ynet, 29 mei 2025
- ↑ Sheikh Jarrah: Israeli lawmaker Ben-Gvir pulls gun on Palestinian residents middleeasteye.net,14 oktober 2022
- ↑ Security Minister Itamar Ben-Gvir arms Israeli settlers in occupied West Bank middleeastmonitor.com, 24 oktober 2023
- ↑ The Year of Annexation and Expulsion: Summary of Settlement Activity in 2024. Peace Now, feb 2025
- ↑ Israel announces new West Bank settlements despite sanctions threat. Reuters, update 30 mei 2025
- ↑ Israel announces expansion of illegal settlements in occupied West Bank. Al Jazeera, 29 mei 2025
- 1 2 3 4 Israel announces creation of 22 new settlements in West Bank. France24/AFP, 29 mei 2025
- 1 2 The Cabinet Decided on the Establishment of 22 New Settlements in the West Bank (met kaartje van de locaties). Peace Now, 29 mei 2025
- 1 2 3 4 Israel approves biggest expansion of West Bank settlements in decades. CNN, 29 mei 2025
- ↑ Smotrich op X, 29 mei 2025 (he)
- 1 2 Oost-Jeruzalem buiten beschouwing gelaten
- 1 2 3 Database Peace Now. Gearchiveerd op 2 augustus 2023.
- ↑ Inclusief 'boerderijen'
- ↑ 1991-1999 in totaal 47 nieuwe
- ↑ totaal per mei 2025: 134 gewone en 136 boerderij-outposts
- ↑ Smotrich handed sweeping powers over West Bank, control over settlement planning. TOI, 23 feb 2023.
- ↑ IDF transfers powers in occupied West Bank to pro-settler civil servants. The Guardian, 20 juni 2024
- ↑ The ABC of the OPT: A Legal Lexicon of the Israeli Control over the Occupied Palestinian Territory (zie p. 52). Orna Ben-Naftali; Michael Sfard; Hedi Viterbo, Cambridge University Press, 2018.
"Throughout the years, large parts of Israeli law were imported into the West Bank and applied to the jurisdictions of the settlements, turning them into enclaves of Israeli law in the OPT. - ↑ Israeli government knew building settlements on lands allegedly seized for military needs was unlawful, Document Reveals - Akevot. web.archive.org (2 maart 2019). Gearchiveerd op 2 maart 2019. Geraadpleegd op 25 oktober 2023.
- ↑ CONQUER AND DIVIDE btselem.org.
- ↑ Israeli Military Operations & Settler Activity in Bethlehem Governorate. SARI Global, 10 mei 2025
- 1 2 Extremist settlers rapidly seizing West Bank land. BBC, 3 sep 2024
- 1 2 3 Return of the Outpost Method. Peace Now, 22 juli 2019. Gearchiveerd op 10 juni 2023.
- ↑ IDF weighs new tool to legalize settler outposts. Jerusalem Post, 23 nov 2017. Gearchiveerd
- ↑ Israel’s security cabinet decided to establish 19 new settlements. Peace Now, 15 dec 2025
- ↑ How Israel’s expansion push deepens Palestinian suffering in West Bank. Al Jazeera, 16 dec 2025
- ↑ Update of database of all business enterprises involved in the activities detailed in paragraph 96 of the report of the independent international fact-finding mission to investigate the implications of the Israeli settlements on the civil, political, economic, social and cultural rights of the Palestinian people throughout the Occupied Palestinian Territory, including East Jerusalem OHCHR.org, 30 juni 2023
- 1 2 3 (en) Blau, Uri, Haaretz Investigation : U.S. Donors Gave Settlements More Than $220 Million in Tax-exempt Funds Over Five Years. haaretz.com (7 december 2015). Gearchiveerd op 20 november 2022. Geraadpleegd op 2 juni 2024. “The funding is being used for anything from buying air conditioners to supporting the families of convicted Jewish terrorists, and comes from tax-deductible donations made to around 50 U.S.-based groups. (...)
Despite this massive influx of U.S. dollars, Israel and its taxpayers are the settlement’s main bankrollers. Security, infrastructure construction and educational, religious and cultural activities are all financed by the citizens of Israel, either directly or through municipalities, regional councils and other channels. Money arriving from the United States is considered more an added luxury for the settlements.” - ↑ From N.Y.C. to the West Bank: Following the Money Trail That Supports Israeli Settlements pulitzercenter.org, 7 december 2015
- ↑ The Multimillion Dollar Panama Channel to West Bank Settlements pulitzercenter.org, 28 juni 2016
- ↑ Right-wing Israeli Group Elad Received Millions From Shadowy Private Donors pulitzercenter.org, 7 maart 2016
- ↑ (en) "The Geneva Convention", BBC, 10 december 2009. Gearchiveerd op 31 juli 2023.
- ↑ Reaffirming the obligation of Israel, the occupying Power, to abide scrupulously by its legal obligations and responsibilities under the Fourth Geneva Convention relative to the Protection of Civilian Persons in Time of War, of 12 August 1949, and recalling the advisory opinion rendered on 9 July 2004 by the International Court of Justice.
- ↑ READ: The Full Text of the UNSC Resolution on Israeli Settlements Haaretz, 24 december 2016
- ↑ Het Rode Kruis over de Israëlische nederzettingen in bezet gebied. Gearchiveerd op 8 oktober 2013. Geraadpleegd op 9 augustus 2023. 25 september 2012
- ↑ Israel’s policy of settling its civilians in the Occupied Palestinian Territories (OPT), as well as the forced transfer of Palestinians within the OPT when committed as part of a plan or policy, are war crimes under Article 8(2)(b)(viii) of the Rome Statute of the International Criminal Court Amnesty International, 9 april 2015. Gearchiveerd op 7 augustus 2023.
- ↑ Israël/Bezette Palestijnse Gebieden: Toeristische bedrijven zorgen voor uitbreiding van de illegale nederzettingen amnesty.nl, 30 januari 2019. Gearchiveerd op 7 juni 2023.
- ↑ Amnesty Slams TripAdvisor, Expedia: Profiting From Israeli War Crimes in West Bank Settlements Haaretz, 30 januari 2019. Gearchiveerd op 16 mei 2022.
- ↑ Countries that consider Israeli settlements to be a violation of international law in "Palestine and Israel: Mapping an annexation", Al Jazeera, 26 juni 2020
- ↑ Israeli Settlements and International Law. Israëlisch ministerie van Buitenlandse Zaken, 20 mei 2001 (gearchiveerd)
- ↑ 50. Cabinet communique on settlements, 14 October 1979. Israëlisch ministerie van Buitenlandse Zaken, 14 oktober 1979 (gearchiveerd)
- 1 2 3 State-Backed Settler Violence. B’Tselem, 11 nov 2017
- 1 2 U.N. Envoy Demands Israel Act Against Settler Violence. IMEMC, 27 okt 2010
- ↑ Settler in Armenian Quarter linked to group behind evictions of Palestinians. The New Arab, 8 dec 2023
- 1 2 Civilians or Soldiers? Settler violence in the West Bank. ACLED, 10 juni 2024
- ↑ Ben-Gvir Is Arming Thousands of Israelis—and Playing With Fire. DAWN, 3 nov 2023
- ↑ Police recruit settlers for new West Bank civilian enforcement squads, The Times of Israel, 10 juli 2025
- 1 2 The rise of paramilitary settler groups in Israel's West Bank strategy. Middle East Eye, 4 juli 2025
- ↑ Israëlische terroristen geboren in de USA nytimes, 6 september 2015
- ↑ Israël laat verdachten van dodelijke rooftocht en brandstichting vrij Yahoo.com, 10 augustus 2015. Gearchiveerd op 22 maart 2021.
- ↑ Anti-Arab gaffiti sprayed, tires slashed in suspected 'price tag'attack Haaretz (Israël), 18 juni 2013. Gearchiveerd op 25 maart 2017.
- ↑ Palestinian village targeted in week’s second apparent hate crime timesof israel.com, 20 juni 2019
- ↑ Israeli Soldiers Caught on Tape Looking on as Settlers Throw Stones at Palestinians Haaretz, 13 mei 2017. Gearchiveerd op 17 oktober 2021.
- ↑ 'They Saw Everything and Did Nothing' | Investigation Shows Settler Raid on Palestinian Village Took Place as IDF Forces Stood By haaretz.com, 17 augustus 2024
- ↑ Palestinian village targeted in week’s second apparent hate crime timesofisrael.com, 17 juni 2019
- ↑ The Settler Strategy Accelerating Palestinian Dispossession jewishcurrents.org, 3 februari 2025
- 1 2 Israëlische kolonisten kappen massaal Palestijnse olijfbomen Inter Press Service, 7 april 2015. Gearchiveerd op 30 mei 2023.
- 1 2 3 Duizenden olijfbomen van Palestijnen verwoest. Nu.nl, 20 okt 2011. Gearchiveerd op 22 april 2023.
- ↑ (en) BBC. "West Bank arson attack: Mother of baby victim dies", 7 september 2015
- ↑ Settlers terrorize Palestinian farmers in Burin: burn trees and disrupt olive harvest 14 oktober 2015. Gearchiveerd op 8 juni 2023.
- ↑ Joods extremistische aanval op rabbi-voor-mensenrechten Huffington Post, 23 oktober 2015
- ↑ Settlers accused of beating rabbi, 80, who was aiding Palestinian olive harvest timesofisrael.com, 16 oktober 2019
- ↑ Palestinians report vandalism, settler attack in northern West Bank village timesofisrael.com, 1 september 2018
- ↑ Protection of Civilians Report | 16 - 29 June 2020. UN OCHA, 2 juli 2020. Gearchiveerd op 23 april 2023.
- ↑ Two Children Poisoned, 400 Trees Damaged as Settlers Spray Toxic Pesticides palestinechronicle, 12 juni 2021
- ↑ 'They want to create new facts on the ground.'Why settler violence is rising in the Westbank.dawnmena.org, 25 oktober 2022
- ↑ Mapping the rise in Israeli settler attacks across the occupied West Bank. Al Jazeera, 14 okt 2025
- ↑ Facing violence and harassment, hundreds of Palestinians flee West Bank villages timesofisrael, 16 november 2023
- ↑ Dramatic Increase in Israelis Seeking Gun Permits in October, Following Hamas Massacre. Haaretz, 16 nov 2023. Gearchiveerd
- ↑ Security Minister Itamar Ben-Gvir arms Israeli settlers in occupied West Bank. Middle East Monitor, 24 okt 2024
- ↑ Ben-Gvir authorises more gun permits for Israeli settlers in occupied West Bank. The New Arab, 22 jan 2026
- ↑ Shin Bet Chief Warns PM and Ministers: Jewish Terror Is Jeopardizing Israel's Existence haaretz.com, 22 augustus 2024
- ↑ Investigation: Netanyahu's Government Not Only Permits Jewish Terror in the West Bank, but Also Finances It haaretz.com, 11 oktober 2024
- ↑ Pogromists Rule the West Bank haaretz, 3 april 2025
- ↑ Mapping the rise in Israeli settler attacks across the occupied West Bank. Al Jazeera, 14 okt 2025
- ↑ Israeli Soldiers Pick Olives From West Bank Orchard After Blocking Palestinians From Harvest haaretz, 1 november 2025
- ↑ IV. LEGAL STANDARDS. In: Suicide Bombing Attacks Against Israeli Civilians, Human Right Watch, okt 2002.
"The fact that a person lives in a settlement, whether legal or not, does not make him or her a legitimate military target. ... When individual settlers take an active part in hostilities, as opposed to acting in legitimate self-defense, they lose their civilian protection and become legitimate military targets during the period of their participation, just as Palestinian militants who take an active part in armed conflict become legitimate military targets during that period." - ↑ https://acleddata.com/report/civilians-or-soldiers-settler-violence-west-bank
- ↑ Outpost closings add fuel to fears. The National, 23 juli 2009. Gearchiveerd op 20 december 2016.
- ↑ Data Sheet May 2015: prosecution of Israeli civilians suspected of harming Palestinians in the West Bank. Yesh Din, 17 mei 2015. Gearchiveerd op 23 april 2023.
- ↑ Standing Idly By: IDF soldiers’ inaction in the face of offenses perpetrated by Israelis against Palestinians in the West Bank. Yesh Din, 21 jan 2015. Gearchiveerd op 19 april 2023.
- ↑ Israeli Settlers Raid Palestinian Village, Spark Clashes palestinechronicle.com, 11 juli 2017
- ↑ "Als je straffeloos kan aanvallen, mag je alles": hoe kolonisten en Palestijnen strijden om land op bezette Westelijke Jordaanoever vrt.be, 3 juli 2025
- ↑ After Smotrich's announcement, more Palestinian lands are being plundered in the West Bank by Israel newarab.com, 9 december 2024
- ↑ New York Times d.d. 13 december 2001. Palestinian Assault on Bus Kills 10; Israeli Response Is Swift. niet doorg/web/20230423062545/https://www.nytimes.com/2001/12/13/international/middleeast/palestinian-assault-on-bus-kills-10-israeli.html Gearchiveerd op 23 april 2023.
- 1 2 Hamas Official: Israeli Settlers Are a Legitimate Military Target. Haaretz, 4 sep 2010. Gearchiveerd op 28 april 2022.
- ↑ HRW report: 2002. IV. Legal standards
- ↑ Products from illegal Israeli settlements must be labelled, EU’s highest court rules independant.co.uk, 12 november 2019. Gearchiveerd op 27 april 2023.
- ↑ Products from Israeli settlements must be labelled, EU court rules theguardian.com, 12 november 2019. Gearchiveerd op 17 juni 2023.
- ↑ EU akkoord met etiketten producten Israël nu.nl, 11 november 2015. Gearchiveerd op 23 april 2023.
- ↑ European legal experts call on EU to stop trading with settlements. Mondoweiss, 23 dec 2015.
"Individual EU Member states do not only have the right, but the legal obligation to respect the duty of non-recognition if the central authority for trade (the European Commission) does not comply.". Gearchiveerd op 23 april 2023. - ↑ The Consequence of the UN Resolution on Israeli Settlements for the EU: Stop Trade with Settlements. Tom Moerenhout, EJIL, 4 apr 2017. Gearchiveerd op 4 juni 2023.
- ↑ Besluit over het voorgestelde burgerinitiatief "Stopzetting van de handel met Israëlische nederzettingen in de bezette Palestijnse gebieden". EC, 30 apr 2019. via. Gearchiveerd op 24 april 2023.
- ↑
- ↑ EU rejects public call to ban Israeli settler products. Euobserver, 30 apr 2019. Gearchiveerd op 17 maart 2022.
- ↑ Zaak T‑789/19 – Tom Moerenhout e.a. tegen Europese Commissie. via
- ↑ EU Court Sides With European Citizens In Settlement Trade Case. ECCP, 13 mei 2021. Persbericht
, 12 mei 2021. Gearchiveerd op 3 juni 2023. - ↑ Guiding Principles on Business and Human Rights: Implications for Companies. Gearchiveerd op 18 mei 2023.
- ↑ Analysis: Understanding the UN Resolution on Israeli Settlements: What Are the Immediate Ramifications? Haaretz, 24 december 2016. Gearchiveerd op 9 april 2022.
- ↑ Ripe for Abuse, Palestinian Child Labor in Israeli Agricultural Settlements in the West Bank hrw.org 13 april 2015. Gearchiveerd op 6 augustus 2023.
- ↑ Making a killing briarpatchmagazine.com 29 oktober 2018
- ↑ VN-rapport onderzoekscommissie
, 14 aug 2025 (doc.nr. A/80/337). Speciaal rapport over land en wonen in de Bezette Palestijnse gebieden en Israël. Zie para. 12. - ↑ (he) bevolking. ICBS, 2004 (gearchiveerd)
- ↑ Mapping the 21 illegal settlements Israel had in Gaza 20 years ago. Al Jazeera, 16 sep 2025
- ↑ kaartje al-Mawasi-Gush Katif, 2003
- ↑ Al-Mawasi, Gaza Strip: Impossible Life in an Isolated Enclave.
(2 MB) B'Tselem, maart 2003; Samenvatting - ↑ At-a-glance: Gaza pullout . BBC, 21 aug 2005 (onveilige verbinding)
- ↑ Settlements in the Gaza Strip. FMEP, 2005 (gearchiveerd mei 2006)
- ↑ Jean-Pierre Filiu, Gaza: A History, p. 196 Oxford University Press, aug 2014
- ↑ Prime MInister visits Rafah area settlements, 18 nov 1976 Diplomatiek telegram van de Amerikaanse ambassade in Tel Aviv, WikiLeaks
- ↑ Settlers' painful memories of withdrawal. BBC, 19 apr 2004
- ↑ Settlements List. Lijst van nederzettingen van Peace Now