Schotse vrijmetselarij in België

Draagjuweel 18e graad Aloude en Aangenomen Schotse Ritus

De Aloude en Aangenomen Schotse Ritus is in België veruit de meest toegepaste ritus binnen de vrijmetselarij, zowel in de basisgraden van leerling, gezel en meester als in de hogere graden.

De Aloude en Aangenomen Schotse ritus kent drieëndertig graden van inwijding en bevat elementen uit uiteenlopende stromingen als de antieke wijsbegeerte, de gnostiek, het hermetisme, de kabbala en de alchemie. Zij is in Frankrijk ontstaan en via de Verenigde Staten in 1804 teruggekeerd in Europa. De ritus wordt wereldwijd toegepast door een veelheid aan obediënties en is zeer populair in de Verenigde Staten en in Europa.

Zie Aloude en Aangenomen Schotse Ritus voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

In België wordt een loge binnen een obediëntie die in de hogere graden van de Aloude en Aangenomen Schotse Ritus werkt ook wel een korps genoemd en de obediëntie zelf jurisdictie.

Geschiedenis

De Aloude en Aangenomen Schotse Ritus werd in de Zuidelijke Nederlanden gedurende de Franse tijd geïntroduceerd door enkele vrijmetselaarsloges, zoals Les Vrais Amis de l'Union te Brussel op 10 juni 1783, Les Amis Philanthropes te Brussel in 1800 en L'Espérance te Brussel in 1805. Er bestond geen eenheid in de toepassing van de ritus, evenmin was er een hiërarchisch gezag. Meerdere symbolische loges beschouwden zichzelf dan ook als 'moederloge' met betrekking tot de A.A.S.R. die in haar schoot werd beoefend, en beschouwden zich als soeverein. Dergelijke loges werkten in de drie symbolische graden en met de dertig hogere graden.

Oprichting van de Opperraad

Na de Franse tijd ontstond het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden, waarbij de zoon van stadhouder Willem V geïnstalleerd werd als koning Willem I. De tweede zoon van Willem I, prins Frederik, werd in 1816 grootmeester van de symbolieke loges van de Nederlandse Orde van Vrijmetselaren en zou deze functie gedurende 65 jaar blijven vervullen.

Op 16 maart 1817 werd door de Opperraad van Frankrijk onder leiding van Jean-Jacques-Régis de Cambacérès (1753-1824), 1e hertog van Cambacérès, te Brussel een Opperraad van de Aloude en Aangenomen Schotse Ritus voor het Verenigd Koninkrijk geconstitueerd, de Suprême Conseil pour le Royaume des Pays Bas. De Cambacérès was een Franse politicus die na het einde van het Eerste Franse Keizerrijk naar de Nederlanden was gevlucht.

Aan het hoofd van deze Opperraad werd initieel een Luitenant Grootcommandeur geplaatst, de functie van Soeverein Grootcommandeur - de hoogste functie binnen en voorzitter van de Opperraad - bleef lange tijd vacant omdat deze was gereserveerd voor prins Frederik. Deze weigerde echter de functie te aanvaarden, de prins was van mening dat de symbolieke graden het zwaartepunt moesten vormen van de vrijmetselarij waardoor hij kritisch stond ten opzichte van vervolgpaden. De eerste Luitenant-Grootcommandeur was Jean-Pascal Rouyer (1761-1819), een Franse marine-officier en politicus die eveneens naar de Nederlanden was gevlucht. Hetzelfde gold voor zijn opvolgers Joseph Augustin Crassous (1745-1829) en Dominique-Vincent Ramel-Nogaret (1760-1829).

Op 1 april 1817 werd een tweede Opperraad opgericht met Frans patent, de Suprême Counseil du 33me Degré pour les Pays-Bas onder leiding van generaal Nicolas Joseph Daine (1782-1843), die onder impuls van Auguste de Grasse graaf Tilly vanuit loge L'Espérance te Brussel. Al snel werden echter besprekingen gevoerd tussen beide Opperraden en op 6 december 1817 werd een fusieverdrag ondertekend, waarbij de naam van de eerste Opperraad gehandhaafd bleef.

De negentiende eeuw

Na de Belgische Revolutie in 1830 en de afscheiding van de Zuidelijke Nederlanden werd de naam van de Opperraad in 1833 gewijzigd in Opperraad van de Aloude en Aangenomen Schotse Ritus van België (Frans: Suprême Counseil du Rite Ecossais Ancien et Accepté de Belgique).

In 1833 werd het Grootoosten van België (G.O.B). opgericht, en door de United Grand Lodge of England als reguliere obediëntie erkend. Zowel de Opperraad als het G.O.B. werkten in de symbolische en in de hogere graden van de Aloude en Aangenomen Schotse Ritus. In 1880 werd echter een historisch vriendschapsverdrag gesloten, waarna het Grootoosten uitsluitend en exclusief werkte in de drie symbolische basisgraden en de Opperraad in de dertig hogere graden van de ritus. Alle leden van de Opperraad waren daarna ook lid van het Grootoosten.

In 1835 sloot de Opperraad van België een Traité d'union, d'alliance et de confédération met de Opperraden van Frankrijk (1804), de Amerikaanse Antilliaanse eilanden (1802) en Brazilië (1829)

In 1872 besloot het Grootoosten van België elke verplichte verwijzing naar de Opperbouwmeester van het Heelal uit haar statuten te schrappen. Vrij snel hierna werd de erkenning van het G.O.B. als reguliere obediëntie door de United Grand Lodge of England ingetrokken. Dit laatste gold ook voor de Opperraad, die zijn leden recruteerde bij het G.O.B.

De twintigste eeuw

Herinneringsmedaille bijeenkomst Opperraden 1907, met afbeelding Soeverein Grootcommandeur graaf Goblet d'Alviella

In 1907 was de Opperraad van België gastheer voor een internationale conferentie van Opperraden die plaatsvond te Brussel, waaraan 21 van de 25 op dat moment bestaande Opperraden deelnamen.

De Opperraad stelde zich met betrekking tot de problematiek van de Opperbouwmeester van het Heelal en de aanvaarding van een deïstische God en een bezielde mens altijd minder radicaal dan het Grootoosten van België en trachtte een verzoenende rol te spelen. Tot 1959 onderhield de Opperraad dan ook officiële vriendschapsrelaties met nagenoeg alle Opperraden in andere landen

Op 22 februari 1911 werd - met de steun van leden van loge Les Amis Philantrophes (nº 1) van het Grootoosten van België - te Brussel, de eerste loge van de Ordre Maçonnique Mixte International Le Droit Humain in België opgericht met als naam L'Egalité. De Internationale Orde der Gemengde Vrijmetselarij Le Droit Humain is een een internationale gemengde obediëntie die vrijwel uitsluitend in de Algemene en Aangenomen Schotse Ritus werkt, zowel in de basisgraden als de hogere graden. In 1928 werd officieel de Belgische federatie van Le Droit Humain opgericht onder het gezag van Internationale Orde.

Soeverein College van de Schotse Ritus voor België

Op 4 december 1959 splitsten enkele loges onder het Grootoosten van België zich af en vormden de Grootloge van België (G.L.B.) in een poging om als regulier te worden erkend op internationaal vlak. Dit geschiedde in 1965 toen de United Grand Lodge of England de Grootloge erkende. Deze erkenning werd in 1979 terug ingetrokken.

Verschillende kapittels waren het echter niet eens met deze koers van de Opperraad voor België en splitsten zich af, zoals de kapittels Parfait Union te Bergen, Les Vaillants Chevaliers de l'Age d'Or te Antwerpen en L'Intérieur de Temple te Namen. Andere kapittels splitsten in twee groepen waardoor nieuwe onafhankelijke kapittels ontstonden waaronder Hou ende Trou te Antwerpen en L'Avenir et l'Industrie te Charleroi, naast de reeds bestaande kapittels.

Toen Georges Beernaerts op 26 juni 1960 grootmeester werd van het Grootoosten van België hield hij een opmerkelijke rede. Als gevolg hiervan werd een impuls gegeven tot de oprichting van een nieuwe jurisdictie welke zou werken in de Aloude en Aangenomen Schotse Ritus. Een werkgroep werd op 1 september 1960 in het leven geroepen die een aantal werksessies hield en haar werkzaamheden beëindigde op 25 april 1961. Een voorlopige organisatie zag het levenslicht onder de naam Alliance des Chapitres Souverains de Belgique.

Op 9 december 1962 werd het Soeverein College van de Gerenoveerde Schotse Ritus voor België opgericht door de overblijvende 'irregulieren' opgericht, als afsplitsing van de Opperraad. De plechtige installatie vond plaats op 24 februari 1963 in aanwezigheid van vertegenwoordigers van het G.O.B. en verschillende buitenlandse obediënties. De tot dan toe gebruikte Aloude en Aangenomen Schotse Ritus werd bij deze gelegenheid eveneens aangepast, zij werd ontdaan van christelijke symboliek en kreeg de naam Schotse Ritus van 1962 of Gerenoveerde Schotse Ritus.

Vanaf 11 december 1974 kreeg de jurisdictie haar definitieve naam, het Soeverein College van de Schotse Ritus voor België (Souverain Collège du Rite Écossais pour la Belgique). Zij werft haar leden exclusief onder het Grootoosten van België.

Verdere ontwikkeling

Binnen de Opperraad bleef er echter onenigheid bestaan zijn over de gevoerde politiek die leidde tot een tweedeling binnen de Belgische vrijmetselarij. In 1966 ontstond er een splitsing binnen het kapittel Les Amis Philanthropes Bruxelles onder de Opperraad van België. De werking van het kapittel werd stilgelegd en de leden vormden twee nieuwe kapittels. Het kapittel La Tradition des Amis Philanthropes(TRADAM) te Brussel weigerde de leden van de Opperraad nog langer als rechtsgeldig te erkennen en bestempelde hun besluiten als onregelmatig en niet bindend. Voor hen waren concepten als deOpperbouwmeester van het Heelal louter symbolen zonder geloofsplicht of dogmatische inhoud.

Het voorbeeld van La Tradition des Amis Philanthropes werkte aanstekelijk op andere werkplaatsen en werd nagevolgd, bijvoorbeeld door de kapittels L'Espérance te Brussel en Charles Magnette te Luik. Toen de symbolische loge Les Amis Philanthropes nº 2 te Brussel onder het Grootoosten van België op 3 januari 1967 stelde dat de leden van de Opperraad van België hun ambt niet legitiem uitoefenden en dit kwalificeerde als machtsmisbruik, was dit het startschot voor een volgend schisma. Deze symbolische loge wierp zich op als 'moederloge van de A.A.S.R. voor België' en verklaarde dat de leden van de Opperraad zichzelf buiten de organisatie hadden gesteld. Hierdoor was de personele bezetting van de Opperraad feitelijk vacant per 10 juni 1965.

Zeven Algemeen Groot-Inspecteurs stelden op 28 april 1969 een noodbestuur in om in deze vacatures te voorzien. Op 6 december 1969 werden in dit noodbestuur een aantal eerder genomen decreten opnieuw in stemming gebracht. Het decreet van 1 juni 1960 waarin een exclusieve samenwerking met de Grootloge van België werd vastgelegd werd ongeldig verklaard. Tevens werden alle andere decreten genomen tussen 10 juni 1960 en 6 december 1969 ongeldig verklaard. Hierdoor kon de Opperraad opnieuw zowel onder vrijmetselaars uit het G.O.B. als de G.L.B. rekruteren.

Ondertussen bleef het eerdere hoofdbestuur van de Opperraad zich verzetten tegen de acties ondernomen door bovenvermelde kapittels. Als gevolg hiervan ontstonden er twee fracties die beiden het recht opeisten om één en dezelfde organisatie te vertegenwoordigen en te besturen. Dit vertaalde zich in 1970 in de bijzondere situatie van twee afzonderlijke organisaties die beide hetzelfde nastreefden en de naam droegen van Opperraad van de Aloude en Aangenomen Schotse Ritus van België.

In 1979 werd de erkenning als reguliere obediëntie van de Grootloge van België terug ingetrokken door de United Grand Lodge of England. Een aantal loges splitsten zich af en hieruit ontstond de Reguliere Grootloge van België (R.G.L.B.). Het vriendschapsverdrag van de Opperraad met de G.L.B. werd opgezegd en een nieuw gelijkaardig verdrag werd afgesloten tussen de oorspronkelijke Opperraad en de R.G.L.B. De jurisdictie wijzigde haar naam in Opperraad voor België van de Aloude en Aangenomen Schotse Ritus, ter onderscheid van de 'andere' Opperraad van de Aloude en Aangenomen Schotse Ritus van België

Opnieuw werd deze nieuwe marsrichting niet door alle leden gedragen en vond er een afsplitsing plaats van de Opperraad voor België. De Grote Opperraad van de Aloude en Aangenomen Schotse Ritus voor België (Frans: Grand et Suprême Counseil du Rite Ecossais Ancien et Accepté pour la Belgique) werd gesticht door leden van de Grootloge van België, waaronder zij exclusief rekruteerde.

Tijdlijn ontwikkeling Aloude en Aangenomen Schotse Ritus in België

In 1976 vond er een inhoudelijke evolutie plaats binnen de Opperraad van de Aloude en Aangenomen Schotse Ritus van België en in 1979 kwam het tot een vriendschapsverdrag met het Soeverein College van de Schotse Ritus voor België.

In 1988 werd de Opperraad van de Vrouwengrootloge van België (Frans: Suprême Conseil du Grande Loge Féminine de Belgique) opgericht, die exclusief rekruteert onder leden van de Vrouwengrootloge van België (V.G.L.B.). Deze Opperraad ontving zijn patent van de Suprême Conseil Féminin de France, die samenwerkt met de Grande Loge Féminine de France (G.L.F.F.).

In 2002 besloten de Opperraad van de Aloude en Aangenomen Schotse Ritus van België en de Grote Opperraad van de Aloude en Aangenomen Schotse Ritus voor België tot een fusie van beide jurisdicties onder de naam Belgische Opperraad van de Aloude en Aangenomen Schotse Ritus (Frans: Suprême Counseil Belge du Rite Ecossais Ancien et Accepté). Zij rekruteren exclusief onder de leden van het G.O.B. en de G.L.B.

Toepassing

Anno 2025 werken de volgende jurisdicties in België in de hogere graden van de Aloude en Aangenomen Schotse Ritus:

  • Opperraad van de Aloude en Aangenomen Schotse Ritus voor België - exclusief voor de reguliere vrijmetselarij (R.G.L.B. en G.L.S.)
  • Belgische federatie Le Droit Humain
  • Soeverein College van de Schotse Ritus voor België - exclusief voor het G.O.B.
  • Opperraad Vrouwengrootloge van België - exclusief voor de V.G.L.B.
  • Belgische Opperraad van de Aloude en Aangenomen Schotse Ritus - exclusief voor het G.O.B. en de G.L.B. (2002)

Vrijwel alle obediënties in België die de basisgraden van leerling, gezel en meester verlenen staan hun loges toe dit ook met de eerste drie graden van de Aloude en Aangenomen Schotse ritus te doen.

Zie ook

Appendix