Joulupukki

.png)
Joulupukki (Fins) of julbocken (Zweeds) is de naam van de Kerstman in Finland. De naam betekent letterlijk kerstgeit of kerstbok en verwijst waarschijnlijk naar een oud Fins en Scandinavisch gebruik, waarin men zich in geitenvellen verkleedde om na Kerstmis van huis tot huis te gaan om voedselresten te verzamelen. In Finland werden de als geit verkleede mannen nuuttipukki genoemd; boze geesten die tijdens Sint-Knoetsdag (nuutinpäivä) van deur tot deur gingen om geschenken en restjes van het joelfeest te eisen.
Tegenwoordige tijd
De Zweedse Kerstman heette oorspronkelijk ook julbocken, maar wordt tegenwoordig jultomten ("Kerstkabouter") genoemd. Jul of Yule verwijst naar het joelfeest dat rond de zonnewende tijdens midwinter plaatsvond.
Vandaag de dag lijkt joulupukki erg op de Amerikaanse versie van de Kerstman. Toch zijn er enkele verschillen: joulupukki's werkplaats bevindt zich niet op de Noordpool of in Groenland, maar op de berg Korvatunturi in Fins Lapland. Ook kruipt joulupukki niet door de schoorsteen maar klopt hij op kerstavond op de voordeur, waarbij hij vraagt: "Zijn er hier brave kinderen?"
Hij draagt meestal warme rode kleren, gebruikt een wandelstok en verplaatst zich in een slee die door rendieren wordt getrokken. Joulupukki heeft een vrouw, joulumuori ("Kerstvrouwtje", "Kerst-omaatje"), waarover echter weinig bekend is.
Afbeeldingen

De julbocken als kerstversiering
Julbock in een museum, 18e eeuw
Masker en pak van een Julbocken, openluchtmuseum Skansen
Joulupukki komt aan per vliegtuig, 2 december 1936
Zie ook
- Wilde Jacht
- Kerstgebruiken wereldwijd
- Ook tijdens het Chlausjagen, Koleduvane, Klausjagen, Kukeri, Sunderum, Sint-Knoetsdag, Klozum, Klaasohm, Ouwe Sunderklaas, Sinterklaaslopen, Sunneklaas, Chlauschlöpfen, Opkleden, Koleduvane en Kolyada trekken groepen mensen langs de huizen. Er wordt vaak veel lawaai gemaakt en woordspellen spelen soms een rol, in sommige gevallen jagen ze de mensen angst aan. In het Verenigd Koninkrijk kent men Mari Lwyd. Bewoners die de bezoekers niet verwelkomden en beloonden, zouden een "llond y tŷ o fwg" (een huis vol rook) krijgen, wat een jaar van pech betekent. Daarnaast is er Hoodening dat in Christmas Throughout Christendom in Harper's Magazine van 1873 als volgt omschreven: "De "hooden", die een kruising lijkt te zijn tussen het "witte paard" en de Duitse Klapperbock, wordt begeleid door een aantal jongeren in fantastische kostuums, die van deur tot deur gaan om met bellen te rinkelen en kerstliederen te zingen."). Vergelijkbaar is de Old Tup-, Old Horse- en Broad-viering. In Ierland kent men Láir Bhán.