De ziener (stripalbum)
| De ziener | ||||
|---|---|---|---|---|
![]() | ||||
| Originele titel | Le Devin | |||
| Stripreeks | Asterix | |||
| Volgnummer | 19 | |||
| Scenario | René Goscinny | |||
| Tekeningen | Albert Uderzo | |||
| Land | Frankrijk | |||
| Pagina's | 48 | |||
| Eerste druk | 1972 | |||
| Uitgever | Hachette | |||
| ISBN | 9782012101036 | |||
| Vorige | De lauwerkrans van Caesar | |||
| Volgende | Asterix op Corsica | |||
| Lijst van albums van Asterix | ||||
| ||||
De ziener is het negentiende stripalbum in de Asterix-stripreeks van René Goscinny en Albert Uderzo.
Verhaal
Een zwaar onweer drijft alle Galliërs bijeen in de hut van Heroïx, behalve Panoramix die naar een druïdebijeenkomst is. Dan verschijnt er onbekende man in de deuropening, die zichzelf voorstelt als de ziener Xynix (Frans: Prolix) en zegt dat hij een verdwaalde reiziger is. Hij wordt op een kom geitenmelk vergast. Vervolgens wordt iedereen door bijgelovigheid bevangen; Xynix laat hen denken dat hij de toekomst in de darmen van een vis leest. Asterix heeft intussen als enige door dat Xynix een bedrieger is.
Vooral Bellefleur is overtuigd van de gave van de ziener en overtuigt hem om op een plek in het bos in de buurt van het dorp te blijven, zodat de dorpelingen hem om advies kunnen vragen (en hij zichzelf intussen kan verrijken met eten, drinken en uiteindelijk geld). Tegen Asterix probeert iedereen de lippen stijf te houden en ook Obelix wordt in het ongewisse gelaten, uit angst dat de ziener door beiden wordt verjaagd. De ziener heeft zelfs gedreigd Idéfix te zullen doden, om de toekomst te bekijken in diens ingewanden.
Als Asterix en Obelix iedereen om de haverklap met goederen naar het bos zien trekken, raakt Obelix het beu en trekt het bos in. Hij vindt de ziener terug, maar Xynix weet hem (vanuit een positie in een boom) eveneens te paaien door te vertellen over een knappe roodharige vrouw (die Obelix bij zijn terugkeer met de vrouw van Nestorix associeert). Asterix besluit uiteindelijk zelf te gaan kijken. Hij treft de plek waar Xynix audiëntie hield verlaten aan. Op dat moment is ook Bellefleur ter plekke en ze rent in paniek terug naar het dorp, verkondigend dat Asterix de ziener heeft verjaagd en dat er nu rampspoed over het dorp zal komen.
Enkele mijlen verderop, in het Romeinse garnizoen Petibonum, wordt Xynix voor de kampcommandant geleid. Hij probeert eerst zich als "eenvoudig ziener" met mooie visioenen vrij te kopen. Caesar heeft echter bevolen alle zieners op te pakken voor slavenarbeid (en zichzelf veilig te stellen van kwade auguren), waarop Xynix paniekerig toegeeft dat hij in werkelijkheid inderdaad een bedrieger is. Dan laat hij zich ook ontvallen de Galliërs met zijn voorspellingen in de zak te hebben. De centurio is ineens weer volop in Xynix geïnteresseerd, en stuurt hem weer naar het dorp.
Xynix verklaart bij de Galliërs met veel drama en gespeeld misnoegde dat het dorp vervloekt is en 'stinkende dampen uit de diepten' hen zullen verjagen. Bijna alle dorpelingen behalve Asterix en Obelix worden door paniek bevangen. Heroïx geeft opdracht het dorp te evacueren naar een eiland even uit de kust (tot ongenoegen van Bellefleur, die liever naar Homeopatix was getrokken in Lutetia). Asterix, Obelix en Idéfix verschuilen zich in het bos, terwijl de centurio, gevolgd door de optio en het garnizoen zelf, het dorp bezet. De centurio laat een koerier naar Rome zenden om Julius Caesar te melden dat 'héél Gallië' nu dan toch eindelijk bezet is.
Panoramix, die net op dat moment als overwinnaar terugkeert van de bijeenkomst in het gebied van de Carnutes, wordt in snel tempo op de hoogte gebracht. Samen besluiten ze zowel de bijgelovige stamgenoten als de Romeinen terug te pakken. Panoramix maakt een stinkend brouwsel waarmee Xynix' voorspelling werkelijkheid wordt. Kakofonix, die even terug was gekeerd om zijn citer te gaan halen, vertelt de dorpelingen wat hij rook en iedereen denkt hetzelfde als de centurio: Xynix moet een echte ziener zijn. De Romeinen evacueren op hun beurt in stilte het dorp, waarna de centurio de ziener honderduit begint te manipuleren om zijn toekomst te helpen bepalen en Caesar uiteindelijk van de troon te stoten. Ondertussen hebben de Galliërs kennisgenomen van de ware toedracht in het dorp en keren naar het dorp terug. Maar lang niet iedereen is overtuigd dat Xynix een bedrieger is: vooral de vrouwen, aan wie alleen maar voorspoed en rijkdom werd voorspeld, blijven sceptisch. Asterix besluit hen te ontnuchteren door de vrouwen voorop te laten en het Romeinse kamp te overvallen.
Xynix is zichtbaar verbaasd de Galliërs voor hem te zien staan, waarna hij door Bellefleur met een deegroller wordt geslagen. De vrouwen, bijgestaan door de mannen, vegen het garnizoen op een hoopje. Tevreden keren de vrouwen en hun mannen hierna terug naar het dorp. Heroïx jaagt een gezant van Julius Caesar weg, die was gekomen om vast te stellen dat eindelijk heel Gallië bezet is. In het verwoeste kamp en degradeert deze afgevaardigde de centurio prompt tot legionair. Xynix word verjaagd, terwijl de voormalige centurio bevolen wordt het kamp schoon te vegen. Beseffend hoeveel geluk hij ondanks alles heeft, zweert de ziener zich van bedriegerijen te onthouden 'op straffe van de goden', waarop hij wederom door een stortbui overvallen wordt, als om zijn woorden te logenstraffen.
Personages
- Xynix
- De ziener. Zijn naam betekent letterlijk "'k zie niks". Frans: Prolix.
- Centurio Motus
- De kampcommandant die zich laat beïnvloeden door Xynix en zijn strepen verliest. Frans: Caius Faipalgugus.
- De optio
- De adjudant van de centurio, die Xynix steevast in de boeien wil slaan en niet snapt waarom de centurio hem lijkt te geloven en op het einde hem toch laat gaan.
- Claudius Blocus
- Afgevaardigde van Rome, die er door de dorpelingen wordt uitgegooid en die vervolgens de centurio degradeert.
Achtergrond
- Een deel van de plot werd later tot de animatiefilm Asterix en de knallende ketel verfilmd, een film die ook elementen uit De strijd van de stamhoofden ontleent.
- De centurio kwam ook voor in de tekenfilm Asterix en de knallende ketel. De Romeinse generaal Motus in de tekenfilm Asterix en de Britten droeg hetzelfde uiterlijk. Zijn bijnaam hierin was "beitelneus".
- In het verhaal worden diverse zieners voorgesteld en hoe zij de toekomst denken te kunnen lezen (zoals in de vlucht van zwaluwen, ganzenlevers of in geurende rook). Er worden ook enigszins profetische invalshoeken aan het lijstje toegevoegd die volgens de auteur 'naar het rijk der fabelen' verwezen mogen worden en over moderne architectuur gaan. Dat deze eigenlijk allemaal kwakzalvers zijn met overtuigende acteerkunsten wordt aangegeven door de ziener die Caesar raadpleegt en stelt dat 'zolang Brutus aan zijn zijde is hij niets te vrezen heeft'.
- In deze uitleg voorspelt één ziener een groot landhuis. Dit is het huis van tekenaar Uderzo zelf.[1]
- Xynix zegt dat hij zijn 'leesvoer' bij de visboeren haaltn, een allusie dat hij in de ingewanden van dieren kan lezen én dat men in latere tijd placht vis in krantenpapier te wikkelen bij verkoop.
- Het veelgodendom wordt bij het verhaal betrokken als de dorpelingen in het begin diverse goden aanhalen uit de eigen religie. Toutatis, Belenos, Borvo, Epona en nog diverse anderen passeren aldus de revue. De goden worden genummerd, Sequana, de godin van de Seine, heeft nummer 75, wat tot 1968 het nummer van het departement Seine was.
- In het album wordt allusie gemaakt op de gevoelens tussen Obelix en de vrouw van Nestorix, al blijven die vooral beperkt tot dagdromen voor Obelix. In Obelix & Co. speelt de vrouw er wel ietwat op in om zelf geld te verdienen en enkele rollen kledingstof af te bietsen die Obelix in het verhaal onder ieders neus vandaan koopt.
- Het is de tweede keer dat Panoramix als winnaar van de druïdewedstrijd terugkeert. De vorige keer was dat in Asterix en de Goten en won hij een gouden menhir (klein handformaat). In dit verhaal is het een massief gouden ketel.
- Wanneer de dorpelingen het effect van de stinkende drank van Panoramix zullen ondergaan, plaatst iedereen zich als ware het voor een groepsfotograaf. Iedereen behalve Heroïx (die staand op zijn schild boven de wolk uitkijkt) wordt door de wolk van stank bevangen, die vraagt wat er gebeurd is. Een van zijn dragers vindt dat Heroïx 'zich maar eens vaker over hun problemen diende te buigen'.
- Kostunrix is ook onaangedaan door de stank, maar Hoefnix vermoedt dat de vis die hij gevangen heeft enkele plaatjes terug met diens eigen geur hem immuun voor de stank heeft gemaakt, wat de smid prompt op een mep met de vis komt te staan en het dorp in een gevecht weer de oude wordt.
- Dit is een van de weinige albums waarin een Romeinse onderofficier als optio aangeduid wordt, hoewel dit toch een vrij cruciale rang was in het Romeinse leger. De meeste onderofficieren in de stripreeks worden niet bij hun rang genoemd of worden als decurio omschreven, terwijl de laatste rang eigenlijk die van een cavaleriecommandant was.
- De scène waarin Xynix de vis ontleedt is een parodie op De anatomische les van Dr. Nicolaes Tulp van Rembrandt.
Uitgave
| Albumuitgaven | ||||
|---|---|---|---|---|
| Stripreeks of collectie | Nummer | Eerste druk | Voorganger | Opvolger |
| Asterix | 19 | 1972 | De lauwerkrans van Caesar | Asterix op Corsica |
- Dit artikel of een eerdere versie ervan is een (gedeeltelijke) vertaling van het artikel Asterix and the Soothsayer op de Engelstalige Wikipedia, dat onder de licentie Creative Commons Naamsvermelding/Gelijk delen valt. Zie de bewerkingsgeschiedenis aldaar.
- ↑ Olivier André, De Wereld van Asterix de Galliër (Parijs, Les Éditions Albert René, 2000)
