Charophyta
| Charophyta | ||||
|---|---|---|---|---|
![]() | ||||
| Breekbaar kransblad (Chara fragilis) | ||||
| Taxonomische indeling | ||||
| ||||
| Divisie | ||||
| Charophyta Migula (1889)[1] | ||||
| Afbeeldingen op | ||||
| Charophyta op | ||||
| ||||
De Charophyta, ook wel charofyten, vormen een parafyletische groep van voornamelijk in zoetwater levende groene algen. De groep wordt soms als een fylum (divisie) beschouwd.[2][3] Tot de Charophyta behoren een aantal algengroepen die evolutionair gezien het dichtst bij de landplanten (Embryophyta) staan.[4] Onder andere Mesostigma, Chlorokybus, Klebsormidium en de kranswieren (Characeae) worden tot de typische charofyten gerekend. Deze algen delen verschillende kenmerken met landplanten, zoals de structuur van hun chloroplasten, voortplantingswijze en aspecten van hun celdeling.[5]
In cladistische zin vormen de Charophyta geen monofyletische groep, aangezien de landplanten evolutionair binnen deze assemblage zijn ontstaan, maar traditioneel niet tot de charofyten werden gerekend. Sindsdien wordt de naam Charophyta op twee manieren gebruikt: in enge zin verwijst het uitsluitend naar de orde Charales, in brede zin naar alle algengroepen die dichter bij de landplanten staan dan de overige groenwieren. Om verwarring te voorkomen gebruiken moderne fylogenieën meestal de naam Streptophyta voor de volledige monofyletische groep waarin zowel deze algen als alle landplanten samen vallen.[2][6]
Naam
De naam Charophyta is gevormd naar het door Linnaeus benoemde geslacht Chara, een herkenbare groep macroscopische zoetwateralgen die al sinds de 18e en 19e eeuw uitgebreid werden beschreven.
Het gebruik van de naam "charofyt" en "Charophyta" is vooral gangbaar in de traditionele algentaxonomie en in ecologische literatuur, bijvoorbeeld in zoetwateronderzoek.[7] De term is daarnaast min of meer ingeburgerd in de vegetatiekunde en paleobotanie (voor fossiele charofyten). In moderne fylogenetische literatuur wordt bij voorkeur Streptophyta of streptofyt-algen gebruikt.[6][8]
Beschrijving

Charofyten zijn fotosynthetische eukaryoten met een redelijk karakteristieke chloroplaststructuur. De chloroplasten bevatten vaak pyrenoïden en kunnen in complexe vormen georganiseerd zijn (zoals bij Spirogyra). De celwandcomponenten lijken sterk op die van landplanten en bestaan uit cellulose, hemicellulose en pectines.[4] Charofyten hebben een volledig ontwikkeld endomembraansysteem met gespecialiseerde secretiestructuren. De celdeling verloopt bij de hogere charofyten via de vorming van een fragmoplast, een cytoskeletonderdeel die de celwand tussen twee nieuwe dochtercellen aanlegt. Veel van deze eigenschappen worden beschouwd als evolutionaire innovaties die de overgang naar het land mogelijk hebben gemaakt.[4]
Classificatie
De Charophyta zijn een reeks groene algen die evolutionair gezien naast de Chlorophyta (klassieke groenwieren) staan. De volgende klassen worden tot de Charophyta gerekend: Mesostigmatophyceae, Chlorokybophyceae, Klebsormidiophyceae, Zygnematophyceae, Charophyceae en Coleochaetophyceae.[7]
Uit de charofyten zijn vroeg in de evolutie de eerste landplanten (embryofyten) voortgekomen, waarschijnlijk uit een voorouder die verwant was aan de Zygnematophyceae.[4] Charofyten en landplanten delen een aantal moleculaire kenmerken die niet bij Chlorophyta (groenwieren) voorkomen, bijvoorbeeld enzymen die betrokken zijn bij koolhydraatstofwisseling en oxidatieve stress. Bovendien maken veel klassen van charofyten gebruik van een fragmoplast tijdens de mitose.[9]
| Viridiplantae |
|
"Charofyten" | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Bronnen
- ↑ Guiry, M.D., AlgaeBase. Wiley Online Library. Geraadpleegd op 18 november 2025.
- 1 2 (en) Louise L, McCourt R. (2004). Green algae and the origin of land plants. American Journal of Botany 91 (10): 1535–56. PMID 21652308. DOI: 10.3732/ajb.91.10.1535.
- ↑ (en) Guiry, MD. (2024). How many species of algae are there? A reprise. Four kingdoms, 14 phyla, 63 classes and still growing. Journal of Phycology 60 (2): 214-228. DOI: 10.1111/jpy.13431.
- 1 2 3 4 (en) de Vries J, Archibald JM. (2018). Plant evolution: landmarks on the path to terrestrial life. The New Phytologist 217 (4): 1428–1434. PMID 29318635. DOI: 10.1111/nph.14975.
- ↑ (en) Domozych DS, Bagdan K. (2022). The cell biology of charophytes: Exploring the past and models for the future. Plant Physiology 190 (3): 1588–1608. PMID 35993883. DOI: 10.1093/plphys/kiac390.
- 1 2 (en) Gitzendanner M, Soltis P, Wong G, Ruhfel B, Soltis D. (2018). Plastid phylogenomic analysis of green plants: A billion years of evolutionary history. American Journal of Botany 105 (3): 291–301. DOI: 10.1002/ajb2.1048.
- 1 2 (en) Guiry, MD. (2024). How many species of algae are there? A reprise. Four kingdoms, 14 phyla, 63 classes and still growing. Journal of Phycology 60 (2): 214-228. DOI: 10.1111/jpy.13431.
- ↑ (en) Adl SM, Bass D, Lane CE, LukeŠ J, Schoch CL, Smirnov A, Agatha S. (2019). Revisions to the Classification, Nomenclature, and Diversity of Eukaryotes. Journal of Eukaryotic Microbiology 66 (1): 4-119. DOI: 10.1111/jeu.12691.
- ↑ (en) Leliaert D, Smith D. (2012). Phylogeny and molecular evolution of the green algae. Critical Reviews in Plant Sciences 31: 1–46. DOI: 10.1080/07352689.2011.615705.
