Centrale Bank van de Dominicaanse Republiek

Centrale Bank van de Dominicaanse Republiek
Banco Central de la República Dominicana (es)
Hoofdkantoor van de bank
Hoofdkantoor van de bank
Centrale bank van Dominicaanse Republiek
Hoofdkantoor Vlag van Dominicaanse Republiek Santo Domingo
Oprichting 9 oktober 1947
President Héctor Valdez Albizu
Valuta Dominicaanse peso
DOP (ISO 4217)
Reserves 13.470 miljoen dollar[1]
Doelrente 5,75% (januari 2025)[2]
Website www.bancentral.gov.do

De Centrale Bank van de Dominicaanse Republiek (Spaans: Banco Central de la República Dominicana) is de centrale bank van de Dominicaanse Republiek. Net als andere centrale banken is haar belangrijkste missie het nastreven van financiële stabiliteit in het land. De bank is niet verbonden aan het Ministerie van Financiën, maar is een autonome instelling.[3][4]

Geschiedenis

De Centrale Bank van de Dominicaanse Republiek werd op 9 oktober 1947 opgericht in opdracht van de toenmalige president Rafael Trujillo, conform organieke wet nr. 1.529, en trad op 23 oktober van datzelfde jaar in werking als gedecentraliseerde entiteit met volledige autonomie. De bank valt momenteel onder organieke wet nr. 6.142 van 29 december 1962 en de wijzigingen daarop.

De macro-economische situatie kreeg in 2003 een grote schok door de bankencrisis en de daaropvolgende reddingsoperatie door de BCRD, die alle deposito's van Baninter (een van de grote banken die failliet ging) garandeerde en liquiditeit verstrekte aan twee andere banken tegen de totale kosten voor de begroting die gelijk waren aan 21 procent van het bbp. De bankencrisis leidde tot een grote kapitaalvlucht, een scherpe depreciatie van de munt, hoge inflatie en aanzienlijke fiscale druk (verergerd door een aanhoudende elektriciteitscrisis), die samen grote macro-economische onevenwichtigheden en een omgeving van onzekerheid en waargenomen risico creëerden. In oktober 2003 verhoogde de BCRD de commissie op valutatransacties voor de aankoop van geïmporteerde goederen naar 10 procent en vervolgens naar 13 procent begin 2005.[5]

Lijst van gouverneurs

In de loop van haar bestaan heeft de bank 31 gouverneurs gehad. De laatste 10 staan hieronder vermeld.[6]

Rang Namm Mandaat
22 Hugo Guiliani Cury (1984 – 1986)
23 Luis Julián Pérez (1986 – 1987)
24 Roberto Saladín (1987 – 1989)
25 Guillermo Caram Herrera (1989 – 1990)
26 Luis F. Toral Córdoba (1990 – 1993)
27 Mario Read Vittini (1993 – 1994)
28 Héctor Valdez Albizu (1994 – 2000)
29 Francisco Guerrero Prats-Ramírez (2000 – 2003)
30 José Lois Malkún (2003 – 2004)
31 Héctor Valdez Albizu (Sinds 2004)