Bisdom Nantes


Het bisdom Nantes (Latijn: Dioecesis Nannetensis; Frans: Diocèse de Nantes; Bretons: Eskopti Naoned) is een bisdom van de Latijnse ritus van de Rooms-Katholieke Kerk in Nantes, Frankrijk. Het bisdom bestaat uit het departement Loire-Atlantique en bestaat al sinds de vierde eeuw. Het is een suffragaan van het aartsbisdom Rennes, Dol en Saint-Malo. De zetel van dit bisdom is de kathedraal van Nantes.
Geschiedenis
.jpg)
Volgens de overlevering was de eerste bisschop Clarus van Nantes, actief aan het einde van de derde eeuw. De broers Donatius en Rogatius zouden in de vierde eeuw de streek van Nantes hebben gekerstend en op hun martelaarsgraf zou bisschop Similianus van Nantes later in de vierde eeuw de eerste kathedraal hebben gebouwd. De kerstening kwam pas echt op dreef onder Hilarius en Martinus van Tours. In de vroege middeleeuwen waren de bisschoppen van Nantes de belangrijkste gezagdragers van de streek. Een belangrijk bisschop was Felix van Nantes (zesde eeuw), die een nieuwe kathedraal liet bouwen. In die tijd werd ook het platteland gekerstend door de vestiging van kloosters. In de loop van de achtste eeuw kreeg het bisdom vaste vorm, al duurde het tot 1050 voor de grenzen definitief getrokken waren. In de negende en tiende eeuw werd het bisdom geplaagd door de invallen van de Vikingen.
In de twaalfde eeuw werden nieuwe abdijen gesticht en werd het bisdom onderverdeeld in drie dekenaten (Nantes, Mée en Pays de Retz). In de veertiende eeuw stichtten ook de bedelorden van de franciscanen en dominicanen hun kloosters in het bisdom, en in de vijftiende eeuw kwamen door karmelieten, kapucijnen, clarissen en kartuizers bij. Er was regelmatig een machtsstrijd tussen de hertogen van Bretagne en de bisschoppen van Nantes, die ook wereldlijke macht bezaten.
In 1532, het jaar dat Bretagne officieel bij Frankrijk kwam, was het bisdom Nantes een van de grootste van de provincie. Het telde 242 parochies verdeeld over drie gebieden: Nantes, Guérande en het gebied ten zuiden van de Loire. Belangrijke adellijke families gingen over naar het calvinisme en er ontstonden belangrijke protestantse kernen in het bisdom. Het Edict van Nantes (1598) dat bepaalde vrijheden verleende aan de protestanten, werd in Nantes getekend. Na het Concilie van Trente, dat geleidelijk aan werd doorgevoerd in Nantes, steeg het aandeel katholieken weer in het bisdom. De zeventiende eeuw was een tijd van contrareformatie gesteund door kloosterorden als de jezuiëten, ursulinen, oratorianen, sulpicianen en karmelieten die voorzagen in godsdienstonderwijs.
Moderne tijd
De Franse Revolutie zorgde voor een belangrijke breuk. Kloosters werden gesloten en maar een kwart van de priesters was bereid de eed van trouw aan de Civiele grondwet van de clerus af te leggen. Wie dat niet deed riskeerde vervolging en verbanning. Er kwam een constitutionele bisschop, Julien Minée, die vervolgens verzaakte aan het priesterschap. De Opstand in de Vendée woedde ook in delen van het bisdom en de repressie van de republikeinen was zwaar. In Nantes werden opstandelingen verdrongen.
Ondanks de vervolging bleef een grote meerderheid van de bevolking katholiek. Op het platteland was bijna de hele bevolking kerkelijk, maar in de steden was dat niet meer het geval. Na het Concordaat van 1801 kreeg het bisdom nieuwe grenzen en werd opnieuw een bisschop benoemd. Er werden een seminarie en een kleinseminarie gesticht in Nantes en veel kloosters werden weer opgericht. De Kerk had moeite om de nieuwe arbeidersklasse in de steden te bereiken en kreeg aan het einde van de negentiende eeuw af te rekenen met het antiklerikalisme van de Franse overheid. Dit leidde tot de Wet op de scheiding van kerk en staat (1905). Pas de de Eerste Wereldoorlog normaliseerden de relaties tussen kerk en staat.
Na het einde van de Tweede Wereldoorlog beschikte het bisdom nog over een groot korps aan priesters en religieuzen. Maar door de secularisatie daalde het aantal roepingen sterk. Ook het kerkbezoek daalde snel.[1] Het priesterseminarie van Nantes was anno 2020 verantwoordelijk voor de priesteropleiding voor het eigen bisdom, maar ook voor de bisdommen Angers, Laval, Le Mans en Luçon en sinds 2000 ook voor de eilanden van de Indische Oceaan.[2] Door het priestertekort werd het aantal parochies teruggebracht van 293 in 2003 naar 71 in 2023.[3]
In 2002 werd het bisdom suffragaan aan het aartsbisdom Rennes, Dol en Saint-Malo nadat het eerder een suffragaan was van het aartsbisdom Tours.
Cijfers
Het bisdom Nantes heeft een oppervlakte van 6.880 km² en komt overeen met het departement Loire-Atlantique. In 2023 telde het bisdom 1.474.310 inwoners van wie 73,9% katholiek was. In dat dat jaar telde het bisdom 210 diocesane priesters en 73 permanente diakens.[3] Anno 2020 bezocht ongeveer 40% van de kinderen in Loire-Atlantique een katholieke school.[2]
Bisschoppen van Nantes
_(2).jpg)
Enkele bisschoppen van het oude bisdom Nantes:
- Gohardus van Nantes (9e eeuw)
- Jan van Lotharingen-Guise (1542-1550)
- Karel I van Bourbon (1550-1554)
- Philippe Cospeau (1621-1636)
- Charles-Eutrope de La Laurancie (1783-1791)
Lijst van bisschoppen na 1801:[3]
- Jean-Baptiste Duvoisin (1802-1813)
- Louis-Jules-François-Joseph d’Andigné de Mayneuf (1817-1822)
- Joseph-Michel-Jean-Baptiste-Paul-Augustin Micolon de Guérines (1822-1838)
- Jean-François de Hercé (1838-1848)
- Antoine-Matthias-Alexandre Jacquemet (1849-1869)
- Félix Fournier (1870-1877)
- Jules Lecoq (1877-1892)
- Auguste-Léopold Laroche (1893-1895)
- Pierre-Émile Rouard (1896-1914)
- Eugène-Louis-Marie Le Fer de la Motte (1914-1935)
- Jean-Joseph-Léonce Villepelet (1936-1966)
- Michel-Louis Vial (1966-1982)
- Émile Marcus, P.S.S. (1982-1996)
- Georges Soubrier, P.S.S. (1996-2009)
- Jean-Paul James (2009-2019)
- Laurent Percerou (2020- )
- ↑ (fr) Launay, Marcel, Histoire du diocèse de Nantes. Église catholique en Loire-Atlantique. Geraadpleegd op 6 november 2025.
- 1 2 (fr) Présentation du diocèse de Nantes. Église catholique en Loire-Atlantique. Geraadpleegd op 6 november 2025.
- 1 2 3 (en) Diocese of Nantes. catholic-hierarchy.org (2024). Geraadpleegd op 6 november 2025.