Valse akkerkers
| Valse akkerkers | ||||||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
![]() | ||||||||||||||||||
| Taxonomische indeling | ||||||||||||||||||
| ||||||||||||||||||
| Nothospecies | ||||||||||||||||||
| Rorippa ×armoracioides (Tausch) Fuss (1866) | ||||||||||||||||||
| Afbeeldingen op | ||||||||||||||||||
| ||||||||||||||||||
Valse akkerkers (Rorippa ×armoracioides) is een nothospecies uit de kruisbloemenfamilie (Brassicaceae). Ze omvat de hybriden tussen Oostenrijkse kers (Rorippa austriaca) en akkerkers (Rorippa sylvestris).
Determinatie
Valse akkerkers is een vaste, kruidachtige plant die een hoogte kan bereiken van 30–70 cm. Ze vormt een kruipende wortelstok. De stengel is sterk vertakt en bezet met kleine eencellige haren. De lancetvormige of elliptische bladeren zijn gelobd met een grote eindslip en twee tot drie keer zo lang als breed. De bladeren zijn aan beide zijden behaard. Valse akkerkers bloeit vanaf juni tot in september. De kelkbladeren zijn 2–3,5 mm lang. De helder gele kroonbladen zijn 3,5–4,5 mm lang. De bloemen hebben een 0,7–1,3 mm lange stijl. De langwerpige hauwtjes zijn 2,5–4 mm lang en 1,5–1,8 mm breed en zitten op 2,5–8,0 mm lange, niet teruggeslagen stelen. De snavels zijn 0,3–0,7 mm lang. De zaden zijn roodachtig bruin.
Valse akkerkers is morfologisch vrij variabel. Sommige populaties lijken meer op Oostenrijkse kers, andere meer op akkerkers.
Ecologie
Valse akkerkers komt voor in bermen op natte tot vochtige, omgewerkte grond.
Verspreiding
Het natuurlijke verspreidingsgebied van valse akkerkers strekt zich uit over Europa.
Fotogalerij
Herbariumexemplaar
Bloeiwijze
Blad
Externe links
- Valse akkerkers in het Nederlands Soortenregister
- Verspreiding in Nederland volgens NDFF Verspreidingsatlas
- Kaarten met waarnemingen:
.jpg)