Regalia (vrijmetselarij)

Met regalia worden in de vrijmetselarij de uiterlijke onderscheidingstekens bedoeld, waarmee een vrijmetselaar zich bekleedt bij een Open loge - een rituele bijeenkomst - en die veelal een graad of functie in de loge aangeven. In Vlaanderen spreekt men ook wel van decors.
Regalia in de vrijmetselarij zijn
- Schootsvel
- Witte handschoenen
- Cordon of sjerp
- Draaginsigne
Zowel het Cultureel Maçonniek Centrum 'Prins Frederik'[1] te Den Haag als het Belgisch Museum van de Vrijmetselarij te Brussel bezitten een grote collectie regalia.
Schootsvel
Het schootsvel of voorschoot is het meest kenmerkende onderscheidingsteken van de vrijmetselaar. Het is een verwijzing naar de operatieve vrijmetselaars, de steenhouwers die aan de basis liggen van de bouwsymboliek die een belangrijk onderdeel vormt van de vrijmetselarij.
Oorspronkelijk was het voorschoot een eenvoudig kalfs- of lamsvel, later kreeg het een vaste vorm en uitvoering. Het kreeg eerst een afgeronde, hart- of schildvormige vorm en uiteindelijk de rechthoekige vorm zoals nu algemeen gebruikelijk is.
Er zijn vele varianten:
- in de symbolieke of 'blauwe' loges die de basisgraden van leerling, gezel en meester verlenen is de basis wit en de omranding veelal blauw, maar deze kan ook in de onderscheidingskleur(en) van de loge zijn.
- de schootsvellen van een grootmeester en de andere bestuursleden van een obediëntie - een koepelorganisatie van vrijmetselaarsloges - zijn vaak rijk gedecoreerd en met goud gegalonneerd.
- in werkplaatsen van obediënties die de vervolgpaden beoefenen worden schootsvellen gedragen met kleuren of symbolen die belangrijk zijn in de ritus van het betreffende vervolgpad. Zo kent de Orde van de Royal Ark Mariners bijvoorbeeld schootsvellen met de kleuren van de regenboog, een verwijzing naar het bijbelverhaal van de ark van Noach waar de ritus van de orde op gebaseerd is.
- Schootsvellen
Historisch schootsvel Loge L'Union Royale, collectie CMC
Modern schootsvel, symbolieke Loge Willem Frederik Karel
Bestuurslid obediëntie (Engeland)
Witte handschoenen
Iedere nieuw aangenomen leerling vrijmetselaar ontvangt een paar witte handschoenen, die gedragen dienen te worden tijdens Open loges. De witte handschoenen zijn een zinnebeeld van de reinheid van handel en wandel waartoe de vrijmetselaar wordt opgeroepen[2].
Cordon of sjerp
Een cordon (in Vlaanderen vaak kraagband genoemd) is een breed lint dat rondom de hals over beide schouders ligt; de einden komen aan de voorzijden samen tot een naar beneden wijzende punt. Aan de punt wordt in de regel een juweel - ook wel bijou genaamd - gehangen.
In symbolieke loges is het cordon vaak uitgevoerd in de onderscheidingskleur(en) van de loge. Traditionele decoraties zijn een korenaar aan de ene en een acaciatak aan de andere kant, beide bekende symbolen in de vrijmetselarij. Cordons worden tijdens de Open loge gedragen door de Voorzittend Meester van de loge en de logeofficieren, de logeleden met een functie tijdens het ritueel. Het juweel van elk cordon is daarbij een symbolisch werktuig ter aanduiding van de functie van de drager. Ook hier geldt dat de cordons van de grootmeester van een obediëntie en de overige bestuursleden vaak rijk gedecoreerd zijn.
Bij de hogere graden van de Aloude en Aangenomen Schotse Ritus is het cordon met bijbehorend juweel een aanduiding van de graad die de drager heeft bereikt. In sommige andere obediënties waar de vervolgpaden worden beoefend wordt in plaats van een cordon een sjerp gedragen, bijvoorbeeld in de Orde van het Heilig Koninklijk Gewelf en de Royal Order of Scotland.
- Cordons en sjerpen
Officier symbolieke loge
4e graad Aloude en Aangenomen Schotse Ritus
Royal Order of Scotland
Draaginsigne
Sinds de 19e eeuw worden door de meeste symbolieke loges draaginsignes - ook wel draagtekens genoemd - uitgereikt aan nieuw ingewijde leden. Deze insignes hangen aan een kort lint in de logekleur(en) en worden gedragen op linkerborsthelft. Op het draaginsigne staat doorgaans het embleem van de loge afgebeeld.
In sommige loges wordt aan een aftredend Voorzittend Meester - in de Engelse vrijmetselarij een Past Master - een draaginsigne of juweel toegekend in de vorm van een afhangende winkelhaak, waarbinnen een tekenbord hangt met daarop (symbolisch) de stelling van Pythagoras.
- Draaginsignes


Draaginsigne Past Master
Zie ook
Externe links
Appendix
- Referenties
- ↑ Collectie Vrijmetselarijmuseum. collecties.vrijmetselarijmuseum.nl. Gearchiveerd op 23 september 2025. Geraadpleegd op 15 oktober 2025.
- ↑ THE GLOVES by RW Bro. LEON ZELDIS Hon.A.G.M., Grand Lodge of Israel.. www.freemasons-freemasonry.com. Geraadpleegd op 28 december 2025.
- Bronnen
- 'Thoth' uitgave Ritus en Tempelbouw 1973-III(Mr), D.C.J. van Peype: 'In goud en azuur - Maçonnieke regalia'
- 'Thoth' uitgave Ritus en Tempelbouw 1975-2(L), D.C.J. van Peype: 'Maçonnieke bijous en draagtekens'
- 'Thoth' uitgave Ritus en Tempelbouw 2017-3, 'Ceremoniële regalia in de loge'
- Literatuur
- Beekes, E.J.P. (1999). Lexicon voor de vrijmetselaar. Maçonnieke Stichting Ritus en Tempelbouw. ISBN 9789070043315.
- van Brabant, Piet (2003). De vrijmetselarij in Nederland en Vlaanderen. Houtekiet, Amsterdam/Antwerpen. ISBN 9052407142.
- Sande, Anton van de (1995). Vrijmetselarij in de Lage Landen : Een mysterieuze broederschap zonder geheimen. Walburg Pers, Zutphen. ISBN 9789057301599.