Philip Johnson (architect)
| Philip Johnson | ||||
|---|---|---|---|---|
![]() | ||||
Johnson met een model van het AT&T-gebouw in 1977 | ||||
| Persoonsinformatie | ||||
| Nationaliteit | ||||
| Geboortedatum | 8 juli 1906 | |||
| Geboorteplaats | Cleveland | |||
| Overlijdensdatum | 25 januari 2005 | |||
| Overlijdensplaats | New Canaan | |||
| Opleiding en beroep | ||||
| Alma mater | Harvard Graduate School of Design Harvard-universiteit Hackley School | |||
| Beroep(en) | architect,[1][2][3][4][5] kunsthistoricus, architectuurhistoricus[6] | |||
| Werkveld(en) | architectuur | |||
| Oriënterende gegevens | ||||
| Stijl | postmodernisme | |||
| Werken | ||||
| Praktijk | Philip Johnson Alan Ritchie Architects | |||
| Belangrijke gebouwen | Seagram Building, Sony Tower, Crystal Cathedral, Torres KIO | |||
| Erkenning en lidmaatschap | ||||
| Lid van | American Academy of Arts and Letters, American Academy of Arts and Sciences | |||
| Prijzen en erkenningen | Pritzker Prize | |||
| RKD-profiel | ||||
| ||||
Philip Cortelyou Johnson (Cleveland, 8 juli 1906 - New Canaan, 25 januari 2005) was een vooraanstaand Amerikaans architect en architectuurcriticus. Hij bedacht samen met Henry-Russell Hitchcock de term Internationale Stijl, waarvan hij een van de meest uitgesproken exponenten was. Tevens wordt hij gezien als medegrondlegger van het postmodernisme en deconstructivisme in de architectuur. Johnson was in 1979 de eerste architect die laureaat werd van de Pritzker Prize.
Levensloop
Jeugd en opleiding
Philip Johnson werd geboren als zoon van een rijke advocaat. Hij was een nakomeling van Jacques Cortelyou, die voor Peter Stuyvesant de eerste kaart van Nieuw-Amsterdam heeft gemaakt. Johnson gebruikte 'Cortelyou' als middle name.
Johnson studeerde geschiedenis en filosofie aan de Harvard-universiteit. Voor en tijdens zijn studie heeft hij een aantal keer Europa bezocht, waaronder de kathedraal van Chartres en het Pantheon in Rome. Mede door deze reizen raakte hij gefascineerd door architectuur en het Duitse nazisme.
Jaren 30
Van 1930 tot 1936 was hij hoofd van de afdeling architectuur in het Museum of Modern Art (MoMA) in New York. Geïnspireerd door een artikel van Henry-Russell Hitchcock en een persoonlijke ontmoeting met Ludwig Mies van der Rohe, raakte Johnson in de ban van de nieuwe-bouwen-beweging in de bouwkunst. Op de ontmoeting met Mies van der Rohe volgden een levenslange vriendschap en samenwerking. In 1932 organiseerde hij de tentoonstelling 'Modern Architecture: International Exhibition' in het MoMA. Hier werden werken tentoongesteld van onder anderen Le Corbusier, Walter Gropius en Mies van der Rohe. Frank Lloyd Wright trok zich terug, omdat zijn werk volgens hem geen prominente plaats innam op de tentoonstelling. De tentoonstelling was zeer invloedrijk. Het was de eerste kennismaking van het Amerikaanse publiek met het modernisme. Het boek The International Style, dat Johnson samen met Henry-Russell Hitchcock schreef, werd tevens de naam van een nieuwe stroming binnen de architectuur.
In de jaren 30 sympathiseerde Johnson met de nazi's. Later zei hij over deze periode in zijn leven: "I have no excuse (for) such unbelievable stupidity... I don't know how you expiate guilt." In die periode nam Johnson ontslag bij het MoMA, om zich te richten op een carrière in de journalistiek. Hij had grote kritiek op de liberale verzorgingsstaat, waarvan, volgens Johnson, het falen bleek tijdens de Grote Depressie. Als correspondent deed Johnson verslag van de nationaalsocialistische partijdagen in Neurenberg en van de inval in Polen in 1939. Na zijn terugkeer in de Verenigde Staten nam hij dienst in het Amerikaanse leger.
Jaren 40 en 50
In 1940 keerde Johnson terug naar Harvard, waar hij architectuur studeerde bij Walter Gropius en Marcel Breuer. Daarna richtte hij zijn eigen architectenbureau op. In 1946 keert hij terug bij het MoMA om weer hoofd van de afdeling architectuur te worden. In de periode 1947-1949 ontwierp Johnson het Glass House. Dit ontwerp geldt nog steeds als het schoolvoorbeeld van de wijze waarop architectuur kan opgaan in de natuur. Het Farnsworth House van Mies van der Rohe stond model voor het Glass House. In 1953 ontwierp hij de beeldentuin van het MoMA. Samen met Mies van der Rohe ontwierp hij in de jaren 50 het Seagram Building, wat als een mijlpaal van de moderne architectuur wordt beschouwd.
Latere jaren
Eind jaren zeventig ontwierp Johnsons het AT&T Building (tegenwoordig Sony Building), een wolkenkrabber van drie opeengestapelde delen: een classicistisch voetstuk, een modernistisch middengedeelte en een gebroken pediment als hoofddeksel. In dezelfde tijd tekende Johnson het neogotische glaspaleis PPG Building in Pittsburgh.
De tentoonstelling "deconstructivistische architectuur", die hij samen met Mark Wigley organiseerde in 1988 in het MoMA, vormde de doorbraak van de deconstructieve architectuur. Johnson overleed in januari 2005. Zijn levenspartner David Whitney volgde een aantal maanden later, op 12 juni 2005.[7]
Philip Johnson kreeg in 1961 voor het ontwerp van de daklozenkerk in New Harmony de eerste prijs van het American Institute of Architects. In 1979 won hij als eerste de Pritzker Prize.
Projecten (selectie)
- 1947-1949 Glass House, New Canaan, Connecticut
- 1953 Beeldentuin van het Museum of Modern Art, New York
- 1954-1956 Synagoge in Port Chester, New York State
- 1956 Seagram Building, New York (met Mies van der Rohe)
- 1960 Daklozenkerk, New Harmony, Indiana (met Jacques Lipchitz)
- 1961 Amon Carter Museum, Fort Worth, Texas (in 2001 opnieuw uitgebreid)
- 1960-1963 Sheldon Memorial Art Gallery (thans Sheldon Museum of Art), Lincoln, Nebraska
- 1962-1965 Kline Geologie Laboratorium, Yale University, New Haven, Connecticut (met Richard Foster)
- 1964 New York State Theater (onderdeel van Lincoln Center), New York
- 1967 Kreeger Museum, Washington, D.C. (met Richard Foster)
- 1967-1973 Elmer Holmes Bobst Library (New York University), New York (met Richard Foster)
- 1966-1968 Kunsthalle Bielefeld, Bielefeld
- 1970 John Fitzgerald Kennedy Memorial, Dallas, Texas
- 1970-1975 Pennzoil Place, Houston, Texas
- 1971 Uitbreiding openbare bibliotheek, Boston
- 1972 IDS Center, Minneapolis, Minnesota
- 1972 Art Museum of South Texas, Corpus Christi, Texas
- 1974 Fort Worth Water Gardens, Fort Worth, Texas
- 1976 Thanks-Giving Square-kapel, Dallas
- 1979–1982 101 California Street, San Francisco (Johnson/Burgee Architects)
- 1979-1984 Pittsburgh Plate Glass (PPG) Building, Pittsburgh, Pennsylvania
- 1980 Crystal Cathedral, Garden Grove, Californië
- 1980-1984 550 Madison Avenue (voorheen AT&T Building, thans Sony Tower), New York
- 1981-1985 National Centre for the Performing Arts (NCPA), Mumbai, India
- 1983 Wells Fargo Center, Denver, Colorado
- 1983 Bank of America Center (nu TC Energy Center), Houston
- 1984 Transco Tower (nu Williams Tower), Houston
- 1985 580 California Street, San Francisco
- 1986 Lipstick Building, New York
- 1987 Comerica Bank Tower, Dallas, Texas
- 1987 One Atlantic Center, Atlanta, Georgia
- 1989 500 Boylston Street, Boston
- 1989-1996 Torres KIO (of Puerta de Europa), Madrid
- 1990 Crean Tower, Garden Grove
- 1993 One Detroit Center (nu Ally Detroit Center), Detroit, Michigan (met John Burgee Architects)
- 1994-1997 Philip-Johnson-Haus (bij Checkpoint Charlie), Berlijn
- 1995 Gate House, New Canaan
- 1999 200 Riverside Boulevard At Trump Place, New York
- 2000 First Union Plaza, Boca Raton, Florida
- 2005-2006 Urban Glass House, 330 Spring Street, New York (postuum voltooid)
- Wolkenkrabbers van Philip Johnson
- Seagram Building,
New York
Sony Tower,
New York
580 California St, San Francisco
Lipstick Building,
New York
One Atlantic Center, Atlanta
Torres KIO (Puerta de Europa),
Madrid
Ally Detroit Center, Detroit
200 Riverside Boulevard, New York
Trivia
- Johnson wordt genoemd in het nummer Thru These Architect's Eyes op het album Outside (1995) van David Bowie.
- ↑ Arkitekter verksamma i Sverige; datum van uitgave: 11 juli 2014.
- ↑ abART; geraadpleegd op: 1 april 2021; abART-identificatiecode voor persoon: 122173.
- ↑ http://arch-pavouk.cz/index.php/architekti/1452-johnson-philip; geraadpleegd op: 7 mei 2023.
- ↑ https://collectie.nieuweinstituut.nl/detail/people/50845; Nieuwe Instituut Collectieplatform; Handle-identificatiecode: 21.12141/id/people.aa997ee9-a2f8-47a5-bf2f-fbf458458daa; genoemd als: Ph. Johnson; geraadpleegd op: 5 november 2025.
- ↑ RKDartists; geraadpleegd op: 10 december 2025; RKDartists-identificatiecode: 233136.
- ↑ RKDartists; geraadpleegd op: 8 december 2025; RKDartists-identificatiecode: 233136.
- ↑ Philip Johnson leefde 45 jaar samen met David Whitney (1939-2005), curator, kunstcriticus en kunstverzamelaar. Whitney was grotendeels verantwoordelijk voor de samenstelling van de kunstcollectie van het stel, veelal werken van bevriende kunstenaars van het abstract expressionisme, de minimal art en de popart. Een deel van de collectie is te zien in de door Johnson gebouwde kunstpaviljoens bij het Glass House; een ander deel ging naar de Menil Collection in Houston.



