Odet de Coligny

Odet de Coligny de Châtillon (Châtillon, 10 juli 1517 – Southampton, 21 maart 1571) was een van de drie broers Coligny. Hij werd op jonge leeftijd tot kardinaal gecreëerd, bekeerde zich net als zijn broers tot het calvinisme en trouwde. Hij verdedigde de belangen van de protestantse factie aan het Franse hof.[1]
Levensloop

Hij was een zoon van Gaspard I van Coligny en Louise van Montmorency, de jongere broer van Gaspard de Coligny en oudere broer van François de Coligny d'Andelot. In zijn jeugd kreeg hij les van de humanist Nicolas Bérauld, wiens ideeën een blijvende invloed hadden op zijn denken. Door de invloed van zijn oom Anne de Montmorency werd hij al in 1533 op zestienjarige leeftijd tot kardinaal gecreëerd. Als kardinaal de Châtillon nam hij deel aan de conclaven van 1534, 1549-1550, april 1555, mei 1555 en 1559. In 1534 werd hij benoemd tot aartsbisschop van Toulouse en het jaar erop ook tot bisschop van Beauvais.[2] Hij was ook abt in commendam van verschillende abdijen.
Zijn bekering tot het calvinisme was een geleidelijk proces. Aan het hof genoot hij de bescherming van Catharina de' Medici en minister Michel de L’Hospital en hij behoorde tot de groep van gematigde katholieken in de kroonraad. Hij riep op tot verzoening tussen katholieken en protestanten. Hij was aanwezig bij het Overleg van Poissy en de gesprekken met de legaat van de paus (1561). Tijdens de Eerste Hugenotenoorlog legde hij zijn kardinaalshoed neer, maar na de Vrede van Amboise (1563) nam hij hem weer op. Hij bleef gesteund door de protestanten, die hoopten dat zijn stem in de kroonraad hun zaak kon bevorderen. Zijn ambivalente houding wekte de vijandschap op van de radicale katholieken. In juli 1563 werd kardinaal de Châtillon geëxcommuniceerd. Hij verloor toen ook zijn bisschopstitel.[2] Het jaar erop huwde hij met Isabelle de Hauteville, met wie hij al een tijdlang openlijk een relatie had. Toch duurde het nog tot 1567 voor hij openlijk voor het calvinisme koos.
Hij behield zijn goede band met Catharina de' Medici en koning Karel IX en was betrokken bij het onderhandelen van de Vrede van Longjumeau (1568), die een einde maakte aan de Tweede Hugenotenoorlog (die trouwens mede door zijn broer François was ontketend). Bij de start van de Derde Hugenotenoorlog enkele maanden later voelde hij zich niet meer veilig in Frankrijk en vluchtte hij naar Engeland. Hij kreeg een goede band met koningin Elisabeth maar bekwam geen concrete steun voor de Franse protestanten in hun strijd. Na de Vrede van Saint-Germain-en-Laye (1570) bleef hij op vraag van Catharina de' Medici in Londen om te onderhandelen over een mogelijk huwelijk tussen Elisabeth en de hertog van Anjou, de latere koning Hendrik III van Frankrijk. Toen die onderhandelingen mislukten, wilde hij terugreizen naar Frankrijk. Tijdens de reis stief hij aan een plotse ziekte; men vermoedde dat hij werd vergiftigd.
Odet de Coligny werd begraven in de kathedraal van Canterbury.[3]
Bronnen
- ↑ (fr) Portrait d’Odet de Coligny, cardinal de Châtillon. Château de Chantilly. Geraadpleegd op 15 november 2025.
- 1 2 (en) Mister Odet de Coligny de Châtillon. catholic-hierarchy.org. Geraadpleegd op 15 november 2025.
- ↑ (fr) Odet de Coligny, cardinal de Châtillon (1517-1571). Musée protestant. Geraadpleegd op 15 november 2025.