Metamyelocyt

Een metamyelocyt is een cel die granulopoëse, vorming van granulocyten, ondergaat, afkomstig van een myelocyt en uitmondend in een staafkernige neutrofiele granulocyt.
Het wordt gekenmerkt door een gebogen celkern, cytoplasmatische granula en de afwezigheid van zichtbare nucleoli.[1] Celkernen met kleine inkepingen worden nog steeds geclassificeerd als myelocyten, maar zodra de celkerninkeping zich meer dan 25% in de celkern uitstrekt wordt van een metamyelocyt gesproken.[2]
Bij mensen hebben ze een diameter van 10–14 μm.[1] en de kern-cytoplasmatische verhouding is 1:1. Metamyelocyten bezitten primaire en secundaire granula die kenmerkend zijn voor individuele granulocyttypen. Daarom kan men binnen de metamyelocyten cellen onderscheiden die voorlopers zijn van neutrofielen, basofielen en eosinofielen.[1]
Metamyelocyten zijn een stadium in de ontwikkeling van granulocyten waarin de kernfragmentatie, kenmerkend voor volwassen vormen, zich duidelijk begint te manifesteren. Dit manifesteert zich doordat de kern van de metamyelocyt een vorm aanneemt die varieert van niervormig tot V-vormig. Chromatine wordt ook sterk gecondenseerd, met een condensatiepatroon dat vergelijkbaar is met dat van volwassen cellen.[3] Metamyelocyten ondergaan, in tegenstelling tot de myelocyten die eraan voorafgingen, geen celdeling meer[4] en rijpen door naar het volgende stadium – het staafkernige stadium.[4][1] Direct voordat ze dit stadium ingaan, verschijnen er tertiaire granula, maar deze vormen een minderheid. Azurofinegranula vormen slechts 25-33% van alle granula.[5] Deze granula worden met een Romanowsky-kleuring blauw.
In typische bloeduitstrijkjes zijn metamyelocyten afwezig of in zeer kleine aantallen aanwezig.[6] In het beenmerg, waar granulocyten zich ontwikkelen, vormen ze echter ongeveer 13-22% van de cellen.[3]

- Dit artikel of een eerdere versie ervan is een (gedeeltelijke) vertaling van het artikel Metamielocyt op de Poolstalige Wikipedia, dat onder de licentie Creative Commons Naamsvermelding/Gelijk delen valt. Zie de bewerkingsgeschiedenis aldaar.
- 1 2 3 4 Indu Khurana: Textbook of medical physiology. Elsevier India, 2005, s. 172-173. ISBN 81-8147-850-9.
- ↑ John W. Harvey, Chapter 5 - Evaluation of Leukocytic Disorders, Editor(s): John W. Harvey, Veterinary Hematology, W.B. Saunders, 2012, Pages 122-176, ISBN 9781437701739, DOI:10.1016 /pii/B9781437701739000051).
- 1 2 Bernadette F. Rodak, George A. Fritsma, Kathryn Doig: Hematology : clinical principles and applications. Elsevier Health Sciences, 2007, s. 128. ISBN 1-4160-3006-9
- 1 2 William Samson Beck: Hematology. Cambridge, Mass.: MIT Press, 1991, s. 347-348. ISBN 0-262-52157-1.
- ↑ Ray C., PhD. Henrikson, Gordon I., PhD. Kaye, Joseph E., PhD. Mazurkiewicz, Ray C. Henrikson, Gordon I. Kaye, Joseph E. Mazurkiewicz: Histology. Baltimore: Williams Wilkins, 1997, s. 163. ISBN 0-683-06225-5.
- ↑ Barbara J. Bain: Blood Cells: A Practical Guide. John Wiley & Sons, 2008, s. 128. ISBN 1-4051-7160-X.