Karel Michielsen

Karel Michielsen
Algemene informatie
Geboortedatum 29 mei 1918Bewerken op Wikidata
Geboorteplaats Medan
Overlijdensdatum 27 september 1996Bewerken op Wikidata
Overlijdensplaats Adelaide
Werk
Beroep Engelandvaarder, juridisch medewerkerBewerken op Wikidata
Militair
Rang luitenant
Persoonlijk
Woonplaats Aldgate
De informatie in deze infobox is afkomstig van Wikidata.
U kunt die informatie bewerken.

Karel George Paul Michielsen (Medan, Nederlands-Indië, 29 mei 1918 - Adelaide, Australië, 27 september 1996) was een van de drie eerste Engelandvaarders en een van de eerste drie ontvangers van het Bronzen Kruis. Hij was de broer van Erik Michielsen.

Levensloop

Michielsen werd geboren in de Sumatraanse stad Medan in Nederlands-Indië. In zijn jeugd woonde hij in Batavia (Jakarta).[1] Na zijn school vervulde hij in 1937-1938 in Nederland zijn dienstplicht bij de bereden artillerie waar hij reserve officier werd. Na zijn dienstplicht begon Michielsen een studie rechten aan de Universiteit Leiden, maar dit was van korte duur.[2]

Als gevolg van de Duitse invasie van Polen in 1939 en de Nederlandse mobilisatie werd Michielsen opgeroepen als vaandrig in het 2e Regiment Veldartillerie. Tijdens de Duitse invasie van Nederland in mei 1940 vocht hij tegen parachutisten in de omgeving van Katwijk en Den Haag en was betrokken bij de succesvolle herovering van het vliegveld Valkenburg.[2]

Engelandvaart

Kort na de Nederlandse capitulatie op 14 mei 1940 maakten Michielsen en studiegenoot Kees van Eendenburg plannen om naar Engeland te varen. Ze konden daarbij gebruik maken van de tien jaar oude en niet zeewaardige twaalfvoetsjol "Bebek" van de ouders van Van Eendenburg.[3] Ze brachten het zeilbootje van drieënhalve meter met paard en wagen van de Kagerplassen naar het strand bij Noordwijk. Ze sloegen de benodigde materialen, zoals voedsel, drinkwater en zwemvesten op in het huis van een kennis aan de boulevard.

De twee jongemannen oefenden in juni elke dag in strandkleding onder het oog van Duitse militairen op het terras van hotel Huis ter Duin in het optuigen van de boot en het door de branding roeien. Michielsen was roeier bij de studentenvereniging Njord en moest de jol door de branding roeien, een cruciale fase van de vlucht.[4] Enkele dagen voor de tocht vroegen ze studievriend Fred Vas Nunes als extra reisgenoot.[5] Op 5 juli 1940 waagden de drie de oversteek naar Engeland, ondanks het omgeslagen weer.

Ze leidden achterdochtige Duitse schildwachten aan de kust om de tuin, door hen te vertellen dat de jol van het strand moest en ze die naar de haven van Scheveningen moesten brengen. Toen de Duitsers merkten dat ze niet naar Scheveningen koersten was de jol al buiten bereik van de geweren en waren ze door het toenemend slechte zicht ook niet meer te zien. Na twee dagen arriveerde het drietal in Engeland.[6] Ze werden in de buurt van Great Yarmouth opgepikt door een Britse mijnenveger.[7] Ze waren daarmee de eerste zogeheten Engelandvaarders.

Bij hun aankomst werd via Radio Oranje de boodschap "De Bebek" is aangekomen" uitgezonden, wat als aanmoediging werkte voor anderen om de oversteek over de Noordzee te maken. Bebek was niet alleen een verwijzing naar de boot, maar ook naar Van Eendenburg. Bebek is "eend" in het Maleis.[8] Kort na hun aankomst kregen ze van koningin Wilhelmina het Bronzen Kruis,[9][10] waarbij ze geprezen werden om hun gedegen voorbereiding en moed voor hun gevaarlijke overtocht met het niet zeewaardige vaartuig onder dreiging van vijandelijk optreden.[11] De jol werd in Engeland verbrand.[3]

Luitenant-waarnemer in de Oost

Michielsen vertrok vrij snel na zijn aankomst in Engeland naar Nederlands-Indië en werd opgeleid tot luitenant-waarnemer bij de Marine Luchtvaartdienst in Soerabaja. Hij vloog eerst vanuit Menado als waarnemer op oude Dornier Do 24K vliegboten patrouillevluchten boven de wateren tussen Celebes, Halmahera, Ternate en Ambon.

Na de capitulatie voor de Japanners in 1942 kon hij zo naar Australië uitwijken. Daarna vloog hij tot eind 1945 als waarnemer en officier van NEFIS op Catalina's van de Marine Luchtvaartdienst, die geheime agenten van het Korps Insulinde naar eilanden in de archipel vloog, weer afhaalden en van proviand voorzagen. Ook werd hij zelf als NEFIS officier achter de Japanse linies gedropt.[12]

Naoorlogse carrière

Na de oorlog voltooide Michielsen zijn studie in Leiden en werd juridisch medewerker bij de Bataafse Petroleum Maatschappij (BPM) en Shell, waarvoor hij op veel plekken in de wereld werkte. Na zijn pensionering in 1968 vestigde hij zich met zijn gezin in Australië, waar zijn echtgenote vandaan kwam. Daar werkte hij als adviseur mee aan de oprichting van de Oil and Gas Divisie van BHP. Michielsen woonde de laatste jaren van zijn leven in Aldgate, een voorstad van Adelaide. Na een kort ziekbed overleed hij op 78-jarige leeftijd op 27 september 1996 in Adelaide.[13]

Onderscheidingen

Zie ook

Referenties