Jotuniet

Indeling van charnockitisch gesteente in een QAPF-diagram. De velden voor jotuniet (donkergroen) en kwarts-jotuniet (lichtgroen) staan aangegeven.

Jotuniet is een grofkorrelig kristallijn gesteente dat de mineralen plagioklaas en orthopyroxeen (vooral hyperstheen en enstatiet) bevat. Het is een type granofels en onderdeel van de charnockitische gesteenteserie. Jotuniet bevindt zich qua samenstelling tussen monzoniet en noriet.

Jotuniet heeft gewoonlijk een granoblastische textuur: het heeft niet of nauwelijks foliatie en de kristalopbouw is faneritisch.

Volgens de IUGS-classificatie bestaat de modale mineralogie van jotuniet voor 0-5% uit kwarts. Plagioklaas heeft een aandeel van 65-90% in de veldspaten.[1] De microstructuur van de veldspaat is vaak perthitisch. Charnockitisch gesteente dat 5-20% kwarts en dezelfde verhouding plagioklaas heeft heet kwarts-jotuniet. Bij meer dan 20% kwarts heet het gesteente opdaliet. Als minder dan 65% van de veldspaat plagioklaas is, heet het gesteente mangeriet.

De naam jotuniet werd in 1916 ingevoerd door de Noorse petroloog Victor Moritz Goldschmidt. Jotuniet is genoemd naar Jotunheimen in Noorwegen.