Hertogdom van Dentelinus


Het hertogdom van Dentelinus (Latijn ducatus Dentelini, Frans le duché de Dentelin) was een hertogdom in het Frankische Rijk. Het strekte zich ongeveer uit van de Honte tot de Canche en van de Noordzee tot de Dijle. Vermoedelijk fungeerde Doornik als hoofdplaats.
Evenals de andere Frankische hertogdommen ging ook dit hertogdom terug op een voormalig koninkrijk. Dat koninkrijk omvatte de Romeinse districten die kort na de dood van Flavius Aëtius ingenomen waren door de Salische Franken: de civitas Nerviorum, de civitas Menapiorum (of Turnacensium), de civitas Morinorum (of Bononiensis) en de civitas Atrebatensis. Toen Clovis I ook de naburige koninkrijken onderwierp, werd het Frankische Rijk te groot. Elk voormalig koninkrijk kreeg een plaatsvervangende heerser: een dux oftewel "hertog".
In het jaar 600 werd het hertogdom bestuurd door een zekere Dentelinus. De kronieken van Fredegar vermelden dat koning Chlotharius II het moest afstaan aan Theudebert II, de koning van het naburige Austrasië. Enkele jaren nadien kwam Theudebert in conflict met Theuderik II van Bourgondië. Chlotharius sloot zich aan bij Theuderik en samen versloegen ze Theudebert (612). Hierdoor kreeg Chlotharius het hertogdom weer terug. Het is niet duidelijk of hertog Dentelinus toen nog in leven was. Zijn hertogdom werd verdeeld in gouwen en toegewezen aan de adel en de Kerk.
Op kerkelijk vlak bestond het hertogdom uit het bisdom Doornik (op dat moment nog één geheel met het bisdom Terwaan) en het bisdom Kamerijk (met het bisdom Atrecht). Doordat de kerkelijke indeling tot 1559 amper wijzigde, kan men de buitengrens van het hertogdom nog enigszins reconstrueren.