Dirk van Nimwegen

Dirk van Nimwegen
Dirk van Nimwegen
Geboren 19 juli 1904, Amsterdam
Overleden 7 december 1969, Amsterdam
Geboorteland Vlag van Nederland Nederland
Periode Februaristaking
Groep CPN
Portaal  Portaalicoon   Tweede Wereldoorlog

Dirk van Nimwegen (Amsterdam, 19 juli 1904 - aldaar, 7 december 1969) was een Amsterdams communist, verzetsman en vakbondsman, en een van de initiatiefnemers van de Februaristaking op 25 en 26 februari, 1941.[1] Hij was werkzaam bij de Stadsreiniging.

Van Nimwegen groeide op in een katholiek gezin en sloot zich al op jonge leeftijd aan bij de Communistische Partij Holland (CPH). Op zijn vijftiende ging hij werken bij de gemeentereiniging.[2] Hij was betrokken bij het Werklozen Eenheidscongres van 17-19 februari 1934 te Amsterdam, een landelijk congres van lokale Werklozen Strijd Comité's (WSC), (mantel)organisaties van de CPH, met het doel de grote aantallen werkelozen als gevolg van de crisisjaren te organiseren, zo blijkt uit een rapportage van de Centrale Inlichtingendienst (CI), een voorloper van de huidige AIVD.[3] Zijn naam kwam voor op de door de CI in 1939 opgestelde lijst van "links-extremistische personen", die bij de Duitse inval in de meidagen van 1940 werd vernietigd.[4]

Februaristaking

Van Nimwegen was een van initiatiefnemers tot de staking, samen met Piet Nak en Willem Kraan, na overleg met de illegale leiding van de CPN in Amsterdam, Frits Reuter en Jaap Brandenburg.[5] Op maandagmorgen 24 februari hadden zij geprobeerd om de staking van de grond te trekken bij de vestiging van de Stadsreiniging in de Jan Hanzenstraat, maar dat was niet gelukt.[6][7] Die avond werd op de Noordermarkt een bijeenkomst belegd om aan het stakingsparool meer bekendheid te geven. Om zes uur waren daar zo’n 250 bijeen, hoofdzakelijk arbeiders van de Stadsreiniging en van Publieke Werken en voor het merendeel CPN'ers. Van Nimwegen en Nak voerden kort het woord.[5][8][9][10]

Op de eerste stakingsdag verdeelden Van Nimwegen, Nak, Kraan en andere communisten, zich per fiets over verschillende bedrijven om daar arbeiders over te halen te gaan staken wat na enige haperingen lukt.[10] Van Nimwegen begaf zich eerst naar de tramremise aan de Havenstraat om 4 uur 's ochtends; het stilleggen van het tramverkeer was cruciaal voor het slagen van de staking.[11] De volgende dag werd Van Nimwegen en Nak met anderen gearresteerd in de garage West van de stadsreiniging op de Bilderdijkkade, na een inval van de Duitse Ordnungspolizei – meestal Grüne genoemd vanwege hun uniform – waarbij salvo's werden afgevuurd en een man of twaalf gewond raakte.[9][12]

Toen een stapel stakingspamfletten werd ontdekt, werd een groep van 45 personen opgepakt en voor verhoor meegenomen. Onder hen bevonden zich Piet Nak, Nico Klein en Dirk van Nimwegen. De Duitsers wisten echter niet wie ze in handen hadden, en ondanks zware druk en marteling wist de groep de rijen gesloten te houden. “Geen namen noemen, ook geen straten,” luidde de afspraak. Toen de groep werd vastgezet in het Lloyd Hotel, zorgde Van Nimwegen — die verantwoordelijk was voor het rondbrengen van het eten — ervoor dat de verhalen van de CPN-kaderleden naadloos op elkaar aansloten.[13] Op 4 maart werd hij weer vrijgelaten omdat de Duitse Sicherheitspolizei niet zijn rol in de staking had weten los te krijgen.[14][15]

De staking van 1955

Soldaten werden ingezet om de staking te breken (Foto: Harry Pot voor Anefo - Nationaal Archief)

Van Nimwegen overleefde de oorlog en bleef werken bij de Stadsreiniging. In 1955, na 35 dienstjaren, werd hij ontslagen door de gemeente Amsterdam, samen met 61 anderen, wegens het oproepen tot een "wilde staking" onder ruim 4.000 gemeenteambtenaren van 31 maart tot 4 april 1955, die niet werd gesteund door de "erkende" bonden, maar slechts door de communistische Eenheids Vakcentrale (EVC) en de CPN.[16][17][18] Pijnlijk was dat er onder de ontslagenen 22 Februaristakers zaten zoals Van Nimwegen en Fokke John.[18] De directeur van de Stadsreiniging noteerde in zijn ontslagvoorstel: “Van Nimwegen staat bekend als een van de voornaamste figuren bij de staking. Als zodanig heeft hij - mede door zijn brutaal optreden - grote invloed op zijn collega's.”[16][19]

Na dit ontslag ging hij werken in de bouw en als hulpje op de Ten Katemarkt in de Kinkerbuurt.[18] Hij woonde in de Kinkerbuurt (Borgerstraat). Pas in 1985, na een groot artikel in Vrij Nederland, werden de stakers gerehabiliteerd. Van Nimwegen was reeds overleden.[16][20] Volgens CPN-wethouder Roel Walraven pasten de zware straffen die het gemeentebestuur in '55 uitdeelde ook toen niet in een sociaal conflict. "Het werd sterk in de sfeer van de Koude Oorlog getrokken".[20] Communisten als Van Nimwegen werden nauwlettend in de gaten gehouden door de Binnenlandse Veiligheidsdienst (BVD).[21]

Trouw aan de partij

In tegenstelling tot Piet Nak, die door de CPN aan de kant werd geschoven toen hij de rol van individuele CPN-leden opeiste in het voorbereiden van de Februaristaking in o.a. de TV uitzendingen van De Bezetting van Lou de Jong begin jaren '60, bleef van Nimwegen trouw aan de officiële partijlijn die verordonneerde dat de partij het voortouw had genomen bij de staking.[16][22][23] Hij liet zich zelfs verleiden tot een venijnig stuk in De Waarheid tegen Nak.[24]

Na een langdurige ziekte overleed hij moegestreden op 7 december 1969 op 65-jarige leeftijd.[16][25] Tijdens de verhoren in 1941 was hij zwaar mishandeld, met blijvend rugletsel als gevolg.[2]

Na zijn dood werden meerdere monumenten aan hem gewijd. Als eerbetoon is ook een der bruggen over de Nieuwe Keizersgracht, de Dirk van Nimwegenbrug, naar hem vernoemd.[26] Ook droeg vanaf begin jaren 1970 een gezondheidscentrum in de Kinkerbuurt zijn naam, waar in 2005 een plaquette ter ere van Van Nimwegen werd onthuld.[1]