Andrés Novales
Andrés Novales (Manilla, ca. 1795 – aldaar, 2 juni 1823) was een Filipijns kapitein in het Spaanse leger. Novales werd bekend door een korte opstand tegen het Spaanse koloniale bewind, die wel bekendstaat als de Novales-muiterij. De opstand werd neergeslagen door de Spanjaarden en Novales werd geëxecuteerd.
Biografie
Novales werd geboren in Manilla, zo rond het jaar 1795. Hij was een creool en diende net als zijn vader en oudere broer in het Spaanse leger in de Spaans-koloniale Filipijnen. Novales diende naar verluidt al vanaf 9-jarige leeftijd in het leger en werd op 14-jarige leeftijd luitenant. Op zeer jonge leeftijd vertrok hij vrijwillig naar Spanje om daar als soldaat in de Spaanse Onafhankelijkheidsoorlog in het Spaanse leger mee te vechten tegen de de Fransen onder leiding van Napoleon Bonaparte. Na terugkomst in de Filipijnen werd hij weer opgenomen in het Spaanse leger aldaar, waar hij diende als kapitein van het 1e Regimiento Ligero de Línea.
Na zijn terugkeer in de Filipijnen raakte Novales gedesillusioneerd. Op advies van interim gouverneur-generaal Mariano Fernández de Folgueras aan zijn opvolger Juan Antonio Martínez werden na oktober 1822 lokaal geboren officieren zo veel mogelijk vervangen door zogenaamde peninsular officieren geboren in Spanje. Deze officieren kwamen naar de Filipijnen na het verlies van Nieuw-Spanje door de onafhankelijkheid van Mexico in 1821. Door hun komst en het nieuwe beleid van Martínez was de kans op promotie voor militairen, die geboren waren in de Filipijnen een stuk kleiner. Ook werden ze vaak naar gevaarlijke locaties gestuurd. De discriminatie tegen de lokaal geboren militairen maakte Novales verbitterd. Hij werd er in die tijd van verdacht dat hij voorbereidingen aan het treffen was voor een opstand tegen het bewind in de kolonie. In een tegen hem ingesteld onderzoek werd hier echter geen bewijs voor gevonden.
De gouverneur-generaal vertrouwde hem echter niet meer en besloot om hem per schip naar het noorden van Mindanao te sturen om daar te gaan vechten tegen moro-piraten. Op 1 juni 1823 vertrok Novales, maar slecht weer dwong Novales nog dezelfde dag om terug te keren naar Manilla. In de nacht van 1 op 2 juni verzamelde Novales zo'n 400 tot 800 mannen en begon een opstand tegen de koloniale autoriteiten. Voormalig gouverneur-generaal Fernández de Folgueras werd vermoord en met diens sleutel van de stad verschaften ze zich toegang tot de ommuurde stad Intramuros en veroverden daar belangrijke gebouwen als het paleis van de gouverneur, de kathedraal van Manilla en het stadhuis. Novales werd door zijn aanhangers uitgeroepen tot keizer van de Filipijnen, maar niet lang daarna wisten troepen onder leiding van de gouverneur-generaal de opstand neer te slaan. Novales en enkele anderen werden na een snelle krijgsraad nog dezelfde middag geëxecuteerd.
Bronnen
- Paul P. de La Gironière (1854), Adventures in the Philippine Islands, Londen: C.H. Clarke, online te lezen via o.a. deze link
- Blair, E.H., Robertson, J.A. (1907), The Philippine Islands, 1493-1898, The Arthur H. Clark Company, Cleveland, Vol. 51, p. 47-48
- Zoilo M. Galang (1950), Encyclopedia of the Philippines, 3 ed. Vol III & IV., Manila: E. Floro