Tuinstraat 166-172

Tuinstraat 166-172
Tuinstraat 166-172, Amsterdam (september 2025)
Tuinstraat 166-172, Amsterdam (september 2025)
Locatie
Plaats Amsterdam-Centrum
Tuinstraat
Adres Tuinstraat 166-172Bewerken op Wikidata
Bijbehorend Ik speel in de stad met alles wat er bestaatBewerken op Wikidata
Status en tijdlijn
Start ontwerp 1895/6
Start bouw 1895/6
Gereed 1895Bewerken op Wikidata
Huidig gebruik woningen
Architectuur
Bouwmateriaal baksteen, natuursteenBewerken op Wikidata
Bouwkundige informatie
Architect(en) Pieter Smitt
Prijzen en erkenningen
Monumentstatus gemeentelijk monument
Gemeentelijke monumenten Jordaan
Portaal  Portaalicoon   Civiele techniek en bouwkunde
Fronton Tuinstraat 170-172 (september 2025)
Gevelsteen Johanna ter Meulen (2006)

Tuinstraat 166-172 is een dubbel gebouw aan de Tuinstraat, Jordaan, Amsterdam-Centrum.

Geschiedenis

De Tuinstraat ligt in de Jordaan, een wijk tussen de Prinsengracht en Lijnbaansgracht die begin 17e eeuw werd volgebouwd. De naamgever van de straat, de stadstimmertuinen, was hier al vroeg in de 17e eeuw gevestigd. Dat betekent dat gedurende de eeuwen heen er gesloopt en herbouwd werd; de straat geeft dan ook een wisselend beeld in de toegepaste architectuur. Toch zijn er zat gebouwen die minimaal twee grote saneringen (jaren dertig en zestig 20e eeuw) hebben overleefd. Een daarvan is een blokje Tuinstraat 166-172.

Gebouw

Al aan het eind van de 19e eeuw waren sommige gebouwen opgebruikt. Er kwamen toen diverse filantropische instellingen, die de woonomstandigheden probeerden te verbeteren. Hier werden in opdracht van Suikerraffinaderij Willem Spakler een aantal vervallen woningen gesloopt om plaats te maken voor betere arbeiderswoninkjes. Als beheerder werd aangesteld Johanna ter Meulen; de samenwerking tussen Spakler en Ter Meulen leidde tot de oprichting van Woningmaatschappij Oud-Amsterdam NV, die in de Tuinstraat nog minstens twee van dit soort blokjes financierde of liet bouwen: Tuinstraat 137-141 (1897) en Tuinstraat 99-101 (1902). Zij schakelden architect Pieter Smitt in voor het ontwerp.[1] Het dubbele pand werd in tweeën gebouwd, naar het oog volgens eenzelfde ontwerp. De gevel rijst nogal stijl omhoog met vier etages en een zolderverdieping. Het massieve wordt versterkt door de nauwe straat die de Tuinstraat al eeuwenlang is. Het grote baksteenoppervlak boven de natuurstenen plint wordt niet alleen onderbroken door raampartijen, maar ook door banden in andere kleuren, risalerende pilasters, lisenen, waterlijsten, daklijstconsoles en de gevelankers. Opvallend zijn de twee toegangsdeuren waarvan de ombouw ook in natuursteen is uitgevoerd; ze bevatten beide een fronton waarbij de ene gesloten in de vorm van een bakstenen ontlastingsboog is en de andere open in de klassieke driehoeksvorm in natuursteen. In de frontons zijn de jaartallen van oplevering/bouw te vinden: 1895 en 1896. De woninkjes hier zijn kleiner dan bij de latere complexen; er is sprake van voor- en achterwoningen, die verbonden zijn door een trappenhuis. Dat trappenhuis begint in een gang naar de vier woningen op de begane grond. Tussen die verbindingen is ruimte opengelaten voor een binnenplaatsje (met licht en lucht).

Het gebouw heeft een bijzonder detail. In 1937 werd er op het scheidsvlak van beide gebouwen een gevelsteen geplaatst ter herinnering aan Johanna ter Meulen. De tekst:

Woningmaatschappij Oud Amsterdam
Ter herinnering aan Johanna ter Meulen die hier ruim veertig jaar werkte en meeleefde. Zij overleed 11 februari 1937.

Ondanks dat het gebouw vermoedelijk bij een renovatie (men sprak toen van rehabilitatie) in de jaren tachtig veel van haar oorspronkelijke vensters verloor, werd het gebouw toch tot gemeentelijk monument (215026) benoemd. BMA vond de historische achtergrond en de gaafheid van het overige gebouw zwaarder wegen. Voor de aanblik was een storende factor, dat het gebouw aan de westkant een blinde zijgevel kreeg, die het slachtoffer werd van graffitizetters. De ruimte aldaar werd niet meer bebouwd. De eigenaar van het blokje verzocht daar kunstenaar Piet Parra een muurschildering te ontwerpen; het kreeg de titel Ik speel in de stad met alles wat er bestaat; een (dicht)regel geopperd door een leerling van de Theo Thijssenschool aan de achterliggende Anjeliersstraat 157. De muurschildering verving een eerder kunstwerk (maker, datum onbekend) met een afbeelding van Lego-poppetjes.[2]

Zie de categorie Tuinstraat 166-172, Amsterdam van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.