Surinaamse parlementsverkiezingen 1914

De Surinaamse parlementsverkiezingen in 1914 vonden plaats in februari van dat jaar.

Er konden vier leden voor de Koloniale Staten gekozen worden in verband met het periodiek aftreden van R. Fabriek, J.A. Jessurun, W. Kraan en H.J. van Ommeren. Bij enkel kandidaatstelling werden gekozen: W.P. Hering, J.A. Jessurun, W. Kraan en H.J. van Ommeren.

Na hun installatie had de Koloniale Staten de volgende dertien leden:

Naam Gepland jaar
van aftreding
Bijzonderheden
I. da Costa1916voorzitter, in 1915 opgevolgd door H.W. van Asch van Wijck
J.A. Dragten1916vicevoorzitter
A.F.C. Curiel1916
P.A. May1916in 1914 opgevolgd door W.N.S. Arntz
J.R. Thomson1916
L.L. Beckeringh van Loenen1918in 1914 opgevolgd door W.P. Hering
S.B. Bibaz1918in 1914 opgevolgd door A.P. Nassy
D. Olthuis1918in 1915 opgevolgd door H.J. van Ommeren
H. Salm1918in 1915 opgevolgd door W. Dijckmeester
W.P. Hering1920in 1914 opgevolgd door A.R. Bueno; later dat jaar werd Hering als opvolger van Beckeringh van Loenen opnieuw verkozen
J.A. Jessurun1920
W. Kraan1920
H.J. van Ommeren1920in 1914 ontslag genomen en opgevolgd door J.R.C. Gonggrijp; in 1915 teruggekeerd als opvolger van Olthuis

Er volgde een discussie over de kandidaatstelling van Hering. Zijn naam was toegevoegd aan een lijst van een kiesvereniging nadat meerdere personen hun handtekening al hadden geplaatst. In mei 1914 werd hij Statenlid maar twee maanden later nam hij ontslag en kort daarop werd hij bij een tussentijdse verkiezing opnieuw verkozen tot Statenlid.