Stationsstraat 23 (Assen)
| Stationsstraat 23 | ||||
|---|---|---|---|---|
![]() | ||||
Aanzicht in 2024 | ||||
| Locatie | ||||
| Plaats | Stationsstraat 23, Assen | |||
| Adres | Stationsstraat 23, Assen | |||
| Coördinaten | 52° 100′ NB, 6° 57′ OL | |||
| Status en tijdlijn | ||||
| Start bouw | 1897 | |||
| Oorspr. functie | Herenhuis | |||
| Architectuur | ||||
| Stijlperiode | Neorenaissance | |||
| Bouwkundige informatie | ||||
| Architect(en) | Geert Stel | |||
| Prijzen en erkenningen | ||||
| Monumentstatus | Gemeentelijk monument | |||
| Monumentnummer | GM1_072 | |||
| Lijst van gemeentelijke monumenten in Assen | ||||
| ||||
Stationsstraat 23 is een monumentaal herenhuis in de Nederlandse stad Assen. Het pand werd in 1897 gebouwd in een aan de neorenaissance verwante bouwstijl en is aangewezen als gemeentelijk monument.
Geschiedenis

Het herenhuis werd op 16 augustus 1897 aanbesteed in opdracht van Meijer Coenraad Lezer. Het ontwerp werd, evenals het naastgelegen pand op nummer 25, vervaardigd door architect Geert Stel. Lezer was de zwager van Alex Engers, die het buurpand een jaar eerder had laten bouwen.
Hoewel de twee panden grotendeels gelijkend zijn en samen een duidelijke typologische eenheid vormen, zijn er verschillen in de uitvoering. Zo wijkt de vorm van de balkons af en is er variatie in de ornamentiek: waar nummer 25 is gedecoreerd met vrouwenhoofden, zijn op de sluitstenen van nummer 23 gebeeldhouwde mannenhoofden (maskerons) aangebracht.
In 1922 werden de beide panden bouwkundig met elkaar verbonden door middel van een tussenlid. Vanaf dat moment dienden de twee herenhuizen gezamenlijk als kantoor voor de Raad van Arbeid.
Architectuur
Het pand heeft een enkele verdieping onder een met pannen gedekt afgeknot schilddak.
Voorgevel
De symmetrische, vijf-assige voorgevel wordt gekenmerkt door een centraal ingangsrisaliet. De gevel is voorzien van een gepleisterde plint met een geprofileerde bovenrand en speklagen. Een gekornist entablement met casementen onder een geprofileerde gootlijst loopt over alle gevels door. De entree bestaat uit een hardstenen stoepje en een ondiepe portiek met deels betegelde wanden. Hierin bevindt zich een originele, fraai bewerkte vleugeldeur met snijwerk, een stolpnaald en smeedijzeren raamijzers.
De vensters op de begane grond staan onder segmentbogen met gepleisterde aanzetstenen voorzien van triglyfen en guttae. De sluitstenen tonen gebeeldhouwde mannenhoofden (maskerons) die worden omklemd door een smalle profielboog. De boogtrommels zijn versierd met reliëfs van gestileerde plantmotieven.
Boven de entree bevindt zich een balkon met een geprofileerde rand en smeedijzeren hekwerk. Het balkon wordt gedragen door consoles met leeuwenkoppen. Op het balkon komt een terugliggende porte-brisée (dubbele openslaande deur) uit. De gevelopeningen op de verdieping staan onder afgeknotte keperbogen.
Zij- en achtergevel
De linker zijgevel is sober uitgevoerd en bevat slechts één venster op de verdieping. De rechter zijgevel gaat schuil achter het in 1922 gebouwde tussenlid dat de verbinding vormt met nummer 25. De gevelopeningen in de achtergevel zijn gevat onder segmentbogen met versierde boogtrommels.
Interieur
In het pand zijn diverse oorspronkelijke elementen bewaard gebleven, waaronder de trapleuningen, de trappaal en stucdecoraties aan de plafonds.
Waardering
Het karakteristieke en vrij gave pand wordt gewaardeerd als een representatief voorbeeld van een laat-negentiende-eeuws herenhuis in neorenaissance-stijl. Het heeft architectuurhistorische waarde vanwege de esthetische kwaliteiten en de detaillering. Daarnaast heeft het pand grote ensemblewaarde als onderdeel van de bebouwing aan de Stationsstraat en als essentieel onderdeel van het dubbele ensemble met Stationsstraat 25.
Zie ook
- Monumentenkaart van de gemeente Assen
- Bouwen voor de opkomende burgerij, De bouwers van Assen deel 4; Geert Stel, door Bertus Boivin en Anthony Ruijtenbeek, Asser Historisch Tijdschrift 2025-04
