Station Losheimergraben

Station Losheimergraben
waterpomp van voormalig stoomtreinstation
waterpomp van voormalig stoomtreinstation
Lijn(en) lijn 45A
Reizigerstellingen[1]
    Weekdag
    Zaterdag
    Zondag
(2022)
-
-
-
Beheerder NMBS
Ligging
Coördinaten 50° 22 NB, 6° 19 OL
Station Losheimergraben (Belgisch spoorwegstation)
Station Losheimergraben
Portaal  Portaalicoon   Openbaar vervoer

Station Losheimergraben (ook Buchholz genoemd) was een station aan de spoorlijn 45A in de Belgische provincie Luik. Dit deel van de spoorlijn werd gesloten op 31 mei 1998. Het station bevond zich tussen het gehucht Buchholz in het westen en de gegraven insnijding in de heuvelflank in het oosten.

Station Losheimergraben bevindt zich enkele honderden meters ten noordwesten van het hoogste punt van het voormalige Belgische spoorwegennet. De spoorlijn werd ten westen van Losheim diep ingegraven in de heuvelflank van de Weisse Stein om de waterscheiding tussen Rijn (Our) en Maas (Warche) over te steken. In deze insnijding bereikte het Belgische spoorwegennet zijn hoogste punt: 619,38 meter boven zeeniveau. Vanaf Losheimergraben daalt de lijn geleidelijk in de richting van Weywertz.

Geschiedenis

Het station bij Losheimergraben bevond zich op een hoogte van 609 meter boven de zeespiegel en was hiermee het hoogste station van het voormalige Belgische spoorwegennet (in 1919 werd het station Belgisch). In 1919 ging Losheimergraben functioneren als Belgisch eindstation. Om Belgische treinen te kunnen laten keren zonder het Duitse grondgebied te laten inrijden werd een draaischijf gebouwd in Buchholz. Ook werd er een watertoren en een waterkraan gebouwd om de stoomlocomotieven van water te voorzien.

Tijdens de slag om de Ardennen botste de Kampfgruppe Peiper hier op 17 december 1944 op enkele soldaten van de Amerikaanse 2e Infanteriedivisie.

Na de Tweede Wereldoorlog - waarin het station voor vier jaar opnieuw Duits werd - werden de draaischijf en de watertoren afgebroken.[2] De put van de draaischijf gingen dienen als waterreservoir (in plaats van de watertoren) zodat de waterkraan kon blijven functioneren. De waterkraan bleef in dienst tot het einde van de jaren 60 van de twintigste eeuw toen de stoomlocomotieven ook voor het goederenvervoer verdwenen van het Belgische spoornet. Voor het personenvervoer tussen Trois-Ponts en Losheimergraben werd al vanaf 1948 gebruik gemaakt van dieseltreinen. De waterkraan werd in 2020 door de gemeente Büllingen gerestaureerd.

In 2006 of 2007 werd de spoorlijn opgebroken. In 2014 werd een fietspad aangelegd op de voormalige spoorwegbedding. In 2017 werd het fietspad geasfalteerd.