Robijnstraat 1-11
| Robijnstraat 1-11 | ||||
|---|---|---|---|---|
![]() | ||||
Robijnstraat 1-11, Amsterdam (december 2005) | ||||
| Locatie | ||||
| Plaats | Amsterdam-Zuid Robijnstraat | |||
| Adres | Robijnstraat 1–11 | |||
| Bijbehorend | Complex Lutma-/Diamantstraat, Woonblok met arbeiderswoningen | |||
| Status en tijdlijn | ||||
| Status | woningen | |||
| Start ontwerp | 1889 | |||
| Gereed | 1891 | |||
| Bouwkundige informatie | ||||
| Architect(en) | Dolf van Gendt | |||
| Opdrachtgever(s) | NV Woon-Stichting | |||
| Prijzen en erkenningen | ||||
| Monumentstatus | rijksmonument | |||
| Monumentnummer | 528403 528408 | |||
| Rijksmonumenten Amsterdam-Zuid | ||||
| ||||
.jpg)
Robijnstraat 1-11 te Amsterdam is een bouwblokje aan de Robijnstraat in De Pijp, Amsterdam-Zuid.
Achtergrond
De omgeving van de Tweede De Ruyterdwarsstraat ontwikkelde zich eind 19e eeuw van landelijk naar stedelijk gebied. Gemeente Nieuwer-Amstel, voornamelijk met landerijen, ontwikkelde tegen de gemeentegrens met Amsterdam een soort dorpskern in een strook langs de Amstel. Nieuwer-Amstel maakte ook nog een stratenplan, dat gebaseerd was op het afwateringsysteem van de polder. Zij gaf nog straatnamen uit, waaronder De Ruyterstraat en een aantal dwarsstraten daarop. Op 1 mei 1896 annexeerde Amsterdam het noordelijk deel van Nieuwer-Amstel, waaronder deze buurt. Amsterdam paste daarop de straatnamen aan, zo werd De Ruyterstraat de Lutmastraat, de Tweede De Ruyterdwarsstraat werd op 9 juni 1921 de Robijnstraat; de hele wijk werd Diamantbuurt.
Gebouw
In die dorpskern liet Woon-Maatschappij met architect Dolf van Gendt arbeiderswoningen van het betere soort bouwen. Van Gendt bracht allerlei variaties, van portiekwoningen tot meer landelijk aandoende bebouwing. Robijnstraat 1-11 valt onder die laatste categorie. Het blokje bestaat uit (van oorsprong) zes geschakelde woningen bestaande uit één bouwlaag met daarboven een kap waaronder een zolder. De woninkjes staat twee-aan-twee symmetrisch in een rij van zes. De toegangsdeuren zijn twee-aan-twee centraal in een risaliet geplaatst. Boven die toegangen zijn dakkapellen geplaatst. Scheiding tussen gevels en dak wordt verzorgd door een lijst over de volle breedte van de zes woningen. Variaties moeten gezocht worden in de kleurschakeringen tussen gele en roodbruine baksteen in banden en ontlastingsbogen. Met name de dakkapellen doen klassiek aan met klauwstukken, friezen, frontons, timpanen en bolpirons.
Opmerkelijk te noemen is hoe de woningreeks geplaatst is. Aan de noordkant is er geen verbinding met andere gebouwen; ze sluit niet aan bij gebouw Tolstraat 136-142 gebouwd in hetzelfde plan en tijd en ontworpen door dezelfde architect. Een blinde muur met een tuitgevel sluit af me een trapgeveltje. De zuidkant echter sluit direct aan op de bebouwing van de Lutmastraat, die van veel later tijd is (1931); daar is geen versiering aangebracht.
Monument
Het woonblokje werd op 6 december 2004 opgenomen in het monumentenregister als zijnde apart rijksmonument (nummer 528408) en onderdeel van het complex (nummer 528403). De redengeving vond men zowel op architectonisch, cultureel- als sociaalhistorisch gebied, nog eens ondersteund door het belang van de stedenbouwkundige opzet.
.jpg)