Tolstraat 136-142

Tolstraat 136-142
Achtergevels Tolstraat 136-142 (2016)
Achtergevels Tolstraat 136-142 (2016)
Locatie
Plaats Amsterdam-Zuid
Tolstraat
Adres Tolstraat 136-142Bewerken op Wikidata
Status en tijdlijn
Start ontwerp 1889
Gereed 1891
Verbouwing 2006
Oorspr. functie arbeiderswoningen
Architectuur
Stijlperiode klassiek 19e eeuws
Bouwkundige informatie
Architect(en) Dolf van Gendt
Prijzen en erkenningen
Monumentstatus gemeentelijk monument
Gemeentelijk monument Amsterdam-Zuid
Portaal  Portaalicoon   Civiele techniek en bouwkunde

Tolstraat 136-142 te Amsterdam is een bouwblok aan de Tolstraat in Amsterdam-Zuid. Het bouwblok is gemeentelijk monument (222102). Het perceel met 19e eeuwse architectuur wordt architectonisch in de schaduw gezet door het belendende Tolstraat 160 van lichtgekleurd beton en het veel lichter gekleurde Asschergebouw van Gerrit van Arkel (twee rijksmonumenten).

Geschiedenis

Hier lagen eeuwenlang landerijen met hier en daar een buitenplaats. In de 19e eeuw werden terreinen ondergebracht binnen de gemeente Nieuwer-Amstel. Deze grensde hier aan de gemeente Amsterdam, de naam Tolstraat verwijst dan ook naar die grens. De twee gemeenten verschilden aanmerkelijk. Nieuwer-Amsterdam bestond uit agrarisch gebied met hier en daar een woonkern, Amsterdam bestond uit stedelijk gebied met relatief weinig groen. Amsterdam liet dan ook vaak haar oog vallen op wat in hun ogen uitstekende grond was voor woningen voor de almaar groeiende bevolking. Nieuwer-Amstel liet op allerlei manieren zien dat het daar niet van gediend was, een vorm van hun protest is nog altijd zichtbaar in het door hun in 1889 opgetrokken Raadhuis van Nieuwer-Amstel, dat tegen die grens aanstond. Dat mocht niet baten, op 1 mei 1896 annexeerde Amsterdam dit noordelijkste deel van Nieuwer-Amstel inclusief raadhuis.

Gebouwen

In 1889 bouwde bouwvereniging Woon Maatschappij nog in Nieuwer-Amstel een aantal woonblokken naar ontwerp van Dolf van Gendt. Tussen de zijstraten Diamantstraat en Robijnstraat kwam een bouwblok te staan, dat aangeduid werd als Blok F. Opvallend voor het blok is dat aan beide kanten een blinde gevel werd achtergelaten; een daarvan is van baksteen de ander van bepleisterd baksteen. De panden binnen het blok kennen een vast stramien, die ook symmetrisch is toegepast. Er zijn vier bouwlagen onder een mansardedak. Per pand heeft een gebouw een centrale toegang met hal in een risalerend deel. Aan de flanken bevonden zich relatief grote vensters. De bovenetages kenden eenzelfde uiterlijk van grote vensters met daartussen kleinere vensters voor het centrale trappenhuis. De gevels zijn opgetrokken uit roodbruine baksteen met hier en daar gele accenten. De overgang naar het dak wordt gevormd door een perceelbrede lijst. Variatie in de gevel wordt verder versterkt door muurankers in voor-, zij en achtergevels en de hemelwaterafvoeren die in bouwgeulen zijn gewerkt. Kenmerkend voor die tijd zijn achteruitbouwen voor keuken en toilet. De oorspronkelijke opzet was een tweekamerwoning (woon- men slaapkamer), waarbij de bedden tegen sw muur daartussen geplaatst konden worden.

Het complexje is in de jaren in het kader van stadsvernieuwing grondig verbouwd, omdat woningen aangepast moesten worden aan nieuwe bouweisen. Daarbij is er wel enig oorspronkelijk materiaal verdwenen, met name de raampartijen hebben daar onder te lijden gehad; de oorspronkelijke schuiframen in houten kozijnen hebben toen plaatsgemaakt voor kunststof kantelramen (2006, aldus bouw en omgevingsdossier gemeente Amsterdam).

Monument

Ondanks dat het complex zich niet meer in originele staat bevindt, werd het toch tot gemeentelijk monument verklaard. Er waren daartoe genoeg redenen vond men. Allereerst werd gewezen op de stedenbouwkundige geschiedenis en plaatsing. Ter plekke staan meer van dit soort bouwblokken (Diamantbuurt). Voorts werden ze gezien als voorbeeld van arbeiderswoningen van het betere soort en opgetrokken in gevarieerd uiter- en innerlijk. Ook de sobere bouwstijl van de late 19e droeg bij tot het monumentschap. Tot slot wordt het gezien als goed werk binnen het oeuvre van architect Dolf van Gendt binnen de typische bouwstijlen die De Pijp herbergt.

Muurschildering

Die bepleisterde zijgevel aan de Robijnstraat werd veel gebruikt door graffitiwriters. Ondanks dat het gebouw valt onder de beschermde gemeentelijke monumenten mocht kunstenaar Lars Brehm de gevel in 2025 voorzien van een zijgevelbrede en -hoge muurschildering, getiteld NAP-Stedenmaagd.