Rafael María de Aguilar

Rafael María de Aguilar
Geboren 26 januari 1753
Écija
Overleden 8 augustus 1806
Manilla
Land Spanje
Handtekening Handtekening
56e Gouverneur-generaal van de Filipijnen
Aangetreden 1 september 1793
Einde termijn 7 augustus 1806
Monarch Karel IV van Spanje
Voorganger Félix Berenguer de Marquina
Opvolger Mariano Fernández de Folgueras
Portaal  Portaalicoon   Filipijnen

Rafael María de Aguilar (Écija, 26 januari 1753[1]Manilla, 8 augustus 1806) was Spaans militair en bestuurder. Aguilar was van 1793 tot 1806 gouverneur-generaal van de Filipijnen. Hij was daarmee de langst dienende gouverneur-generaal uit de geschiedenis van de Filipijnen.[2].

Biografie

Vroege levensloop en carrière

Rafael María de Aguilar werd geboren op 26 januari 1752 in Écija in de Spaanse provincie Sevilla. Zijn ouders waren Don Fernando Pedro de Aguilar Ponce de León en Doña Josefa Fernández de Santillán y Villacís. Zijn grootvader aan zijn moeders kant was Don Francisco Ignacio Santillán, markies van La Motilla. Aguilar diende in 1789 als kolonel in het provinciale regiment in Écija. Het jaar erop trouwde hij na het verkrijgen van dispensatie met Francisca Javiera de Nieto y Aguilar Ponce de León, de dochter van zijn zus Inés Aguilar. Hij was politiek en militair gouverneur van Alcántara tot hij op 22 december 1792 werd benoemd tot Gouverneur-generaal van de Filipijnen.

Gouverneur-generaal van de Filipijnen

Aguilar arriveerde bijna een jaar na zijn benoeming op 28 augustus 1793 in Cavite en begon op 1 september officieel aan zijn termijn. Hij versterkte tijdens zijn periode als gouverneur-generaal de verdediging van Manilla en Cavite anticiperend op een mogelijke Engelse invasie. Ook riep hij Filipino’s op om te dienen in het leger. Een leger van ongeveer 10.000 Spanjaarden en Filipino’s werd op de been gebracht en gestationeerd rondom de hoofdstad. Ook versterkte hij de muren van de stad en liet huizen die een belemmering vormden slopen. Hij liet de lokale marine versterken en vestigde een marinebasis op Corregidor aan het begin van de Baai van Manilla. Op 1e kerstdag 1796 arriveerde een machtige Spaanse vloot, onder leiding van admiraal Ignacio Maria de Alava, in Manilla om de Filipijnen te verdedigen tegen Groot-Brittannië.[3][4] Eerder dat jaar hadden Spanje en revolutionair Frankrijk het Verdrag van San Ildefonso getekend, waarna Spanje aan Groot-Brittannië de oorlog had verklaard.

Alava met zijn vloot zou nog jarenlang in Filipijnen gestationeerd blijven en uiteindelijk pas in 1803 terugkeren in Spanje. Een Engelse invasie bleef uit, maar er waren in de loop der jaren wel enkele Engelse aanvallen in het zuiden van de Filipijnen. Zo vielen op 21 september 1798 twee Engelse schepen het Spaanse fort in Zamboanga aan. Deze aanval werd echter afgeslagen. Ook in 1804 en 1805 waren er enkele pogingen van Engelse schepen om dorpen aan de kust van Mindanao in te nemen. Ook die aanvallen werden echter afgeslagen.[4]

Daarnaast verbeterde Aguilar de openbare werken in en rond Manilla. Zo liet hij een hoofdweg van Manilla naar Cavite aanleggen, bracht verlichting aan in de straten van de hoofdstad en liet verharde trottoirs aanleggen. Ook reorganiseerde de lokale politie en stimuleerde hij de lokale industrie. Ook werden de Spanjaarden tijdens de termijn van Aguilar geteisterd door aanvallen van de moro’s (moslims) uit het zuiden van het land. In 1794 liet hij een scheepswerf bouwen in Binondo (Manilla) met als hoofddoel de bouw van boten die gebruikt konden worden in strijd tegen de moro’s.[2][4]. Deze maatregel en de jarenlange aanwezigheid van de vloot Spaanse schepen onder leiding van Alava konden echter niet voorkomen dat de moro's hun aanvallen bleven voortzetten. Op het eiland Mindoro, voorheen de grootste bron van voedselvoorziening van Manilla van met name rijst, waren de lokale bewoners de dorpen in de kuststrook ontvlucht door de aanvallen. Nadat Aguilar in 1803 een corregidor had aangesteld voor Mindoro werd het er weer rustig, hielden de aanvallen op, en keerden de lokale bewoners weer terug in hun dorpen.

Aguilar werd op 7 augustus 1806, wegens ernstige gezondheidsproblemen, ad interim opgevolgd door Mariano Fernandez de Folgueras. De dag daarop stierf hij op 53-jarige leeftijd.[2][5] Vlak voor zijn overlijden werd Aguilar benoemd tot onderkoning van Nieuw-Spanje. Het nieuws van deze aanstelling bereikte de Filipijnse kolonie echter pas na zijn dood.[1]

Referenties

  1. 1 2 Biografie Rafael María de Aguilar y Ponce de León, Real Academia de la historia
  2. 1 2 3 Blair, E. H., Robertson, J. A., The Philippine Islands, 1493-1803, The Arthur H. Clark Company, Cleveland, 1903, Vol. 17, p. 300.
  3. Blair, E. H., Robertson, J. A., The Philippine Islands, 1493-1803, The Arthur H. Clark Company, Cleveland, 1903, Vol. 50, p. 70.
  4. 1 2 3 Blair, E. H., Robertson, J. A., The Philippine Islands, 1493-1803, The Arthur H. Clark Company, Cleveland, 1903, Vol. 50, p.69 – p.74 en Vol. 51, p.23 – p.28.
  5. Blair, E. H., Robertson, J. A., The Philippine Islands, 1493-1803, The Arthur H. Clark Company, Cleveland, 1903, Vol. 50 p. 74.