Poverty Row
Poverty Row is een informele benaming voor kleine Hollywoodstudio's die van de jaren twintig tot en met de jaren vijftig B-films produceerden, doorgaans met veel kleinere budgetten en lagere productiewaarden dan die van de grote studio's.[1] Hoewel veel van deze studio's gevestigd waren in de buurt van Gower Street in Hollywood, heeft de term niet noodzakelijkerwijs betrekking op een specifieke fysieke locatie.[2]
Veel van de films die door Poverty Row-studio's werden geproduceerd, waren westerns, filmkomedies, avonturenfilms en misdaadfilms.[1]
Studio's
Hoewel sommige Poverty Row-studio’s slechts kort bestonden en maar een handvol films produceerden,[3] functioneerden andere op een vergelijkbare manier als de grote filmstudio’s – zoals Metro-Goldwyn-Mayer, Warner Bros. en Paramount Pictures – zij het op veel kleinere schaal.
De meest succesvolle en duurzame Poverty Row-studio's hadden permanente productielocaties, hadden een cast en crew onder contract en produceerden een gevarieerder aanbod dan de kleinere bedrijven.
De belangrijkste Poverty Row-studio's waren:
- CBC Productions, opgericht door Harry Cohn, werd van 1919 tot 1924 als een Poverty Row-studio beschouwd.[4] Werd in 1924 omgedoopt tot Columbia Pictures.[5]
- Tiffany Pictures was van 1921 tot 1932 actief als productiebedrijf (ongeveer 90 films) en distributeur.
- Mascot Pictures werd in 1927 opgericht door Nat Levine en fuseerde in 1935 met vijf andere Poverty Row-studio's tot Republic Pictures.
- Larry Darmour Productions floreerde van 1927 tot de jaren dertig, vooral dankzij de populariteit van de Mickey McGuire-kortfilms met Mickey Rooney in de hoofdrol. Darmour was tot 1935 ook de hoofdproducent van Majestic Pictures.
- Monogram Pictures ontstond in 1931 door de fusie van Sono Art-World Wide Pictures met Rayart Pictures. Na de poging tot fusie van Monogram met Republic Pictures in 1935, nam Johnston Monogram weer zelfstandig over en produceerde in de daaropvolgende decennia films variërend van musicals voor de jeugd met populaire swingbands in de hoofdrol tot klassieke verhalen zoals Oliver Twist en de laatste films van Kay Francis. Monogram ontwikkelde zich in 1953, in relatief stabiele financiële omstandigheden, tot Allied Artists.[6]
- Republic Pictures werd opgericht in 1935 toen Herbert J. Yates zes andere gevestigde Poverty Row-bedrijven (Monogram, Mascot, Liberty, Majestic, Chesterfield en Invincible) samenvoegde met zijn Consolidated Film Laboratories. Republic begon in de jaren dertig met het uitbrengen van korte series en westerns met Gene Autry, voordat het uiteindelijk meeliftte op het succes van latere supersterren Roy Rogers[7] en John Wayne. Republic's The Quiet Man (1952) werd genomineerd voor een Oscar voor Beste Film en John Ford won de Oscar voor Beste Regisseur.
- Grand National Films werd in 1936 opgericht en had belangrijk talent in huis, zoals James Cagney en regisseur Charles Lamont, maar kon niet overleven zonder een eigen distributiekanaal. Het bedrijf ging in 1939 failliet na ongeveer 100 films te hebben uitgebracht.
- Producers Releasing Corporation (PRC) werd opgericht in 1939 en bleef bestaan tot 1946, toen het werd opgenomen in Eagle-Lion Films. PRC produceerde een gestage stroom westerns en gangsterfilms met af en toe hoogtepunten, zoals de film noir-klassieker Detour[8] (1945) en Minstrel Man (1944), die voor zijn muziek twee Oscarnominaties kreeg.[9]
Kleinere studio's
De kleinste studio's, waaronder Tiffany Pictures, Victory Pictures, Mascot Pictures en Chesterfield Pictures, brachten vaak films uit van onafhankelijke producenten, Britse "quota quickie"-films of exploitatiefilms zoals Hitler – Beast of Berlin[10] om hun eigen beperkte productiecapaciteit aan te vullen. Producenten richtten soms een nieuwe studio op wanneer hun vorige failliet ging, zoals Reliable Pictures en Metropolitan Pictures van Harry S. Webb en Bernard B. Ray.
Sommige studio's, zoals Astor Pictures en Realart Pictures, begonnen met het verkrijgen van de rechten om oudere films van andere studio's opnieuw uit te brengen voordat ze hun eigen films produceerden.
Verhouding tot andere filmstudio's
- De grote vijf
- Metro-Goldwyn-Mayer
- Paramount Pictures
- 20th Century Fox
- Warner Bros.
- RKO Pictures (tot de jaren vijftig)
- De kleine drie
- Poverty Row (top 4)
- Andere
- Walt Disney Studios (enkel animatie, werd pas enkele decennia later een grote studio)
- Embassy Pictures
- London Films
Teloorgang
Door het studiosysteem (waarbij de productie en distributie van films werd gedomineerd door een klein aantal grote filmstudio's) en de praktijk van blokboekingen (waarbij bioscopen meerdere films als één geheel moesten aankopen) zaten onafhankelijke bioscopen gretig te wachten op producties van de Poverty Row-studio's.
De ontbinding van het studiosysteem na de uitspraak in een rechtszaak van de Verenigde Staten tegen Paramount Pictures uit 1948 en de opkomst van de televisie waren enkele van de factoren die leidden tot de neergang en uiteindelijke verdwijning van de traditionele Poverty Row-studio's, hoewel er tot op de dag van vandaag kleine en onafhankelijke studio's blijven bestaan.[11]
Zie ook
- Dit artikel of een eerdere versie ervan is een (gedeeltelijke) vertaling van het artikel Poverty Row op de Engelstalige Wikipedia, dat onder de licentie Creative Commons Naamsvermelding/Gelijk delen valt. Zie de bewerkingsgeschiedenis aldaar.
- 1 2 (en) Down and Dirty in Gower Gulch: Poverty Row Films Preserved at UCLA. Wexner Center for the Arts.
- ↑ (en) Larkin, Rochelle (1975). Hail, Columbia
. Arlington House Publishers, pp. 11-12. ISBN 0-87000-239-2. - ↑ (en) Preserving Poverty Row: Q&A with Scott MacQueen. UCLA Film & Television Archive (5 oktober 2018).
- ↑ (en) Bernstein, Matthew (1 juli 1995). Review: The Merchant Prince of Poverty Row: Harry Cohn of Columbia Pictures by Bernard F. Dick
. Film Quarterly 48 (4): 51-52. DOI:10.2307/1213587. - ↑ (en) Finler, Joel W. (2003). The Hollywood Story
. Wallflower Press, p. 81. ISBN 1-903364-66-3. - ↑ (en) Getz, Leonard (2015). From Broadway to the Bowery. McFarland, "The Bowery Boys", pp. 173-175. ISBN 978-07-864-8742-4.
- ↑ (en) Smith Nehme, Farran, The Dirt-Cheap Lost Classics of Poverty Row Filmmakers, Restored at MOMA. The Village Voice (19 oktober 2017).
- ↑ (en) Hoad, Phil, "My streaming gem: why you should watch Detour", The Guardian, 6 juli 2020.
- ↑ (en) The 17th Academy Awards | 1945. Academy of Motion Picture Arts and Sciences.
- ↑ (en) Miller, Cynthia J., The "B" Movie Goes to War in Hitler, Beast of Berlin (1939). Project MUSE.
- ↑ (en) French, Philip, "Low-budget dross and brilliance", The Guardian, 17 april 2003.