Marie Adélaïde de La Touche Limouzinière

Marie Adélaïde de La Touche Limouzinière
Marie Adélaïde de La Touche Limouzinière
Algemene informatie
Geboren 5 maart 1760
Grenada
Overleden 24 januari 1794
Les Sables-d'Olonne
Nationaliteit Vlag van Frankrijk Frankrijk
Bekend van opstand in de Vendée
Overig
Politiek monarchisme

Marie Adélaïde de La Touche Limouzinière, gravin van La Rochefoucauld, (Grenada, 5 maart 1760 - Les Sables-d'Olonne, 24 januari 1794) was een Franse aristocrate. In de Franse Revolutie was ze een actieve contrarevolutionair en royalist. Ze nam in 1793 tijdens de opstand in de Vendée aan het hoofd van een troep gewapende boeren deel aan de strijd. Nog geen jaar na het begin van de opstand werd ze verraden. Een revolutionaire militaire commissie veroordeelde haar ter dood en ze werd op 24 januari 1794 gefusilleerd. Zij behoort tot een kleine groep vrouwelijke strijders rond legerleider François Charette de La Contrie die 'de amazones van Charette' wordt genoemd.

Jeugd en huwelijk

Marie Adélaïde de La Touche Limouzinière werd in 1760 geboren op het Antilliaanse eiland Grenada, dat toen nog Frans bezit was. Zij was de dochter van Henri-Louis de la Touche Limouzinière, heer van Mareuil, en Jeanne-Marie Cocu de la Fouchardière, vrouwe van Greix. Haar vader kwam uit een adellijke Hugenotenfamilie, die onder Lodewijk XIV naar de Antillen was geëmigreerd om aan vervolging te ontkomen. Een paar jaar na haar geboorte keerde de familie terug naar Frankrijk.

In 1778 trouwde ze met de graaf de La Rochefoucauld-Bayers, een kapitein in de marine. Haar man was afkomstig uit de Vendée en het echtpaar vestigde zich in Puy-Rousseau, vlakbij La Garnache. Een van hun buren daar was François Charette de La Contrie (1763-1796). Hij was een voormalig marineofficier afkomstig uit de lagere Bretonse adel, die verschillende militaire campagnes had meegemaakt.[1][2]

Franse Revolutie en de opstand in de Vendée

In 1789 brak de Franse Revolutie uit. Haar echtgenoot verliet Frankrijk in 1791 om zich aan te sluiten bij het contrarevolutionaire leger van de emigré’s (ook wel het leger van de prinsen genoemd). Madame de La Rochefoucauld bleef met hun twee zoons in Puy-Rousseau wonen.[3]

In maart 1793 begon de opstand in de Vendée: een conflict tussen royalisten en de revolutionaire machthebbers in Parijs, ook bekend als de Vendée-oorlog. De gravin van La Rochefoucauld besloot zich aan de kant van de royalisten actief in de strijd te mengen. Op 13 maart 1793 veroverde ze aan het hoofd van een troep gewapende boeren het stadje La Garnache; ze werd bijgestaan door de rentmeester Joseph Thoumazeau. Eind maart sloot ze zich met haar manschappen aan bij de troepen van opstandelingenleider Jean-Baptiste Joly. Ze zou hebben deelgenomen aan de aanval op Les Sables-d'Olonne en aan de slag bij Palluau op 15 mei 1793.[3]

François Charette de La Contrie

Ze kon het niet goed vinden met Joly. In mei 1793 vertrok ze naar Legé, waar haar voormalige buurman Charette de la Contrie, inmiddels een contrarevolutionaire legerleider, zijn hoofdkwartier had. Over haar verdere rol in de opstand verschillen de bronnen van mening. Er wordt gesuggereerd dat Madame de La Rochefoucauld een actieve rol bleef spelen in de gewapende strijd. Zij wordt gezien als een van de zogenaamde ‘amazones van Charette', een kleine groep adellijke vrouwelijke strijders rond deze legerleider.[4][5] De Vendée-veteraan La Championnière ontkent in zijn memoires echter dat zij manschappen aanvoerde of zelf in de voorste linies meevocht.[3][6]

Volgens La Championnière kreeg Madame de La Rochefoucauld ruzie met Charette, met wie ze een relatie zou hebben gehad. Ook op aandringen van Thoumazeau verliet ze hem en zijn leger. Ongeveer tegelijkertijd voegde Céleste Bulkeley zich bij de amazones van Charette. Tijdens het offensief van het revolutionaire regeringsleger in september en oktober 1793 hield zij zich schuil in de moerassen rond Challans. Daarna bleef ze met haar troep kleine aanvallen uitvoeren op de achterhoedes van het regeringsleger. Zij zou daarbij financiële en logistieke steun hebben gekregen van een plaatselijke rijke herenboer.[3]

Arrestatie, proces en executie

De verblijfplaats van de gravin van La Rochefoucauld en Joseph Thoumazeau werd verraden; op 16 januari 1794 werden ze gearresteerd in Dompierre-sur-Yon. Ze werden naar Les Sables-d'Olonne gebracht en daar berecht door een revolutionaire militaire commissie. Tijdens haar proces beweerde Madame de La Rochefoucauld dat ze gedwongen was om de opstandelingen te volgen, en zelf nooit deel had genomen aan de gewapende strijd. Ook zou ze Charette sinds het begin van de opstand nauwelijks hebben gesproken. Thoumazeau probeerde haar te helpen door zelf alle verantwoordelijkheid op zich te nemen. Getuigen verklaarden echter dat beiden betrokken waren geweest bij royalistische militaire acties, plunderingen en intimidatie. Ze werden ter dood veroordeeld en op 24 januari 1794 in Les Sables-d'Olonne geëxecuteerd. Omdat de plaatselijke guillotine op dat moment defect was, werden ze in de duinen bij het strand gefusilleerd.[6][3]