Kriegsabzeichen für die Marine-Artillerie
| Kriegsabzeichen für die Marine-Artillerie | ||||
|---|---|---|---|---|
![]() | ||||
Kriegsabzeichen für die Marine-Artillerie | ||||
| Uitgereikt door | ||||
| Type | Steckkreuz | |||
| Bestemd voor | Dienst in de landgebonden marine-artillerie- en luchtafweereenheden van de Kriegsmarine | |||
| Status | In onbruik geraakt | |||
| Statistieken | ||||
| Instelling | 24 juni 1941[1][2][3][4][5] | |||
| Totaal uitgereikt | ca.6400[6] | |||
| Postume uitreikingen |
Ja[1][2][7] | |||
| Volgorde | ||||
| Volgende (hoger) | Marine-Frontspange[8] | |||
| Gelijkwaardig | Luchtafweerinsigne van het Leger | |||
| Volgende (lager) | Geen | |||
| ||||
Het Kriegsabzeichen für die Marine-Artillerie (Nederlands: Oorlogsinsigne van de Marineartillerie) werd op 24 juni 1941 door de opperbevelhebber van de Kriegsmarine grootadmiraal Erich Raeder, ingesteld.
Ontwerp
Het artistieke ontwerp is van de Berlijnse beeldhouwer Otto Placzek.[6][1][3] De Berlijnse firma C.E. Juncker was een van de vervaardigers van het insigne.[7] Het insigne is vervaardigd uit tombakbrons (later fijn zink).
Het Oorlogsinsigne van de Marineartillerie bestaat uit een ovale krans van eikenbladeren, met bovenaan een Duitse adelaar van de Wehrmacht met hakenkruis. In het midden staat een naar linksboven gericht stuk kustartillerie, terwijl de zee op de achtergrond in golvende lijnen is weergegeven.
Het insigne meet 41 millimeter in de lengte (van onderkant tot kruin van de adelaar) en 53 millimeter in de breedte. Bevestiging geschiedt met een gesp op de achterzijde.
Instellingsbeschikking
Op 24 juni 1941 werd in het Reichsgesetzblatt de instellingsbeschikking[6][9] voor het Oorlogsinsigne van de Marineartillerie gepubliceerd.
- Ter erkenning van hun verantwoordelijke en succesvolle strijd in de luchtafweer gelast ik de invoering van een Oorlogsinsigne van de Marineartillerie.
- Het insigne kon worden verleend aan gevechtseenheden en individuele militairen van alle rangen, inclusief gesneuvelden en overledenen. De verlening geschiedde door de bevelvoerende admiraals en de Admiraal Zuidoost.
- Het insigne werd op het uniform gedragen zoals het Onderzeebootoorlogsinsigne 1939.
Kwalificatie voor de toekenning
De toekenning van het insigne was gebaseerd op een puntensysteem[10][11]. Een minimum van 8 punten was vereist om in aanmerking te komen. Het insigne kon ook worden toegekend zonder punten, op basis van iedere daad van moed, verdienste of goed leiderschap tijdens een luchtafweeroperatie.[2][5]
Puntenverdeling:
- Neerschieten van een vijandelijk vliegtuig door lichte, middel- of zware artillerie: 2 punten.
- Assistentie van andere batterijen: 1 punt.
- Succesvolle inzet van een 150-cm zoeklichtbatterij of een 60-cm zoeklichtpeloton, waardoor de voorwaarden voor succesvolle bestrijding door luchtafweerbatterijen of nachtjagers werden geschapen: 0,5 punt.
- Succesvolle bediening van een radartoestel, waarbij het neerschieten van een vijandelijk vliegtuig door luchtafweergeschut aan deze apparatuur werd toegeschreven en geregistreerd: 2 punten.
- Succesvol werk van de gevechtsstaven van luchtafweergroepen of ondergroepscommando’s, dat het neerschieten van een vijand door gepland vuur mogelijk maakte: 2 punten.
Het Oorlogsinsigne van de Marineartillerie kon ook worden toegekend ongeacht de bovenstaande voorwaarden:
- Voor buitengewone prestaties in de strijd.
- Voor verdiensten in de troepenleiding, voor officieren vanaf de rang van bataljonscommandant en lager, mits geen andere onderscheidingen werden verleend.
- Aan overledenen die aan de bovenstaande voorwaarden voldeden of deze nagenoeg vervulden, indien hun dood het gevolg was van een verwonding, ongeval of ziekte opgelopen tijdens hun inzet.
Na de Tweede Wereldoorlog
Het insigne bevat een hakenkruis, waardoor het verzamelen, tentoonstellen en verhandelen in Duitsland aan strenge wettelijke regels is gebonden. Na de bezetting van Duitsland verboden de geallieerde mogendheden het dragen van alle Duitse orden en onderscheidingen, inclusief die uit het Duitse Keizerrijk van vóór 1918. Dit verbod bleef in de DDR altijd van kracht. Op 26 juli 1957 vaardigde de Bondsrepubliek Duitsland een wet uit waarin het dragen van onderscheidingen met hakenkruizen of de runen van de SS werd verboden. Het dragen van dit insigne werd, net als dat van de Orde van Verdienste van de Duitse Adelaar en het Ereteken voor de 9e november 1923 (de zogenaamde Bloedorde), streng verboden. Ook het verzamelen, tentoonstellen en afbeelden van de onderscheiding werd aan strenge regels gebonden. Een aantal onderscheidingen werd ontdaan van de hakenkruizen, soms ook van de adelaar. In deze gedenazificeerde uitvoering mochten de onderscheidingen worden gedragen. Dit geldt ook voor het Oorlogsinsigne van de Marineartillerie.[12]
Zie ook
Externe links
- TRACESOFWAR: databank van gedecoreerden met het Kriegsabzeichen für die Marine-Artillerie
- (en) Wehrmacht awards: Costal Artillery Badge
- (de) Lexikon der Wehrmacht: Kriegsabzeichen für die Marineartillerie
- Dit artikel of een eerdere versie ervan is een (gedeeltelijke) vertaling van het artikel Kriegsabzeichen für die Marineartillerie op de Duitstalige Wikipedia, dat onder de licentie Creative Commons Naamsvermelding/Gelijk delen valt. Zie de bewerkingsgeschiedenis aldaar.
- (en) Angolia, John R. (1976). For Fuhrer and Fatherland: Military Awards of the Third Reich, 1ste. R. James Bender Publishing, San Jose, p. 147. ISBN 0912138149.
- (en) Ailsby, Christopher (1987). Combat Medals of the Third Reich (PDF). Patrick Stephens, Wellingborough, Northamptonshire, p. 144. ISBN 0805598222.
- (en) Lumsden, Robin (2001). Medals and Decorations of Hitler's Germany (PDF). Airlife Publishing Ltd, Engeland, 64, 65. ISBN 9781840371789.
- (de) Klietmann, Kurt G. (1982). Auszeichnungen Des Deutschen Reiches 1936-1945 (PDF), 2e. Motorbuch Verlag Stuttgart, Stuttgart, 139, 140, 144. ISBN 3879436894.
- (de) Doehle, Heinrich (1945). Die Auszeichnungen des Grossdeutschen Reichs (PDF). Verlag E.O. Erdmenger & Co K.G., Berlijn, 121, 122. ISBN 3931533433.
- 1 2 3 Doehle 1945, p.121.
- 1 2 3 Angolia 1976, p.147.
- 1 2 Ailsby 1987, p.144.
- ↑ Klietmann 1982, p.139.
- 1 2 Lumsden 2001, p.64.
- 1 2 3 (de) Lexikon der Wehrmacht: Kriegsabzeichen für die Marineartillerie. Geraadpleegd op 30 augustus 2025.
- 1 2 Lumsden 2001, p.65.
- ↑ Klietmann 1982, p.144.
- ↑ (de) files.fm: Marineverordnungsblatt des Oberkommandos der Kriegsmarine für das Jahr 1941. p.416. Geraadpleegd op 4 september 2025.
- ↑ Klietmann 1982, p.140.
- ↑ Doehle 1945, p.122.
- ↑ (de) Ordensjournal met afbeeldingen Geraadpleegd op 30 augustus 2025
