Officier (rang)

Een officier (Lat. officium, ambt) is een functionaris met een rang hoger dan een onderofficier. Een officier geeft leiding en houdt toezicht op ondergeschikten. De functie komt niet alleen bij de strijdkrachten voor, maar ook in de scheepvaart, luchtvaart en bij de politie, brandweer, civiele bescherming en justitie.
Officiercategorieën
In het algemeen ontvangt een officier bij de Nederlandse krijgsmacht zijn of haar opleiding aan de Koninklijke Militaire Academie (KMA) of het Koninklijk Instituut voor de Marine (KIM). Men kan ook officier worden als men de juiste (voor)opleiding heeft en een bijzondere militaire opleiding afrondt. Men behoort dan tot de categorie 'officier speciale diensten'. De KMA/KIM-opgeleide officier wordt wel aangeduid als 'A-categorie-officier' en de officier speciale diensten als 'B-categorie-officier'. Door een extra opleiding kunnen excellerende B-cat-officieren, A-cat-officier worden en daarmee dezelfde doorstroommogelijkheden krijgen. Daarnaast kunnen excellerende onderofficieren met de rang van adjudant, 'vakofficier' worden. Ook hiervoor dient een overgangscursus gevolgd te worden, die weleens gekscherend de 'mes-en-vorkcursus' wordt genoemd.
De hoogst haalbare rang voor een vakofficier is kapitein, een B-cat-officier majoor en A-cat-officieren kunnen alle rangen halen.
Daarnaast kunnen officieren ingedeeld worden in de volgende categorieën:
- onderofficier (in feite geen officier maar iemand met een rang 'onder' die van officier);
- subalterne officier;
- hoofdofficier;
- opperofficier.
Zie ook
- Koninklijke Militaire School (België)
- Officier van justitie, een algemeen opsporingsambtenaar en vertegenwoordiger van het Openbaar Ministerie (OM).
- Officier van gezondheid, een arts-officier bij de militaire geneeskundige dienst van een leger.
- Officier van Dienst, een functie binnen de crisisbeheersing.
- Eerste officier, een gezagvoerder in de luchtvaart, of plaatsvervangend commandant in de scheepvaart.