Jan Jacob Iman Sprenger
| Jan Jacob Iman Sprenger | ||
|---|---|---|
![]() | ||
| Algemene informatie | ||
| Geboortedatum | 16 juli 1890 | |
| Geboorteplaats | Middelburg | |
| Overlijdensdatum | 28 augustus 1976 | |
| Overlijdensplaats | Wageningen | |
| Werk | ||
| Beroep | academicus, academisch docent | |
| Werkgever(s) | Koninklijk Instituut voor Technisch Hoger Onderwijs in Nederlands-Indië | |
| Functies | rector van ITB/THB, rector van ITB/THB | |
| Persoonlijk | ||
| Talen | Indonesisch, Nederlands | |
| De informatie in deze infobox is afkomstig van Wikidata. U kunt die informatie bewerken. | ||
Jan Jacob Iman Sprenger (Middelburg, 16 juli 1890 – Renkum, 28 augustus 1976)[1][2] was hoogleraar civiele techniek op het gebied van waterbouwkunde en grondmechanica en de tiende en veertiende rector van de Technische Hoogeschool te Bandoeng. Hij bekleedde deze functie gedurende twee termijnen: van 14 augustus 1937 tot 18 juli 1938 en van 1 augustus 1941 tot 8 maart 1942. Hij was de eerste hoogleraar die het vakgebied grondmechanica ontwikkelde aan de TH Bandoeng.
Opleiding
Jan Jacob Iman Sprenger werd geboren op 16 juli 1890 in Middelburg als zoon van Frederik Jacob Sprenger en Cecilia Johanna Buteux. Op 3 mei 1922 trouwde hij in Zeist met Susanna Constantia Lambrechtsen van Ritthem.
Na zijn afstuderen aan de HBS Middelburg in juli 1907,[3] vervolgde hij zijn studie aan de Technische Hogeschool Delft. In januari 1916 studeerde hij af als civiel ingenieur.[4]
Chefoo en Rotterdam
In 1916 werkte hij voor de Nederlandsche Maatschappij voor Havenwerken, zes maanden op het hoofdkantoor in Amsterdam en ging daarna naar het kantoor van dit bedrijf in Peking.[5] Hij nam drie jaar lang, tot 1920, deel aan het havenbouwproject in Chefoo (Noord-China).
Vanaf 1 januari 1921 werkte hij voor de Dienst Gemeentewerken van Rotterdam. Hier heeft hij zich veel verdiept in funderingen en gronddrukken, waarover hij het nodige gepubliceerd heeft in De Ingenieur. Ook was hij actief in veel discussies in dit tijdschrift, zoals zijn polemiek over betonopzetters in 1926-1928.
Bandoeng
In 1931 werd Sprenger benoemd tot vast hoogleraar ter versterking van het docentenkorps waterbouwkunde (inclusief havens) aan de TH Bandoeng. [6] De vakken die hij doceerde, waren onder andere waterbouwkunde, transporttechniek, grondmechanica en funderingen. Zijn ervaring in Rotterdam in funderingstechniek en grondmechanica droeg aanzienlijk bij aan de ontwikkeling van deze vakgebieden aan de TH Bandoeng, wat leidde tot de oprichting van het Laboratorium voor Grondmechanica op de campus.
Van 1 februari 1937 tot 14 augustus 1937 verving hij prof. dr. H. R. Woltjer, die aftrad als secretaris van de faculteit Technische Ingenieurswetenschappen van de TH Bandoeng. Van 14 augustus 1937 tot 18 juli 1938 was hij rector/voorzitter van de faculteit Technische Ingenieurswetenschappen van de TH Bandoeng, als opvolger van prof. ir. P. P. Bijlaard.
Sprengers' activiteiten buiten de TT Bandoeng – hoewel nog steeds verwant – omvatten onder meer de volgende functies:
- Voorzitter van de regio Nederlands-Indië voor de "Int. Commissie v. Groote Reservoirdammen"
- Voorzitter van de "Nederlandsch-Indië Raad v. Technische Arbitrage"
- Vicevoorzitter van de "Nederlandsch-Indië Wegenvereeniging"
Van 1 augustus 1941 tot 8 maart 1942 was hij voor de tweede keer rector, als opvolger van prof. ir. J. W. F. C. Proper. Op 8 maart 1942 gaf Nederland zich over aan de Japanners in Kalijati, waarna het rectoraat van de TH Bandoeng, na veertien periodes onder leiding van tien rectoren, werd gesloten. Na de oorlog was hij betrokken bij de heroprichting van de “kring Bandoeng “ van het Koninklijk Instituut van Ingenieurs.[7] Tijdens zijn verblijf in Bandoeng woonde hij aan de Bandastraat 5 (nu Jl. Banda).
Terug in Nederland
Vanwege de moeilijke politieke situatie vond tussen 1945 en 1950 een repatriëring van Indische Nederlanders plaats. Repatriëring van Indische Nederlanders naar Nederland werd niet aangemoedigd. Velen van hen werd het zelfs bemoeilijkt om zich in Nederland te vestigen; verzoeken om een voorschot voor een bootticket te verstrekken werden vaak afgewezen. Vandaar ook dat Sprenger geen betrekking in zijn eigen vakgebied bij de TH Delft kon vinden. Na zijn terugkeer naar Nederland (1948) vond hij werk bij het Droogtechnisch Laboratorium, onderdeel van het Centraal Instituut voor Landbouwkundig Onderzoek (CILO) , van de Dienst Landbouwkundig Onderzoek in Wageningen, wellicht door bemiddeling van zijn neef, prof. A.M. Sprenger. Hi heeft heel veel gepubliceerd over heterogene van landbouwproducten.
In augustus 1957 werd hij benoemd tot officier in de Orde van Oranje-Nassau; hij was toen 25 jaar rijksambtenaar.[8][9]
Publicaties
- (26 mei 1923). Samenstelling van gewapend beton voor werken in zeewater. De Ingenieur 38 (21)
- (8 september 1923). Samenstelling van gewapend beton voor werken in zeewater.. De Ingenieur 38 (36)
- (16 oktober 1926). Nogmaals gewapend beton-opzetters. De Ingenieur 41 (42)
- (3 december 1927). De waterdichtheid van beton, in verband met nieuwere inzichten omtrent mengverhouding. De Ingenieur 42 (49)
- (10 mei 1929). De Onderbouw der nieuwe Koninginnebrug. DeIngenieur
- (5 december 1930). Eenige beschouwingen over de draagkracht van heipalen.. De Ingenieur 45 (49)
- (20 maart 1931). Eenige beschouwingen over de draagkracht van heipalen.. De ingenieur D (12)
- Het beton als materiaal voor waterbouwkundige werken, OCLC 66216364. TH Bandoeng (1931). Zie: (18 december 1931). Samenvatting. De Ingenieurs 46 (51)
- (1934-10). De kaaimuur van het Deensche type. De Ingenieur in Nederlandsch-Indië (10)
- Het Suez-kanaal: eenige zijner ingenieursproblemen, OCLC 63375800. Bandoeng : Gebr. Kleijne & Co (1937).
- Graandrogen en graadrogers. Veenman (1948). Bespreking in: (21 augustus 1948). Boekbespreking. Zeeuwsch landbouwblad 36, 1948, no. 1929, 21-08-1948
- Verslag van een proef met schuurhooidroging, gehouden 20 Juni-4 Juli 1949 te Wageningen, OCLC 192093757. Centraal Instituut voor Landbouwkundig Onderzoek (1949).
- Een algemeen maatstelsel voor wetenschap en techniek, OCLC 192107405. Centraat Instituut voor Landbouwkundig Onderzoek.
- Verslag van droog- en dorsproeven met mais, uitgevoerd te Kerwijk ged. de maand October 1949, OCLC 192107595. Centraal Instituut voor Landbouwkundig Onderzoek.
- Verslag van een reis naar Brussel voor het deelnemen aan het VIIIste Internationaal Congres der Landbouwverwerkende Industrie, OCLC 1016598394 (1950).
- Theorie over het drogen van landbouwproducten, OCLC 1016803361. Centraal Instituut voor Landbouwkundig Onderzoek (1950).
- Enige eigenschappen van de logarithmische kromme, OCLC 1016819597. Centraal Instituut voor Landbouwkundig Onderzoek (1951).
- Ontwerp voor kleine silo's van gewapend beton voor graanopslag in de buitenlucht op het boerenbedrijf, OCLC 1016786275. Centraal Instituut voor Landbouwkundig Onderzoek (1956).
- Schuurdroging van landbouwproducten, OCLC 1016609103. Centraal Instituut voor Landbouwkundig Onderzoek (1952).
- ↑ Middelburg geboorteakten burgerlijke stand. Zeeuws archief (24 oktober 1817). Geraadpleegd op 3 december 2025.
- ↑ "Overlijdensadvertentie", NRC Handelsblad, 30 augustus 1976. Geraadpleegd op 3 december 2025. – via Delpher.
- ↑ "Examens hbs", Algemeen Handelsblad, 28 juli 1907. Geraadpleegd op 3 december 2025. – via Delpher.
- ↑ "Academische examens", Algemeen Handelsblad, 1916-91-27. Geraadpleegd op 3 december 2025. – via Delpher.
- ↑ (21 oktober 1916). Personalia. De Ingenieur 31 (43)
- ↑ (1 mei 1931). Personalia. De Ingenieur 46 (18)
- ↑ "Heroprichting kring Bandoeng", Nieuwe courant, 22 maart 1946. Geraadpleegd op 5 december 2025. – via Delpher.
- ↑ onderscheidingen. Inventaris van het archief van de Kanselarij der Nederlandse Orden, 1815-1994.
- ↑ "Uit de staatscourant", Algemeen Handelsblad, 10 augustus 1957. Geraadpleegd op 5 december 2025. – via Delpher.
- Dit artikel of een eerdere versie ervan is een (gedeeltelijke) vertaling van het artikel Jan Jacob Iman Sprenger op de Indonesischtalige Wikipedia, dat onder de licentie Creative Commons Naamsvermelding/Gelijk delen valt. Zie de bewerkingsgeschiedenis aldaar.
