Geta (schoeisel)

Geta

Geta (Japans: 下駄) zijn Japanse slippers van hout. Ze worden meestal gedragen bij traditionele kleding zoals de kimono. Ze hebben een platte, houten basis met maximaal drie (meestal twee) 'tanden'. Ze worden met een stoffen riempje aan de voet vastgehouden, zodat de voet boven de grond blijft. De schoenzolen zijn verhoogd. Er staan vier 'blokjes' onder die voorkomen dat de voeten vuil worden. Ze worden niet binnenshuis gedragen. Binnen dragen de Japanners tegenwoordig uwabaki.

Etymologie

geta is de rōmaji-transcriptie van de kanji 下駄. De twee karakters vormen samen een samenstelling. Het betreft een inheems Japans woord, een zogenaamde: wago (Japans: 和語). Dit type woorden werd gebruikt voordat kanji werden geïntroduceerd om het Japans mee te schrijven. Het eerste karakter van de samenstelling, 下 [ge] (onder), is in de on-lezing. Het tweede karakter 駄 [ta] is in deze samenstelling een ateji. Dit is een karakter met een afwijkende en niet officiële uitspraak, meestal omdat het deel uitmaakt van een inheems Japans woord. Geïsoleerd heeft 駄 de uitspraak [da] als on-lezing. De oorspronkelijke betekenis is: (lastdier) of (bagage dragen), maar de betekenis doet in deze samenstelling niet ter zake, het gaat louter om een representatie van de uitspraak. Letterlijk zou 下駄 misschien geïnterpreteerd kunnen worden als “houten drager”, maar dit is niet de oorspronkelijke betekenis; het gaat om een inheems Japans woord dat houten schoeisel aanduidt. Een grove vertaling zou dus zijn: houten slipper of houten schoen.

Geschiedenis

Het vroegst bekende paar geta werd opgegraven in een neolithische archeologische vindplaats nabij Ningbo, Zhejiang, China, en dateert uit de Liangzhu-cultuur (3400-2250 v.Chr.). Deze geta verschilden in constructie van moderne geta, met vijf of zes gaten in plaats van de moderne drie. Het gebruik en de populariteit van houten klompen in China is vastgelegd in andere bronnen die dateren van tussen de lente- en herfstperiode (771-476 v.Chr.) tot de Qin-dynastie (221-206 v.Chr.) en Han dynastie (202 v.Chr.-220 n.Chr.). Geta-stijl schoenen werden in Zuid-China gedragen, waarschijnlijk tot ergens tussen de Ming-(1368-1644) en Qing-dynastieën (1636/1644-1912), toen ze werden vervangen door andere soorten schoeisel.

Het is waarschijnlijk dat geta afkomstig is uit Zuid-China en later naar Japan is geëxporteerd. Voorbeelden van Japanse geta die dateren uit het laatste deel van de Heian-periode (794-1185) werden in 2004 in Aomori gevonden tijdens een opgraving langs de rechteroever van de Shinjo-rivier.[1]

In Europa kende men in de middeleeuwen een equivalent onder de noemer ‘trippen,’ die in de middeleeuwen onder schoenen gedragen werden om ze te beschermen tegen vuil op straat. Deze houten loopplankjes stonden ook op vrij hoge richels maar hadden een kap van leder.