Georges Petit
| Georges Petit | ||||
|---|---|---|---|---|
| Persoonsgegevens | ||||
| Volledige naam | Georges Pierre Charles Joseph Petit | |||
| Geboren | Rijsel, 14 maart 1879 | |||
| Overleden | Ampsin, 28 december 1958 | |||
| Geboorteland | België | |||
| Opleiding en beroep | ||||
| Opleiding gevolgd aan | Koninklijke Academie voor Schone Kunsten van Luik | |||
| Leermeester | Prosper Drion, Jean Herman | |||
| Beroep | beeldhouwer, medailleur en kunstschilder | |||
| Oriënterende gegevens | ||||
| Werklocatie | Parijs (1899; 1901),[1] Nederland (1901; 1903),[1] Leuven (1904; 1906),[1] Rome (1906; 1908)[1] | |||
| Erkenning en lidmaatschap | ||||
| Prijzen en erkenningen | Boursier de la fondation Lambert Darchis | |||
| RKD-profiel | ||||
| ||||

Georges Pierre Charles Joseph Petit (Rijsel, 14 maart 1879 – Ampsin, 28 december 1958) was een Belgisch beeldhouwer, medailleur en kunstschilder.[2]
Leven en werk
Georges Petit werd geboren in Frankrijk uit Luikse ouders, als zoon van Jean Joseph Petit en Marie Louise Demas.[3] Hij werd vanaf 1896 opgeleid aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten van Luik, als leerling van Prosper Drion. Hij vervolgde zijn studie bij Jean Herman in Parijs (1899-1901), werkte enige tijd in Nederland (1901-1903) en op het atelier van Frans Vermeylen in Leuven (1904-1906). Met de laatste werkte hij samen aan de restauratie van de beelden van het stadhuis van Leuven. Petit ontving een studiebeurs van de stichting Lambert Darchis, waardoor hij in de periode 1906-1908 in Rome kon verblijven. Van 1914 tot 1944 was hij als docent beeldhouwen aan de Luikse academie verbonden.[4][5] Tot zijn leerlingen behoorden Louis Dupont, Robert Massart en Adelin Salle.[6]
Petit schilderde figuren, landschappen en marines. Als beeldhouwer maakte hij onder meer allegorische voorstellingen, bustes, naakten, oorlogsgedenktekens en portretten. Hij maakt daarnaast penningen, waarvan hij er zestien exposeerde tijdens de Driejaarlijkse Tentoonstelling in Antwerpen (1926). Hij werkte voor de Tweede Wereldoorlog ook in opdracht van de Koninklijke Munt van België.[7]
Georgers Petits beeltenis werd vastgelegd door Louis Dupont[4] en Madeleine Hougardy.[8] Hij overleed in 1958, op 79-jarige leeftijd.
Enkele werken
- 1912: Gedenkteken voor auteur Édouard Remouchamps, aan diens geboortehuis, Rue du Palais, Luik.[9]
- 1916-1917: Schilddragende leeuwen van zandsteen, voor de Koninklijke Gaanderijen in Oostende, in samenwerking met Prosper Baey. Twee ervan werden later verplaatst naar het in 1933 gebouwde Palais des Thermes.[10]
- 1923: Monument de la défense du fort de Loncin in Ans.
- 1926: Monument voor Nicolas Pietkin (1849-1921), met beeld van Romulus en Remus, Sourbrodt.[11]
- 1927: Monument voor kunstenaar Auguste Donnay (1862-1921), Bois des Manants, Méry (Esneux).
- 1930: Drie bronzen bas-reliëfs met volkstaferelen van "la cramignon, les marionnettes et les botteresses" voor de Fontaine de la Tradition (1719), Place du Marché, Luik.
- 1930: Buste van componist François Rasse (1873-1955), Koninklijk Conservatorium Luik
- 1932: Marmeren buste van koning Albert I van België in de Jardin Albert I in Nice.
- 1940: Maria wees gegroet, gevelbeeld, hoek Watertorenstraat/Lindenstraat in Tilburg.
- 1956: Buste van Auguste Donnay, in het rosarium van Parc de la Boverie, Luik.
- 1957: Portretreliëfs van Norbert Diderrich (1867-1925) en Jules Laplume (1866-1922) voor het Congo-monument in Vielsalm.[12] Een derde portret van Jules Jacques de Dixmude werd gemaakt door E.J. de Bremaecker.
- Monument voor Louis Boumal (1890-1918), Parc de la Boverie, Luik.
- Portretmedaillons voor de grafmonumenten van Charles Alexandre, Emile Bertrand, Georges Masset en Jean Roger op de begraafplaats van Robermont in Luik.
- Pennningen
- 1919: A Charles Magnette les Francs-macons belges. vz: het portret van grootmeester Charles Magnette.[13]
- 1929: Université de Liège. vz: een gehelmde Athene, met in haar hand de godin Victoria.[14]
- 1930: A Charles Delchevalerie ses amis a l'occassion des X ands de "La vie Wallonne". vz: portret van auteur Charles Delchevalerie (1872-1950).
Galerij
- Gedenkteken voor Édouard Remouchamps (1912), Luik
Monument voor Abbé Pietkin (1926), Sourbrodt
Buste van Albert I (1932), Nice- Monument voor Louis Boumal, Luik
Auguste Donnay (1956), Parc de la Boverie, Luik
- 1 2 3 4 RKDartists; geraadpleegd op: 2 maart 2018; RKDartists-identificatiecode: 62977.
- ↑ Paul Piron (2016) De Belgische beeldende kunstenaars van de 19e tot de 21e eeuw. Brussel: Ludion. ISBN 9789491819643. p. 1859-1860.
- ↑ Burgerlijke stand van Rijsel: geboorten 1879, akte no 1227.
- 1 2 Cor Engelen en Mieke Marx (2002) Beeldhouwkunst in België vanaf 1830. Brussel: Algemeen Rijksarchief en Rijksarchief in de provinciën, Studia 90. Volume II, p. 1264-1270.
- ↑ Of 1919-1944, volgens PETIT, Georges, Dictionnaire des peintres belges.
- ↑ Paul Delforge, "DONNAY Auguste", Connaître la Wallonie.
- ↑ Stefan De Lombaert (2016) "Medal producers in Belgium (19th - 21st C.)", Colloquium 175 years RNSB, p. 131-172.
- ↑ "Portrait du sculpteur Georges Petit", BALaT.
- ↑ "Chez les Amis de l'Art wallon", Journal de Charleroi, 16 oktober 1912, p. 3.
- ↑ N. Hostyn, "Monumenten, beelden & gedenkplaten te Oostende - XIII : de stenen leeuwen aan de Kon. Galerijen & Thermae", De Plate, januari 1984; "Petit Georges (1879-1958) (beeldhouwer)", De Plate, Koninklijke Oostendse heem- en geschiedkundige kring vzw.
- ↑ "Het monument Pietkin in Sourbrodt", Verkenning van een Tussenruimte : Oost-België 1920-2020.
- ↑ "Diderrich, Norbert - Monument in Vielsalm", Bestor.
- ↑ "Penning als hulde aan Grootmeester Charles Magnette voor zijn verzet tijdens Wereldoorlog I", Stadsmuseum Gent.
- ↑ UNIVERSITE DE LIEGE (1947).