Coutances

Coutances
Gemeente in Frankrijk Vlag van Frankrijk
Wapen van Coutances
Coutances (Frankrijk)
Coutances
Situering
Regio Normandië
Departement Manche (50)
Arrondissement Coutances
Kanton Coutances
Coördinaten 49° 3 NB, 1° 26 WL
Algemeen
Oppervlakte 12,51 km²
Inwoners
(1 januari 2023)
8.321[1]
(665 inw./km²)
Hoogte 12 – 150 m
Overig
Postcode 50200
INSEE-code 50147
Website Officiële website
Detailkaart
Coutances (Manche)
Coutances
Locatie in Frankrijk Manche
Foto's
Gemeentehuis
Gemeentehuis
Zicht op Coutance en de kathedraal
Zicht op Coutance en de kathedraal
Portaal  Portaalicoon   Frankrijk

Coutances is een gemeente in het Franse departement Manche (regio Normandië). De gemeente telde 8.321 inwoners op 1 januari 2023.[1] De plaats is de onderprefectuur van het arrondissement Coutances.

Het belangrijkste monument van de stad is de dertiende-eeuwse kathedraal, die wordt beschouwd als een van de mooiste kerken van de Normandische gotiek.[2] Het is de zetel van het katholieke bisdom Coutances-Avranches.

In de gemeente ligt spoorwegstation Coutances.

Geschiedenis

Er was hier al bewoning in de bronstijd en de vroege ijzertijd. In 2006 werd de Tombe d'Orval opgegraven, een grafsite uit de La Tène-periode (300-250 v.Chr.). Het is het graf van een Keltische aristocraat met daarin onder andere de resten van een tweewielige wagen.[3]

Cosedia wordt Constantia

Cosedia op de Peutingerkaart

Coutances gaat terug op een Gallische nederzetting van de Unelles, gebouwd in de eerste eeuw v.Chr. Cosedia lag op een rotsachtig plateau dat 70 meter boven de omliggende riviervalleien uittorent. De stad werd samen met de rest van Gallië opgenomen in het Romeinse Rijk. Het was samen met Alauna (Valognes) een hoofdstad van de Unelles. De plaats kreeg een forum en bloeide als handelscentrum in de eerste eeuw. Tijdens de tweede en derde eeuw kende de stad een eerder sluimerend bestaan. De stad onder de naam Constantia werd rond het jaar 300 versterkt onder keizer Constantius I Chlorus. Dit maakte onderdeel uit van de kustverdediging tegen raids van Saksen Franken. Het legioen Prima Flavia Gallicana Constantia werd in de streek gelegerd[4] en de plaats werd de hoofdstad van de pagus Constantinus (waarvan de naam van het schiereiland Cotentin is afgeleid). Constantia was een stad van bescheiden omvang, met thermen maar zonder echte monumenten.[5]

Bisschopsstad

Coutances werd gekerstend door missionarissen afkomstig van de Britse eilanden en werd een bisschopsstad in de tweede helft van de zesde eeuw met de heilige Laud als eerste bisschop. Er kwam een eerste primitieve kathedraal. De invallen van Bretoenen en Vikingen in de achtste en negende eeuw stopten de ontwikkeling van de stad. In de negende eeuw verlieten de bisschoppen zelfs de te onveilige stad en vestigden zich eerst in Saint-Lô en vervolgens in Rouen.

Pas in de elfde eeuw keerden de bisschoppen terug naar Coutances. Geoffroy de Montbray, bisschop tussen 1048 en 1093, luidde het herstel in van Coutances als het religieus en administratief centrum van Cotentin. Hij startte met de bouw van de romaanse kathedraal. De stad werd opgedeeld in een oostelijk deel, het machtscentrum van de bisschoppen, en een westelijk deel rond een versterkte toren, het machtscentrum van de hertogen van Normandië.

De kathedraal van Coutances

In 1204 kwam Normandië bij het Franse kroondomein. Coutances bleef de hoofdstad van Cotentin, bestuurd door een burggraaf. Bisschop Hugues de Morville stichtte in 1209 een hospitaal en vatte de bouw van de nieuwe gotische kathedraal aan. Coutances was een welvarende stad met textielnijverheid en lederverwerking voor de productie van perkament. Aan deze welvaart kwam een einde door de Honderdjarige Oorlog. In het midden van de veertiende eeuw werd een stadsmuur gebouwd. De parochiekerk Saint-Pierre, gelegen buiten de muren, werd verwoest en ook de Saint-Nicolaskerk leed veel schade. Tussen 1421 en 1449 was de stad in Engelse handen. Toen de stad terug Frans bezit werd, beval koning Lodewijk XI de afbraak van de stadsmuur.

In de tweede helft van de vijftiende eeuw leefde de economie weer op dankzij de textielnijverheid. De plaats telde verschillende watermolens (wel achttien aan de vooravond van de Franse Revolutie), gebruikt voor het malen van graan en voor het bewerken van leder. De beschadigde gebouwen werden hersteld. Door epidemieën en de onrust op het platteland groeide de stad in de vijftiende en zestiende eeuw door een instroom van vluchtelingen. In 1499 werd er een college gesticht en in 1597 werd een drukpers in gebruik genomen. Coutances werd een centrum van de boekdrukkunst.[6] Al vroeg in de zestiende eeuw waren er protestanten actief in de stad. De stad bleef katholiek maar werd wel in 1562 en 1563 geplunderd door protestantse troepen.

In de zeventiende eeuw, in het kader van de contrareformatie, vestigden zich nieuwe kloosterorden in Coutances. Ook werd er een grootseminarie opgericht. Coutances bleef een administratief en gerechtelijk centrum maar de textielindustrie trok weg door het mercantilisme van minister Jean-Baptiste Colbert.

Ruïnes na de bombardementen van juni 1944

In 1795 werd Saint-Lô de prefectuur van het departement Manche. Coutances behield wel zijn rechtbank en zijn bisschopszetel.[5] In 1801 werd het bisdom samengevoegd met het bisdom Avranches.[7] Coutances bleef een religieus centrum met de komst van nieuwe kloosters en de bouw van een groot, nieuw priesterseminarie.

Modernisering

In de negentiende eeuw moderniseerde de stad. Er kwamen boulevards en nieuwe straten; de Jardin des Plantes en een museum werden geopend. Door de aanleg van sluizen werd de Soulles ten zuiden van het stadscentrum bevaarbaar gemaakt. Zo had Coutances vanaf 1840 een rivierhaven. De haven sloot in 1895.[8] In 1878 werd het spoorwegstation geopend. Maar de industrie ontwikkelde zich traag. Tot het laatste kwart van de negentiende eeuw bleef de economie rusten op de handel in landbouwproducten en de artisanale productie.

Tijdens bombardementen in juni 1944 werd de stad voor 60% verwoest. Driehonderd inwoners stierven en duizenden werden dakloos. De dertiende-eeuwse kathedraal van Coutances bleef zowat als enige gebouw in het centrum overeind.[9] De wederopbouw duurde vijftien jaar. De economie van Coutances bloeide en vanaf de jaren 1960 verrezen een industriezone en nieuwe wijken ten noorden van de oude stad.[5][6]

Geografie

De oppervlakte van Coutances bedroeg op 1 januari 2023 12,51 vierkante kilometer; de bevolkingsdichtheid was toen 665,1 inwoners per km².

De gemeente ligt op het schiereiland Cotentin op tien kilometer van de kust. De dorpel van de kathedraal ligt op 90 meter hoogte. Het stadscentrum ligt op een rotsheuvel op een plaats waar drie riviervalleien samenkomen. De Bulsard stroomt ten westen van het stadscentrum en de Prépont ten zuidoosten ervan.[10] Beide rivieren monden ten zuiden van het centrum van Coutances uit in de Soulles, een zijrivier van de Sienne.[8]

De onderstaande kaart toont de ligging van Coutances met de belangrijkste infrastructuur en aangrenzende gemeenten.

Demografie

Aan de vooravond van de Franse Revolutie telde de stad ongeveer 6.000 inwoners. In 1831 telde de gemeente 8.957 inwoners, in 1881 8.187 inwoners en in 1936 6.465 inwoners.[11]

Onderstaande figuur toont het verloop van het inwonertal (bron: INSEE-tellingen).

Grafiek inwonertal gemeente
Grafiek inwonertal gemeente

Cultuur

Jazz sous les pommiers 2015

In Coutances vindt sinds 1982 het jaarlijkse festival Jazz sous les pommiers plaats. De editie van 2023 trok ongeveer 80.000 bezoekers.

Het Musée Quesnel-Morinière is gevestigd in een stadspaleis uit de zeventiende eeuw. Het museum heeft een collectie schilderijen en beeldhouwwerken uit de zeventiende tot de twintigste eeuw en ook een collectie lokaal aardewerk.[10]

Stadsbeeld

Het historische centrum van Coutances ligt op een relatief smal plateau dat niet breder is dan 250 meter van oost naar west.[5] Schrijver Remy de Gourmont, een kind van de streek, beschreef hoe de stad vanuit alle richtingen zichtbaar is als een eiland van steen dat oprijst uit het omringende platteland.[a] De kathedraal van Coutances ligt in het centrum van de oude stad en torent met zijn twee 77 meter hoge spitsen uit boven Coutances.[10] De kathedraal is een voorbeeld van de Normandische gotiek.

De andere historische kerken, de Saint-Nicolas en de Saint-Pierre, lagen aanvankelijk buiten de stadsomwalling. In de Rue Saint-Pierre waren in de middeleeuwen de ambachtslieden gevestigd.[10] Aan het einde van de achttiende eeuw kreeg de stad boulevards aan de westkant van de stad en in de negentiende eeuw ook aan de oostkant. Toen werd ook het stadspark, de Jardin des Plantes, aangelegd. Historische wijken buiten deze boulevards zijn Les Piliers in het westen en de wijk rond het hospitaal en Le Pont-de-Soulles in het zuiden. Hier was tot de negentiende eeuw veel van de nijverheid van de stad gevestigd.

Coutances werd voor een groot deel vernield in 1944. De wederopbouw vond plaats in de jaren 1950. Architect Louis Arretche hertekende hierbij het stratenplan. Hij maakte gebruik van moderne materialen met behoud van het traditionele uitzicht van de façades.[5] Enkele modernistische gebouwen zagen wel het licht, zoals de overdekte markt (Marché couverte), de vismarkt (Poissonnerie bijgenaamd 'de vliegende schotel') en het theater.

Afbeeldingen

Economie

De textielindustrie is sinds de jaren 1980 weggetrokken. Wel is er nog voedingsindustrie. In de plaats van de industrie groeide de tertiaire sector. Het onderwijs is een belangrijke werkgever; de stad telt 8.000 leerlingen en studenten op een bevolking van nog geen 10.000. Verder is Coutances ook een gerechtelijk centrum nadat in 2011 de Tribunal de grande instance werd opgericht.[5]

Geboren

Partnersteden

Bord dat de vriendschapsband tussen Coutances en Saint Ouen aangeeft

Noten en bronnen

Zie de categorie Coutances van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.