Wolfsschlucht I

Een van de twee bunkers van het complex
museum Brûly-de-Pesche 1940 - Tussen Bezetting en Verzet

Wolfsschlucht I (Nederlands: Wolfskloof) was de codenaam van een hoofdkwartier van Adolf Hitler. Wolfsschlucht was gelegen in Brûly-de-Pesche in het Belgische Couvin, dicht bij de Franse grens. Hitler verbleef hier tussen 6 en 28 juni 1940 tijdens de Slag om Frankrijk.[1][2]

Er waren nog twee andere complexen die de naam Wolfsschlucht droegen: Wolfsschlucht II in Margival (Frankrijk) en Wolfsschlucht III bij Saint-Rimay.

Op de site bevindt zich het museum Brûly-de-Pesche 1940 - Tussen Bezetting en Verzet, dat in 1993 werd geopend en in 2015 een nieuwe museuminrichting kreeg.[3][4]

Bouw en planning

Fritz Todt, rijksminister voor Bewapening en Munitie, was verantwoordelijk voor de keuze van een geschikte locatie. De keuze viel op het kleine Belgische dorpje Brûly-de-Pesche, 25 km ten noordwesten van Charleville-Mézières. Op 25 mei 1940 begon de bouw van dit project, uitgevoerd door de Organisation Todt (OT).

600 leden van de OT waren tot 6 juni 1940 bezig met de uitvoering van de werken. Hitlers drie meter hoge bunker werd gebouwd uit 630 m3 beton en bood een bruikbare oppervlakte van 25 m2.

Er werden ook vijf barakken gebouwd, waarvan er één voor Hitler was bedoeld, met een totale bruikbare oppervlakte van 1500 m2. Elk van deze barakken was bedoeld voor het Wehrmachtführungsamt (WFA) en één als eetzaal.

De kerk werd ontruimd en aangepast voor militair-administratief gebruik. Ze werd omgevormd tot een privé-projectieruimte, waar Hitler en zijn staf naar het bioscoopjournaal keken. De top van de kerktoren werd verwijderd en in de plaats daarvan plaatste men een watertank voor de manschappen.

De dorpsschool werd gebruikt als operatief hoofdkwartier en kaartenkamer van het Duitse opperbevel ter plekke.

Ten zuide van het dorp werd een landingsplaats voor kleine vliegtuigen gebouwd, waar een verbindingsvliegtuig (type Fieseler Fi 156) altijd paraat stond.

Er werden tevens 25 huizen opgeëist voor het Oberkommando des Heeres, dat zijn hoofdkwartier vestigde in de stad Chimay, een paar kilometer verderop.

Bewaking

Het hele complex was omheind door prikkeldraad en werd bewaakt door beveiligingstroepen. Deze beveiliging bestond uit 26 officieren, 185 onderofficieren en ongeveer 750 manschappen.

De luchtafweer werd verzorgd door drie 10,5 cm luchtafweerbatterijen, één 3,7 cm luchtafweerbatterij en één 2 cm batterij.

Adolf Hitler in zijn hoofdkwartier Wolfsschlucht

Hitler verliet zijn eerste vaste hoofdkwartier, het Felsennest, op 6 juni 1940 om af te zakken naar Brûly-de-Peche. Hij verbleef er tot en met 27 juni 1940, en zelfs toen slechts sporadisch. Volgens ooggetuigen was Hitler meestal buiten, vanwege een muggenplaag in de gebouwen. Hij bekritiseerde het hele complex als "onveilig" en gebruikte daarom de bunker niet.

Amper drie weken later verliet Hitler de Wolfsschlucht I. Op 19 juni 1940 gaf hij reeds de opdracht om het Führerhoofdkwartier te verplaatsen naar Tannenberg. Op 2 juli 1940 werd het complex overgedragen aan de Organisation Todt.

Zie de categorie Wolfsschlucht 1 van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.