Willem Louis de Sturler

Willem Louis de Sturler
Willem Louis de Sturler
Persoonsgegevens
Geboortedatum 15 juni 1802
Geboorteplaats Tiel
Overlijdensdatum 24 november 1879
Overlijdensplaats Den Haag
Geboorteland Nederland
Nationaliteit Nederlander
Opleiding en beroep
Beroep schrijver, militairBewerken op Wikidata
Werken
Thema's Oost-Indië
Dbnl-profiel
Portaal  Portaalicoon   Literatuur
Willem Louis de Sturler, links zijn vrouw Adriana Ripperdina van Roijen

Willem Louis de Sturler (Tiel, 15 juni 1802 – Den Haag, 24 november 1879) was een Nederlandse majoor der genie en publicist.

Levensloop

Willem Louis de Sturler stamt af van het adelijke Zwitsere geslacht De Sturler en werd geboren te Tiel op 15 juni 1802. In 1815 vertrok hij met zijn ouders en broers naar Nederlands-Indië. Hij ging in krijgsdienst en werd daar opgeleid als officier der genie.

In 1821 nam De Sturler deel aan de Tweede expeditie op Palembang. Vanwege zijn aandeel in de strijd werd hij benoemd in 1822 tot Ridder in de Militaire Willems-Orde, 4e klasse.[1] In 1857 werd benoemd tot Commandeur in de Orde van de Eikenkroon. Na de Java-oorlog was hij verantwoordelijk voor de forten in Yogyakarta en Klaten[2]. Hij keerde vanuit Batavia terug naar Nederland als gepensioneerd majoor.

Willem Louis de Sturler was de derde zoon van Johan Willem de Sturler en behoorde tot de Nederlandse niet-adellijke tak van het geslacht De Sturler. Hij trouwde op 27 juli 1827 met Adriana Ripperdina van Roijen, telg uit het geslacht Van Roijen. Hij overleed te 's-Gravenhage op 24 november 1879. Hij is begraven in het 'De Sturler' familiegraf op Oud Eik en Duinen te Den Haag.

Literair werk

Als (ervarings)deskundige op het gebied van Nederlands-Indië schreef hij verschillende artikelen en boeken op dit gebied. In zijn werk ging hij in op uiteenlopende zaken van Indië zoals de beschrijving van houtsoorten en planten die daar voorkomen[3]. Daarnaast ging hij in op het kolonialisme, zoals zijn Beschouwing van den toestand der Indische bevolking, in verband met de belangen van moederland en koloniën.[4] Hij schreef voornamelijk voor het tijdschrift Vaderlandsche Letteroefeningen. Voorts was hij lid van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde te Leiden en heeft hij verschillende boeken over Nederlands-Indië gepubliceerd.[5]