Vuilboom

Vuilboom
Rhamnus ludovicisalvatoris
Taxonomische indeling
Rijk:Plantae (Planten)
Stam:Embryophyta (Landplanten)
Klasse:Spermatopsida (Zaadplanten)
Clade:Bedektzadigen
Clade:'nieuwe' Tweezaadlobbigen
Clade:Fabiden
Orde:Rosales
Familie:Rhamnaceae (Wegedoornfamilie)
Geslacht
Rhamnus
L. (1753)
Rhamnus diffusus
Afbeeldingen op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Vuilboom op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie

Vuilboom (Rhamnus) is een geslacht van struiken of kleine bomen uit de wegedoornfamilie (Rhamnaceae). De soorten variëren in hoogte van 1 tot 10 meter hoog (zelden 15 m).

Beschrijving

Rhamnus rupestris

Rhamnus-soorten zijn struiken of kleine tot middelgrote bomen, met afvallende of zelden ook groenblijvende bladeren. Takken zijn ongewapend of eindigen in een houtige doorn. De Engelse naam (buckthorn) verwijst naar de houtachtige doorn aan het einde van elke tak in vele soorten.

De bladeren zijn enkelvoudig, 3 tot 15 centimeter lang en staan verspreid of (bijna) tegenoverstaand. Een paar soorten hebben groepjes bladeren uit hetzelfde punt op het kortlot. De bladschijf is onverdeeld en veervormig generfd. De bladranden zijn gezaagd of soms gaaf.

De winterknoppen bedekt met schubben.

De meeste soorten hebben geelachtig groene, kleine, een- of tweeslachtige bloemen, die afzonderlijk, in schermen, trossen of pluimen in de bladoksels staan. De bloemen zijn regelmatig. De kelk is klok- tot komvormige, met vier of vijf eirond-driehoekige kelkbladeren, die aan de buiten/onderzijde gekield kunnen zijn. Er zijn vier of vijf kroonblaadjes, maar bij een paar soorten kunnen die ontbreken. De bloemblaadjes zijn korter dan de kelkbladen. Bloemen hebben vier of vijf meeldraden die worden omgeven door en gelijk zijn aan de lengte van de kroonblaadjes of korter zijn. De helmknoppen zijn aan de buiten-/achterkant verbonden met de helmdraden. Het bovenstandig vruchtbeginsel is vrij, rond, met twee tot vier hokken.

De plant draagt zwarte of rode besachtige steenvruchten. De besachtige vruchten bevatten meestal twee tot vier steenkernen en zijn rond of rondachtig omgekeerd eivormig. De zaden zijn omgekeerd eivormig of langwerpig-omgekeerd eivormig, ongegroefd of met een lange smalle groef aan de rugkant of twee zulke groeven aan de zijkant. De zaden hebben een vlezige endosperm.[1]

Verspreiding

Rhamnus heeft een bijna kosmopolitische verspreiding,[2] met ongeveer 130 soorten[3] die afkomstig zijn uit gematigde tot tropische gebieden. Het merendeel van de soorten groeit in Oost-Azië en Noord-Amerika, en een paar soorten in Europa en Afrika.

Noord-Amerikaanse soorten zijn R. alnifolia, R. caroliniana in het oosten, R. purshiana, en de groenblijvende R. californica en R. crocea, allemaal in westelijk Noord-Amerika. In Zuid-Amerika is R. diffusus een kleine struik die inheems is in gematigde regenwoud van Midden-Chili.

In Nederland en België komt alleen de soort wegedoorn (Rhamnus cathartica) voor. De verwante, eveneens in Nederland voorkomende soort sporkehout (Frangula alnus) maakt tegenwoordig geen onderdeel meer uit van het geslacht Rhamnus.

Bronnen

  1. Rhamnus in Dinghushan Plant Checklist. Efloras.org. Geraadpleegd op 2015/02/18.
  2. Flora_id = 5 & taxon_id = 128.246 Rhamnus in Flora Pakistan @. Efloras.org. Geraadpleegd op 2013/05/07.
  3. (en) Rhamnus. Cataloque of life. Geraadpleegd op 1 september 2025.
Zie de categorie Rhamnus van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.