Verlijmen van bakstenen

Bij het verlijmen van gevelstenen wordt de lijmmortel in een dunne laag aangebracht, doorgaans met een spuitzak of lijmpomp. Waar een traditionele metselvoeg 10 tot 12 millimeter dik is, bedraagt de voegdikte bij lijmwerk slechts 4 tot 6 millimeter.[1]

Deze techniek heeft zowel esthetische als constructieve gevolgen. Doordat de voeg terugliggend is en minimaal zichtbaar, wordt het gevelbeeld niet bepaald door het voegwerk, maar door de steen zelf. Dit creëert een monolithisch vlak en een intensere kleurbeleving ("kleur op kleur").

Constructief gezien levert de techniek een hogere sterkte op. Volgens branchevereniging KNB is lijmwerk tot een factor drie sterker dan traditioneel metselwerk. Door deze verhoogde buigtreksterkte zijn slankere constructies en grotere overspanningen zonder zichtbare lateien mogelijk.[2]

Introductie in België

Koning Boudewijnstadion

De techniek werd in België voor het eerst op grote schaal toegepast tijdens de renovatie van het Koning Boudewijnstadion in 1995. Architect bOb Van Reeth koos voor verlijming om de nieuwe tribunes een massief en robuust karakter te geven. Het project fungeerde als katalysator voor de doorbraak van verlijmd metselwerk in de Belgische architectuur.[3]

Referenties