Tunnels op landgoed Heidestein
| Drie betonnen tunnels onder een aarden wal | ||||
|---|---|---|---|---|
tunnel 2 | ||||
| Locatie | ||||
| Plaats | bij Hoofdstraat 5, Driebergen-Rijsenburg | |||
| Adres | Heidestein bij 5 | |||
| Coördinaten | 52° 4′ NB, 5° 16′ OL | |||
| Onderdeel van | Heidestein | |||
| Status en tijdlijn | ||||
| Status | in gebruik | |||
| Gereed | 1907-1926 | |||
| Architectuur | ||||
| Bouwmateriaal | grond | |||
| Prijzen en erkenningen | ||||
| Monumentstatus | Rijksmonument | |||
| Monumentnummer | 509776 | |||
| ||||
De drie tunnels onder een aarden wal op landgoed Heidestein vormen een rijksmonument in de Nederlandse plaats Driebergen-Rijsenburg.
De tunnels zijn tussen 1907 en 1926 gemaakt in opdracht van jonkheer Frans Jan Hendrik de Wetstein Pfister, de voormalig directeur van de Indische Cultuurmaatschappij in Nederlands-Indië. De wal en de vijver bij de tunnels zouden als werkverschaffingsproject zijn uitgegraven. De aarde die vrij kwam bij het graven van een vijver werd opgeworpen tot een aarden wal. De tunnels zijn gemaakt van beton, een materiaal dat ook elders op het terrein werd toegepast, zoals bij het theehuis en de beide bruggen.
In de vorm van een rondboog met een imitatie-steenprofiel geven de tunnels toegang aan de voor- en achterzijde van de zandwal. De onderdoorgang heeft een tongewelf. De loop en functie van de tunnels is verschillend. De tunnel bij het tuinhuis is iets gebogen, de middelste is recht en de meest oostelijke heeft een halfronde plattegrond.
Om van het theehuis naar de gegraven vijver te kunnen gaan werden in de aarden wal drie tunnels gegraven, twee als wandeltunnel en de middelste als vaartunnel waar met een bootje doorheen gevaren kon worden. De voorzijde en de onderdoorgang van de buitenste tunnels zijn aan de voorzijde ruw behakt. Boven de toegangen zijn overblijfsels van namaakrotsen te zien van rood vulkanisch gesteente. De binnenzijde van de middelste, doorvaarbare tunnel bestaat uit strokenbeton met een aantal ondiepe, blinde nissen.
De cultuurhistorisch waarde van de tunnels bestaat uit hun relatie tot het gebruik van de buitenplaats. Ook zijn ze architectuurhistorische waardevol door de combinatie van bouwtype en materiaalgebruik.
Zie ook
- Bron