Straatmuzikanten

Straatmuzikanten
inventarisnummer: 9985
inventarisnummer: 9985
Kunstenaar Dioskourides van Samos
Jaar late 2e eeuw - vroege 1e eeuw v.Chr.
Huidige locatie Museo Archeologico Nazionale, Napels
Materiaal marmer, kalksteen en glas
Breedte 43 cm
Hoogte 41 cm
Portaal  Portaalicoon   Kunst & Cultuur

Straatmuzikanten (Italiaans: Musici ambulanti) is een mozaïek uit de late tweede of vroege eerste eeuw voor Christus. Het kleine paneel, dat deel uitmaakt van de collectie van het Museo Archeologico Nazionale in Napels, is een van de weinige gesigneerde werken uit de oudheid.

Geschiedenis

De identiteit van de kunstenaar is bewaard gebleven door een Griekse inscriptie in de linkerbovenhoek: ΔΙΟΣΚΟΥΡΙΔΗΣ ΣΑΜΙΟΣ ΕΠΟΙΗΣΕ ("Dioskourides van Samos heeft dit gemaakt"). Hoewel er weinig biografische details bekend zijn, duidt zijn naam erop dat hij afkomstig was van Samos.[1] Dit eiland was in de Hellenistische periode een belangrijk cultureel en artistiek centrum. Waarschijnlijk is het mozaïek een kopie van een Helleens schilderij uit de eerste helft van de derde eeuw voor Christus.[2] In Stabiae is een schildering gevonden die, hoewel iets afwijkend, terugvoert op hetzelfde verloren gegane origineel.

Het mozaïek kwam in april 1763 aan het licht tijdens de opgravingen van de "Villa van Cicero", een grootschalig residentieel complex net buiten de Herculaneumpoort van Pompeï. De naam van de villa stamt uit de achttiende eeuw. Hoewel Cicero een landgoed in Pompeï bezat, ontbreekt elk direct bewijs dat dit specifieke huis zijn eigendom was. Het paneel bevond zich in het midden van een witte mozaïekvloer met een veelkleurige meanderband.

In februari 1764 werd in een ander vertrek van dezelfde villa een tweede gesigneerd werk van Dioskourides ontdekt, Raadpleging van de tovenares. Beide mozaïeken werden kort na hun ontdekking uit de vloeren verwijderd om te worden opgenomen in de koninklijke collecties van het Huis Bourbon. De villa zelf werd in 1778 weer met aarde bedekt en is sindsdien niet meer opgegraven.

Voorstelling

Het werk is uitgevoerd in opus vermiculatum met tesserae die soms een afmeting hebben van minder dan een vierkante millimeter. Om een schilderachtig effect met vloeiende kleurovergangen te bereiken, kleurde de kunstenaar de mortel tussen de steentjes in met pigmenten die pasten bij de omliggende kleuren. Het mozaïek werd oorspronkelijk vervaardigd als een emblema, een kant-en-klaar paneel op een marmeren plaat dat in een atelier werd gemaakt en later als centraal pronkstuk in een eenvoudiger uitgevoerde vloer werd geplaatst.

Het mozaïek toont vier figuren die in een straat staan voor een huis waarvan rechts de ingang te zien is. De theatrale maskers die de drie centrale personages dragen, wijzen erop een scène uit een toneelstuk wordt afgebeeld. Dankzij een vrijwel identieke afbeelding met opschriften bij de figuren op de vloer van Menanders huis in Mytilini op Lesbos, is het duidelijk dat de scène afkomstig is uit de tweede akte van de Theophoroumene, een komedie van de beroemde Griekse dichter Menander. Hierin wordt verteld hoe Kleinas samen met zijn vriend Lysias een muzikale optocht organiseert om de echtheid van de religieuze extase van zijn geliefde te testen. Zodra de vrouw de muziek van Cybele hoort, zingt ze een bezielde hymne. Hiermee neemt ze alle twijfel bij Kleinas weg.

De compositie wordt gedomineerd door twee dansende mannen die in een extatische beweging lijken te zijn gevangen. De linkerfiguur bespeelt kleine cimbalen (kymbala), terwijl de rechter man met overgave op een grote tamboerijn (tympanon) slaat. Aan de linkerzijde van deze muzikanten bespeelt een vrouw de aulos. De groep wordt aan de uiterste linkerzijde vergezeld door een kleinere figuur, die als enige geen masker draagt en waarschijnlijk verantwoordelijk was voor het verzamelen van de offers. De instrumenten die zij bespelen waren in de oudheid onlosmakelijk verbonden met de cultus van de godin Cybele.

Afbeeldingen

Literatuur

  • Dario Barbera (2023). Museo archeologico nazionale di Napoli - La Guida. Milaan: Electa. p.135
  • Michael Grant (1978). Pompeji • Herkulaneum. Untergang und Auferstehung der Städte am Vesuv. Bergisch Gladbach: Lübbe.
  • Loreta Luccetti, Paola Seu, Maria Isabella Pesce, Flavia Radetti, Pier Giovanni Guzzo en Gianluca Tagliamonte (red) (2013). Città Vesuviane antichità e fortuna: il suburbio e l'Agro di Pompei, Ercolano, Oplontis e Stabiae. Rome: Istituto dell'Enciclopedia Italiana.
  • Umberto Pappalardo en Rosaria Ciardiello (2010). Mosaici greci e romani. Tappeti di pietra in età ellenistica e romana. Milaan: Arsenale edizioni.
Zie de categorie Mosaic of the musicians by Dioskourides of Samos van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.