Stationsstraat 31-33 (Assen)
| Stationsstraat 31-33 | ||||
|---|---|---|---|---|
![]() | ||||
Aanzicht in 2014. | ||||
| Locatie | ||||
| Plaats | Stationsstraat 31-33, Assen | |||
| Coördinaten | 52° 100′ NB, 6° 58′ OL | |||
| Status en tijdlijn | ||||
| Start bouw | 1875 | |||
| Oorspr. functie | Dubbel woonhuis | |||
| Bouwkundige informatie | ||||
| Architect(en) | Geert Stel | |||
| Prijzen en erkenningen | ||||
| Monumentstatus | Gemeentelijk monument | |||
| Monumentnummer | GM1_076 | |||
| Lijst van gemeentelijke monumenten in Assen | ||||
| ||||
Stationsstraat 31-33 is een dubbel woonhuis in de Drentse stad Assen. Het vrijstaande hoekpand is aangewezen als gemeentelijk monument en vormt een markant onderdeel van de 19e- en vroeg-20e-eeuwse bebouwing in de stationsbuurt.
Geschiedenis
Het pand werd op 16 januari 1875 aanbesteed. Het ontwerp is van de hand van architect Geert Stel. Voor zover bekend is dit het eerste werk van zijn oeuvre dat gedocumenteerd is.
De opdracht voor de bouw werd gegeven door Johannes Mulder, die destijds werkzaam was als opzichter bij de Waterstaat in het toenmalige Nederlands-Indië. Mulder heeft echter nooit zelf in het huis kunnen wonen; hij overleed op 23 april 1876 op jonge leeftijd in Indië, kort na de voltooiing van het pand. De woning werd vervolgens bewoond door zijn ouders: de deurwaarder Jan Jannes Mulder (naar wie de nabijgelegen Mulderstraat in Assen is vernoemd) en diens echtgenote Roelfke Zuiderweg.
Architectuur en omschrijving
Het dubbele woonhuis is gebouwd in een stijl die sterke overeenkomsten vertoont met de landelijke bouwkunst uit de tweede helft van de negentiende eeuw.
Exterieur
Het pand is een verdiepingloos bouwwerk (een zogenaamde 'krimp') onder een samengesteld schilddak met een H-vormige noklijn. Het dak is gedekt met platte Friese pannen aan de rechterzijde en verbeterde Hollandse pannen aan de linkerzijde. De gevels zijn gepleisterd en voorzien van:
- Een grijze plint aan de onderzijde.
- Een entablement met spaarvelden en een geprofileerde gootlijst.
- Rechtgesloten gevelopeningen met schuiframen en tweeruits bovenramen.
De symmetrische voorgevel wordt gekenmerkt door een terugliggende entreepartij met paneeldeuren. Deze deuren zijn voorzien van een kalf met eierlijst en een bovenlicht. Aan weerszijden van de entree bevindt zich een risaliet met afgesnoten hoeken. Tussen deze risalieten is later een luifel aangebracht die rust op deels getordeerde gietijzeren kolommen, waaronder zich een betegeld terras bevindt.
Aanpassingen
In de loop der jaren zijn er enkele wijzigingen aangebracht, voornamelijk aan de dakpartij:
- In 1921 werd een dakkapel aan de linkerzijde geplaatst.
- In 1924 volgde de houten dakkapel met plat dak in het middelste dakschild.
- De dakkapel aan de rechterzijde is van recentere datum.
De voortuin wordt nog steeds begrensd door het originele 19e-eeuwse hekwerk met gietijzeren palen.
Waardering
Het pand is van architectuurhistorisch belang als goed bewaard voorbeeld van woonhuisarchitectuur met landelijke invloeden. Daarnaast heeft het object ensemblewaarde als essentieel onderdeel van de waardevolle historische bebouwing aan de Stationsstraat in Assen.
Zie ook
- Monumentenkaart van de gemeente Assen
- Bouwen voor de opkomende burgerij, De bouwers van Assen deel 4; Geert Stel, door Bertus Boivin en Anthony Ruijtenbeek, Asser Historisch Tijdschrift 2025-04
