René Magritte

René Magritte
Magritte in 1961
Magritte in 1961
Persoonsgegevens
Volledige naam René François Ghislain Magritte
Pseudoniem Emair
Geboren 21 november 1898
Overleden 15 augustus 1967
Geboorteland Vlag van België België
Begraafplaats graftombe van Georgette Berger en René Magritte[1]Bewerken op Wikidata
Signatuur Handtekening
Opleiding en beroep
Opleiding gevolgd aan Koninklijke Academie voor Schone Kunsten van BrusselBewerken op Wikidata
Beroep kunstschilder, collagist
Werkveld schilderkunstBewerken op Wikidata
Oriënterende gegevens
Stijl surrealisme
Bekende werken La trahison des images, De mysteries van de horizon, Golconda, Les Amants, Het rijk der lichten, Le fils de l'homme, La condition humaine, Reproductie verboden, The Menaced Assassin, The Meaning of Night, The Empty Mask, The Portrait, Time Transfixed, The Seducer, Zestien september, De Telescoop, De LuisterkamerBewerken op Wikidata
Beïnvloed door Jheronimus Bosch,[2] Giorgio de Chirico,[3] Max Ernst,[3] André Breton[3]Bewerken op Wikidata
Werklocatie Brussel,[4] Carcassonne,[4] Parijs,[4] Londen[4]Bewerken op Wikidata
RKD-profiel
(en) IMDb-profiel
Website
Dbnl-profiel
Portaal  Portaalicoon   Kunst & Cultuur

René François Ghislain Magritte (Lessen, 21 november 1898Schaarbeek, 15 augustus 1967) was een Belgisch surrealistisch kunstschilder en collagist. Hij staat bekend om zijn filosofische, humoristische en raadselachtige beelden, die de kijker uitdagen om na te denken over de relatie tussen taal, beeld en werkelijkheid. Zijn werk behoort tot de belangrijkste bijdragen aan het surrealisme in de 20e eeuw.

Biografie

Jonge jaren

Toen Magritte in 1912 dertien jaar oud was, werd zijn moeder dood uit de rivier de Samber gehaald. Zij had zelfmoord gepleegd door zich met een doek voor haar voorhoofd in het water te storten. Dit drama keerde vaak terug in zijn werk, onder andere in afbeeldingen van vrouwen met een bedekt aangezicht. Magritte had twee broers: Raymond en Paul. In zijn jeugd vertoonde hij sadistisch gedrag tegenover dieren, zoals het laten verhongeren van een ezel en het kwellen van katten en honden.[5]

Van 1916 tot 1921 volgde Magritte een opleiding aan de Brusselse Academie, waar hij les kreeg van Gisbert Combaz, Emile Vandamme-Sylva en Constant Montald.

In 1922 trouwde hij met Georgette Berger. Het huwelijk bleef kinderloos.[5]

Debuut

Magritte begon zijn carrière als grafisch ontwerper in een behangfabriek en maakte later ook veel affiches. Zijn eerste schilderijen waren kubistisch, futuristisch en abstract, onder invloed van zijn werkgever Victor Servranckx in de behangpapierfabriek UPL (Unines Peters-Lacroix, in Machelen). Na zijn kennismaking met het werk van Giorgio de Chirico in 1925, begon Magritte surrealistische elementen in zijn werk te verwerken. Hij beeldde voorwerpen zeer realistisch af, maar plaatste ze in onverwachte causale en temporele contexten, wat de raadselachtigheid van de objectenwereld benadrukte. Ook de conventionele orde en de plaatsing van de dingen werd op die wijze geïroniseerd.

Magritte maakte vooral olieverfschilderijen, maar ook gouaches, voorwerpen en collages. Onder de leiding van E.L.T. Mesens werkte hij mee aan het tijdschrift Oesophage en kreeg hij in 1927 zijn eerste individuele expositie in de Brusselse galerij Le Centaure. Toen deze galerie in 1930 failliet ging, kon Mesens al Magrittes werken opkopen, op dat moment circa 200 stuks. Tussen 1927 en 1930 woonde hij in een voorstad van Parijs, waar hij bevriend raakte met Paul Eluard en van André Breton, de auteur van het Surrealistisch Manifest (1924). Toen Breton eiste dat Magrittes vrouw een halsketting met een kruisje afdeed, keerde het echtpaar terug naar Brussel.[5]

In 1934 pasten Magritte en zijn entourage de techniek van het cadavre exquis toe met beelden, in navolging van de taalexperimenten waarbij een gedicht door meerdere dichters werd geschreven. Tussen 1934 en 1937 ontwierp hij onder het pseudoniem Emair filmaffiches voor de Duitse geluidsfilmverdeler Tobis Klangfilm. Zeven van deze affiches worden bewaard in het Stadsarchief van Leuven.

Later werk

Portret van Magritte door Lothar Wolleh, 1967

Tijdens de Tweede Wereldoorlog verbleef Magritte in Carcassonne, waar hij kunst vervalste om in zijn levensonderhoud te voorzien. Het ging onder andere om werken van De Chirico, Pablo Picasso en Georges Braque.[5]

Tussen 1940 en 1946 verrijkte hij zijn palet met een impressionistische accenten (de zogenoemde 'Renoir-periode'), op advies van zijn agent. In 1945 werd hij lid van de Communistische Partij van België. Na een korte, onsuccesvolle periode in stripachtige stijl[5], keerde hij terug naar zijn vroegere, bijna fotorealistische stijl, maar met een agressievere toon, als reactie op de gespannen verhoudingen met zijn voormalige surrealistische omgeving (Goemans, Scutenaire, Nougé, Lecomte, Souris, E.L.T. Mesens).

In 1953 creëerde Magritte de wandschilderingen voor het Casino te Knokke, in opdracht van de familie Nellens. Deze zijn nu beschermd door de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen. In 1960 ontving hij de Belgische Staatsprijs, de eerste keer dat de Staatsprijs aan een kunstschilder werd toegekend.

Magritte overleed in 1967 in Schaarbeek aan de gevolgen van alvleesklierkanker en werd begraven op het gemeentelijke kerkhof.

Graf van Magritte

Graf van Magritte en zijn echtgenote op het kerkhof van Schaarbeek (Evere)

Het graf van Magritte en zijn echtgenote Georgette Berger op het gemeentelijke kerkhof van Schaarbeek (gelegen op het grondgebied van Evere) werd in 2009 erkend als beschermd monument. De grafzerk is eenvoudig: een granieten steen met hun namen en geboorte- en overlijdensdata. Het graf trekt jaarlijks vele bewonderaars uit binnen- en buitenland.

Schilderstijl

Magrittes werk behoort tot het surrealisme, een van de belangrijkste kunststromingen van de 20e eeuw. Kenmerkend zijn zijn natuurgetrouwe weergave van onmogelijke of paradoxale situaties, zoals een pijp met de tekst "Dit is geen pijp" (La trahison des images). Zijn werk daagt de kijker uit om na te denken over de relatie tussen taal, beeld en werkelijkheid. In zijn schilderijen komen vaak naakte vrouwen en vissen en andere symbolen voor, die mogelijk verwijzen naar persoonlijke ervaringen, zoals de zelfmoord van zijn moeder, wier lichaam hij naakt terugvond in de Samber.

Filosofische en conceptuele benadering

Zie La trahison des images voor het hoofdartikel over dit onderwerp.
La trahison des images (1928–29), olieverf op doek

Magrittes bekendste werk, La Trahison des Images (1928-29) of Het verraad van de voorstelling, toont een realistisch geschilderde pijp met daaronder de geschilderde tekst: "Ceci n'est pas une pipe" ("Dit is geen pijp"). Hiermee benadrukt hij dat een afbeelding niet het afgebeelde object is, maar slechts een voorstelling ervan - een idee dat later centraal zou staan in de conceptuele kunst. Zijn werk daagt de toeschouwer uit om de aard van de werkelijkheid en rol van kunst te bevragen. Titels als De helderziendheid of Het verraad van de voorstelling zijn vaak ironisch of raadselachtig en hebben zelden direct verband met het afgebeelde onderwerp.

Surrealistische technieken

Het rijk der lichten (1954), olieverf op linnen

Veel van zijn schilderijen tonen metamorfosen en onmogelijke combinaties om de kijker te verrassen:

  • Een natuurgetrouw afgebeelde vis die aan de staartzijde verandert in een brandende sigaar met kringelende rookpluim (L'Exception, 1963)
  • Huizen in nachtelijke landschappen met een heldere, daglichthemel.
  • Een zeemeermin met een vissenkop en mensenbenen.

De zwarte humor van Magritte en zijn vaak morbide figuratie werden versterkt door absurde titelkeuzes. Deze benadering, gecombineerd met zijn fotorealistische techniek, creëert een spanning tussen herkenbaarheid en vreemdheid – een kenmerk dat hij deelt met surrealisten als Salvador Dali en Carel Willink.

Technische beheersing

Magritte was een meester in olieverftechniek. Zijn precisie en aandacht voor detail versterkte het realistische effect van zijn onwerkelijke voorstellingen. Dit maakte zijn schilderijen des te indringender, omdat ze de kijker confronteren met de vraag: "Wat is werkelijkheid?"

Invloed en nalatenschap

In de jaren 50 van de twintigste eeuw was Magrittes werk erg in trek bij New Yorkse verzamelaars. Dat verklaart de grote aanwezigheid van Magrittes werk in Amerikaanse collecties. Ook zijn bekendste icoon, La trahison des images, bevindt zich in de Verenigde Staten.

Magrittes werk heeft een blijvende invloed gehad op de kunstwereld, met name op de conceptuele kunst. Zijn ideeën over de relatie tussen beeld en werkelijkheid werden opgepakt door kunstenaars, muzikanten en schrijvers. Zo zijn muzikanten zoals Paul McCartney en Jethro Tull, geïnspireerd door het werk van Magritte. Bij John Cale, Paul Simon en De Nieuwe Snaar kwam deze invloed zeer duidelijk naar voor, zij bedankten de schilder met naar hem genoemde songs (respectievelijk Magritte, Rene And Georgette Magritte With Their Dog After The War en René Magritte).

Magritte eindigde in 2005 op de 9e plaats in de Waalse versie van De Grootste Belg en op de 18e plaats in de Vlaamse versie.

In 2008 verwierf de Belgische uitgeverij Ludion de wereldwijde rechten voor de verspreiding van beeldmateriaal van Magrittes werk. Dit omvat ansichtkaarten, posters, T-shirts en andere merchandising. Volgens Michel Draguet, directeur van het Musée Magritte Museum, past dit bij Magrittes eigen visie: het idee primeert op de realisatie.

In 2024 werd zijn werk L'empire des lumières (Het rijk der lichten) in New York geveild voor 121 miljoen dollar (114 miljoen euro), een record voor een werk van Magritte.

Trivia

  • Zo buitengewoon Magrittes schilderijen zijn, zo alledaags was zijn leven. Hij hield zich ver van het romantische bohémienbestaan en woonde met zijn vrouw Georgette in Jette, een rustige buitenwijk van Brussel. Gekleed als de burgerman die we zo goed kennen van zijn schilderijen liet Magritte elke dag de hond uit. De grootste Belgische kunstenaar van de 20e eeuw had zelfs geen eigen atelier. Schilderen deed hij in de woonkamer of aan de keukentafel. Als het eten klaar was, vlogen zijn meesterwerken onverbiddelijk aan de kant.
  • Een Belgisch arrest van oktober 2007 dwong de beeldrechthouder van Magrittes werk, Charly Herscovici, zich niet langer te verzetten tegen parodiëen op Magrittes werk, zoals die van de Deense kunstenaar Ole Ahlberg. In een schilderij verwerkt de kunstenaar de inspecteurs Jans(s)en uit Kuifje al zwevend in een compositie van de hemel die letterlijk geplukt is uit een schilderij van René Magritte. De rechter stoelde zijn uitspraak op de parodie-exceptie, in 1994 ingeschreven in de Belgische auteurswet. Een uitzondering op het auteursrecht laat een kunstenaar toe, het idioom van een collega gedeeltelijk over te nemen om het te parodiëren op voorwaarde dat men kritisch, humoristisch en respectvol te werk gaat. Dit arrest wordt momenteel aangevochten bij de hoogste Belgische rechtsinstantie (het Hof van Cassatie). De uitspraak zal belangrijk zijn in het aflijnen van de grenzen tussen plagiaat en parodie.[6]
  • Het veilinghuis Sotheby's veilde medio 2010 een reeks van veertig brieven en ansichtkaarten die Magritte schreef aan de dichter Paul Colinet. In deze brieven vraagt de schilder advies over mogelijke titels van zijn werken.[7]
  • De Belgische kunstschilder Olivier Lamboray haalt inspiratie uit het werk van Magritte en bracht in 2011 een ode aan de schilder met zijn werk "Hommage à René Magritte".[8]
Bankbiljet van België met portret van Magritte. Rechts een van de thema's van Magritte, een blad afgebeeld als volledige boom.
  • Magritte stond afgebeeld op het laatste Belgische bankbiljet van 500 frank voor de invoering van de euro.
  • Het schrijverspaar Monaldi & Sorti gebruikte de term C'est ci in hun boek Imprimatur. Letterlijk staat er in het fragment: "En als mijn tegenstanders vermoeden dat het geen pijp is?" "Doe als ik, toen ik 's nachts twee Parijse bandieten van mij af moest schudden: schreeuw hard ceci n'est pas une pipe!" antwoordde Melani lachend. De roman speelt zich af in 1683.
  • Op de Markt van geboortestad Lessen staat een standbeeld van René Magritte; op de invalswegen rond Lessen staan ook herdenkingsborden.
  • Van 2016 tot 2022 vloog een toestel van Brussels Airlines rond met een René Magritte-kleurenschema. Het vliegtuig (OO-SNC) werd als SNmagritte op 21 maart 2016 gepresenteerd.

Musea

Gevel van het Musée Magritte Museum in Brussel, met een afbeelding van Het rijk der lichten

Magrittes werk is te vinden in onder andere in:

Het voormalige woonhuis in Jette (Essegemstraat), nu het René Magritte Museum

Werken

René Magritte maakte onder andere de volgende werken (meest schilderijen):

  • Bij het raam, 1920
  • Portret van Pierre Bourgeois, 1920
  • Vrouw te paard, 1922
  • Het middernachtelijk huwelijk, 1926
  • De moordenaar bedreigd, 1926, olieverf op doek, Museum of Modern Art, New York
  • De verdwaalde jockey, 1926
  • Primevera, 1926
  • De man van de wijde zee, 1927
  • De dievegge, 1927
  • Ontdekking, 1927
  • Paniek in de Middeleeuwen, 1927
  • De geheimzinnige speler, 1927
  • Het bloed van de wereld, 1927
  • Portret van Paul Nougé, 1927
  • Landschap, 1927
  • De demon van de perversiteit, 1927
  • De geliefden nr.1, 1928
  • De geliefden nr.2, 1928
  • De valse spiegel, 1928
  • Les exercices de l’acrobate (De oefeningen van de acrobaat), 1928, olieverf op linnen, 116 x 80,8 cm, Pinakothek der Moderne, München
  • Le masque vide, 1928[13]
  • Poging tot het onmogelijke (Le Perreux-sur-Marne), 1928
  • Personage mediterend over de waanzin, 1928
  • De universaliënstrijd, 1928
  • La trahison des images (Het verraad van de voorstelling), 1928-1929
  • Het woordgebruik, 1929
  • De boom van kennis, 1929
  • The six elements, 1929[14]
  • Au seuil de la liberté, 1930
  • La clé des songes (De sleutel van de dromen), 1930, olieverf op linnen, 81 x 60 cm, Parijs, privébezit
  • Het lot van het mensdom nr.1, 1933
  • De zielsverwantschappen (Les affinités électives), 1933
  • Het onverwachte antwoord, 1933
  • Le viol (De verkrachting), olieverf op linnen, 1934, particulier bezit
  • Portret, 1935
  • Het lot van het mensdom nr.2, 1935, olieverf op doek, Genève, collectie Simon Spierer
  • God is geen heilige, 1935-1936
  • De helderziendheid (La clairvoyance), 1936
  • Portret van Irène Hamoir, 1936
  • De verboden lectuur, 1936
  • Le vrai visage de Rex (litho, rood en zwart), 1936[15]
  • La réproduction interdite (Reproductie verboden), 1937
  • Georgette, 1937
  • De genezer nr.1, 1937
  • La durée poignardée, 1938
  • De kus, 1938
  • Bel canto, 1938
  • Het heden, 1938-1939
  • Grote verwachtingen, 1940
  • De terugkeer, 1940
  • Portret van Adrienne Crowet, 1940
  • La femme au miroir (Vrouw met spiegel), 1941[16]
  • De genezer nr.2, 1941
  • Schateiland, 1942
  • Kameraden in de angst, 1942
  • Diverse beschilderde flessen, 1942
  • Het vijfde seizoen, 1943
  • De glimlach, 1943
  • De oogst, 1943
  • De brand, 1943
  • De gunstige voortekenen (Les heureux présages), 1944
  • Vanzelfsprekende ontmoetingen, 1945
  • Het grote geluk, 1945
  • Zwarte magie, 1945
  • Duizend-en-één-nacht, 1946
  • Eindeloze erkentelijkheid, 1946
  • De verstandhouding, 1946
  • Liefdeslied, 1946
  • Gezicht van boven, 1947
  • Het aandeel van het vuur, 1947
  • Het goede jaar, 1947
  • The eternally obvious, 1948
  • Het geheugen, 1948
  • Sheherazade, 1948
  • De smaak van tranen, 1948
  • Lola de Valence, 1948
  • De kei, 1948
  • De diepten van het genot, 1948
  • De psycholoog, 1948
  • De hongersnood, 1948
  • Titania, 1948
  • De misdaad van de paus, 1948
  • Levenskunst, 1948
  • De ellips, 1948
  • Het kristallen bad, 1949
  • Het rijk der lichten II, 1950
  • Het balkon van Manet, 1950
  • Ontwerp voor het plafond van het Théâtre Royal des Galeries, 1951
  • Perspective: Madame Récamier par David, 1951
  • Persoonlijke waarden (Valeurs personnelles), 1952[17]
  • Vier rotsen in een interieur, 1952
  • Alice in Wonderland, 1952
  • Golconde, 1953
  • Het rijk der lichten (L’empire des lumières), 1954, olieverf op linnen, Museum voor Schone Kunsten, Brussel
  • Anne-Marie Crowet, 1955
  • Zestien september, 1956
  • De zittende vrouw. De plek in de zon III, 1956
  • De onwetende fee of portret van Anna-Marie Crowet, 1956
  • Le chemin du ciel, 1957
  • L'ami intime, 1958
  • De vakantie van Hegel (Les vacances de Hegel), 1958
  • Harry Torcryner of Er is recht gedaan, 1958
  • De boom, 1959
  • Het slot in de Pyreneeën (Le château des Pyrénées), 1959
  • La clef de verre, 1959[18]
  • Kop van een vrouw, 1960
  • De stem van het bloed, 1961
  • Het rijk der lichten, 1961
  • De borst, 1961
  • Mona Lisa, 1962
  • Het domein van Arnheim, 1962
  • De indiscrete juwelen (Les bijoux indiscrets), 1963
  • Op zoek naar de waarheid, 1963
  • Le fils de l'homme, 1964
  • La bataille de l'Argonne, 1964
  • Ceci n'est pas une pomme, 1964
  • De blanco volmacht (Le blanc-seign), 1965
  • De gedachte die ziet, 1965
  • Untitled Poster for Magritte Exhibition, 1966[19]
  • De hemelvogel, 1966
  • De mooie gegijzelde, 1967
  • De werken van Alexander, 1967
  • De natuurlijke gratiën, 1967
  • Het blanke ras, 1967
  • Het onbeschreven blad, 1967
  • Rose et poire; Les moyens d'existence, 1967
  • Le thérapeute (sculptuur), 1967
  • L'œil, 1968

Publicaties

  • Écrits complets, ed. André Blavier, 1979, ISBN 208064128X

Bibliografie

  • Tentoonstellingscatalogus Retrospectieve MAGRITTE, Paleis voor Schone Kunsten, Brussel, 1978, 206 blz.
  • Tentoonstellingscatalogus René Magritte en het Surrealisme in België, Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België, Brussel, 1982, 322 blz.
  • Tentoonstellingscatalogus Het bekoorlijke is mooi (Irène, Scut, Magritte and C°), Museum voor Moderne Kunst te Brussel, 1996, 558 blz.
  • Jacques Roisin, Ceci n'est pas une biographie de Magritte, Bruxelles: Alice Editions, 1998, ISBN 2-930182-05-9
  • Paul Raspé, Autour de Magritte - Rond Magritte, Ontwerpers van muziekpartituren in België, Pandora, 2005, ISBN 90-5325-257-6
  • David Sylvester, Magritte, 2009, ISBN 9789061538547
  • Alex Danchev met Sarah Whitfield, Magritte. Een leven, 2022, ISBN 9789000374526
Zie de categorie René Magritte van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.