Philips van der Goes

Philips van der Goes
Philips van der Goes
Algemene informatie
Geboortedatum 1651, 30 november 1650Bewerken op Wikidata
Overlijdensdatum 9 juli 1707Bewerken op Wikidata
Werk
Beroep officierBewerken op Wikidata
Militair
Rang viceadmiraal
Conflict Negenjarige Oorlog, Zeeslagen bij Barfleur en La Hougue
Familie
Echtgenoot Clara van Meeckeren
Vader Mr. Andries van der Goes, Heer van Naters en Pancrasgors
Moeder Machteld Doubleth
Kinderen Machtelina Henrietta van der Goes
Broers en zussen Adriaan van der Goes
De informatie in deze infobox is afkomstig van Wikidata.
U kunt die informatie bewerken.

Philips Andriesz. van der Goes (Delft, gedoopt op 19 februari 1651 - Var, 9 juli 1707) was een Nederlandse vlootvoogd.

Philips was een zoon van Andries van der Goes, heer van Naters, en Machteld Doublet. Hij trad in 1672 in dienst als kapitein bij het leger, maar in 1678 werd hij benoemd tot buitengewoon kapitein bij de zeemacht onder de Admiraliteit van Amsterdam en in 1683 tot kapitein. Als bevelhebber van het schip Friesland met 68 stukken nam hij in 1690 deel aan de Slag bij Beachy Head. Zijn schip werd zwaar beschadigd. Het verloor alle drie de masten en dreef af in de Franse posities. Na een heldhaftige verdediging, werd het in zinkende toestand door de vijand ingenomen en uiteindelijk door de Fransen verbrand.

Van der Goes op jongere leeftijd

Na een korte gevangenschap werd Van der Goes uitgewisseld en in 1691 benoemd tot schout-bij-nacht bij de Admiraliteit van Rotterdam. In deze hoedanigheid speelde hij een belangrijke rol in de zeeslag bij La Hougue in 1692 tegen de Franse vloot. Zijn schip, De Admiraal-Generaal, werd zwaar getroffen, waarbij hij zelf licht gewond raakte en negen van zijn bemanningsleden sneuvelden.

In 1693 voerde hij het bevel over een eskader dat samen met de Britse zeemacht naar Portugal en de Middellandse Zee voer om de Franse vloot aan te vallen. Tijdens deze missie wist hij ternauwernood aan een Franse aanval bij het Zuid-Portugese Lagos te ontkomen en veilig Engeland te bereiken, ondanks het verlies van de meeste koopvaardijschepen die hij convoyeerde.

Van der Goes bleef actief in de zeemacht en nam in 1694 onder luitenant-admiraal Philips van Almonde deel aan diverse slagen tegen de Fransen. In 1695 kreeg hij het bevel over een eskader in de Noordzee. In 1697 was hij blokkadecommandant voor Duinkerken. Zijn militaire loopbaan bereikte een hoogtepunt in 1697, toen hij werd bevorderd tot vice-admiraal bij de Admiraliteit van Rotterdam. In 1702 speelde hij een cruciale rol in de overwinning in de zeeslag bij Vigo, waar hij met zijn schip De Zeven Provinciën van 92 stukken als een van de eersten de baai binnenvoer en het Franse schip Le Bourbon veroverde. In 1703 was hij onder Philips van Almonde actief op de Middellandse Zee.

In 1704 leidde hij een eskader in de Noordzee om de haringvloot te beschermen tegen Duinkerker kapers. Eind 1706 werd hij belast met het bevel over een eskader in de Middellandse Zee. Na een korte ziekte overleed hij tijdens deze missie op 9 juli 1707 aan boord van zijn schip De Beschermer voor de rivier Var. Zijn lichaam, minus de apart te Nizza (de toenmalige Italiaanse naam van Nice) begraven ingewanden, werd naar Nederland overgebracht en op 24 november 1707 in de Oude Kerk te Delft begraven.[1]

Philips van der Goes was gehuwd met Clara, de dochter van de Amsterdamse chirurgijn Job van Meekeren, met wie hij drie kinderen kreeg. Hij woonde 's winters te Den Haag en 's zomers op de hofstede Trompenburg te 's-Graveland.[2]