Parachutisten-Pantserdivisie 1 Hermann Göring
| Regiment General Göring Regiment (mot.) Hermann Göring Brigade Hermann Göring Divisie Hermann Göring Pantserdivisie Hermann Göring Parachutisten-Pantserdivisie 1 Hermann Göring | ||
|---|---|---|
![]() | ||
Insigne Parachutisten-Pantserdivisie 1 Hermann Göring | ||
| Oprichting | april 1935 | |
| Ontbinding | 8 mei 1945 | |
| Land | ||
| Krijgsmachtonderdeel | ||
| Specialisatie | Pantsertroepen | |
| Veldslagen | Tweede Wereldoorlog | |
| Commandanten | zie commandanten | |
Regiment General Göring / Regiment (mot.) Hermann Göring / Brigade Hermann Göring / Divisie Hermann Göring / Pantserdivisiedivisie Hermann Göring / Parachutisten-Pantserdivisie Hermann Göring / Parachutisten-Pantserdivisie 1 Hermann Göring was een Duitse divisie in de Tweede Wereldoorlog, die in de loop van de tijd groeide van regiment tot volwaardige pantserdivisie. De eenheid ontstond uit de uitbreiding van de in 1935 opgerichte Luftwaffe-bewakingseenheid Regiment General Göring en de opvolgers daarvan. De kern van de latere divisie werd aanvankelijk in 1933 opgericht als een politie-eenheid in het verantwoordelijkheidsgebied van Hermann Göring, die optrad als minister van Binnenlandse Zaken. Nadat de politie-eenheid een militaire eenheid was geworden, behoorde de persoonlijke bescherming van Hermann Göring en enkele centrale locaties van het naziregime tot haar taken.
In het kader van herstructurering en uitbreiding werd de eenheid herhaaldelijk hernoemd.
Als onderdeel van de strijdkrachten was de eenheid betrokken bij de annexatie van Oostenrijk bij het Duitse Rijk, de bezetting van het Sudetenland en de vernietiging van Tsjecho-Slowakije. In de Tweede Wereldoorlog volgden gevechtsmissies, bijvoorbeeld in de Westerse Campagne, de invasie van de Sovjet-Unie, de Afrikaanse Campagne, de Italiaanse Campagne en de latere gevechten aan het oostfront.
Tijdspad
- Polizeiabteilung z. b. V. Wecke – februar 1933 tot juni 1933
- Landespolizeigruppe Wecke z. b. V. – juni 1933 tot januari 1934
- Landespolizeigruppe General Göring – januari 1934 tot september 1935
- Regiment General Göring – september 1935 tot begin 1941
- Regiment (mot.) Hermann Göring –begin 1941 tot juli 1942
- Brigade Hermann Göring – juli tot oktober 1942
- Divisie Hermann Göring – oktober 1942 tot juni 1943
- Pantserdivisie Hermann Göring – juni 1943 tot april 1944
- Parachutisten-Pantserdivisie 1 Hermann Göring – april 1944 tot mei 1945
Historische oorsprong
Bij de benoeming van Hitler (NSDAP) als Rijkskanselier op 30 januari 1933 was Hermann Göring de Minister van Binnenlandse Zaken van Vrijstaat Pruisen. Als gevolg hiervan had hij het opperbevel over de gehele Pruisische Politie.
Op 24 februari 1933 liet Göring de Polizeiabteilung z. b. V. Wecke (z. b. V.: "voor speciaal gebruik") oprichten. Zijn bedoeling was om een politie-eenheid op te richten, die loyaal was aan het NSDAP-regime. De eenheid was vernoemd naar haar commandant Major der Schutzpolizei Walther Wecke, een veteraan van de Eerste Wereldoorlog en lid van de NSDAP, en gestationeerd in Berlin-Kreuzberg. De afdeling werd al snel berucht om zijn brutale aanpak. In samenwerking met de Gestapo was ze betrokken bij vele aanslagen tegen communisten en Marxisten en waren verantwoordelijk voor de arrestatie van tegenstanders van het regime.
In juni 1933 breidde Göring deze Abteilung uit en plaatste het onder het bevel van de Sicherheitspolizei und SD. De afdeling werd omgedoopt tot de Landespolizeigruppe Wecke z. b. V..
Göring versterkte de groep verder en stelde als voorwaarde dat al haar leden een militaire opleiding moesten volgen. De eenheid werd omgedoopt tot Landespolizeigruppe General Göring. In de zogenaamde Nacht van de Lange Messen op 30 juni 1934 nam Hitler zijn toevlucht tot zowel Göring's Landespolizeigruppe als Himmler's Leibstandarte SS Adolf Hitler. De troepen van Göring en de Leibstandarte executeerden veel vooraanstaande leden van de Sturmabteilung (SA).
Regiment General Göring
Politieregiment

In april 1935 vormde de Staatspolitie een politieregiment onder bevel van luitenant-kolonel van de Staatspolitie, dat het General Göring Regiment werd genoemd (RGG) en onder bevel stond van de Oberstleutnant der Landespolizei Friedrich-Wilhelm Jakoby. Door de politieke veranderingen kwam de staatspolitie in hetzelfde jaar onder de controle van Heinrich Himmler.
Luftwaffen-Verband

Met de oprichting van de nieuwe Luftwaffe in 1935, als onderdeel van de herinvoering van de militaire soevereiniteit, werd Göring benoemd tot opperbevelhebber van deze tak van de strijdkrachten. Omdat Göring de eenheid, die hij had opgericht en naar hem had vernoemd, wilde behouden, werd de eenheid per 1 oktober 1935 overgedragen aan de Luftwaffe. De overplaatsing van de politieagenten naar de Luftwaffe was gedekt door de algemene planning, dat de eenheden van de staatspolitie zouden worden opgeroepen om nieuwe Wehrmacht-eenheden op te zetten. Een nieuwe kazerne in Berlin-Reinickendorfwerd de locatie voor de eenheid.
Begin 1936 was het Wachregiment klaar voor actie. Voor de representatie- en beschermingstaken was een infanterie eenheid met een staf, twee Jäger-bataljons, een motorfiets- en een pionierscompagnie opgericht. Gedurende deze tijd diende het regiment als de persoonlijke lijfwacht van Göring en beschermde het hoofdkwartier van Hitler met zijn FLAK-kanonnen.
Overgave voor de vorming van parachutistentroepen
Op 29 januari 1936 gaf Göring het bevel tot de vorming van een Duitse parachutistenmacht, bestaande uit vrijwilligers van het Regiment General Göring. In oktober verhuisde het regiment naar Altengrabow om de mogelijkheid te onderzoeken om een parachutistenregiment op te zetten. Op oefenterrein Döberitz kregen de officieren, onderofficieren en manschappen van het regiment een parachutesprong gedemonstreerd, waarna 600 mannen zich vrijwillig aanmeldden. Deze vormden het 1e Parachutistenbataljon van het regiment en daarmee de eerste parachutisteenheid van de Wehrmacht.
Met een reorganisatie van het regiment in november 1936 werd het bataljon het IV. (Jäger)Bataljon/RGG. In 1936 werd op de luchtmachtbasis Stendal-Borstel de eerste "Fallschirmschule der Luftwaffe" gesticht en dit bataljon ging daarheen voor training.
Door een naamswijziging op 1 april 1938 verlieten de parachutisten van dit Bataljon het RGG en vormden nu het nieuwe 1e Bataljon/Parachutistenregiment 1.
Anschluss
De annexatie van Oostenrijk bij de "Duitse Republiek" (Anschluss), die in 1919 door de zegevierende mogendheden bij verdrag was verboden, werd gedreven door nationalisten door de politieke ontwikkelingen tot 1938 in Duitsland en in Oostenrijk. Na een ontmoeting met de Oostenrijkse kanselier Schuschnigg tijdens een ontmoeting op 12 februari 1938, waarbij ook met een invasie werd gedreigd, ging de Oostenrijkse regering vooreerst op de vraag van Duitsland in. Een laatste poging van de Oostenrijkse regering om de Anschluss door middel van een referendum te voorkomen, leidde tot de voorbereiding van de militaire bezetting door de Wehrmacht. Van 11 tot 12 maart werd Oostenrijk de facto geannexeerd, door Duitse troepen die binnenmarcheerden. Het RGG was een van de eerste eenheden die de grens overstak. Twee compagnieën landden met Ju 52/3 transportvliegtuigen op de luchthaven Aspern bij Wenen.
Bezetting van het Sudetenland
Sinds eind 1937 had de Hitlerregering instructies gegeven aan de Wehrmacht voor het plannen van een invasie van Tsjecho-Slowakije, die werd aangeduid als "Fall Grün". Al in februari 1938 benadrukte Hitler publiekelijk dat de kwestie van de Duitsers in het buitenland moest worden opgelost en werkte hij actief aan het veroorzaken van de Sudetencrisis.
Na de Conferentie van München op 29 september 1938, waarin een annexatie van het Sudetenland bij het Duitse Rijk werd goedgekeurd door Frankrijk, Groot-Brittannië en Italië, trokken Duitse troepen vanaf 1 oktober 1938 dit gebied binnen. Tot deze eenheden behoorde ook het Regiment General Göring.
Annexatie van Tsjecho-Slowakije
Onder zware druk van Hitler, Göring en Keitel in de Rijkskanselarij in Berlijn ondertekende de Tsjechoslowaakse president op de avond van 14 maart 1939 een document waarin Tsjecho-Slowakije zich ondergeschikt maakte aan het Duitse Rijk. De militaire bezetting van de "Rest van Tsjechië" begon op 15 maart 1939 en veranderde de voormalige staat in het Protectoraat Bohemen en Moravië. Samen met eenheden van de Waffen-SS werd het regiment ingezet bij de bezetting van Praag. In de daaropvolgende dagen werd het regiment ook ingezet om de Skoda-fabriek te beveiligen, wat erg belangrijk was voor toekomstige bewapening.
Voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog werd de eenheid opnieuw uitgerust en geherstructureerd. Het regiment werd uitgerust met lichte en zware luchtafweerkanonnen en zoeklichten.
Poolse campagne
Tijdens de Poolse Veldtocht nam slechts een klein deel van het regiment deel aan de gevechten. Het grootste deel van het regiment bleef in Berlijn als persoonlijke bewakers voor Göring en de nazi-leiding.
Operatie Weserübung
In het voorjaar van 1940 werd slechts een deel van het regiment (het Wach-bataljon, een motorcompagnie en een lichte luchtafweerbatterij) ingezet in Noorwegen. Het grootste deel van het regiment werd naar het westen overgebracht naar het I. Flak Korps aan de Duits-Nederlandse grens onder de deknamen "Flak Regiment 101" en "Flak Regiment 103".
Westerse campagne
Als onderdeel van de Westfeldzug nam de eenheid deel aan de invasie van Nederland en België. De parachutisten van de Kampfgruppe Stahl, die op 10 mei 1940 de vesting Fort Eben-Emael aanvielen, hadden voordien meestal gediend in het RGG.
Na de capitulatie van Nederland werd het regiment opgedeeld in verschillende kleine gevechtsgroepen, die werden ingedeeld bij de pantserdivisies, die de speerpunten van de aanval vormden. Zware luchtafweergevechtsteams werden vaak gebruikt voor antitankoorlogvoering en vernietigden 18 Franse tanks tijdens een gevecht in Bos van Mormal met hun 8,8cm-Flak.
Bezettingsmacht Frankrijk
Na de Wapenstilstand van 22 juni 1940 werd het regiment gestationeerd aan de Kanaalkust, voordat de eenheid als luchtafweereenheid naar Parijs werd gestuurd. In juni 1940 werd Oberst Paul Conrath nieuwe commandant en hij zou het regiment en de latere divisie tot 1944 leiden.
Eind 1940 werd het regiment teruggeplaatst naar Berlijn om zijn oude taak als bewakingseenheid en eenheid van de luchtverdediging volledig te hervatten.
Regiment (mot.) Hermann Göring
Begin 1941 werd de eenheid gemotoriseerd en gereorganiseerd in Regiment (mot.) Hermann Göring, nadat Göring, in 1940 was benoemd tot Reichsmarschall.
Tijdens de Balkanveldtocht in het voorjaar van 1941 bevond het regiment zich in Ploiești in Roemenië om de olievelden daar te beschermen, en vervolgens toe te werken naar de Invasie van de Sovjet-Unie.
Operatie Barbarossa
De aanval op de Sovjet-Unie begon op 22 juni 1941 met de oversteek van de Westelijke Boeg. Tijdens de campagne werd het regiment onder bevel gesteld van de 11e Pantserdivisie en was betrokken bij verschillende gevechten met Heeresgruppe Süd. Bijvoorbeeld, in het gebied rond Radechov in een tankgevecht, marcheerde vervolgens naar Dubno, en werd gebruikt in de Slag om Kiev en bij Brjansk, waar het opnieuw werd gebruikt in de antitankrol. In de vroege winter van 1941/42 werd de eenheid ingezet voor veiligheidstaken.
Eind 1941 werd het regiment teruggebracht naar Duitsland voor herstel en opfrissing. Slechts het Schützen-Bataillon Hermann Göring bleef tot mei 1942 aan het front.
Brigade Hermann Göring
Uitbreiding
Op 21 juli 1942 werd het regiment uitgebreid tot de grootte van een brigade en omgedoopt tot Brigade Hermann Göring. Een infanterieregiment met drie bataljons en een versterkt luchtafweerregiment waren gepland als de kerneenheden. Het 3e bataljon van het infanterieregiment had echter een tank- en een anti-tankjagercompagnie. Het luchtafweerregiment kreeg ook III. Abteilung met drie batterijen veldhouwitsers en een IV. Abteilung met luchtafweergeschut, dat permanent gestationeerd was in Berlijn.
Divisie Hermann Göring
Al in oktober 1942, toen de brigade nog steeds in de reorganisatie was in Cognac, werd besloten deze uit te bouwen tot divisiegrootte, waarbij deze moest worden gebouwd volgens de richtlijnen van een pantserdivisie van het leger. Göring zorgde ervoor dat ervaren tankbemanningen van het leger werden toegewezen aan zijn divisie, en versterkte de infanterie met personeel van het 5e Parachutistenregiment, veteranen van de Slag om Kreta.
Met de reorganisatie naar een divisie begon ook de vorming van twee grenadierregimenten, een (parachute)infanterieregiment, een tankregiment, een verkenningsafdeling en andere divisietroepen rond de reeds bestaande eenheden. De divisie werd Divisie Hermann Göring gedoopt.
Gedeeltelijke overbrenging naar Noord-Afrika
Terwijl de divisie werd gevormd, dwong de nederlaag bij El Alamein en de geallieerde landingen in Noord-Afrika (Operatie Torch) de Duitsers om zich terug te trekken van de Egyptisch-Libische grens naar Tunesië. Delen van de reeds gevormde Divisie HG (in totaal ongeveer 11.000 man) werden vervolgens vanaf november 1942 overgebracht naar Tunesië. Ook werd de 3e compagnie van Panzerregiment Hermann Göring overgebracht met 2x PzKw III (lang) en 8x PzKw IV (lang).
De troepen van de Divisie HG vormden daar de "Kampfgruppe Schmid". De aldus aangeduide formatie vocht het volgend halve jaar in Tunesië en gaf zich over op 13 mei 1943 met de andere eenheden van Heeresgruppe Afrika] aan de geallieerden.
Pantserdivisie Hermann Göring
De beschikbare restanten van de divisie in Mont-de-Marsan en eenheden die net klaar waren met hun opleiding of wachtten om naar Tunesië te worden vervoerd, werden gebruikt als basis voor een nieuw gevormde divisie, die de Pantserdivisie Hermann Göring werd genoemd. Dit gebeurde in Santa Maria op 21 mei 1943.
De eenheid werd aan het begin van de zomer van 1943 verplaatst naar het gebied Napels.
Operatie Husky

Samen met de 15e Pantsergrenadierdivisie werd de eenheid half juni naar Sicilië verscheept om te helpen bij het verslaan van de verwachte geallieerde invasie. Tegen deze tijd was de divisie een volledig uitgeruste pantserdivisie met twee tankbataljons en een Sturmgeschütz-bataljon, evenals gepantserde infanterie en artillerie.
Op 10 juli 1943 voerden de geallieerden Operatie Husky uit. De pantserdivisie vocht bij Gela en Priolo Gargallo, maar moest zich steeds verder terugtrekken richting Messina vanwege zware geallieerde aanvallen met sterke lucht- en marinesteun. Het grootste gedeelte van de gevechtsvoertuigen ging verloren tijdens de gevechten op Sicilië. Tijdens de Duitse evacuatie van Sicilië maakten de troepen van de divisie deel uit van de achterhoede en was een van de laatste eenheden die zich terugtrokken naar het Italiaanse vasteland. De evacuatie was op 17 augustus 1943 afgesloten.
Na de Italiaanse wapenstilstand met de geallieerden op 8 september 1943 nam de divisie deel aan de ontwapening van de Italiaanse troepen in Zuid-Italië.
Salerno
Nadat de geallieerden op 9 september 1943 een landing uitvoerden bij Salerno, kreeg de nabijgelegen divisie, samen met de 3e Pantsergrenadierdivisie, de taak om de landingszone af te sluiten en een tegenaanval uit te voeren. Dit lukte echter niet en na een korte tijd moesten de Duitse troepen zich terugtrekken naar de lijn Volturno-Termoli en later naar de Gustav-linie bij Monte Cassino. Hier werd de divisie uiteindelijk uit het front gehaald voor herstel en opfrissing.

Troepen van de divisie namen ook deel aan het redden van kunstschatten uit de Abdij van Montecassino en daarmee werd de vernietiging van deze kunst voorkomen toen de geallieerden op 15 februari 1944 de abdij platbombardeerden.
Anzio/Nettuno
Toen de geallieerden op 22 januari 1944 een Landing bij Anzio uitvoerden, waren de Duitse troepen verrast. Maar omdat de geallieerde bevelhebber terughoudend was om op te rukken naar Rome, hadden de Duitse troepen de mogelijkheid om een tegenaanval uit te voeren. Eenheden van de divisie waren de eerste Duitse troepen die een veiligheidslinie vormden rond de landingszone. Van februari tot april 1944 vocht de divisie bij Cisterna, langs de Rapido en bij Minturno.
Parachutisten-Pantserdivisie Hermann Göring
Tijdens de gevechten, op 6 januari 1944, werd de divisie omgedoopt tot de Parachutisten-Pantserdivisie Hermann Göring (Duits: Fallschirm-Panzer-Division Hermann Göring). In april 1944 werd de divisie teruggetrokken uit de gevechten om in Toscane te worden gereorganiseerd en opgefrist. Er werden voorbereidingen getroffen om de eenheid naar Frankrijk over te brengen om de verwachte geallieerde invasie af te slaan. Op 25 april verliet een transport van 21 nieuwe Jagdpanzer IV voor de III. Abteilung van het Fallschirm-Panzer Regiment van de divisie het Heereszeugamt.
Rome
Het geallieerde offensief richting Rome op 12 mei verijdelde echter het plan om de eenheid naar Frankrijk over te brengen en de divisie werd opnieuw ingezet in het Nettuno-gebied tegen de troepen die oprukten vanuit het Anzio-bruggenhoofd. De geallieerde troepen waren veel te sterk voor de divisie en de eenheid werd gedwongen zich terug te trekken naar het gebied ten oosten van Rome. Daarbij dekte de divisie de terugtocht van verdere Duitse troepen. Vanaf 4 juni ging de terugtocht via de Italiaanse hoofdstad, die tot "open stad" was uitgeroepen om de vernietiging te voorkomen, naar de Florence in de Arno-linie en twee dagen later bereikten de Amerikaanse troepen Rome.
Op 15 juli werd de divisie ten zuiden van Florence teruggetrokken van het front om te worden overgebracht naar het oostfront.
Overdracht naar het oostfront
In deze periode werden meerdere ervaren manschappen uit de divisie teruggetrokken om te helpen bij de opbouw van een zusterdivisie, de Parachutisten-Pantsergrenadierdivisie 2 Hermann Göring, die in die tijd werd gevormd bij Radom. Het grootste deel van de bevoorradingstroepen en enkele stafofficieren werden ook overgeplaatst. Zij moesten deelnemen aan de opbouw van het Parachutisten-Pantserkorps Hermann Göring, waarin de twee zusterdivisies zich zouden verenigen. Op 26 juli 1944 werden nogmaals 21 nieuwe Jagdpanzer IV verscheept naar de divisie.
Weichsel
.png)
Eind juli bereikte de divisie het front en werd onmiddellijk in de strijd gegooid, waar de eenheid met drie andere pantserdivisies het 3e Sovjet Tankkorps vernietigde bij het gebied van Wołomin/Radzymin. De neef van Göring, Hauptmann Heinz Göring, sneuvelde op 29 juli in deze gevechten.
Begin augustus 1944 werd het vervangingsbataljon van de divisie gebruikt als reserve tijdens de Opstand van Warschau. Twaalf tanks (compagniessterkte) van de divisie werden toegewezen aan de Einsatzgruppe Reinefarth om deze opstand de kop in te drukken.
Parachutisten-Pantserdivisie 1 Hermann Göring
Onder bevel van het Parachutisten-Pantserkorps Hermann Göring
Het Parachutisten-Pantserkorps Hermann Göring was begin oktober 1944 operationeel en de Parachutisten-Pantserdivisie Hermann Göring werd samen met zusterdivisie Parachutisten-Pantsergrenadierdivisie 2 Hermann Göring onder het bevel van het korps geplaatst. Begin oktober 1944 werd de divisie daarom omgedoopt in Parachutisten-Pantserdivisie 1 Hermann Göring.
Oost-Pruisen
Het pantserkorps werd overgebracht naar de regio Oost-Pruisen om het Sovjet-offensief te stoppen, dat Heeresgruppe Nord al had omsingeld en verder oprukte naar Oost-Pruisen. Het korps werd ingezet in de buurt van Gumbinnen en betrokken bij hevige defensieve gevechten daar. Toen het Sovjetoffensief eind november tot stilstand kwam, trok het pantserkorps zich terug in stevige verdedigingslinies. In november 1944 kwam ook de I. Abteilung terug bij het pantserregiment. Deze Abteilung was uitgerust met 60 nieuwe PzKw V Panther.
Op 13 januari 1945 startte het Rode Leger zijn Oost-Pruisenoffensief. Het korps lag nog steeds in hetzelfde gebied en beschikte over de Parachutisten-Pantsergrenadierdivisie 2 HG en de 61e Volksgrenadierdivisie met Parachutisten-Pantserdivisie 1 HG in reserve. De eerste dagen van het offensief werd het korps niet echt aangevallen, en daarom werd Parachutisten-Pantserdivisie 1 HG onder bevel gesteld van Pantserkorps Großdeutschland en verplaatst naar het zuiden richting Radom en Lodz. Maar toen de divisie op 16 januari daar uitlaadde, was het Duitse front langs de Weichsel al volledig ingestort en alle Duitse troepen op de terugtocht. De divisie werd hierin meegesleurd en werd onderdeel van een "Wandernder Kessel" (rondtrekkende pocket), die achter de Sovjetlinies naar het westen trok. Pas op 29 januari werd bij Glogau contact met de Duitse linies hersteld. Daarna betrok de divisie een defensieve positie langs de Neisse tussen Bautzen en Spremberg, waar het kon blijven tot medio april 1945.
Op 26 februari 1945 kreeg de II. Abteilung opdracht zijn tanks af te geven en naar Oefenterrein Grafenwöhr te gaan voor herbouw. Deze Abteilung kwam in april 1945 in actie in Zuid-Duitsland bij de 17. SS-Panzergrenadier-Division Götz von Berlichingen.

Nadat de Sovjet op 16 april 1945 hun eindoffensief inzetten, werd de divisie terzijde geschoven. Maar tussen 21 en 28 april werd een succesvolle ontzettingsaanval uitgevoerd naar Bautzen. En vervolgens volgde nog een gedurfde aanval uit bij Königsbrück en sloeg daar bloedig enkele Sovjet tankonderdelen terug, die richting Dresden oprukten. Tot 8 mei volgden defensieve gevechten rond Dresden. Delen van de divisie probeerden nog richting Amerikaanse linies te gaan, om zich daar over te geven. Dat mislukte grotendeels.
Einde
De Parachutisten-Pantserdivisie 1 Hermann Göring capituleerde zuidelijk van Dresden op 8 mei 1945 en ging in Sovjet gevangenschap.
Slagorde
Regiment General Göring, 1939
- Musikkorps
- I. (schwere) Flak-Abt.
- II. (leichte) Flak-Abt.
- III. Scheinwerfer-Abt.
- IV. (leichte) Flak-Abt.
- Wachbataillon
- Reiterschwadron
- 9. Kompanie
- 10. Kompanie
- 11. Wachkompanie
- Ersatz-Abteilung
- (schwere) Eisenbahn-Flak-Batterie
- (leichte) Flak-Batterie
Division Hermann Göring, november 1942
- Grenadier-Regiment 1 Hermann Göring
- Grenadier-Regiment 2 Hermann Göring
- Jäger-Regiment Hermann Göring
- Flak-Regiment Hermann Göring
- Wach-Bataillon Hermann Göring
- Ersatz-Bataillon Hermann Göring
- 2 Begleit-Batterien Hermann Göring
Fallschirm-Panzer-Division 1 Hermann Göring, mei 1944
- Fallschirm-Panzergrenadier-Regiment 1 Hermann Göring
- Fallschirm-Panzergrenadier-Regiment 2 Hermann Göring
- Fallschirm-Panzer-Regiment Hermann Göring
- Fallschirm-Panzer-Aufklärungs-Abteilung 1 Hermann Göring
- Fallschirm-Panzer-Füsilier-Bataillon 1 Hermann Göring
- Fallschirm-Panzer-Artillerie-Regiment 1 Hermann Göring
- Fallschirm-Panzer-Pionier-Bataillon 1 Hermann Göring
- Fallschirm-Panzer-Nachrichten-Abteilung 1 Hermann Göring
- Fallschirm-Panzer-Feldersatz-Bataillon 1 Hermann Göring
Tanksterkte
De tanksterkte van Panzerregiment Hermann Göring naar datum geeft een goed beeld van startsterktes bij offensieven, verliezen en aanvullingen over de jaren.
| Datum | PzKw III (lang) |
PzKw III (75) |
PzKw IV (lang) |
PzKw V | Tiger I | Jagdpanzer IV | Flakpanzer 38(t) | StuG | PzBefw | Totaal |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 10 juli 1943 | 43 | 3 | 32 | - | 17 *) | - | - | 29 | 7 | 114 |
| 20 augustus 1943 | 25 | 3 | 31 | - | - | - | - | 22 | 3 | 84 |
| 21 januari 1944 | 35 | 27 | - | - | - | - | 14 | - | 76 | |
| augustus 1944 | - | - | 64 | - | - | 31 | 8 | - | - | 103 |
| 15 maart 1945 | - | - | 20 (19) | 20 (12) | 1 (0) | - | - | - | - | 41 (31) |
Details over de in de tabel genoemde tank-types:
- PzKw III (lang) = Panzerkampfwagen III vanaf Ausführung J
- PzKw III (75) = Panzerkampfwagen III Ausführung N
- PzKw IV (lang) = Panzerkampfwagen IV vanaf Ausführung F2
- PzKw V = Panzerkampfwagen V Panther
- Tiger I = Tiger I
- Jagdpanzer IV = Jagdpanzer IV
- Flakpanzer 38(t) = Flakpanzer 38(t)
- StuG = meest Sturmgeschütz III
- PzBefw = Panzerbefehlswagen (verschillende typen)
- ) Dit was 2./s.Pz.Abt. 504 onder bevel van de divisie
Als twee getallen genoemd worden, betekent dit: aanwezig (inzetbaar), bijvoorbeeld 61 (20).
Bovenliggende bevelslagen
| Legerkorps | Leger | Legergroep | Plaats/regio | Begin | Eind |
|---|---|---|---|---|---|
| direct onder bevel | Heeresgruppe D | Cognac | november 1942 | ||
| 90e Legerkorps | direct onder bevel | OB Süd | Cognac | december 1942 | |
| direct onder bevel | 5. Panzerarmee | OB Süd | Tunesië | januari 1943 | |
| (delen) | 5. Panzerarmee | OB Süd | Tunesië | maart 1943 | 13 mei 1943 |
| (delen) | 1. Armee | Heeresgruppe D | Mont-de-Marsan | maart 1943 | |
| direct onder bevel | OB Süd | Napels, Sicilië | juni 1943 | 14 juli 1943 | |
| 14e Pantserkorps | OB Süd | Sicilië | 15 juli 1943 | 15 augustus 1943 | |
| 14e Pantserkorps | 10. Armee | OB Süd | Zuid-Italië | 15 augustus 1943 | |
| 76e Pantserkorps | 14. Armee | OB Süd | Zuid-Italië | 22 januari 1944 | |
| reserve OKW | Toscane | april 1944 | |||
| 76e Pantserkorps | 10. Armee | OB Süd | Italië | medio juni 1944 | 21 juli 1944 |
| 46e Pantserkorps | 9. Armee | Heeresgruppe Mitte | Weichsel | eind juli 1944 | |
| 8e Legerkorps | 9. Armee | Heeresgruppe Mitte | Weichsel | september 1944 | begin oktober 1944 |
| Para-PzKorps HG | 3. Panzerarmee | Heeresgruppe Mitte | Oost-Pruisen | begin oktober 1944 | 20 oktober 1944 |
| Para-PzKorps HG | 4. Armee | Heeresgruppe Mitte | Oost-Pruisen | 21 oktober 1944 | |
| direct onder bevel | 4. Armee | Heeresgruppe Mitte | Oost-Pruisen | medio januari 1945 | |
| PzKorps GD | 4. Panzerarmee | Heeresgruppe Weichsel | Spremberg | 25 januari 1945 | 16 maart 1945 |
| ?? | 1. Panzerarmee | Heeresgruppe Mitte | Silezië | 17 maart 1945 | eind maart 1945 |
| ?? | 17. Armee | Heeresgruppe Mitte | Silezië | eind maart 1945 | 15 april 1945 |
| direct onder bevel | 4. Panzerarmee | Heeresgruppe Mitte | Silezië | medio april 1945 | 15 april 1945 |
| Para-PzKorps HG | 4. Panzerarmee | Heeresgruppe Mitte | Ertsgebergte | 16 april 1945 | 8 mei 1945 |
Commandanten
.jpg)
| Rang | Naam | Begin | Eind |
|---|---|---|---|
| Oberst der Landespolizei | Walther Wecke | 12 januari 1934 | 5 juni 1934 |
| Oberstleutnant der Landespolizei vanaf 1 oktober 1935 Character als Oberstleutnant |
Friedrich-Wilhelm Jakoby | 6 juni 1934 | 12 augustus 1936 |
| Major vanaf 1 januari 1937 Oberstleutnant vanaf 1 februari 1939 Oberst |
Walther von Axthelm | 13 augustus 1936 | 31 mei 1940 |
| Oberst vanaf 15 juni 1942 Generalmajor, vanaf 1 september 1943 Generalleutnant |
Paul Conrath | 1 juni 1940 | 15 april 1944 |
| Oberst vanaf 1 mei 1944 Generalmajor |
Wilhelm Schmalz | 16 april 1944 | 30 september 1944 |
| Oberst vanaf 1 januari 1945 Generalmajor |
Horst von Necker | 1 oktober 1944 | 5 februari 1945 |
| Oberst vanaf 20 april 1945 Generalmajor |
Max Lemke | 9 februari 1945 | 8 mei 1945 |
- Georg Tessin – Verbände und Truppen der deutschen Wehrmacht und Waffen-SS im Zweiten Weltkrieg 1939-1945. Vierzehnter Band: Die Landstreitkräfte: Namensverbände / Die Luftstreitkräfte:(Fliegende Verbände) / Flakeinsatz im Reich 1943-1945
- Lexikon der Wehrmacht: Division General Göring, geraadpleegd op 26 oktober 2025
- Lexikon der Wehrmacht: Panzer-Division Hermann Göring, geraadpleegd op 26 oktober 2025
- Lexikon der Wehrmacht: Fallschirm-Panzer-Division "Hermann Göring", geraadpleegd op 26 oktober 2025
- Thomas L. Jentz – Die deutsche Panzertruppe, Band 2, 1943-1945
- Walther Wecke Artikel op Axis Biographical Research, geraadpleegd op 26 oktober 2025
- Friedrich-Wilhelm Jakoby Artikel op Axis Biographical Research, geraadpleegd op 26 oktober 2025
- Friedrich-Wilhelm Jakoby Artikel op Lexikon der Wehrmacht, geraadpleegd op 26 oktober 2025
- Walther von Axthelm Artikel op Axis Biographical Research, geraadpleegd op 26 oktober 2025
- Eduard Metz Paul Conrath Artikel op Axis Biographical Research, geraadpleegd op 26 oktober 2025
- Wilhelm Schmalz Artikel op Axis Biographical Research, geraadpleegd op 26 oktober 2025
- Horst von Necker Artikel op Axis Biographical Research, geraadpleegd op 26 oktober 2025
- Max Lemke Artikel op Axis Biographical Research, geraadpleegd op 26 oktober 2025
- Dit artikel of een eerdere versie ervan is een (gedeeltelijke) vertaling van het artikel Fallschirm-Panzer-Division 1 Hermann Göring op de Duitstalige Wikipedia, dat onder de licentie Creative Commons Naamsvermelding/Gelijk delen valt. Zie de bewerkingsgeschiedenis aldaar.
