Lorientschild

Lorientschild
Een kopie van het Lorientschild.Angolia 1976, p.287.
Een kopie van het Lorientschild.[1]
Uitgereikt door Vlag van nazi-Duitsland nazi-Duitsland
Type Ereteken
Status In onbruik geraakt
Beschrijving Zie ontwerp
Statistieken
Instelling December 1944[2][3][4]
Totaal uitgereikt ca.10.000 – 12.000[5]
Volgorde
Volgende (hoger) Geen
Gelijkwaardig Krimschild, Narvikschild en Demjanskschild
Volgende (lager) Geen
Portaal  Portaalicoon   Ridderorden

Lorientschild (Duits: Ärmelschild Lorient) was in Nazi-Duitsland een herinneringsschild voor soldaten van de Wehrmacht. Het werd in december 1944 door de generaal der Artillerie Wilhelm Fahrmbacher ingesteld.[2] Het was geen Kampfabzeichen.

Achtergrond van de instelling van het schild

Tot juni 1940 was Lorient een belangrijke Frans marinesteunpunt aan de Golf van Biskaje. Met de inname van de basis in diezelfde maand door Duitse troepen (vgl. slag om Frankrijk) kreeg de plaats vervolgens steeds meer strategisch belang voor de Kriegsmarine. Dit betrof vooral de onderzeebootbouw met zijn bunkercomplexen op het schiereiland Keroman.

In augustus/september 1944 na de geallieerden lading in Normandië, werden de haven en de stad Lorient met zijn ca.22.000 manschappen door de Amerikanen en Engelsen volledig ingesloten. Hitler verklaarde daarop Lorient tot vesting. Tijdens het acht maanden durende beleg, dat op 10 mei 1945 eindigde met de capitulatie van de overgebleven Duitse troepen. Binnen een kleine kring van het plaatselijke officierskorps ontstond het idee om een gezamenlijk ‘herinneringsteken’ te creëren, dat aan de verdediging van de vesting Lorient moest herinneren (herinneringsschild). De Festungskommandant Lorient de generaal Fahrmbacher gaf daarvoor uiteindelijk zijn toestemming. Williamson vermeldt: Konteradmiral Walter Hennecke als Seekommandant Normandie de insteller van het schild.[3][4] In de jaren '70 werd de voormalige admiraal benaderd over informatie over het schild, maar hij had geen kennis van het schild.[3][4]

Ontwerp

U-bootbunker die erg overeenkomt met die op het schild.

Het artistieke ontwerp van het Lorient-schild gaat terug op de toenmalige hoofdingenieur van de scheepsbouwwerkplaatsen van de onderzeebootbasis, Marinebaurat K. Fehrenberg[5], en bevatte in de oorspronkelijke schets geen rijkswapen. Pas op verzoek van de commandantuur werd dit later aan het schild toegevoegd.

Het afgebeelde embleem bestaat uit een hoog, smal schild met daarop een naakte, gehelmde krijger die wijdbeens boven de U-bootbunkers van Lorient staat, gewapend met een zwaard en een ovaal schild. Op dat schild bevindt zich een Duitse adelaar met een hakenkruis. Aan weerszijden van zijn hoofd staan de cijfers 19 en 44.

Het schild was van de onderkant gemeten 75,5 millimeter lang en 35 millimeter breed.

Kwalificatie voor de toekenning

  • Deelname aan het beleg van Lorient van augustus/september 1944 tot 10 mei 1945.

Draagwijze

Het Lorientschild werd op de linkerbovenarm gedragen.

Na de Tweede Wereldoorlog

De geallieerde mogendheden hebben na de bezetting van Duitsland het dragen van alle Duitse orden en onderscheidingen, dus ook die uit het Duitse Keizerrijk van vóór 1918, verboden. Dat verbod is in de DDR altijd van kracht gebleven. Op 26 juli 1957 vaardigde de Bondsrepubliek Duitsland een wet uit waarin het dragen van onderscheidingen met daarop hakenkruizen of de runen van de SS werd verboden. Het dragen van dit insigne werd net als het dragen van de Orde van Verdienste van de Duitse Adelaar en het Ereteken voor de 9e November 1923, de zogenaamde "Bloedorde", streng verboden. Ook het verzamelen, tentoonstellen en afbeelden van de onderscheiding werd aan strenge regels gebonden. Een aantal onderscheidingen werd ontdaan van de hakenkruizen en soms van hakenkruis en adelaar. In deze gedenazificeerde uitvoering mochten de onderscheidingen worden gedragen.[6] Het Lorientschild mocht niet gedragen worden na 1957.[7][8]

Zie ook