Lierse Reuzen

De Lierse Reuzen, ook officieel Lierse Reuzentrein genoemd, is de groep van tien historische reuzen, de vier fabeldieren (waaronder het Ros Beiaard), drie praalwagens en tot slot de huppelpaardjes en kleine attributen. Hiermee is de Lierse reuzentrein een van de grootste en compleetste van Europa. De Lierse schrijver en dichter Felix Timmermans noemde ze ooit "de kartonnen lijfwachten der grote feesten". Daarnaast heeft Lier vijftien hedendaagse reuzen.
De reuzen behoren toe aan de Antwerpse gemeente Lier als onderdeel van de collectie van het Stadsmuseum Lier. Op enkele uitzonderingen na, worden ze -in bruikleen- beheerd door de Lierse vereniging Gezellen van ’t Groot Volk en tijdens optochten gedragen door de Gilde van de Lierse Pijnders. De plaatselijke optochten waarin de Lierse Reuzen deelnemen zijn de (vijf of 25-jarige) Ommegang van Lier en de jaarlijkse GrOOte Zondag.
De reuzencultuur van Lier maakt deel uit van de groep "Sociale gewoontes en gebruiken" van het Vlaamse Immaterieel Cultureel erfgoed.[1]
Overzicht
Het ontstaan van de Lierse reuzenfamilie dateert uit de vijftiende eeuw en bestaat uit de reuzenvader Goliath (1469), zijn vrouw de Reuzin (1482), de Kamenierster (1604), Kinnebaba (1604), Janneke broer en Mieke zuster (1856), Grotemoe en Groteva (1856) en twee Moorse knechten (1865). De kamenierster is de huishoudhulp van de familie. De drie kinderen van Goliath en de Reuzin zijn Kinnebaba, Janneke broer en Mieke zuster. De grootouders van de kinderen zijn Groteva en Grotemoe. Enkele bekende verenigingsreuzen zijn Cor de Kluts, Wardje, Grimmara, Pallieter en Juffrouw Agnes.
Lang kwamen de reuzen jaarlijks buiten maar vanaf de twintigste eeuw zijn hun optredens exclusiever geworden. Enkel bij grote feesten laten de reuzen zich nog zien, zoals het Sint-Gummarusfeesten (om de 25 jaar) en het eenmalige Lier 800 (800 jaar stadsrechten) in 2012. Deze 'regel' werd in 2015 aangepast naar jaarlijks, vijfjaarlijks en 25-jaarlijks. Jaarlijks geeft dit 'de GrOOte Zondag'. Vijfjaarlijks is er een ommegang en 25-jaarlijks zijn het de Gummarusfeesten, in het geval van de reuzen is het dan twee zondagen op rij een ommegang met heel veel toeters en bellen. Lees, randanimaties en optreden door heel de stad, die voor die dagen ondergedompeld wordt naar een middeleeuws Lier. Timmermans beschreef het als volgt:[2]
De reuzen en het Beiaardspaard! Hoera! Hoera! achteruit! achteruit! … daar zijn ze! … Bezie ze maar goed! Want alle vijf en twintig jaren komen ze maar eens uit hun paleis en morgen zijn z’er weer binnen! Groot volk laat zich lang wachten en zich niet te veel zien.
— Lierke Plezierke, Felix Timmermans, 1928
Samenstelling
Historische reuzen

Goliath is de Reuzenvader, geboren in 1469, en de stamvader van de Lierse Reuzenfamilie. Hij beeldt de Filistijnse reus Goliath uit, die door de herdersjongen David met een slinger vermoord wordt (een bijbels verhaal uit het eerste boek van Samuel (1 Samuel 17) dat de zege van God over de duivel, van goed over kwaad symboliseert). Goliath is 400 cm hoog en weegt 65 kg. Hij wordt gedragen door een persoon, heeft een geraamte van ijzeren buizen in plaats van een rieten onderstel, waardoor hij wat moeilijker beweegt. De reus draagt een bordeaux rok, zilverkleurig kuras (borstharnas), zilveren helm met gouden leeuw en wit/rode pluimen. Verder draagt de reus een slagzwaard met eendenkop op het gevest en een maarschalkstaf. Opmerkelijk zijn zijn ogen die door een ingebouwd mechanisme, in 1928 bij een volledige restauratie vernieuwd door Bernard Janssens, kunnen bewegen.
De vrouw van Goliath is de Reuzin. Over de geboortedatum bestaan verschillende versies. Volgens van Grasen is de Reuzin in 1506 gemaakt, maar een uitgave aan Gerd den zager van dat hy golyam droech en Jan blecys die dwyf droech, de vrouw van Goliath dus, staat vermeld in de processiekosten van 1482-’83.[3] De reuzin is een koningin met haar goudkleurige kroon versierd met edelstenen, zonder verwijzing naar een bestaande figuur. De Reuzin is 3,40 m groot, weegt ongeveer 40 kg en wordt gedragen door een pijnder.

De kamenierster is de huishoudhulp van de reuzin. Ze wordt -in de onderzochte stadsrekeningen- voor het eerst in 1604 vermeld. Willem Verheugen wordt namelijk betaald voor het dragen van de caemeniere. De kamenierster is 3,10 m groot en weegt ongeveer 40 kg. Richalt van Grasen verwijst in zijn Gedenkwaardige memorie van Lier, tot nog toe de oudst gekende stadsbeschrijving (1614), regelmatig naar die rekeningen.
De 3 kinderen van Goliath en de Reuzin zijn Kinnebaba, Jannekebroer en Miekezuster. De grootouders van de kinderen zijn Groteva en Grotemoe (beide 2,30 m, 30kg). Kinnebaba (naam voor de eerste maal in 1663 in de stadsrekeningen teruggevonden) is de bekendste, het is een moederskindje met een besnotterd gezicht en een rammelaar in zijn hand. Hij is 2,10m groot en weegt ongeveer 20kg. Verder zijn er nog de 2 Moorkens. Ze zijn 2,20 m groot en wegen ongeveer 30kg. Typisch voor hen en de andere kleine reuzen is dat hun handen eigenlijk de handen van de drager zijn die uit de mouwen van de kledij steken.
Hedendaagse verenigingsreuzen
Sinds het midden van de jaren 1970 breidt het reuzenerfgoed uit met nieuwe reuzen, nu vooral geënt op de lokale cultuur of folklore. Zo ontstonden twee stadsreuzen: Pallieter en zijn vrouw Marieke, die ook drie babyreuzen kregen. Verder laten een wijk, een vereniging en in uitzonderlijke gevallen een persoon regelmatig een reus maken die vaak een actieve rol speelt bij verschillende activiteiten. Enkele bekende verenigingsreuzen zijn Cor de Kluts, Wardje van ‘t Jusewieten, Grimmara, en Juffrouw Agnes.
Reus Pallieter zag het levenslicht in 1976 naar aanleiding van de Koningsfeesten te Brussel ter gelegenheid van het 25-jarig ambtsjubileum van koning Boudewijn. Een jaar later, op 28 april 1977[4], wordt hij aan de stad Lier geschonken. De reus is ontworpen naar tekeningen van en het verhaal Pallieter van Felix Timmermans. Pallieter is 4 m groot en weegt ongeveer 45 kg. In de zomer van 1987 trouwt Pallieter met de reuzin Marieke, 4,3 m groot en ongeveer 65 kg zwaar. Lier kreeg in juni 2016[5] tijdens het Lier Feest-weekend drie nieuwe inwoners in de vorm van de nieuwe babyreuzen Piet, Tuur en Mit, de kinderen van Pallieter en Marieke. Het feestweekend stond in het teken van het boek Pallieter van Felix Timmermans, dat 100 jaar geleden verscheen.
In 1995 werd Nelles gecreëerd door de vzw Donkvrienden als huldebetoon aan het dorpsfiguur Nelles Geeraerts (1914-2011), de laatste mandenvlechter van Lier. Hij stelde jaarlijks zijn hoeve en gronden ter beschikking voor de Donkfeesten.[6] De reus, die getrouwd is met Cor De Kluts, is 3 meter groot en weegt 40 kg. Hij wordt gedragen door een pijnder.
In september 2015 wordt de Lierse voetballer Jan Ceulemans geëerd door de Buurtwerking 't Looks met de creatie van een nieuwe reus, Caje genaamd.[7] Tijdens de eerste editie van de GrOOte Zondag op 8 oktober 2017 werd de nieuwe reuzin Carlin, een creatie van de Lierse Keersters naar aanleiding van hun 90-jarig jubileum, officieel ingeschreven in het register van de burgerlijke stand. Twee jaar later, op 6 oktober 2019 doet de reus ‘Schrobberbeek’ zijn intrede onder begeleiding van de Lierse Keersters. ‘Schrobberbeek’ is een van de hoofdfiguren uit ‘En waar de ster bleef stille staan’ van Timmermans.
In oktober 2020 werd er een nieuwe stadsreus gebouwd, die St-Gummarus, de patroonheilige van Lier, voorstelt.[8] Sinds 2023 paradeert de nieuwe kinderreus ’t Cadetje – een verwijzing naar de voormalige cadettenschool in Lier – mee. Op 5 oktober 2025 werd alweer een nieuwe reus verwelkomt. Leo, werd gecreëerd ter ere van de honderdste verjaardag van de Koninklijke Stadsharmonie Leo XIII.[9]
Verenigingsreus Cor de Kluts (links) en Pallieter, een van de stadsreuzen (rechts)
Pallieter en Marieke met hun drie babyreuzen Piet, Tuur en Mit (2016)
Verenigingsreus Wardje van ‘t Jusewieten
Grimmara van de Lierse kantkringen (links) en Juffrouw Agnes (rechts)
Fabeldieren
De Reuzentrein bestaat ook nog uit vier fabeldieren (de kemel, de olifant, het Ros Beiaard met de begeleidende huppelpaardjes, en sinds 2022 de Lierelei).

Pronkstuk en tevens oudste element van de reuzentrein is het Ros Beiaard met de vierheemskinderen. Het paard gaat al minstens sedert 1417 mee in de Lierse Ommegang. En wellicht is het ook het duurste van alle stukken. Jaarlijks zijn er uitgaven voor het herstellen of vernieuwen van onderdelen, het schoonmaken van de harnassen enz. De vier heemskinderen op het Ros Beiaard zijn zoals gebruikelijk vier opeenvolgende Lierse broers. In 2015 is het volledig vernieuwd en gekleed door de Belgische ontwerper Dries Van Noten (1958), woonachtig te Lier.
In 1513 werden drie huppelpaardjes vermeld, in 1680 werden dit er zes en in 1928 twintig. Deze paardjes zijn meestal zwart, enkele bruin en witgrijs, maar deze modellen zijn allemaal verdwenen. Vermoedelijk uit 1950 zijn er 10 paardjes uit textiel en riet, met wit/rood gestreepte volants sinds 1965. Deze paardjes worden niet meer actief gebruikt in de Ommegang. De huidige twintig paardjes (1974) vergezellen het Ros.
Tijdens een schuttersfeest dat in 1466 door de Lierse hand- en voetboogschutters werd georganiseerd, werd een olifantenfiguur vervaardigd. In 1513 doken voor het eerst een kameel, een leeuw en een eenhoorn op. Deze drie dieren maakten deel uit van de Driekoningengroep, waarbij elk dier een kind droeg dat als koning was verkleed.
In de loop der eeuwen verdwenen de dieren uit de Lierse Ommegang, maar in 1952 werden opnieuw een olifant en een kameel gemaakt. Voor de Ommegang van 2015 kregen beide figuren een nieuwe beschildering en een kostuum ontworpen door Dries Van Noten.
De Lierelei is een reus die in 2022 geïntroduceerd werd in de Lierse Ommegang. De Lierelei stelt een fabeldier voor dat bestaat uit de kop van een schaap, het lijf van een paling en de vleugels van een duif. De Lierelei werd gebouwd in opdracht van de Gezellen van 't Groot Volk, bestaat uit vijf losse delen en wordt gedragen door de Gilde van de Lierse Pijnders.
Ros Beiaard van Lier
De Olifant tijdens de Ommegang Anders op 2 oktober 2022
Kemel tijdens de Ommegang Anders in 2022
Praalwagens
De Reuzentrein bestaat verder uit drie praalwagens. De volgorde van de Leeuw met maagdenberg, de Kameel, de Olifant en de Hellewagen wisselen in de loop der jaren. Maar het Schip van ’s lands welvaren heeft zijn vaste plaats als hekkensluiter.
De figuur van de leeuw verscheen voor het eerst in de Lierse Ommegang van 1513, samen met een kameel en een eenhoorn. Deze dieren vormden een groep die de Driekoningen uitbeeldde; elk dier droeg een kind dat als koning was verkleed. In de loop van de achttiende eeuw kreeg de leeuw een nieuwe betekenis: hij werd voorzien van het Lierse stadswapen en kreeg een stedenmaagd als berijdster, waardoor hij uitgroeide tot symbool van de stad. De leeuw met de stedenmaagd wordt traditioneel omringd door veertien maagden, waarvan zeven een witte roos en zeven een rode roos vasthouden. Deze bloemen verwijzen naar de vrijheden en privileges van de stad. De huidige Leeuw en Maagdenberg worden beschouwd als een van de oudste bewaarde onderdelen van het historische reuzentrein.

De Hellewagen maakte in 1476 voor het eerst deel uit van de Ommegang. Sinds die eerste deelname wordt de wagen vergezeld door duivels die zich op en rond een zogenoemd hellemonster bevinden. Dit tafereel groeide uit tot een spektakelonderdeel van de stoet, waarbij het monster af en toe vuur uitspuwde. Het huidige hellemonster (1930) vertoont qua uiterlijk gelijkenissen met een walvis of dolfijn, vermoedelijk omdat het tegenwoordig water spuwt in plaats van vuur. Ondanks deze aanpassingen blijft het dier bedoeld als een verbeelding van het hellemonster uit de hellewagen.
In 1811 bouwen de Lierse schippers een praalwagen in de vorm van een schip, en noemde het het schip van 's lands welvaren, als symbool voor hun eeuwenoude beroep en het vroegere welvarende Lier. In de loop van de negentiende eeuw krijgt de wagen telkens een nieuwe invulling die aansluit bij het thema van de Ommegang. Soms vormt hij een eerbetoon aan de voorspoed van de stad, dan weer een viering van Sint-Gummarus of een hulde aan de koning en het jonge Belgische koninkrijk. De kapitein en zijn bemanning brengen daarbij telkens een lied dat past bij het gekozen thema.
Reuzenlied
De Lierse reuzen staan bekend om hun kenmerkende, ritmische dansbewegingen tijdens openbare optochten en feestgelegenheden. Sinds de late twintigste eeuw worden hun optredens traditioneel begeleid door de Koninklijke Harmonie Leo XIII, die een reeks melodieën uitvoert die verbonden zijn met het lokale reuzenerfgoed.[10] Een van de bekendste composities binnen dit repertoire is het zogeheten Liers Reuzenlied. Deze liedtraditie vindt haar oorsprong in een vroegere carnavalscompositie uit Lier, waarvoor zowel tekst als muziek door plaatselijke kunstenaars werden gecreëerd. De oorspronkelijke versie beschrijft de uitbundige sfeer van feestvieringen en verwijst naar de zeldzame publieke verschijningen van de reuzenfiguren, die volgens de traditie slechts bij uitzonderlijke gelegenheden hun verblijf verlaten.
Stadsmuseum Lier

Als onderdeel van het thema Lierke Plezierke wordt in een zaal een aantal historische onderdelen van de reuzentrein tentoongesteld.[11] Het gaat onder andere over de draagstructuur van de Kamenierster, de oude helm van Goliath, een huppelpaardje en affiches rond de Gummarisprocessie en andere ommegangen.
Gerelateerde verenigingen
Beide verenigingen werden opgericht naar aanleiding van de gewijzigde arbeidswetgeving in 2010[12], waardoor de stad bepaalde activiteiten niet langer zelf kon organiseren ten gevolge van de ARAB-wetgeving (Algemeen Reglement voor de Arbeidsbescherming, nu Codex over het welzijn op het werk).
Gezellen van ’t Groot Volk
Deze Lierse vereniging zonder winstoogmerk (vzw) werd opgericht op 24 april 2013[13]. Ze staat met ondersteuning van het stadsbestuur in voor de Lierse Reuzentrein en de Ommegang. De vijf doelstellingen[2] van de vereniging zijn:
- Bevordering van de kennis over en de praktijk van Lierse tradities en gebruiken.
- Behoud, beheer en uitbouw van de Lierse Reuzentrein.
- Behoud en beheer van andere Lierse reuzen.
- Promotie en organisatie van de Lierse Ommegang.
- Advies bij de creatie van een nieuwe reus.
Gilde van de Lierse Pijnders
De Gilde van de Lierse Pijnders, opgericht in 2015[14] in de schoot van de Gezellen van ’t Groot Volk, verenigt de pijnders of de reuzendragers.[15] Ze werden op 1 juni 2015 op het stadhuis van Lier ontvangen voor een toespraak en ontvangst van de eerste 60 diploma's.[16] In 2015[14] waren er reeds 110 vrijwilligers, zowel mannen als vrouwen, die werden opgeleid als Pijnder. In 2022 telde de gilde 140 personen en waren er nog enkele in opleiding. In augustus van dat jaar kregen 56 leden hun brevet van Pijnder.
De vereniging werd in het leven geroepen omdat de de stadsarbeiders die van oudsher de taak van drager op zich namen dat om diverse redenen niet meer konden doen. Reuzen kunnen maar tot leven komen wanneer zij gedragen worden. Telkens ze uitgaan is er per reus een ploeg van twee tot drie personen nodig, voor de fabeldieren zijn er dat zelfs acht tot zestien. Zo kunnen ze tijdens elke optocht regelmatig van drager wisselen.
Overeenkomst Stad Lier en Gezellen van ’t Groot Volk
Overeenkomst
De Gezellen van ’t Groot Volk werden dus opgericht in 2013. Op 28 november 2013[13] werd de bruikleenovereenkomst tussen de stad en de Gezellen met betrekking tot het beheer van de historische reuzentrein goedgekeurd. Op 26 september 2016 gaf de gemeenteraad zijn akkoord voor een nieuwe overeenkomst in verband met het in bruikleen geven en het beheer van de historische reuzentrein en de Lierse stadsreuzen. Omdat deze overeenkomst niet meer voldoende actueel was en het nodig was om enkele lacunes en onduidelijkheden uit te klaren in een nieuwe overeenkomst. Deze nieuwe overeenkomst kwam tot stand in december 2020.[13] Ze kan telkens hernieuwd worden voor een periode van 6 jaar. Volgens de overeenkomst is de stad eigenaar van het reuzenerfgoed, dat in bruikleen wordt gegeven aan de Gezellen.
Verzekering
Als onderdeel van de overeenkomst werd ook de te verzekeren waarde van het erfgoed vastgesteld. De totale waarde werd in december 2020 op 515.500 euro[13] bepaald. Enkele voorbeelden van de waarde van individuele onderdelen: "Het Beest", nu gekend als de Lierelei, is geschat op 45.000 euro, 40.000 euro is de geschatte waarde van het nieuwe Ros Beiaard en de reuzenkinderen Tuur, Piet en Mit worden per hoofd verzekerd voor 1.500 euro.
Verblijfplaats

Op 25 augustus 2021[17] kreeg de reuzentrein een nieuwe, definitieve thuis in een gerenoveerde loods (hal T, de voormalige turnhal van Lyra Turnkring) op de Dungelhoeffsite, het Reuzenhuis genoemd.[18] Op 3 oktober 2021 werd het Reuzenhuis officieel ingehuldigd en konden geïnteresseerden de reuzen en hun nieuwe huis gaan bezoeken.
Sinds het midden van de twintigste eeuw had de Lierse reuzentrein meerdere verblijfplaatsen gehad. De collectie werd achtereenvolgens ondergebracht in diverse opslagplaatsen binnen en buiten Lier. Tot de bewaarde locaties behoren onder meer de voormalige kazernegebouwen in de Blokstraat, de stadsmagazijnen op de Sionsite, een terrein aan het Plaslaar, de campus van de Oefenschool, de KMO-zone Itterbeek in Duffel (sinds 2017[19]), en hangars gelegen aan de Antwerpse Steenweg.[20]
Zie ook
Externe links
- Foto's van de Lierse Reuzen in de Collectie van het Stadsmuseum Lier
- Overzicht van de Lierse Reuzen in de Reuzendatabank van Historie.be
- Foto's van de Lierse Reuzen op Photofinish
- Website Gezellen van 't Groot Volk en hun Facebook-pagina
- Gilde van Lierse Pijnders en hun Facebook-pagina
- Bronnen
- Collectie stadsmuseum. stadsmuseumlier.be. Geraadpleegd op 10 oktober 2025.
- Stadsmuseum Lier - Zaalteksten. stadsmuseumlier.be (14 februari 2019). Geraadpleegd op 10 oktober 2025.
- Reuzentrein. Gezellen van 't Groot Volk. Geraadpleegd op 10 oktober 2025.
- Reuzen Databank - Zoeken op Lier. Histories. Geraadpleegd op 10 oktober 2025.
- Referenties
- ↑ Docx, Jo, Reuzencultuur uit Lier. immaterieelerfgoed.be. Geraadpleegd op 7 oktober 2025.
- 1 2 Gezellen. Gezellen van 't Groot Volk. Geraadpleegd op 9 oktober 2025.
- ↑ Reuzin. Gezellen van 't Groot Volk. Geraadpleegd op 15 oktober 2025.
- ↑ Pallieter. Histories. Geraadpleegd op 10 oktober 2025.
- ↑ Lierse reuzen ingeschreven in bevolkingsregister. rtv.be (27 juni 2016). Geraadpleegd op 8 oktober 2025.
- ↑ Nelles Geeraerts. Histories. Geraadpleegd op 16 oktober 2025.
- ↑ Jan Ceulemans ontmoet zondag reus 'Caje' in Lier. hln.be (8 september 2015). Geraadpleegd op 8 oktober 2025.
- ↑ Van Rompaey, Chris, Blijde intrede nieuwe stadsreus: “Naast dat kwaad wijf eindelijk een mooie Gummarus”. Nieuwsblad (3 oktober 2020). Geraadpleegd op 9 oktober 2025.
- ↑ Lier verwelkomt nieuwe reus Leo tijdens grOOte zondag. GVA (5 oktober 2025). Geraadpleegd op 8 oktober 2025.
- ↑ Stadsmuseum Lier - Zaalteksten (PDF). stadsmuseumlier.be. Geraadpleegd op 17 november 2025.
- ↑ Lierke Plezierke. stadsmuseumlier.be. Geraadpleegd op 13 oktober 2025.
- ↑ Lierse reuzencultuur. stadsmuseumlier.be. Geraadpleegd op 13 oktober 2025.
- 1 2 3 4 De Belder (DéBé), Herman, Overeenkomst stad – gezellen van ’t groot volk vernieuwd tot einde 2026. Lier Belicht (8 december 2020). Geraadpleegd op 17 november 2025.
- 1 2 De Belder (DéBe), Herman, Brevet voor 56 Lierse pijnders. Lier Belicht (10 augustus 2022). Geraadpleegd op 10 oktober 2025.
- ↑ Pijnders. Gezellen van 't Groot Volk. Geraadpleegd op 9 oktober 2025.
- ↑ Toespraak ontvangst Gilde Van De Lierse Pijnders. N-VA Lier (1 juni 2015). Geraadpleegd op 10 oktober 2025.
- ↑ Lierse Reuzen krijgen definitieve thuis op Dungelhoefsite. rtv.be (25 augustus 2021). Geraadpleegd op 7 oktober 2025.
- ↑ De Belder (DéBé), Herman, Groote zondag en koopweekend in Lier. Lier Belicht (22 september 2021). Geraadpleegd op 8 oktober 2025.
- ↑ De Cnodder, Kristof, Lierse reuzentrein komt volgend jaar ‘thuis’ op Dungelhoeffsite. hln.be (21 oktober 2019). Geraadpleegd op 16 oktober 2025.
- ↑ De Belder (DéBé), Herman, Indrukwekkende verhuisoperatie in Lier. Lier Belicht (25 augustus 2021). Geraadpleegd op 16 oktober 2025.