Lambert Herman (1802-1870)
| Lambert Herman | ||||
|---|---|---|---|---|
| Persoonsgegevens | ||||
| Geboren | Luik, 9 februari 1802 | |||
| Overleden | Luik, 5 februari 1870 | |||
| Geboorteland | België | |||
| Opleiding en beroep | ||||
| Beroep | beeldhouwer, ornamentist en tekenaar | |||
| ||||

Lambert Herman (Luik, 9 februari 1802 – aldaar, 5 februari 1870) was een Belgisch beeldhouwer, ornamentist en tekenaar.[1]
Leven en werk
Lambert Herman was een telg van de beeldhouwersfamilie Herman,[2] als een zoon van de beeldhouwer en ornamentist Michel Joseph Herman en Marie Gabrielle Lejeune.[3] Vanaf 1834 was hij leraar tekenen aan de Koninklijke Tekenacademie, waarover hij kort daarop de leiding kreeg. Een jaar later werd de school omgevormd tot de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten van Luik. Herman bleef als docent tot 1863 of 1868 aan de academie verbonden.[4]
Als 17-jarige wees nam Herman de leiding over het atelier van zijn vader over.[5] Hij legde zich vooral toe op decoratieve beeldhouwkunst en zijn taken als onderwijzer.[2] Hij nam onder meer in 1826 deel aan de tentoonstelling van Levende Meesters in Amsterdam, met een "Afbeeldsel van Z.K.H. den Prins van Oranje, in Miniatuur".[6]
Herman trouwde in 1833 met Marie Francoise Umé. Uit dit huwelijk werden de beeldhouwers Jean (1835-1909) en Lambert (1837-1884) en Alfred Herman (1842-1890) geboren, van wie de laatste zich meer ging richten op journalistiek en poëzie.
Lambert Herman overleed enkele dagen voor zijn 68e verjaardag,[7] hij werd begraven in de Sint-Martinusbasiliek.
Enkele werken
- 1848: Buste van burgemeester Louis Jamme (1779-1848). Was geplaatst in de commissiezaal van het stadhuis van Luik, later opgenomen in de collectie van La Boverie.[8]
- Sint-Maarten, beeld ter bekroning van de puntgevel van het transept van de Sint-Martinusbasiliek in Luik.[2]
- Sint-Paulus, beeld ter bekroning van de puntgevel van het transept van de Sint-Pauluskathedraal in Luik.[9]
- Portret van John Cockerill, fabrikant in Luik.
- Doopvont in de Sint-Remacluskerk in Verviers
Galerij
Buste van Louis Jamme (1848)
- ↑ Paul Piron (2016) De Belgische beeldende kunstenaars van de 19e tot de 21e eeuw. Brussel: Ludion. ISBN 9789491819643. p. 1195.
- 1 2 3 Jules Bosmant (1930) La Peinture et la Sculpture au Pays de Liège de 1793 à nos jours. Luik: Mawet. p. 65, 74, 75, 116-118.
- ↑ Burgerlijke stand van Luik: geboorten 1802, akte no 633.
- ↑ Herman gaf volgens Bosmant tot 1863 les, Piron noemt 1868 als laatste jaar. Piron noemt als leerling van Herman o.a. Adrien de Witte, die in 1866 met zijn opleiding begon.
- ↑ "Nécrologie", La Meuse, 8 februari 1870, p. 3.
- ↑ Lijst der kunstwerken van nog in leven zijnde Nederlandsche meesters, welke zijn toegelaten tot de tentoonstelling van den jare 1826.
- ↑ "Nécrologie", La Meuse, 5 februari 1870, p. 2 en 3.
- ↑ "L'Exposition de fruits", Le Courrier de l'Escaut, 5 november 1848, p. 2.
- ↑ Alfred Micha (1909) Les maîtres tombiers, sculpteurs et statuaires liègois. Luik: Mathieu Thone.