Knollathyrus
| Knollathyrus | ||||||||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
![]() | ||||||||||||||||||||
| Knollathyrus | ||||||||||||||||||||
| Taxonomische indeling | ||||||||||||||||||||
| ||||||||||||||||||||
| Soort | ||||||||||||||||||||
| Lathyrus linifolius (Reichard) Bässler (1971) | ||||||||||||||||||||
| Afbeeldingen op | ||||||||||||||||||||
| Knollathyrus op | ||||||||||||||||||||
| ||||||||||||||||||||
Knollathyrus (Lathyrus linifolius, synoniem: Lathyrus montanus) is een plantensoort uit de vlinderbloemenfamilie (Fabaceae).
Determinatie
Knollathyrus is een vaste, kruidachtige plant die een hoogte kan bereiken van 15-40 cm. Ze heeft een gevleugelde stengel. De plant heeft opgezwollen wortelstokken, vandaar de naam knollathyrus. De bladeren bestaan uit twee of drie paar deelblaadjes en hebben geen ranken. De deelblaadjes zijn zeer variabel van vorm van elliptisch tot smal lijnvormig, 2-5 cm lang en 0,3-0,8 cm breed.
De plant bloeit van april tot juni met rode, 11-15 mm lange bloemen die later blauw verkleuren. Een tweede keer kan de plant in de herfst bloeien. De bloeiwijze is een tros waaraan drie tot vijf bloempjes zitten.
De vrucht is een gladde, bijna ronde 3-4 cm lange en 0,4-0,5 cm brede peul. De peul heeft een korte snavel en is rijp leerbruin tot zwartbruin gekleurd. In de peul zitten ongeveer tien gladde bijna ronde zaden, die oker- tot roodachtig geel van kleur zijn.
Ecologie
Knollathyrus komt voor aan bosranden en op leemhoudende gronden in bermen en vergraste heidevelden.
Verspreiding
Het natuurlijke verspreidingsgebied van knollathyrus strekt zich uit over het westen en midden van Europa. In Nederlands komt ze voor in oosten en in Zuid-Limburg. De soort staat op de Nederlandse Rode Lijst als zeer zeldzaam en zeer sterk afgenomen. Knollathyrus is in Nederland wettelijk beschermd sinds 1 januari 2017 door de Wet natuurbescherming.
Toepassingen
Vroeger werden de zoete, enigszins naar kastanjes smakende wortelstokken gebruikt bij diarree, bloedingen en zweren. In Schotland werd er een alcoholische drank van gemaakt. Ook werden ze daar gedroogd gegeten en als eten voor onderweg meegenomen. Verder wordt het honger- en dorstgevoel onderdrukt.
Een andere soort die vroeger wel werd geconsumeerd is aardaker (Lathyrus tuberosus).
Externe link
- Knollathyrus (Lathyrus linifolius) op SoortenBank.nl (gearchiveerd) (gebaseerd op de Heukels23, dit is de voorlaatste uitgave)
