Klimopbremraap

Klimopbremraap
Klimopbremraap
Taxonomische indeling
Rijk:Plantae (planten)
Stam:Embryophyta (landplanten)
Klasse:Spermatopsida (zaadplanten)
Clade:Bedektzadigen
Clade:'Nieuwe' tweezaadlobbigen
Clade:Lamiiden
Orde:Lamiales
Familie:Orobanchaceae (bremraapfamilie)
Geslacht:Orobanche (bremraap)
Soort
Orobanche hederae
Duby (1828)
Afbeeldingen op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Klimopbremraap op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie

Klimopbremraap (Orobanche hederae) is een plantensoort uit de bremraapfamilie (Orobanchaceae).

Etymologie

De naam bremraap is afkomstig van grote bremraap die op brem parasiteert en een knol vormt op de wortels van de gastheer waaruit de bloeistengel groeit.[1] De geslachtsnaam Orobanche komt van het Griekse ὄροβος (orobos), een wikke, en ἄγχειν (anchein), 'wurgen', omdat een van de soorten zo'n vernietigend effect kan hebben op de groei van deze gastheer. De soortnaam hederae verwijst naar de gastheer Hedera helix (klimop).[2]

Determinatie

Klimopbremraap is een vaste, kruidachtige plant die een hoogte kan bereiken van 10–60 cm. Het is een bleke, bladgroenloze plant die zich het grootste deel van het jaar onder de grond bevindt als een dichtbeschubde, rondachtige stengelknol. Enkele weken voor de bloei groeit de vlezige, onvertakte stengel naar boven. Deze stengel is bezet met crèmekleurige klierharen, slank, beige tot bleek roodpaars en vaak donkerder onderaan. Verspreid aan de stengel staan dunne, smal-driehoekige, schubvormige, paarse bladeren, die donkerder naar hun top zijn. Deze schubben zijn smaller dan de stengel dik is en hebben aan de van de stengel afgekeerde kant eveneens crèmekleurige klierharen. Klimopbremraap bloeit van mei tot en met augustus. De bloeiwijze is een tros met tientallen bloemen, meestal aan de bovenste helft van de stengel. De tweezijdig symmetrische tweeslachtige bloemen staan elk in de oksel van een zeer smaldriehoekig, paars schutblad dat langer is dan de bloem en donkerder is naar zijn top. De klimopbremraap bloeit van juni tot augustus met bloemen, die aan het begin van de bloei en vooral aan de binnenzijde crèmekleurig zijn en later, vooral aan de buitenzijde en verder van de voet paarsig worden, met donkerder, violette nerven. De helmdraden zijn ook aan de voet kaal en steken buiten de kroon uit. Het bovenstandige, eenhokkige vruchtbeginsel versmalt flesvormig in de stijl die eindigt in een meestal tweelobbige warmgeel tot donkeroranjebruine stempel.[2] De vrucht is een doosvrucht met stoffijn zaad. De zaden blijven tientallen jaren kiemkrachtig en kiemen waarschijnlijk in reactie op chemische stoffen die uitgescheiden worden door wortels van hun gastheren.[3] De zaden zijn bruin, glanzend, met een netstructuur, onregelmatig ovaal en ongeveer 0,4 × 0,25 mm.[4] Het aantal chromosomen is 2n = 38.[5]

Ecologie

Klimopbremraap is een parasitaire plant die met zuigwortels het wortelstelsel van klimop binnendringt. Soms doet ze dit ook bij of andere (gekweekte) soorten uit de klimopfamilie. Ze groeit op beschaduwde tot halfbeschaduwde standplaatsen op vochtige, humushoudende, kalkrijke grond en stenige plaatsen als loofbossen, heggen, parken, bolwerken, plantsoenen en oude muren.

Verspreiding

Het verspreidingsgebied van klimopbremraap strekt zich uit over Centraal-, West- en Zuid-Europa, Noord-Marokko, West-Turkije en de Kaukasus. In Nederland was de soort zeer zeldzaam en kwam hij alleen voor bij Maastricht. Sinds eind twintigste eeuw is het verspreidingsgebied naar het noorden toe vergroot, de soort komt anno 2017 zeldzaam voor in stedelijke gebieden tot in Deventer, Zwolle en Leiden. In België is hij zeer zeldzaam en komt voor in Gent, Brussel, Leuven en het Maasgebied.[2] Klimopbremraap staat op de Nederlandse Rode Lijst als zeldzaam en stabiel of toegenomen.

Fotogalerij