Houtart (geslacht)

Grafmonument in de Saint-Sulpicekerk van Jumet voor Emmanuel Houtart en Marie-Antoinette Monseu
De glasblazerij en hoogoven Houtart in Denain rond 1900

Houtart is een notabele familie, van wie verschillende leden in de Belgische adel werden opgenomen.

Genealogie

  • Emmanuel Houtart (1764-1835), glasblazer, x Marie-Antoinette Monseu (1774-1860)
    • François Houtart (1802-1876), industrieel, senator, x Fulvie Cossée (1808-1887)
      • Frantz Houtart (1851-1922), industrieel, x Marie-Louise Vanderstraeten (1860-1904)
        • Francis Houtart (1882-1965) (zie hierna)
        • Paul Houtart (1884-1966) (zie hierna)
        • Albert Houtart (1887-1951) (zie hierna)
    • Jules Houtart (1814-1902), industrieel, vrederechter
      • Jules Houtart (1844-1928), bankier, x Marie Eugénie de le Vingne (1842-1923)
        • Maurice Houtart (1866-1939), bankier, volksvertegenwoordiger, senator, minister, x Marcelle Jooris (1878-1924)
      • Édouard Houtart (1847-1931), mecenas
  • Henry Houtart, glasblazer, x Marie Lejuste

Geschiedenis

De Houtarts, oorspronkelijk uit de streek van Namen meer bepaald uit de gemeente Gesves en als men heel exact wil zijn, uit het gehucht Houte, zijn in de loop der jaren voor een groot deel geïmmigreerd naar Charleroi. Ze speelden gedurende verschillende generaties een aanzienlijke rol, zowel in Henegouwen als in Brussel. Sommige werden advocaat of magistraat. Andere waren actief in politieke functies. Nog andere speelden hun rol als industrieel of bankier. Enkele combineerden uiteenlopende activiteiten, gelijktijdig of opeenvolgend. De huwelijken gebeurden meestal binnen adellijke of notabele families.

Dit leidde tot opname in de erfelijke adel. Voor Jules Houtart gebeurde dit in 1892, voor de drie broers Francis, Paul en Albert in 1921.

De stamvader was Emmanuel Joseph Houtart (zie hierboven). Hij was eigenaar-directeur van een glasblazerij en werd gemeenteraadslid van Jumet. Hij trouwde met Marie-Antoinette Monseu. Hun zoons, François en Jules en Léon Houtart, traden in de voetsporen van hun vader.

Francis Houtart

François (Francis) Jean Marie Houtart (Brussel, 26 november 1882 - aldaar, 16 oktober 1965), zoon van Frantz Houtart, voorzitter van de Glaceries de Sainte-Marie d'Oignies, promoveerde tot doctor in de rechten en baccalaureus in de geschiedenis en werd advocaat, voorzitter van de raad van bestuur van de Forges Usines et Fonderies Haine-Saint-Pierre, lid van het discontokantoor en kamerheer van de paus en buitengewoon gezant bij de Heilige Stoel, trouwde in 1908 in Brussel met Lucie Claes (1885-1962), dochter van Charles Claes, notaris en senator. Ze kregen vijf dochters. In 1921 werd hij opgenomen in de erfelijke adel en in 1929 verkreeg hij de titel baron, overdraagbaar bij eerstgeboorte, en bij het (voorzienbare) gebrek aan mannelijke afstammelingen, overdraagbaar op zijn broers en hun nazaten.

Paul Houtart

Paul Pierre Marie Houtart (Brussel, 5 juni 1884 - Meer, 2 februari 1966), werd in 1921 opgenomen in de Belgische erfelijke adel. In 1933 verkreeg hij de titel baron, overdraagbaar bij eerstgeboorte. Hij trouwde in 1924 in Hastière-par-delà met Gudule Carton de Wiart (1903-1998), dochter van graaf Henri Carton de Wiart, premier en minister van Staat. Ze kregen veertien kinderen, onder wie zeven zoons die voor afstammelingen-naamdragers zorgden.

  • François Houtart, (1925-2017), kanunnik, socioloog en hoogleraar aan de Université catholique de Louvain.
  • Edouard Houtart (°1928), advocaat en gemeenteraadslid van Elsene, trouwde in 1955 in Brussel met Hélène Delvaux de Fenffe (1933-1998). Ze kregen zes kinderen. In 1956 verkreeg hij de titel baron, overdraagbaar bij eerstgeboorte.
  • Christian Houtart (°1930), luitenant-kolonel, trouwde in 1959 in Etterbeek met Kathleen van Strydonck de Burkel (°1938), kleindochter van baron Victor van Strydonck de Burkel. Ze kregen vier kinderen. Hij verkreeg in 1986 de persoonlijke titel baron.

Albert Houtart

Albert Léon Marie Houtart (Brussel, 13 december 1887 - Etterbeek, 7 februari 1951), doctor in de rechten en substituut van de procureur-generaal bij het hof van beroep in Brussel en gouverneur van Brabant, trouwde in 1922 in Sint-Gillis met Marie-Ghislaine Carton de Wiart (1898-1982), dochter van graaf Henri Carton de Wiart (zie boven). Ze kregen twee dochters. Hij werd in 1921 opgenomen in de Belgische erfelijke adel en verkreeg in 1935 de titel baron, overdraagbaar bij eerstgeboorte.

Adellijke allianties

Literatuur

  • Maurice HOUTART, Généalogie Houtart, in: Annuaire de la noblesse de Belgique, Brussel, 1893.
  • Maurice HOUTART, Généalogie de la famille Houtart, 1923.
  • Maurice HOUTART, Le village de Gesves durent huit siècles, 1000-1800, in: Annales de la Société archéologique de Nemur, 1935.
  • R. CHAMBON, François Houtart-Cossée, industriel, homme politique, in: Biographie nationale de Belgique, T. XXXII, Brussel, 1965-66.
  • R. ARCQ, Jumet, pages d'histoire, 1973.
  • J.F. HOUTART, L'extinction au Guatemala d'un rameau de la famille Houtart, in: Le Parchemin, 1981.
  • Fr. POTY &L. DELAET, Charleroi, pays verrier, 1986.
  • Jean-François HOUTART, Descendance de Henri IV Houtart, in: Cahiers Houtart, 1989.
  • Oscar COOMANS DE BRACHÈNE, État présent de la noblesse belge, Annuaire 1991, Brussel, 1991.
  • Jean-François HOUTART, Quelques notes sur le nom Houtart, in: Cahiers Houtart, 1995.
  • Jean-François HOUTART, Marie-Antoinette Monseu, douairière d'Emmanuel Houtart, in: Le Parchemin, 1996.
  • Jean-François HOUTART, La dévolution de Houte, in: Cahiers Houtart, 1998.
  • Jean-François HOUTART, La famille Houtart, Brussel, 2018.